• Leidsevaart 146
  • 023 - 532 30 77
  • info@rkbavo.nl
In Preken

7 december: Een wakkere club

[print]

2e adventszondags

Schriftlezingen:

  • Jesaja 40,1-11; troost mijn volk

  • Marcus 1,1-8; begin van de blijde boodschap

Op de dag des Heren zullen hemel en aarde dreunend vergaan
is een van de gezellige woorden van Petrus die we vandaag meekrijgen.
Een ander geluid komt van de profeet Jesaja:
Troost, troost mijn volk, de dag des Heren komt.

Een kiene schrijfster en psychoanalytica – ik zal later haar naam onthullen-
citeerde deze week opgewekt de Weense psycholoog Freud die 100 jaar geleden,
102 jaar om precies te zijn, zijn boek schreef ‘de toekomst van een illusie’
waarin hij ons als gelovigen allemaal lekker voor gek zette:
gelovigen zijn mensen die een beetje achterlijk zijn,
ze hebben behoefte aan een almachtige super-pa die ze God noemen
en ze lebberen allemaal aan de fopspeen van de troost dat
dat God alles dik in orde zal maken
en dat zij op hun eilandje van rust en vrede
zich van alle ellende in de wereld niets aan hoeven te trekken.

De meeste atheïsten of agnosten,
-het zijn soms hele gezellige mensen hoor,-
zijn inmiddels een beetje meer bij de tijd gekomen
en hebben ontdekt dat gelovigen zich juist heel veel aantrekken
van de ellende in de wereld en er ook veel aan willen doen
en er in feite al heel veel aan gedaan hebben en nog doen.

Ik heb dat mogen zien bij bezoeken aan Congo en India.
In Congo waren de kerken de enige plekken
waar mensen echt eerlijk behandeld werden.
De postbode kwam soms op de pastorieën in het binnenland langs
niet om brieven te bezorgen maar om te vragen of de pater die vast
wel eens bezoek van buiten kreeg wilde zorgen voor de verzending
omdat mensen dan de zekerheid hadden dat hun brieven echt aankwamen.
Mijn vriend Willem en ik die daar waren kregen toen ook een pak brieven mee.

De religieuzen, ook veel uit de eigen bevolking, verzorgden de ziekenzorg
en legden groentetuinen aan; de pastoor vertaalde de psalmen in het Lingala
en maakte zeep voor het hele dorp en ga zo maar door.
De bijbeldiscussies die er gevoerd werden hadden zo
door de VPRO uitgezonden kunnen worden
zo diepzinnig en actueel als ze waren.
Een levendige kerk was en is daar nog steeds actief.

Over gelovig actief gesproken: ik denk ook aan moeder Theresa in India
die wij ook mochten bezoeken.
De meest nuchtere en realistische vrouw die ik ooit ontmoet heb
als ik mijn eigen moeder even buiten beschouwing laat.

Ik zo nog even tegen Freud willen zeggen –misschien hoort hij het wel-
dat het juist de godsgelovigen zijn die de harde realiteit onder ogen willen zien.
Niks lijdzaam toezien maar samen met de anderen van goede wil
– de handen uit de mouwen steken.
Hoe dat moet leert ons de huidige Paus.
Met zijn 77 jaren, 75 jaar is eigenlijk nog niets,
ging hij op het Europese parlement af en zei hen duidelijk de waarheid:
Denk nu eens niet aan bonussen of subtiele regelgeving
maar aan werkelijke dienstbaarheid aan vrede en rechtvaardigheid
en vooral: vergeet de vreemdeling niet die roept aan de poort.

Enkele dagen daarna ging onze 77+ Paus even naar Istanboel
om met de regering in Ankara te praten –wat ons niet zo goed lukt-
en dan nog even langs te gaan in Istanboel en daar
in de Blauwe Moskee met leiders van de Islam te praten
en de volgende dag nog even langs te gaan bij de
patriarch van de Orthodoxe christenen om daar te kijken
of we het schisma van 1054 niet eens kunnen gaan opheffen.
Neen, saai is het niet in de kerk.
Hier putten wij uit de Schrift, de allerrijkste traditie die er is
Hier kunt u horen dat onze wereld nog steeds worstelt
met de gevolgen van koloniale uitbuiting.
En hier kunt u horen hoe de Europese en Noord Amerikaanse arrogantie
bij de inrichting van de wereld wordt aangeklaagd.

In de boekrol van Jesaja, waar we in deze Adventstijd uit lezen
en in de psalmen die de priesters, diakens en religieuzen
verplicht bidden -dat brevieren is geen corvee
maar een goede opdracht- horen wij steeds hetzelfde refrein:
de mens die zichzelf het allerbelangrijkste vindt
en alleen aan zijn eigen rijkdom denkt
en zijn machtspositie wil blijven beschermen
zal op zijn bek vallen – neen het staat er niet diplomatiek-
de arme zal recht gedaan worden, en God zal de Herder zijn van een nieuwe wereld: zijn Koninkrijk waarin de liefde zal heersen
die het zal winnen van de haat.

Deze wat vrije vertaling van de boodschap van het boek van de Psalmen
wordt ook iedere keer in de kerk herhaald als er een kindje gedoopt wordt.
Want niet allen priesters, diakens, religieuzen en bisschoppen zijn belangrijk
maar ook de jonge mensen met hun idealisme en goede wil
die echt gaan bouwen aan het Koninkrijk van God
en die daar misschien wel veel belangrijker bijdragen aan leveren
dan welke vrome priester, Paus of bisschop ook.

Goed dus dat er een kerken zijn:
geloofshuizen waarin mensen samen komen
om de liturgie te vieren en daar aan mee te werken:
jullie misdienaars en helpers,
zangers van vandaag ook superbelangrijk,
en u allen die niet in bed bent blijven liggen maar hier samen komt.
Hier zijn ook vrijwilligers te vinden die zorgen voor de diaconie,
voor de mensen in nood in onze eigen omgeving
en de mensen in Vietnam die we deze Advent gaan helpen.

Wij zijn hier samen, voorgangers en voorzangers
maar ook u allen die uw taak verricht.
Mensen die hun zieken verzorgen
of die zelf met hun ziektes worstelen:
ik ken er een paar en ik ben fan van hen.
En dan zijn er ook nog andere moedige mensen aanwezig
die dierbaren moeten missen maar dapper verder gaan.
Ik denk aan de familie van Chrisje die 7 jaren jong zo dapper volhield
en vorig jaar 17 december stierf.
Ik denk aan de familieleden van de omgekomen familie van Veldhuizen:
van Antoine en Simone, van Pijke 3 jr. en Quint, 6 jr. en oma Christine.
Op 17 juli neergestort in de Oekraïne;
we rouwden hier met zo’n 1200 mensen op 27 augustus.
De meisjes van de capella hielpen ons door te zingen
en talloze vrijwilligers zetten zich in om alles goed te laten verlopen.
Ook zij gaan door net als de familie.

In de kerk –ja ik ga nog even door-
zijn ook nieuw theologische ideeën gerijpt
doordat wij als christenen, katholieken en protestanten
weer in de leer zijn gegaan bij de joodse rabbijnen.
Zo zijn wij de kracht van de boodschap van het Oude Testament
die ook doorklinkt in het Nieuwe weer op het spoor gekomen.
En met andere mensen van goede wil
ook met onze broeders en zusters van de Islam
met wie we in Haarlem goed contact hebben
bouwen we aan een nieuwe wereld.
Zo verrichten wij een godgevallig werk
want God houdt van alle mensen en niet alleen van ons.

Petrus houdt ons voor dat er nog heel wat gebeuren moet,
vandaar zijn gepraat over het dreunend vergaan van hemel en aarde
dat is geen horror-praatje maar een oproep tot waakzaamheid en actie.

Johannes de Doper roept ons op tot bekering
er is nog zo veel te doen.
Maar al deze dingen staan onder de koepel
-en daar ben ik dan bij mijn hobbieonderwerp-
de koepel van de Blijde boodschap
dat God ons niet in de steek laat.

Hij heeft ons echt nodig,
Hij neemt het werk niet uit onze handen
maar Hij is wel de grote Fan met een hoofdletter
die achter ons staat en voor ons.

In deze tijd van overdreven individualisme is het goed
propaganda te voeren voor die Herder.
Een goede Herder dat is Hij.
Want Hij is enerzijds de goede Herder die ons opjut.
die ons zo nu en dan ook eens in onze zij prikt:
he jij, schiet eens op, doe eens wat
en van de andere kant is hij de herder
die het gewonde dier –soms zijn we dat ook zelf een beetje-
ook verzorgt en begeleidt
en uiteindelijk binnenbrengt in zijn grote huis
waar ruimte is voor allen, wie wij ook zijn.

Voordat het zover is, is er nog veel te doen.
Laten we opgewekt aan de slag gaan.
Lieve Anna Enquist, -jij was het met je godsdienstkritiek deze week
die mij zulk prachtig materiaal bood voor mijn preek-
je kunt mooie boeken schrijven maar had ons toch niet helemaal door
toen je mij de vorige week jouw kritiek op de geloofsgemeenschappen
als achterlijke clubjes beschreef.
We schieten als kerken wel tekort, daar heb je gelijk in
we hebben veel dingen fout gedaan en doen dat misschien nog
maar we zijn blij dat wij samen mogen komen
en onder deze koepel te voelen dat er Iemand is
met zijn beschermende ruim uitgestrekte armen
die zijn liefde aan ons spenderen wil.

Jesaja mocht meemaken dat hij in de tempel
zijn visioen had van de engelen die daar zweefden
-ik heb ze hier bijna gezien-
en die verkondigden wat boven onze hoofden geschreven staat
Sanctus, sanctus sanctus, ‘Heilig, heilig, heilig de Enige,
die de machthebbers van hun tronen stoot
en die de kleinen zal verheffen.

Zijn zoon gaf ons Zijn opdrachten door ‘bemin uw naaste als u zelf’.
En bij zijn afscheid zei hij: ‘jullie zullen dezelfde dingen gaan doen als ik
ja grotere dan die zullen jullie doen
’ zoveel ver trouwen had hij in ons.

Dank aan de Enige die ons nodig heeft en oproept tot dienstbaarheid
die benieuwd is wat de mensen,
het werk van zijn handen allemaal zullen doen
en zoveel van ons houdt
dat Hij ons trouw wil zijn tot over de dood heen.
Blijven wij Hem dienen
onze Herder vandaag en alle dagen.

Gaan we hem nu toezingen
het staat niet in uw programmablaadje
maar u vindt de tekst van het lied als nummer 341
in het Bavoliedboek.
Het koor gaat beginnen maar wij zingen
-hopelijk lekker hard mee met het refrein:
Mijn Herder is de Heer,
Nooit zal het mij aan iets ontbreken.

Zo moge het zijn: en dat vertaal ik
even in het Hebreeuws: AMEN!

Hein Jan van Ogtrop, pastoor