• Leidsevaart 146
  • 023 - 532 30 77
  • info@rkbavo.nl
In Preken

Zondag Trinitatis: Hij blijft van ons houden

[print]

Zondag Trinitatis

Schriftlezingen:

  • Deuteronomium 4,32-40

  • Matteüs .28,16-20

Pinksteren was een bijzonder feest, en dat was het.
Vol dankbaarheid zie ik daarop terug.
De drukke Hoogmis, de stralende tweede Pinksterdag
met de dopen van Danny, 22 jaar, en oma Leida 75 jr.
Gisteren de priesterwijding van twee Italianen;
nou die kunnen feesten.
Nu wordt alles langzamerhand weer gewoon
maar dat is het hier nooit
want in de Bavo is er altijd wel iets aan de hand.

We beginnen aan de ‘gewone’ zondagen na pinksteren
maar omdat we daar moeilijk aan kunnen wennen
eerst twee zondagen die weer een beetje bijzonder zijn:
de volgend week is het sacramentsdag
en vandaag
DRIE-EENHEIDS-ZONDAG, zondag Trinitatis,
de zondag waarop we Jesus’ opdracht nog in onze oren horen
om te gaan dopen tot aan de uiteinden der aarde.
‘MAAKT ALLE VOLKEREN TOT MIJN LEERLINGEN’ zei Hij.

En Hij gebruikt voor ‘volkeren’ een eigenaardig woord
dat in de joodse traditie alleen maar gebruikt werd
voor de niet joden: het hebreeuwse woord GOJIEM.

In het Amsterdamse dialekt van vroeger was dat woord nog bewaard gebleven.
‘Ik ben een gooiers-kind geboren in Gods toorn’
– dat zegt een schurk in Vondels Gijsbrecht van Aemstel.

Bedoeld is niet iemand afkomstig uit het Gooi
Eric Fennis en ik die allebei uit dat Gooi komen
maar een ‘gooj’, het joodse woord voor mensen
die niet tot het eigen, uitverkoren volk behoren:

het woord ‘goj’ betekent letterlijk: ‘heiden’.

Al het mooie dat in Israël is geopenbaard
mag nu ook naar de buitenwereld mag worden gebracht…
en zo is het ook bij ons hier
in het hoge noorden terecht gekomen.

Dat is een reden tot grote dankbaarheid.
Want het is een zeer bijzonder geloof dat in Israël is bewaard
en dat wij via Israël hebben doorgekregen.
Het unieke van dat geloof van Israël
vinden wij beschreven in de eerste schriftlezing.

Mozes kijkt in het boek Deuteronium,
het vijfde boek van Mozes, één lange flash back
terug op zijn hele levensgeschiedenis.

Hij is opgetrokken met zijn volk,
een volk dat leeft van vallen en opstaan.

Van …….de ene dag God trouw en enthousiast dienen:
‘we zullen alle woorden graag doen’
en de andere dag Hem vergeten en klagen:
‘waren we maar in Egypte gebleven
en waarom heeft deze God ons in deze woestijn gebracht.

En toch krijgt deze God nooit genoeg van Zijn mensen.
Dat kreeg Mozes te horen boven op de berg,
nota bene terwijl beneden de mensen bezig zijn
een gouden kalf te maken:
IK UW GOD BEN LIEFDE EN TROUW.

De ontrouw van de mensen beneden
kon Mozes nog zo’n vreselijke schrik bezorgen..
God schrikt nooit echt en gaat steeds door met Zijn mensen.
Wat ze ook doen.
Tot Mozes’ grote verbazing en tot ons aller verbazing.
blijft God van zijn mensen houden door alles heen.

Toen ze vroeger in een sjagrijnige periode
klaagden over gebrek aan water had Mozes nog gezegd
‘jullie zijn het niet waard.’
Maar God had gezegd:
‘sla maar op de rots’.
En Mozes die voelde dat God hen weer wilde helpen
had nog geprotesteerd en gezegd:
‘God, zou u dat nou wel doen,
deze mensen verdienen het niet…’

Hij had wel even op de rots geslagen
-je kunt Gods woord niet negeren-
en gemopperd: ‘U doet maar, maar ze zijn het niet waard’
en ………..
het water was klaterend uit de rots komen stromen
en God had Zijn volk van zeurpieten en sjagrijnen,
gelaafd en getroost.

Misschien ook een beetje een troost voor ons.

Later als Mozes sterven zal
en staat aan de oever van de Jordaan
als de moeizame reis voltooid is
zal Mozes dezelfde woorden als die vandaag klonken nog een keer uitroepen:
GOD IS LIEFDE EN TROUW.

Deze God is uniek!
Geen God die hoog zetelen blijft
en zich verre houdt van de mensen…
maar een God die zich met mensen bezighoudt
en die Zijn eigen lot aan dat van de mensen verbindt.

Tegelijkertijd een God die mensen een richting wijst
en die hun een vergezicht biedt van een nieuwe wereld.

Om Mozes in zijn prachtige flash back kort voor zijn dood nog even te citeren:
‘Heb je er ooit van gehoord
dat een God zich zo aan mensen openbaarde
in zulke grote bevrijdende daden?
Dat Hij in het vuur tot Zijn mensen sprak
om hen Zijn geboden (de 10 geboden) te openbaren?
Deze God die gewoon met ons meeging, al die jaren!’

deze God: Liefde en trouw.

Degenen die deze God willen volgen
zwerven niet doelloos rond
maar weten waar ze voor leven en wat hun te doen staat.

Jesus heeft Zijn leerlingen er op uitgestuurd
om ‘propaganda’ te gaan maken voor deze God.

In de zendingsopdracht die we vandaag hoorden
horen wij ook spreken over dopen
IN DE NAAM VAN DE VADER,
DE ZOON, EN DE HEILIGE GEEST.

Dat is meer dan een vaste formule.

—- Door het noemen van DE VADER
worden de nieuwe christenen vastgekoppeld aan de God van Israël
die zich als Schepper, Bevrijder en Wetgever openbaarde.

— Door het noemen van DE ZOON worden ze gerangschikt
in het gevolg van de Messias.

— Door het noemen van de HEILIGE GEEST
worden ze deel aan de beweeglijkheid van Gods inspiratieve kracht
die mensen van alle eeuwen in beweging brengt.

Kortom:
door gedoopt te worden IN DE NAAM VAN DE VADER,
DE ZOON EN DE HEILIGE GEEST

wordt je uit je isolement als eenling gehaald
(alleen is maar alleen)

en wordt je deelnemer aan een groot avontuurlijk gebeuren:
de opbouw van de nieuwe wereld van God.
Het evangelie van Matteüs vertelt ons
hoe ook ‘gooierskinderen’, mensen van buiten Israël,
-wij dus-
ook vrienden mogen worden van de God
met wie Israël al duizenden jaren optrok
en er op uit gestuurd worden
om samen te bouwen aan een nieuwe wereld.

Zondag Trinitatis is het vandaag (Drievuldigheidszondag),
het begin van een lange reeks zondag na Pinksteren
waarin wij getest zullen worden op onze volharding.

Het is een test
–in bereidheid ons werkelijk in te zetten voor de mensen die ons nodig hebben, — in saamhorigheid en vriendschap hier in deze gemeenschap,
— een test in trouw aan het woord van God dat ons zondag op zondag uitdaagt
en oproept onze taak ook door de week te vervullen.

God blijft van ons houden!
Hij blijft onze Herder opdat wij elkaar blijven herderen.

Zorgen wij daarom goed voor elkaar
nu gebleken is dat God altijd van ons blijft houden
mogen wij dat ook doen met onze dierbaren:
we kunnen elkaar toch niet missen?

Hein Jan van Ogtrop, pastoor