• Leidsevaart 146
  • 023 - 532 30 77
  • info@rkbavo.nl
In Preken

20 september: Anderen tot zegen zijn

[print]

25e Zondag door het Jaar

Schriftlezingen:

  • Wijsheid 2,12-20; De egoïsten

  • Marcus 9,30-37; Jesus’ tweede Lijdensaankondiging

Er is een verhaal in de Griekse mytologie
over de held Hercules die vechten moet met een monster met zes koppen.
Hij is niet bang, hij gaat het monster te lijf met zijn zwaard
maar iedere keer als hij er met zijn zwaard een kop heeft afgehakt
komen er twee nieuwe voor in de plaats. De enige manier om hem de
baas te worden is… hem in het hart raken,
dan is het afgelopen met zijn streken.

De kerken houden vandaag een inzameling
voor de vluchtelingen die over de wereld dwalen.
Het is vreselijk om te zien wat mensen elkaar aandoen
in alle conflicten en oorlogen –we denken daaraan
in deze vredesweek-. Het gevolg: duizenden en duizenden mensen
dwalen verloren rond en zoeken veiligheid en geluk.

We proberen iedere keer iets nuttig te doen:
de ene tiran is weg, een ander nog niet:
de verhouding tussen Rusland en het westen is redelijk
maar hoe lossen wij de grote conflicten op in het middenoosten,
in Afrika of elders… er is nog zoveel te doen.
Maar –en nu begrijpt u waarom ik Hercules aanhaalde-
het ene conflict wordt opgelost, een nieuw conflict doemt op.
Het heeft te maken met de grondhouding
die altijd weer in mensen de kop opsteekt van het egoïstische idee:
IK BEN MIJZELF GENOEG.

De 1e lezing beschrijft dat egoïsme als grondhouding in een prachtige satire:
We lezen in het boek der wijsheid:

De goddelozen zeggen:
‘Kort is ons leven en er is veel verdriet
laten wij daarom zoveel mogelijk genieten
van al het goede dat er is.
Laten we alleen aan ons zelf denken
opdat wij niets te kort komen.
Geen feest mag ons ontgaan,
onze vrolijkheid is ons behoud.
Laten wij alleen aan ons zelf denken
en de rechtvaardigen die het anders zeggen uitdelgen.
Laten wij alleen aan onszelf denken
en de weerloze wegduwen.
Laten we daarom de armen en de rechtvaardigen gaan hinderen,
en geen medelijden hebben met de zwakken
en de weduwe niet ontzien.
Maar vooral de rechtschapene die dat wel doen
moeten wij in de gaten houden
want zij stellen onze levenswijze onder kritiek ‘.

Aldus de redenering van de egoïst.
En is iedereen dat eigenlijk niet van nature ?

Het boek van de Wijsheid gaat verder:
‘Zo redeneren zij maar ze vergissen zich.
Ze hebben geen benul van Gods geheimenissen;
zij weten niet dat vroomheid uiteindelijk beloond wordt
en dat de bekroning volgt.
God heeft de mens immers geschapen
voor een onvergankelijk leven
en heeft hem gemaakt tot een beeld van Zichzelf.’

In duidelijke bewoordingen wordt zo gesproken
over zin en onzin van het leven.

De dwaas die alles najaagt wat hij krijgen kan gaat een heilloze weg.
Het is de oude bekende weg de weg van het egoïsme die… ten dode voert.

Volgens het boek van de wijsheid
voelt de schijnbaar zo sterk in zijn schoenen staande egoïst
zich toch een beetje onzeker. Hij ergert zich anders aan de mens
die op een andere manier leven wil: de rechtvaardige.

Naast alle monsterachtige conflicten die de kop opsteken
zijn er altijd ook weer mensen die leven vanuit de liefde.
Van een joodse psychologe die onderzoek had gedaan
naar kinderen die ondergedoken hadden gezeten
en naar de houding van de ouders die hen gastvrijheid hadden verleend.
Ze zei: ‘de macht van het kwaad is indrukwekkend en groot
de macht van de liefde is veel klein,
heel klein maar wel sterk en doordringend.

Het zou goed zijn als mensen gingen ontdekken
dat niemand leven kan zonder de ander.
Ieder mens is in wezen eenzaam.
Niemand kan in leven kan blijven
als er niet een ander is die zich over hem ontfermt.

Gelukkig zijn ze er altijd geweest, en zijn ze er altijd weer:
mensen die de weg durven gaan met God die hen uitdaagt,
die hen wegroept uit de zelfverzekerdheid die hen uitnodigt om ook zelf
lief te hebben, te troosten, te dienen.

God heeft ooit Zijn volk uit de wurggreep van Egypteland bevrijd
en tot een nieuwe eigen verantwoordelijkheid opgeroepen
door Zijn Wet te geven: Zijn opdrachten.
En daarbij Zijn belofte van trouw en vriendschap
omdat alles, als wij Hem durven dienen nieuw zal worden en beter.

Had God niet tegen Mozes gezegd:
‘je zult niet moorden.’
Niet als een verbod door een tiran opgelegd:
een strenge pa die met zijn vuist op de tafel slaat en zegt: je zult niet…

Maar het is woord van onze Vriend met een hoofdletter ter bemoediging,
een belofte een woord van troost:
aan mensen die hun verantwoordelijkheid durven dragen:

‘Jullie zullen het niet meer doen…
het gaat ooit over dat moorden van jullie
een nieuwe toekomst kan komen; ga je weg met Mij. ’

Het is die weg die Jesus verkondigt.
Het is een weg die niet zo gemakkelijk te volgen is.

Het Marcus-evangelie waaruit we dit jaar lezen
vertelt ons vaak dat Jesus’ leerlingen hem niet goed begrijpen.

Tot driemaal toe kondigt Jesus aan dat de weg die Hij zal gaan
hem heel wat zal kosten. Dat er verzet zal komen tegen Zijn levenswijze
en tegen Zijn woorden; dat de mensen Hem,
-zoals er geschreven stond over de rechtvaardige in het boek der Wijsheid-
liever kwijt dan rijk zijn.

De leerlingen willen daar niet aan.
Vlak voor het evangelie van vandaag horen we Petrus protesteren
als Jesus de eerste maal over Zijn naderende lijdensweg spreekt.

Vandaag horen we de tweede aankondiging en wat is de reactie…
geen interesse. Ze praten gewoon heel ergens anders over;
ze gaan met elkaar ruzie maken over wie er de belangrijkste was.

Jesus vertelt dan dat het in het Koninkrijk Gods
om andere dingen gaat dan daarbuiten.
Belangrijk is hier niet meer je eigen gelijk, laat staan je eigen status
maar of je dienstbaar bent aan de goede zaak.

Om dat te illustreren en de onvolwassen volwassenen te beschamen
haalt Jesus een kind de kring in en richt de volle aandacht op dat kind.

Niet omdat kinderen vertederend zouden en lief
-ze kunnen soms ellendig lastig zijn
(neen ik heb het niet over jullie jongens)
en het bloed onder je nagels vandaan trekken-
maar.. ze hebben geen macht.

Wij worden dus opgeroepen ruimte te scheppen voor de machtelozen.
ja ook zelf net zo machteloos te worden.
De vrede op aarde was al lang een realiteit
als mensen minder eigen pretenties hadden gehad
em er in geslaagd waren ruimte te maken voor elkaar..

Jesus haalde het kind de kring in om ons wakker te roepen.
Zelf werd Hij kind, ik bedoel weerloos.
Zelf deed Hij afstand van alle macht en aanzien
om dienaar te zijn van de mensen.

Die uiterste dienstbaarheid gedenken wij
als wij straks het brood weer breken
en Hem horen zeggen: DIT IS MIJN LICHAAM
dit is mijn leven VOOR JULLIE.

Wie in Zijn voetspoor treedt zal willen dienen en ontvangen.
Hij zal iedere dag veranderen, steeds weer naar anderen luisteren,
goede raad ter ore nemen, van de wijsheid van anderen genieten
en er zijn voordeel mee doen.

De mens die zo leeft kan een nieuwe mens worden,
hij zal anderen tot zegen zijn.
Vandaag wordt een nieuwe mens gepresenteerd:
na een verdrietige maand waarin de twee opa’s van
de nieuw te geborene toen nog, stierven kwam hij in ons midden.
Straks zal ik het de ouders weer vragen:
geloven jullie dat de liefde het kan winnen van de haat
de vrede het zal winnen van de oorlog
en als ze dan voorzichtig antwoorden,
namens ons allen hopelijk: Ja!
dan komt er weer hoop.
Rond het kind in ons midden
gaan we de nieuwe kansen die we hebben zien.
We kunnen het kwade bestrijden
door de liefde, de trouw en de hulpvaardigheid.
Europa kan weer glanzen als wij gastvrij zijn
voor mensen in nood.
De grote rijke buurlanden laten het er lelijk bij zitten…
wat een gemiste kans.
Wij kunnen anders,
wij kunnen het monster van de oorlog in het hart treffen en doden
door het enige echt belangrijke wapen van de liefde.
Dan kan gelden waar het tafelgebed over spreekt:
‘wij danken U voor de verzoening die U tot stand hebt gebracht.
Wij danken U dat alles nieuw geworden is.’

Hein Jan van Ogtrop, pastoor