• Leidsevaart 146
  • 023 - 532 30 77
  • info@rkbavo.nl
In Preken

Bavofeest 2015: Een altijd weer nieuw verbond

[print]

27e Zondag door het Jaar

Schriftlezingen:

  • Genesis 2, 18-25; Het is niet goed dat de mens alleen is

  • Marcus 10, 1-16; Zij vormen samen één lichaam

Je hebt altijd op deze wereld anderen nodig:
‘het is niet goed dat de mens alleen is’ zegt Jesus.
Hij nodigt de mensen uit tot trouw aan elkaar:
zoals hij zelf trouw is aan zijn levensopdracht.
Jesus begint over trouw te spreken
als hij zelf het besluit heeft genomen op te gaan naar Jeruzalem.

Franciscus, wiens feestdag wij vandaag vieren
-daarom is het vandaag ook dierendag-
Franciscus riep op een dag zijn leerlingen bijeen.
en hij zei: ‘ vandaag ga ik trouwen.’
Grote paniek. Vader Franciscus trouwen.
Maar hij haalde ze gauw uit de droom.
‘Vandaag ga ik trouwen en weet je wie mijn bruid is:
VROUWE ARMOEDE.

Daarmee zei hij iets over zijn roeping
over zijn levensdoel…
arm zijn met de armen.

Het evangelie van Marcus
gaat helemaal over Jesus die trouw is,
Jesus die trouwt.
Maar wie is dan Zijn bruid ?

De bruid heeft een prachtige naam:
Jeruzalem. Om het evangelie van vandaag
over trouwen beter te begrijpen
hebben we daarom dat beginvers van het evangelie
erbij gelezen: Jesus gaat op naar Jeruzalem.
Zijn liefde leidt hem naar zijn levensdoel:
Jesus de bruidegom, Jeruzalem de bruid.

Hij zal zijn leven geven voor de bruid
en velen tot zegen zijn: deze trouwe bruidegom.
Ja, als de Mensenzoon op weg gaat naar Jeruzalem
breekt een nieuwe fase van God toekomst open.
Hij ‘gaat op’ naar de berg waar Abraham eens
zijn zoon naar toe leidde.
Hij ‘gaat op’ om Zijn zending te volbrengen.
En natuurlijk zijn er mensen langs de weg.

De personen en groepen die Hij tegenkomt
zijn geen toevallige voorbijgangers.
Wie het verhaal van Marcus aandachtig leest,
komt tot de ontdekking dat die mensen er moeten staan,
om duidelijk te maken aan de wereld wat hier gebeurt.

De eerste die verschijnt is een Farizeeër,
een man die de Wet van Mozes kent.
En hij begint de bruidegom van Jeruzalem
een kritische vraag te stellen:
een typische mannenvraag.
Hij stelt de vraag:
‘Staat het een man vrij, zijn vrouw te verstoten?’
Een merkwaardige arrogante vraag.
Mag dat nu wel of mag dat niet.

Tot beter begrip:
in een geval van zeer ernstige ontrouw
was het in Mozes’ tijd geoorloofd,
neen niet om een vrouw te verstoten
maar om afscheid van haar te nemen,
haar ‘weg te zenden’. Daar was een heel ritueel bij.
De vrouw kreeg een brief mee
dat haar huwelijksrelatie beëindigd was
voor de eventuele kinderen werden regelingen getroffen
en de omstanders kregen de taak
haar niet haar leven lang met haar falen te achtervolgen.

Jesus corrigeert de schriftgeleerde even
door het woord ‘verstoten’ niet over te nemen
en valt zo niet in de val die ze voor hem hebben gezet maar:
Hij gaat uit van wat Mozes ooit gezegd heeft
maar Hij doet meer!
Hij gaat vertellen wat eigenlijk de bedoeling is
als mensen met elkaar een relatie op gaan bouwen,
of een taak of een roeping gaan volbrengen.
Jesus gaat voor zijn antwoord terug naar het scheppingsverhaal.
Daar staat geschreven dat man en vrouw geschapen zijn
om elkaar tot zegen te zijn.
In bijna alle bijbelvertalingen staat
dat de mens een hulp zoekt en krijgt die ‘bij hem past’.
Dat staat er niet en het is,
als u getrouwd bent,
niet getrouwd met een vrouw of man die ‘bij u past’.
Want dan zou u een saai huwelijk hebben.

Er staat in de bijbel geschreven
dat de mens moet zoeken naar een hulp
OM TEGENOVER HEM (of haar) TE STAAN.
En dat is heel wat anders. In het allerlaatste vers van ons verhaal
-helaas in onze boekjes weer weggelaten- staat
dat man en vrouw beiden naakt waren
maar zich niet voor elkaar schaamden.
Ze durven zich weerloos voor elkaar op te stellen
en hebben geen masker of pantser nodig dat hen beschermt.

Als man en vrouw elkaar echt ontmoeten willen
moeten ze ‘naakt’ tegenover elkaar durven staan:
zich durven tonen zoals ze zijn.
Vrees en schaamte zijn dan niet nodig.

Terug naar Jesus en zijn stad…
Jeruzalem kan zo, volgens Marcus onbevreesd
haar Messias ontmoeten. Ze mag zijn wie ze is.
Hij, Jesus, de ware bruidegom, zal de bruid
die Jeruzalem (namens de mensheid) is
niet wegzenden….Hij zal haar trouw zijn
tot in de dood.
Niemand zal Jesus kunnen weerhouden
de stad binnen te gaan waarover Hij heeft geweend,
zoals een bruidegom weent om zijn bruid of een man om zijn vrouw.

‘Hoe zouden wij ooit voor elkaar kunnen leven
had Hij ons de liefde niet voorgeleefd’
zingt een nieuwe Nederlands kerklied.
Het offer van Gods trouw aan de mensheid
is een trouw die werkelijk eeuwig is,
een trouw die ons aller leven doet veranderen…..

Het gaat dus niet aan
gehuwden wier huwelijk gestrand is
te achtervolgen met de woorden die Jesus uitspreekt:
Jesus spreekt over Gods fundamentele trouw aan de mensen
en – als het even kan – zal dat mensen lukken.

Het is niet dwaas als een bruidegom zijn bruid
trouw belooft tot de dood
-al weet je nooit of dat het huwelijk het zal houden-
het is niet dwaas als een jongeman belooft
priester te zijn zijn hele leven lang
ook al kan ook dat niet lukken.

De hamvraag is dan niet:
‘mag het nou wel of niet: scheiden, uit het ambt treden’
maar hoe kunnen wij elkaar zo goed mogelijk bijstaan
dat wij niet uit elkaars liefde vallen
en hoe kunnen wij elkaar zo goed mogelijk helpen
als wij mensen niet aan de grote idealen
die God ons voorhield en die Jesus voorleefde
toekomen…

Jesus zal zijn bruid (Jeruzalem=de mensheid)
trouw blijven tot het einde toe.
En deze verbintenis heeft toekomst:
de kinderen komen ter sprake, een nieuwe generatie.
Als de leerlingen die bars en wel ook willen wegzenden zegt Hij:
‘laat die kinderen toch bij mij komen,
want aan hen die zijn zoals zij,
behoort het rijk der hemelen.’ En Hij zegende hen.

Zo ontstond er een nieuwe gemeenschap van jong en oud rond Jesus:
de kerk. Die wordt door de apostelen graag
met een lichaam vergeleken: één lichaam, één saamhorigheid.
Wij proberen dat hier gestalte te geven
door samen, gelukkig jong en oud
te luisteren naar Gods woord,
de sacramenten te vieren:
de doop, de Eucharistie,
– niet het sacrament voor volmaakte mensen
maar het brood onderweg voor reizigers
die steun nodig hebben – het huwelijk, de ziekenzalving.
En waar het onze toekomst betreft:
God stelt onze trouw op prijs
maar staat iedere keer weer klaar
om zich met ons te verzoenen.

Wij zijn geen haar beter dan de anderen
maar daar gaat het niet om.
Laten wij ons op dit parochiefeest voornemen
allemaal samen blijmoedige getuigen te blijven
van Zijn trouw die onze trouw verre te boven gaat.
Zijn trouw is niet alleen een trouw ‘tot de dood’
maar zelfs over de dood heen;
wij zijn het werk van zijn handen
Hij zal ons nooit loslaten.

Hein Jan van Ogtrop, pastoor