• Leidsevaart 146
  • 023 - 532 30 77
  • info@rkbavo.nl
In Preken

13 november: Nuchter volhouden

[print]

33e Zondag door het Jaar.

Schriftlezingen:

  • Maleachi 3, 19-20a

  • 3 Tessalonicensen 7,7-12

  • Lucas 21,5-19

Het begin van het evangelie van vandaag
geeft ons een heel apart zicht op een actuele kerkelijke problematiek.
Jesus en zijn vrienden kijken samen
naar de fraaie tempelgebouwen in Jeruzalem:
‘hoe fraai prijkt dat bouwwerk daar’ wordt er gezegd.

Nu leven wij in een tijd waarin vele kerkgebouwen
helaas niet allemaal meer fraai kunnen blijven prijken.
De sloop van kerken komt, vooral in de grote steden, regelmatig voor.
De gelukkigen die ‘hun’ kerk mogen houden
-wij van de Bavo hebben dat geluk-
voelen zich vaak extra plezierig.
Wij restaureren en genieten van wat er allemaal ontdekt wordt.
Zouden de problemen van deze tijd aan ons voorbij gaan?

Het evangelie leert ons echter dat het,
waar het het geloof betreft
nooit om de fraaiheid van het gebouw alleen gaat
maar om de ernst en de toewijding van de mens die het gebouw bezoekt.

Dat gold ook in vroeger dagen,
ook al in de dagen van de profeet Maleachi (of Malachias)
die vandaag in de eerste lezing aan het woord kwam.
Het toeval dat we bij de restauratie teksten van hem
hebben herontdekt op de topgevels.

Hij leefde ongeveer 500 jaar voor Christus.
In een tijd waarin het geloof in Jeruzalem sterk geminderd was.
Zeker, er werd nog wel wat geofferd:
‘Baat het niet dan schaadt het niet’ was een algemene gedachte.
Maar veel enthousiasme zit er niet bij.
‘Wat levert het op als wij de Heer dienen?’
vragen mensen zich zelfs af (Mal. 3,14).

In die tijd treedt deze profeet Maleachi
– zijn naam betekent Mijn (= Gods) bode- op.
Zijn boek(je) begint ons te vertellen over de sympathie
die God voor Zijn volk voelt:
‘Ik heb u lief, zegt de Heer’.
Maar dat zo zijnde wordt er van zijn mensen wel wat verwacht:
trouw aan het verbond,
een actieve inzet voor vrede en gerechtigheid.
De inzet van de echte gelovigen is beslissend
voor de afloop van de geschiedenis.
Als Maleachi het heeft over het allerlaatste uur van de beslissing,
de dag dat er orde op zaken gesteld zal worden,
heeft hij het over de mensen die volhard hebben
als degenen die de zon van de gerechtigheid
zullen zien opgaan over DEZE wereld
en dat noemt hij DE DAG VAN RUIMTE VOOR DE HEER.

Lucas spreekt in zijn evangelie op diezelfde manier
over de dag des Heren,
over het uur waarop de uiteindelijke beslissingen vallen.
Dat is geen dag om ver in de toekomst naar uit te zien
maar in jouw leven vindt als het goed is
ook al een moment, een uur van die dag plaats
waarop jij hier en nu kunt kiezen voor God en Zijn gerechtigheid.

Het gebeurde enkele jaren geleden in Twente:
kinderen in Borne hoefden niet meer naar school:
het einde der tijden was daar.
Hun profeet had het gezegd:
‘het einde der tijden is nabij,
sluit je aan bij onze groep en je zult gered worden.’

In Rusland was ooit iets soortgelijks gaande, een groepje
gelovigen hadden zich in een grot verzameld
er zaten ook weer kindertjes tussen
die in januari –inmiddels meer dan drie jaar terug-
het einde der wereld verwachtten.

Hun leiders, fanatieke predikers die mensen in hun ban hebben
wijzen ze graag op allerlei vreselijke dingen
– en helaas zijn die altijd aan te wijzen –
die op de nabijheid van het einde der tijden zouden wijzen:
‘we moeten het nog even uithouden’ zeggen ze. Maar ook:
‘als je bij ons komt zit je goed,
alleen bij ons. De anderen zullen ten ondergaan
alleen voor ons breekt binnenkort Gods nieuwe toekomst aan.’
Niet naar school dus, wachten maar. Niets doen…
en dat horen wij op de diakonale zondag van ons dekenaat
en binnenkort de Adventsactie gaan organiseren
en ons dan extra willen inzetten
om deze wereld van hier en nu te verbeteren.

De Schrift zelf is voorzichtig en verstandig
als het om het einde der tijden gaat. Jesus zelf zegt:
‘wanneer dat einde komt weet zelfs de Mensenzoon
-Jesus zelf- niet. Alleen de Vader weet daarvan.’

Het spannende van Lucas’ schrijven over de uiteindelijke dingen is
dat hij het allerlaatste
en het heden van onze eigen geschiedenis niet van elkaar los wil snijden.
De Bijbel spreekt wel regelmatig
over de uiteindelijke voltooiing van de schepping
en over alles wat daar nog aan vooraf zal gaan
maar probeert tegelijkertijd
de lezers en hoorders van iedere generatie opnieuw
te brengen tot een rustig volhardend vervullen
van hun door God gegeven taak: hier en nu, vandaag.
In de kerkgemeenschap waar Lucas voor schreef
was het élan van de christenen van het begin
al een beetje weggeëbd.

De allereerste enthousiaste christenen leefden vanuit de verwachting
dat met Jesus’ komst de geschiedenis van de mensheid
wel gauw tot zijn voltooiing zou komen.
Lucas leeft later dan Matteüs en Marcus ,
hij is door de wol geverfd en nuchter.
Daarom is zijn boodschap wat rustiger:
`problemen en ruzies zijn er ook in de kerk,
het hoort niet maar het blijft toch bestaan.
Geen paniek dus maar wel: houdt vol, wees taai en geduldig en vooral:
probeer te ontdekken welke dingen belangrijk zijn en welke niet.`

In jouw leven vinden de beslissende dingen plaats.
Maar nooit is het
-zoals de predikers uit Borne
en andere verkondigers –ik denk wel een beetje aan de getuigen van Jehova-
ons willen doen geloven,-
dat je invuloefeningen kunt gaan maken in jouw eigen tijd.

Jouw tijd is nooit slechter dan een andere tijd….
– Augustinus die ruim 1650 jaar geleden geboren is zei dat al-
jouw tijd heeft, als ieder andere tijd zijn eigen mogelijkheden
en vraagt van jou om een eigen inzet.

Nooit zijn wij in afwachting
van de grote ineenstorting van alles om ons heen.
Hoe vreselijk de dingen ook zijn die we zijn gebeuren
op de Filippijnen.

Altijd gaat het om een keuze voor het leven
die jij zelf moet doen, ook in doodse omstandigheden.

Lucas trof in zijn tijd een zieke en gehavende wereld aan,
net zoals de wereld nu ziek en gehavend is.
Maar die ziekte wordt pas echt ongeneeslijk
als er geen mannen en vrouwen meer zijn
die op weg gaan in de geest van Jesus.

Mensen die niet alleen in de zon van de gerechtigheid geloven
maar er ook aan werken dat die voor iedereen zal schijnen.

Het is een kwestie van volhouden maar ook van duidelijk uitkomen
voor de dingen waar jij voor staat: getuigen.
En dan geldt –zegt Lucas-
‘de woorden komen vanzelf
wees niet bang’ en
‘geen haar op je hoofd zal worden gekrenkt.’

We geloven hier samen in dit gebouw
-dat er gelukkig nog staat-
dat de oude en zieke wereld genezen worden,
en alle duister zal verdwijnen.

Over de Duitse reformator Luther
wordt verteld. dat men hem vroeg:
‘wat zou je doen als je wist dat de volgende dag
het einde der wereld daar zou zijn?’
Zijn antwoord was even verrassend als nuchter:
‘Ik zou een appelboompje gaan planten.’
De bedoeling is duidelijk:
je zult als christen altijd toekomstgericht en nuchter
je taak op deze aarde, tot het allerlaatste ogenblik,
volbrengen.

En wat die dag des Heren betreft, komt die dan niet.
Die komt zeker: Gods Geest kan geweldige dingen doen
met ons, ondanks ons gestuntel
Hij zal het aanschijn der aarde vernieuwen.

Lea Dasberg vertelt daarover een mooi verhaal.
Het gaat over haar eigen familie:
Toen de grote catastrofe van 1940-45 losbrak
over de hoofden van de joden
zetten velen hun rugzak klaar
voor het geval ze bij een razzia zouden worden weggehaald.
‘Mijn moeder’ -aldus Dasberg- ‘weigerde om dat te doen. Ze zei:
‘Op het moment dat ik de rugzak klaar zet,
heb ik al gecapituleerd en moet ik meegaan.’
Ze heeft dat volgehouden. Achteraf heeft ze gezegd:
‘als ik die rugzak in de kast had gehad, was ik meegegaan.’
Zo had ze niet voor de catastrofe gecapituleerd.
Ze capituleerde niet: ze geloofde.

Niemand leeft voor zichzelf,
niemand sterft voor zichzelf:
wij leven en sterven voor God onze Heer,
aan die Heer behoren wij toe.

Hein Jan van Ogtrop, pastoor