• Leidsevaart 146
  • 023 - 532 30 77
  • info@rkbavo.nl
In Preken

Christus Koning: Een koningschap dat pas echt eigentijds is

[print]

Hoogfeest Christus Koning

Schriftlezingen:

  • 2 Samuël 5,1-3

  • Kolossenzen 1,12-20

  • Lucas 23, 35

‘Waardig is het lam om de macht te ontvangen…’
Dat werd ons toegezongen deze morgen.
Een weerloos lam en macht… dat past niet bij elkaar.
Toch leert het ons iets over het feest van vandaag: Christus koning.
Christus Koning, geen dictator maar een vriend van de mensen,
partijganger van de weerlozen, zelf kwetsbaar als wij allen.

‘We willen een koning… ‘
dat was de roep in de tijden van Samuël’
Israël had voor die tijd geen koning.
De eerste koning werd Saul… een grote flop!

‘We willen een leider…’
dat was de roep in Duitsland in de jaren 30 van de vorige eeuw:
we weten wat er van kwam: een grote ramp.

‘Weet wat je begint?’ had Samuël al gezegd:
‘hij zal je tiranniseren, hij zal geld van je vragen
en je de oorlog insturen.’

Maar mensen luisteren en luisterden slecht:
er kwamen koningen en leiders, keizers, tirannen, potentaten.
Rijken – al of niet 1000-jarig- kwamen op
en verdwenen in de nevel der geschiedenis.
Koningen willen goden zijn
maar één is God dan Israëls God alleen.
‘Als jullie ooit een koning willen’ had Mozes eens gezegd
‘dan mag hij geen strijdros berijden, hij zal lezen in de woorden van God,
dag en nacht –geen tijd om oorlog te voeren dus- en de arme recht verschaffen.’

Een aardse koning mocht alleen maar bestaan
als ‘zetbaas van God’, als hij de plannen van God
(de Tora) uitvoerde.
Dat betekende dat hij de armen zou helpen,
de zwakken moest verdedigen
en zou bouwen aan Sjalom, aan vrede.
Hoe kan zo’n koning macht uitoefenen?
Neen, dat kan niet
dat was dan ook helemaal niet de bedoeling.

Bij het Koninkrijk van God gaat het
om de macht van de liefde,
de weerloze liefde,
het recht van de kleine,
de troost van de bedroefde
de trouw aan de mensen totterdood.

David, over wiens zalving we vandaag hoorden spreken
werd in Bethlehem van achter de schapen vandaan gehaald:
hij werd een redelijke koning maar had ook zijn fouten.

Europa was ontredderd,
het was in de periode tussen de wereldoorlogen van de vorige eeuw
dat de Paus het feest van vandaag ingesteld:
Christus Koning.
Bij Nederlandse katholieken sloeg dit feest goed aan:
‘aan U o Koning der eeuwen’ en ‘Christus vincit’ hieven wij aan.
Maar of dat allemaal paste bij onze koning-Messias?

Het koningschap is in onze dagen aan heroverweging onderhevig.
Alleen ceremonieel of meer? Wat moeten we dan aan met het feest van vandaag?
Christus Koning? Is dat geen verouderde titel?
We zullen er over nadenken. Een poging tot oplossing:
Jesus zelf zegt: ‘Mijn koningschap is niet van deze wereld.’
Het is iets heel aparts. Het heeft te maken met een uniek programma
van dienstbaarheid, van recht, van vernieuwing.
Jesus’ Koningschap recht doen is dus heel modern.
Wanneer wij Jesus koning noemen
gaat het over hele nieuwe dingen:
gerechtigheid, welzijn, vrede voor allen.

Vandaag staan wij
-als wij het evangelie beluisteren- toe te zien op Golgotha.
Het evangelie valt onthutsend met de deur in huis:
‘toen Jesus aan het kruis hing….’

Toen Jesus aan het kruis ging bleken er twee groepen te bestaan:
de spottende leiders en de treurende schare.

Koning was Hij -Hij had het toegegeven
maar pas toen Hij gegeseld en bebloed voor Pontius Pilatus stond-
maar dan als zoon van David:
als vriend van de mensen, als knecht van God.
Hij had op de grond gekropen voor zijn leerlingen
en hun de voeten gewassen;
hij had brood genomen en het gebroken:
‘ik geef mijn leven in solidariteit.’
Hij had de wijn genomen:
‘ik vergiet mijn bloed voor een nieuw verbond.’

Het koninkrijk van God,
het koningschap waar Jesus zelf voor stond
was het koningschap van de dienst.
De koning van de vrede hangt aan een kruis,
‘als een paaslam dat geslacht’ is zal Johannes later zeggen.
Naast Hem hangen twee mensen ook aan een kruis.
De een spot… ‘ ben jij nou een Messias.’
De soldaten spotten ook: ‘ben jij nou een koning?’
Wij horen toch niet bij de spotters
die geen raad weten met dit koningschap ?

De ander kent het geheim van deze koning
en vraagt aan Hem om vergeving:
en die komt: ‘Heden nog zul je met mij zijn
in het paradijs.’ Het koningschap van Jesus werkt:
er is een nieuw begin, er is vergeving, er is liefde:
God koninkrijk breekt door.

Het verlangen naar dat koninkrijk belijden wij keer op keer
als wij bidden: ‘Uw Naam worde geheiligd,
Uw wil geschiede,
Uw Koninkrijk Kome op aarde.’

Gods Koninkrijk is werkelijk dichtbij
rond Jesus in wiens naam wij bijeen zijn
op de laatste zondag van het kerkelijk jaar.

Waar twee of drie in Zijn naam bijeen zijn
– heet het- daar is Hij nabij,
is God nabij opdat wij elkaar nabij zijn.

Hij laat ons niet los opdat wij elkaar niet loslaten.
Hij koos partij opdat wij partij kiezen voor vrede en recht.

Zijn Koningschap heeft duidelijk toekomst:
degenen die er voor kiezen zullen allen prinsen en prinsessen zijn
allemaal mensen die Hem bijstaan
in Zijn nederige, trouwe, harde dienst.

En waar leidt dit toe? Wij zullen het in het slotlied zingen:
‘Dan zult Gij in het eind verschijnen
uw kerk ziet wachtend naar U uit:
Christus de Herder roept de zijnen,
de bruidegom begroet zijn bruid! Amen!

Hein Jan van Ogtrop, pastoor