• Leidsevaart 146
  • 023 - 532 30 77
  • info@rkbavo.nl
In Preken

16 juli: Hij laat ons niet aan ons lot over

[print]

Vijftiende Zondag door het Jaar

Schriftlezingen:

  • Jesaja 55,1-10

  • Romeinen 8, 18-23

  • Matteüs 13,1-23

Er is een bekend gedicht van een Nederlands dichter
dat in de gebedsvorm gegoten is.
De dichter klaagt daarin hoe moeilijk het leven is,
en wat voor een vreselijke dingen er kunnen gebeuren.
Hij worstelt met zijn eigen drankzucht en zijn eigen driften
maar het gebed/ gedicht is vooral bekend geworden
door de laatste regel.
Daarin vraagt de dichter zich een beetje brutaal biddend af:
‘God, dat Koninkrijk van U, wordt dat nog wat?’
Een zeer herkenbare vraag
al zullen andere mensen hem niet zo direct verwoorden.

Gistereochtend dachten we dat ook:
een jonge vader van 41 jaar moesten wij uitdragen,
zijn vrouw en vier kleine dochtertjes blijven achter.
Waar is God? Kan dit zomaar, wordt het nog wat in deze wereld?

Geen dwaze vraag:
Niet voor niets bidden we in het Onze Vader
dat we al bijna 2000 jaar bidden wij met Jesus
-en Jesus sluit met die bede aan op nog oudere joodse gebeden-
UW KONINKRIJK KOME.
En een soortgelijk joods gebed voegt daar aan toe: IN ONZE DAGEN!

Het is triest om te zien
hoe sommige mensen vaak door teleurstellingen heen
de moed verliezen en vermoeid en verbitterd
zich terugtrekken in een burcht van droefheid, eigen gelijk en passiviteit.

Het allerergste is het echter als,
en helaas gebeurt dat maar al te vaak
ook bij jonge mensen in onze dagen-
de moedeloosheid vervalt tot wanhoop.
Het heeft geen zin meer dat ik op aarde leef,
het heeft geen zin meer dat ik mij inzet,
het heeft geen zin meer dat ik er ben.

Als Jesus rondloopt in het Galilese land gloort er hoop !
Het evangelie van vandaag vertelt
dat hij zijn huis, in Kafarnaum aan het meer, verlaat
(leuk dat we iets horen over zijn huis).
Hij gaat op weg maar er zijn er zovelen die hem volgen
dat hij haastig wegvlucht in een bootje.

Hij vaart daar even het meer mee op
niet om de mensen in de steek te laten maar
om vanuit zijn bootje (een hele bijzondere preekstoel)
te gaan spreken tot de mensen die amphitheatergewijs
aan de kant staan.

Hij geeft ze hoop en spreekt met hen over een nieuwe wereld
die Hij vanuit zijn bootje al werkelijkheid ziet worden
in al die mensen naar wie hij kijkt.
Het lijkt wel of hij ook al een beetje naar ons kijkt
en dat Hij al onze problemen van vandaag al aanvoelt.

En hij gaat dan spreken over een zaaier die uitgaat om zijn zaad te zaaien.
‘Het Koninkrijk van God lijkt daar op’ zegt Hij
en Hij gaat het omstandig uitleggen.
Hij gaat uit van de oude geloofstraditie
waarin gesproken wordt over het Woord Gods als een zaad
dat wordt uitgestrooid in de aarde.

‘Het woord van God klinkt nooit tevergeefs’
had de profeet Jesaja al gezegd -we hoorden die tekst vanmorgen-
‘het zal nooit zonder gevolgen blijven.
Het drenkt net als een malse regenbui de aarde en zie er is leven.

Jesus zegt, trouw aan de boodschap van de profeten:
‘Het gaat met de groei van het Koninkrijk Gods
net als met een zaad dat in de aarde valt.’

Het wordt uitgestrooid dus ..moet het opkomen.
Want zaad komt op
zelfs al slaapt de boer.

Of het klein is of groot is niet belangrijk:
kleine zaadjes kunnen grote bomen worden.
In de preekstoel van onze Bavo is dat geheim uitgebeeld,
jammer dat we niet op de Televisie zijn.

Het zaad is goed: het woord van God is getrouw
maar de grond… en nu komt het: die moet wel goed zijn.
Die grond zijn wijzelf.
Als de grond goed is, als wij goed zijn, ontvankelijk
kan de groei van Gods Koninkrijk doorgaan.

De groei van het zaad hangt af van de kwaliteit
van de akker waarin het valt.
WIJ zullen die akker moeten zijn…
ontvankelijk, open, van goed wil.

Dat Koninkrijk wordt het nog wat
waar blijft het toch….
De Schrift leert ons:
je zult niet ver hoeven te zoeken
‘je zult niet naar de overkant van de zee hoeven te gaan
of ook niet hoog naar de hemel te klimmen
om het te gaan halen’
– en nu ben ik Mozes aan het citeren – :
‘het is bij jou in je eigen hart gezaaid’
het komt in je.. en zo kun je het Koninkrijk van God helpen nabij te komen.

Dat precies bedoelt Jesus als Hij zegt:
‘Het Koninkrijk is midden onder u.’

Terug naar het zaad:
Toch wel ontroerend
dat het woord van God vergeleken wordt
met zo iets kleins en kwetsbaars als een zaad.

Over dat zaad wordt nog meer gesproken in de schrift
niet alleen dat het verstikt wordt of gekwetst
maar ook dat het in de grond als het ware sterven moet.

Dat werd in Jesus, Gods eigen woord, Zijn allerbeste zaad-
meer dan ooit werkelijkheid:
Zijn hele bestaan was er op gericht zichzelf te offeren
zichzelf te geven aan Zijn levensopdracht,
en als het beste zaad dat er ooit bestaan heeft
in de grond te sterven en vrucht voort te brengen,
honderd, zestig, dertigvoud,
en mischien, ja heel misschien geldt dat ook voor het leven
van die jonge vader die we gisteren uitdroegen.

Een wetenschapper vertelde mij eens
dat er in de natuur niets verloren gaat.
Ieder blaadje dat van de bomen valt en wegrot
wordt een belangrijk onderdeel van een nieuw levenbrengend proces;
geen waterdruppel valt op aarde of hij drenkt de planten
die weer leven geven aan onze atmosfeer.

En dat, durf ik deze morgen te verkondigen,
geldt ook voor alle positieve krachten
die er worden opgebracht. Ieder lief woord
of ieder hulpvaardig gebaar,
ieder teken van liefde, hoe klein ook
maakt deel uit van Gods grote geschiedenis van het Koninkrijk.

Gelukkig gelukkig valt het zaad ook in onze dagen soms,
neen vaak, in goede grond.
Gelukkig zijn er ook nu mensen die willen luisteren naar hun levensopdracht
en is er die verborgen groei die doorgaat
binnen de kerk, buiten de kerk ondanks alles……….

En ook dat sterven in de grond gaat door:
er zijn mensen die zich geven
met heel hun wezen aan hun taak, hun levensopdracht
er zullen mensen sterven als zaad in de grond….

Dan, dan alleen is er de belofte
dat de goede oogst zal komen
de nieuwe wereld
het glorieuze resultaat
van die wonderlijke samenwerking tussen God en ons
het Koninkrijk is dan echt gekomen.
Met onze koren zingen we die nieuwe wereld naar ons toe:

God alles in allen.
Zo moge het zijn.

Hein Jan van Ogtrop, pastoor