• Leidsevaart 146
  • 023 - 532 30 77
  • info@rkbavo.nl
In Preken

27 augustus: God ziet iets in mensen

[print]

21e Zondag door het Jaar

Schriftlezingen:

  • Jesaja 22,19-23

  • Romeinen 11,33-36

  • Matteüs 16,13-20

Het is aan buitenstaanders niet uit te leggen
of, laten we zeggen, heel moeilijk uit te leggen,
wat het geheim is van het geloof.
Een gelovig antwoord is:
‘God ziet toch iets in mensen.’
In de kerk zingen wij bijvoorbeeld:
‘Hier wordt een huis voor God gebouwd,
waar mensen samenkomen
en waar Hijzelf aanwezig is, om onder ons te wonen.’

Het gaat in de verkondiging van deze zondag
over de leerlingen van het begin, onzeker aarzelend
maar ook om onszelf
en om de troostrijke wetenschap
dat God geen supersterke gelovigen uitkiest voor zijn ‘keurkorps’
maar ons, gewone, hele gewone mensen.

Iedere leerling, ieder mens die poogt te bouwen aan Gods vrede
is een schakel in de keten van de geschiedenis van God met de mensen.
We hebben dat gisteren ook gezegd
toen wij met zeer velen echt aandacht besteedden
aan een door de vliegramp omgekomen Haarlems gezin
dat hier nog de kinderkerstdienst had bezocht:
allemaal unieke mensen, u zag hun foto’s hier in de kerk
wier aardse geschiedenis plotseling is afgebroken.

Ieder mens is een onderdeel van de geschiedenis,
dat geldt bijzonder voor Petrus, een hele belangrijke man in de kerk.
Misschien bent u wel eens in Rome geweest
daar staat een supergrote kerk: de Sint Pieter.
En in de koepelrand staat geschreven:
‘Jij bent Petrus (dat betekent rotssterke man)
en op deze steenrots zal ik mijn kerk bouwen.
Het is de tekst die vandaag gelezen is.
‘Jij bent een rotssterke man, jij bent Petrus..’
was Jesus een beetje in de bonen of zo?

Wist hij niet hoe zwak Petrus eigenlijk was?
Hij zou Jesus tot driemaal toe verloochenen;
trouwens al zijn vrienden waren ook niet geweldig:
ze holden angstig weg toen Jesus gevangen genomen werd.
Mooie vrienden zijn dat!
Het geheim wordt een beetje onthuld in de bijnaam
die Jesus, voordat hij Petrus als eerste paus benoemt, gebruikt.
Petrus, Simon, wordt met nadruk ‘zoon van Jona’ genoemd.
U kent Jona toch? De man die van zijn roeping wegvlucht;
hij moet naar Ninive maar gaat mee met een bootje naar Spanje,
precies de verkeerde kant op.
Petrus, zoon van Jona, -zegt Jesus met nadruk-
zoon van de wegloper, de vluchteling, de zwakke
die zo in het duister tastte.

Als er staat dat de muil van het dodenrijk
de kerk van Petrus niet zal kunnen verslinden
-en dan denk ik ook even aan de walvis die Jona opslokte
maar hem redde door het keurig uit te spugen aan de kant-
als er dus staat dat de muil van het dodenrijk
de kerk van Petrus niet zal kunnen verslinden
is dat niet iets om mee op te scheppen tegenover anderen.
Neen, het is een belofte van Gods onvoorwaardelijke trouw
aan zwakke mensen.

De sleutels van het Koninkrijk worden hem in handen gegeven
net als aan die brave Eljakim uit de eerste lezing.
Sleutels die deuren openen die anderen niet kunnen openen
en deuren sluiten die anderen niet kunnen sluiten.
De kwetsbare mensen, die op God durven vertrouwen
zullen de deuren sluiten van de arrogantie en de haat
en deuren openen van liefde en trouw.

In de wereld hebben zij een bijzondere roeping
die taak te volbrengen namens en voor de anderen.
Jesus kan met zulke zwakke mensen,
(met ons dus) toch veel voor elkaar krijgen.

Dat we soms toch sterk en betrouwbaar kunnen blijken
hebben we niet aan onszelf te danken maar aan de steun van God.
Als Petrus in een helder ogenblik tegen Jesus zijn credo uitzegt:
‘Waarlijk U bent de Zoon van God,
relativeert Jesus zijn prachtige belijdenis direct door te zeggen
dat hij dat niet uit zichzelf heeft:
‘Niet vlees en bloed hebben je dit geopenbaard
maar de ‘Vader in de hemel’, die onze Supporter is.

Temidden van de mensheid
bevindt zich nog steeds de gemeenschap van Petrus,
de kerkgemeenschap rond de ene man in Rome.
Paus Franciscus heeft nu, al is hij ouder dan 75 jr.
dapper die taak op zich genomen.
Die tekst die ik noemde en die boven in de Sint Pieter
waar de witte man voorgaat geschreven staat:
‘Jij bent Petrus en op deze steenrots zal ik mijn kerk bouwen’
is geen tekst om mee op te scheppen
maar een prachtige geloofsbelijdenis in het werk van Gods Geest
die de man die de pauselijke zetel bezet
en de mensen rondom hem zal bijstaan.
De jongeren die hem toejuichen,
in Zuid Amerika, in Korea
in een onzekere tijd.
Maar hij brengt hoop aan mensen
die nog niet weten wat het leven hen brengen zal,
en ook aan ouderen, soms teleurgesteld, maar nu weer hoopvol.

Van alle Pausen is bekend hoe zij altijd vroeg op staan,
om, dan nog even alleen, te bidden
-van Joannes Paulus II is bekend dat hij dat
tot in zijn allerlaatste levensmaanden deed.
Zo laten zij zien dat het hen niet om hun eigen zaak gaat
maar om de kracht van God die hem op de been houdt.

Van de zieke en gehandicapte Paus, Johannes Paulus II
zeiden de mensen wel eens: ‘hij moet aftreden’
maar hij wist: hoe zwakker de Paus….
hoe beter het werk van God tot zijn recht komt.

Petrus, de rotsman kreeg zijn opvolgers:
al meerdere honderden.
Er waren veel zwakke schakels in de keten;
er waren in de tijd van Luther zelfs pausen
die we nu corrupt (of erger) zouden noemen.
De TV serie over de Borgheses laat ons dat allemaal zien.

Maar God is getrouw gebleven aan zijn volk onderweg,
dankzij of ondanks de Paus van die dagen.

Wat zegt de lezing uit de Romeinenbrief dat prachtig:
‘O onpeilbare rijkdom van Gods wijsheid en kennis!
Hoe ondoorgrondelijk zijn zijn beslissingen,
hoe onnaspeurlijk zijn wegen! Wie kan loon vragen
voor alles wat God ooit aan hem heeft geschonken.’

Ondoorgrondelijk geheim dat Jesus gezegd heeft:
‘Gij zijt Petrus en op deze steenrots zal ik mijn kerk bouwen.’
Ontelbare keren is deze tekst in Rome en daarbuiten gelezen
als een overduidelijke bevestiging van het pausschap
zoals dat op dat moment vorm had gekregen.
Petrus zou er van staan te kijken als hij kon zien
hoe er in latere eeuwen over deze rots-tekst gediscussieerd zou worden.

Hij zou ons uitleggen dat de ‘op jou, Petrus, zal ik mijn kerk bouwen’
juist betekent dat hij, Petrus het niet te hoog in zijn bol mag hebben
en ook zijn opvolgers niet.

Petrus zou ons uitleggen dat Hij van Jesus geleerd heeft
dat hij er mocht zijn ondanks zijn eigen zwakheid
of misschien wel juist dankzij de eigen zwakheid
omdat daarin Gods grote daden het beste uitkomen.

En de rest van het volk van God, wij, christenen van het jaar 2017
mogen dat ook goed beseffen:
de wereld van vandaag heeft geen behoefte aan sterke helden en heldinnen
maar in gewone mensen die met taaie volharding aan de basis,
op de rotsbodem (Petrus is een rots, geen top van een Piramide )
beneden dus, doen wat hun te doen staat.

Weet dat je een gewone, onnutte dienstknecht bent
die toch nodig is op de plaats waar hij werkt
omdat God van ons houdt.
Weet dat ieder van ons er mag zijn
en in alle bescheidenheid en dienstbaarheid,
anderen tot zegen en troost kunt zijn.

Hein Jan van Ogtrop, pastoor