• Leidsevaart 146
  • 023 - 532 30 77
  • info@rkbavo.nl
middenschip_crop

All posts by Maarten Kools

Uitnodiging: vrijdag 9 september a.s. om 16.00 uur

14141827_1140574892689182_6232266088574992534_nU van harte uitgenodigd om de Haarlemse Opening van Monumentendag in de Nieuwe Bavo bij te wonen. Tevens wordt tijdens die bijeenkomst het nieuwe boek over de Nieuwe Bavo gepresenteerd “Ad Orientem” geschreven door Bernadette van Hellenberg Hubar. Deze bijeenkomst is op vrijdag 9 sept. a.s. om 16:00, heeft u zich nog niet aangemeld er zijn nog enkele plaatsen beschikbaar: stuur een email naar NieuweBavo@gmail.com met uw naam en aantal personen dat wij mogen verwachten. `
Na de presentatie zal het boek te koop voor de introductieprijs van €39,95 tevens kunnen de bestelde boeken opgehaald worden.
Komt vrijdag u minder goed uit of wilt u tijden Monumentendag de gewoon ‘rustig’ de Nieuwe Bavo bekijken en of in het weekend uw bestelde boek ophalen dat bent u welkom | Za 10-17 | Zo 12-17 |

Programma
• Za & Zo doorlopende openstelling van het nieuwe in 2015 geopende KathedraalMuseum
• Za & Zo openstelling koepel plus torenbeklimming
• Za signeersessie Bernadette van Hellenberg Hubar.

• Za 15.00 uur orgelconcert: Ton van Eck speelt op het Willibrordusorgel werken van o.a. Liszt & Reger
• Zo 14:00 concert Harmonie De Spaarnebazuin
• Zo gewelventochten

Tot komende weekend

4 september: Wie maakt het werk af?

[print]

23e Zondag door het Jaar.

Schriftlezingen:

  • Sirach 9,13-18

  • Lucas 14,25-33

De vorige week was er in de bouwkeet naast de kerk
een interessante bouwvergadering.
Het ging in op de vraag: ‘is onze Bavo eigenlijk voltooid?’
Interessant feit: bijna alle kathedralen zijn dat niet.
Hoe staat het met de onze?
Sommigen beginnen met te kijken naar onze torens.
Mijn vader die hier ooit wel eens geweest is vond ze lelijk:
zo plat. Dat klopt. In een van de ontwerptekening
staan er grote spitsen op: 40 meter lang… minstens.
En daarboven in de koepel, met mooie spiegels kun je dat zien:
daar zijn zijn nog allemaal kale stukken…
er hadden mozaïeken in gemoeten
en er zijn ook nog standaards boven in de koepel
voor twaalf beelden. Van wie?? Juist van de 12 apostelen.

Dat deze kerk niet af is is eigenlijk niet zo erg.
Bij de vergadering de vorige week zei een kunsthistorica
dat dat eigenlijk opzet was. Er horen stukken onvoltooid te zijn
om ons een gevoel van eeuwigheid te suggereren.

In Duitsland hebben ze er één afgemaakt in het eind van de 19e eeuw
de dom van Keulen. Ik vind –misschien schokt het u-
hem vreselijk saai met twee precies identieke torens.
Het voltooiingsproject had ook kwalijke drijfveren:
Duitsland moest indruk maken onder de volken:
een keizerrijk, veel belangrijker dan Frankijk.
En ja hoor, ze kregen het hoog in de bol: ‘Deutschland, Deutschland
ueber alles gingen ze zingen.’

In de Bijbel vind je daar een mooi verhaal over.
In Babel wilden ze een toren bouwen hoger dan
alle bouwwerken op aarde opdat men daar
zich een grote naam kon maken boven alle andere naties en steden:
ze zongen daar –bij wijze van spreken-
‘Babel Babel ueber alles’.
Toen greep God in en de toren bleef onvoltooid.

Maar wat moeten we nu met Jesus’ verhaal over de toren die niet afkwam
en zijn aanbeveling om goede bouwplannen te maken
opdat je bouwproject voltooid wordt?
Wat is dat voor bouwproject?
Neen geen wolkenkrabber en ook geen kathedraal
maar Hij heeft het over het bouwwerk van zijn
kerk als een bouwwerk van liefde onder de mensen.

In het evangelie van vandaag
draait Jesus zich om naar Zijn volgelingen
en vertelt tot driemaal toe dat het een zware prijs is
die betaald moet worden
als je werkelijk zijn volgeling wilt zijn.

‘Als je werkelijk mijn volgeling wil zijn’
zegt Jesus, ‘dan moet je vrij staan van geld en goed.’
Je moet je goed bezinnen op wat je doet
opkomen voor je zaak, er voor vechten,
niet zomaar mee hollen met de anderen.
Dat vraagt veel van je, bezin eer ge begint…’
En dan begint Jesus Zijn verhaal over het onvoltooide bouwproject
en het onvoorbereide leger.
Maar ik maakte al duidelijk dat het niet om grote bouwprojecten ging
om mee op te scheppen laat staan
over een geweldig leger dat de oorlog in kan gaan

Er moet goed nagedacht worden over hoe je echt aan een goede wereld bouwt,
een goed plan moet er gemaakt worden
en een goede begroting

Vandaag wordt in Rome een bijzondere vrouw Heilig verklaard.
Moeder Theresa:

Moeder Theresa, Agnes Gonxha Bojaxhiu geboren in 1910 in Albanië. Als jonge vrouw trad zij in bij een orde in haar regio. Bijzondere aandacht had zijn voor de misdeelden; steeds duidelijker waren haar keuzes. In Calcutta nam zij een oude loods in beslag om daar alle mensen die op straat lagen te sterven op te vangen. Men verklaarde haar voor gek: het had geen enkel nut. Maar ze ging door.
Moeder Theresa was een vrouw van gebed en actie.
Ze zei het zo:
‘De vrucht van stilte is het gebed.
De vrucht van het gebed is geloof.
De vrucht van het geloof is de liefde.
De vrucht van de liefde is dienstbaarheid.
De vrucht van dienstbaarheid is vrede!’

In 1973 bezocht zij de St. Lucas in Amsterdam. Pastoor Keet en ondergetekende ontvingen haar.
Ze wilde die zondag de Eucharistie incognito bijwonen in een ‘gewone’ parochie. Tevoren had zij bezoeken gebracht aan een aantal sociale instellingen en bejaardenhuizen in de hoofdstad. Ze wilde dat er in de viering geen aandacht aan haar aanwezigheid besteed zou worden. In de ontmoetingsruimte van de St. Lucasparochie dronk ze koffie met enkele parochianen en vroeg ze wat de schriftlezingen waren. Met behulp van een Engelse bijbel werd dat uitgelegd. De rest van de dienst kende zij omdat het ging om ‘Jesus Christ, bread of life’. Later werd (in 1980) ter gedachtenis aan dit bezoek de kleinste van de twee nieuwe klokken die in de toren van de St. Lucaskerk waren gehesen naar haar genoemd. Belangrijker dan dat is dat ze in 1979 de Nobelprijs voor de vrede ontving.

Omdat ze in Amsterdam op bezoek was geweest leefde de idee van een tegenbezoek. Die gelegenheid deed zich voor op 22 januari 1987. Met mijn vakantiemaatje Willen Froger hadden wij dit bezoek op de Nederlandse Ambassada in New Delhi voorbereid.

Tegenbezoek in 1987

De keurig aangeharkte Nederlandse wereld lijkt ver weg als we door de eindeloze suburbs van Calcutta reizen. Overvolle straten vol mensen, auto’s en koeien midden op de straat. We zijn op weg naar de Main Street waar de Mission van Mother Theresa haar huis heeft. Iedere taxi-chauffeur weet waar dat is: zij is de meest geliefde inwoner van deze gigantische stad. De binnenstad nadert. Verlaten spoorwegstations herbergen talloze tentjes (of wat dat moet voorstellen): enkele lappen met een stok. We zien zowaar op weg naar het klooster een moeder trots haar pasgeboren kindje tonen. Dan komen we in de Main Street. Plotseling draait de chauffeur een klein zijstraatje in en daar is de ingang van de Mission van Mother Theresa (hoe oneerbiedig ook: vanaf nu afgekort met M.T.). In een donker spreekkamertje werden wij geparkeerd en moeten we wachten. Op de tafel alleen een Bijbel (gekaft).

De ontmoeting

Plotseling verscheen zij en omvatte bij de begroeting onze handen innig. Alsof wij oude bekenden waren begon ze gewoon te babbelen. Ik vertelde haar dat wij haar nog dankbaar waren voor haar bezoek aan Amsterdam en vertelde haar dat er inmiddels een klok naar haar genoemd was. Daar moest ze toch wel even om lachen. Toen we vertelden dat een andere klok de naam van Helder Camara droeg had ze er wat meer vrede mee. Ze noemde hem toen ‘a great friend of mine’. Daarna begon ze te vertellen dat de armen mensen waren van wie wij niets dan goeds konden ontvangen. Toen ze uitleg gaf over haar werk zei ze plotseling: ‘ik hoef jullie dat helemaal niet uit te leggen, jullie kunnen als priester alles veel beter uitleggen dan ik. Toch zal ik het maar proberen want woorden zijn ons gegeven om ze te gebruiken.’ Toen begon ze te vertellen over haar werk dat haar vreugde gaf en haar medezusters met haar, want (ze telde op haar vingers vijf letergrepen af) ‘you did them did me’. Ze vroeg hoeveel lettergrepen deze zin van Matteus 25 in het Nederlands had. We kwamen op zeven uit. ‘Dat moet korter’ zei ze. Op onze vraag hoe het Pausbezoek aan Calcutta was verlopen antwoordde ze dat de Paus het huis van de stervenden wilde bezoeken. ‘Helaas’ waren er die dag nog geen doden in het mortuarium zodat de Paus niet kon zien hoe de tekst ‘We are on our way to heaven’ daar werkelijkheid werd en hij de doden zou kunnen zegenen. ‘We hadden tevoren gebeden dat er die dag toch mensen zouden sterven. Bijna toen de Paus weg wilde gaan stierven er twee zodat hij die toch zijn zegen kon geven.’ Nuchter lachte ze. ‘Veel mensen worden actief en daar ben ik blij om.’ – ‘Als ze ons komen helpen merken ze dat we geen wasmachines hebben; we vinden dat niet nodig en zo staan vaak thuis heel belangrijke mensen hier de was te doen aan de tobbe.’ Iedereen mag komen helpen, er wordt niet naar godsdienstige achtergrond gekeken. Na enig heen en weer gepraat liep het gesprek ten einde. ‘Hoe gaat het verder met u zelf,’ vroeg ik. ‘Heel goed,’ zei ze: ‘Jesus is het brood des levens, dus ik blijf alsmaar leven.’

De kapel

We wilden nog wat foto’s maken. Op het binnenplaatsje deden we dat; we hoorden boven gezang. ‘De novicen bidden.’ Het bleek dat ze zelf daar eigenlijk ook bij had moeten zijn. Dus gingen we gauw de kapel binnen. Buiten was het een enorm verkeerslawaai, maar het leek wel alsof het gebed van de zusters alle herrie van de hoofdstraat naar buiten duwde. In de kapel knielde M.T. meteen op de grond neer. Wij ook. Tevoren had ze gevraagd of een van ons de zegen met het Allerheiligste zou willen geven. De novicen zaten al langer devoot voor het Allerheiligste geknield. M.T. stond echter plotseling op en zei: ‘we gaan maar weg.’ Buiten zei ze, toen we vroegen of er nog gezegend moest worden: ‘dat duurt veel te lang.’ We liepen naar beneden. Daar werden wat foto’s gemaakt. Ze bleef peinzend staan kijken naar een mooie plaat waarop verschillende bekende mensen stonden. Ze herkende de meesten (Martin Luther King, Ghandi, Max Thurian etc.), alleen Sacharov en Walesa niet onmiddellijk. Ze vond het schilderwerk mooi gedaan. Het moment van afscheid naderde. Ze zei ons dat we voor elkaar moesten bidden (tevoren had ik dat aan haar gevraagd). Ze zou bidden voor onze parochies en voor onszelf. Hierna gingen we op weg naar enkele huizen van haar Mission.

De huizen

We bezochten een weeshuis, een school. Het was een vrije dag maar wij mochten toch overal naar binnen omdat wij een briefje bij ons hadden door M.T. ondertekend (dat nu een soort relikwie is geworden): ‘Please show them the houses’, ondertekend: ‘Mother’. Het laatste bezochten wij het Huis van de Stervenden. Naast de enorm drukke Kalitempel was dat een oase van rust. Er lagen nog zes mensen op sterven. Indrukwekkend was het nog om te zien hoe daar een heel mager mannetje werd bijgestaan door een heel stevige Duitse jongen van de Aktion Söhnenhilfe, die hem een slokje water gaf. Zo werd Mattheus 25 werkelijkheid!

De zondag na thuiskomst stond in het evangelie: ‘Gij zijt het licht der wereld… het zout der aarde.’ Wij hadden Moeder Theresa gezien, een vrouw van licht in de duisternis, een teken van hoop. ‘Ik ben niets bijzonders.’ zei ze steeds. ‘Jullie allemaal hebben de taak om heilig te zijn.’

Moeder Theresa overleed in 1997 op 87 jarige leeftijd. In 2003 werd we Zalig verklaard en vandaag –zoals ik al zei- heilig.
Ze herinnert ons aan de onvoltooidheid van Gods schepping.

Het evangelie van vandaag zegt dat ieder mens
zijn/haar verantwoordelijkheid, zijn taak, misschien zelfs een kruis
iedere dag moet dragen.
Je moet -en nu komt het moeilijkste gedeelte van Jesus’ toespraak-
je vader en moeder, je broers en je zusters, ja zelfs je eigen leven haten. ‘

Het is geen oproep om nu eens een lekkere familieruzie te gaan ontketenen
maar om je te wijzen dat de band met Jesus en Zijn levensopdracht
in een mensenleven zo indringend kan en moet zijn
dat het de natuurlijke verwantschap te boven gaat.

Met Moeder Theresa zijn we nu verbonden.
Nu zij tot de eer der altaren is verheven
betekent dat niet dat ze verder van ons af staat
maar juist dichterbij is.

Denkend aan ons gezamenlijk lidmaatschap van
de gemeenschap der heiligen kunnen wij opgewekt verder gaan.
God sterke ons allen en make ons alsmaar actiever.

Hein Jan van Ogtrop, pastoor

Allemaal heilig? Bezoek aan moeder Teresa

20160902_moeder_teresa-xl-2Vandaag, 4 september, wordt moeder Teresa heilig verklaard. In 1973 bezocht ze al eens de St. Lucaskerk, waar onze plebaan toen kapelaan was. En in 1987 deed zich de mogelijkheid voor om haar te bezoeken in Calcutta.

Een verslag van plebaan Hein-Jan van Ogtrop:

De polder lijkt ver

De keurig aangeharkte Nederlandse wereld lijkt ver weg als we door de eindeloze suburbs van Calcutta reizen. Het is donderdag 22 januari 1987 en we komen geleidelijk aan de bewoonde wereld binnen. Overvolle straten vol mensen, auto’s en koeien midden op de straat. We zijn op weg naar de Main Street waar de Mission van Mother Theresa haar huis heeft. Iedere taxi-chauffeur weet waar dat is: zij is de meest geliefde inwoner van deze gigantische stad. De binnenstad nadert. Verlaten spoorwegstations herbergen talloze tentjes (of wat dat moet voorstellen): enkele lappen met een stok. We zien zowaar op weg naar het klooster een moeder trots haar pasgeboren kindje tonen. Dan komen we in de Main Street. Plotseling draait de chauffeur een klein zijstraatje in en daar is de ingang van de Mission van Mother Theresa (hoe oneerbiedig ook: vanaf nu afgekort met M.T.).

Wat er aan vooraf ging

UnknownIn de zomer van 1973 bezocht moeder Theresia (M.T.) de St. Lucasparochie in Amsterdam-Osdorp. Ze wilde die zondag de Eucharistie incognito bijwonen in een ‘gewone’ parochie. Tevoren had zij bezoeken gebracht aan een aantal sociale instellingen en bejaardenhuizen in de hoofdstad. Ze wilde dat er in de viering geen aandacht aan haar aanwezigheid besteed zou worden. In de ontmoetingsruimte van de St. Lucasparochie dronk ze koffie met enkele parochianen en vroeg ze wat de schriftlezingen waren. Met behulp van een Engelse bijbel werd dat uitgelegd. De rest van de dienst kende zij omdat het ging om ‘Jesus Christ, bread of life’. Later werd (in 1980) ter gedachtenis aan dit bezoek de kleinste van de twee nieuwe klokken die in de toren van de St. Lucaskerk waren gehesen naar haar genoemd.

Januari 1987

Pas in januari 1987 kwam hierop een vervolg. Tevoren was een brief verzonden waarin aan haar bezoek aan Amsterdam werd herinnerd en een verzoek werd gedaan om een ontmoeting met haar en een bezoek aan de huizen van haar Mission. M.T. bleek zich haar bezoek aan Amsterdam van ’73 te herinneren en stemde toe. De taxi zette ondergetekende (toen nog pastoor van de genoemde Lucasparochie in Amsterdam) met reisgenoot W. Froger en de vrouw van de toenmalige Nederlandse ambassadeur af bij de Mission van M.T. In een donker spreekkamertje werden wij geparkeerd en moesten we wachten. Op de tafel lag alleen een Bijbel (gekaft).

De ontmoeting

Plotseling verscheen zij en gaf ons allen een hand die zij omvatte. Alsof wij oude bekenden waren begon ze gewoon te babbelen. Ik vertelde haar dat wij haar nog dankbaar waren voor haar bezoek aan Amsterdam en vertelde haar dat er inmiddels een klok naar haar genoemd was. Daar moest ze toch wel even om lachen. Toen we vertelden dat een andere klok de naam van Helder Camara droeg had ze er wat meer vrede mee. Ze noemde hem toen ‘a great friend of mine’. Daarna begon ze te vertellen dat de armen mensen waren van wie wij niets dan goeds konden ontvangen. Toen W. Froger haar berichtte over de zusters van haar congregatie die hij kende begon ze te vertellen hoe dankbaar ze waren omdat ze zo goed ontvangen waren. Toen ze uitleg gaf over haar werk zei ze plotseling: ‘ik hoef jullie dat helemaal niet uit te leggen, jullie kunnen als priester alles veel beter uitleggen dan ik. Toch zal ik het maar proberen want woorden zijn ons gegeven om ze te gebruiken.’ Toen begon ze te vertellen over haar werk dat haar vreugde gaf en haar medezusters met haar, want (ze telde op haar vingers vijf letergrepen af) ‘you did them did me’. Ze vroeg hoeveel lettergrepen deze zin van Matteus 25 in het Nederlands had. We kwamen op zeven uit. ‘Dat moet korter’ zei ze. Op onze vraag hoe het Pausbezoek aan Calcutta was verlopen antwoordde ze dat de Paus het huis van de stervenden wilde bezoeken. ‘Helaas’ waren er die dag nog geen doden in het mortuarium zodat de Paus niet kon zien hoe de tekst ‘We are on our way to heaven’ daar werkelijkheid werd en hij de doden zou kunnen zegenen. ‘We hadden tevoren gebeden dat er die dag toch mensen zouden sterven. Bijna toen de Paus weg wilde gaan stierven er twee zodat hij die toch zijn zegen kon geven.’ Nuchter lachte ze. ‘Veel mensen worden actief en daar ben ik blij om.’ – ‘Als ze ons komen helpen merken ze dat we geen wasmachines hebben; we vinden dat niet nodig en zo staan vaak thuis heel belangrijke mensen hier de was te doen aan de tobbe.’ Iedereen mag komen helpen, er wordt niet naar godsdienstige achter­grond gekeken. Na enig heen en weer gepraat liep het gesprek ten einde. ‘Hoe gaat het verder met u zelf,’ vroeg ik. ‘Heel goed,’ zei ze: ‘Jesus is het brood des levens, dus ik blijf alsmaar leven.’

De kapel

Unknown-1We wilden nog wat foto’s maken. Op het binnenplaatsje deden we dat; we hoorden boven gezang. ‘De novicen bidden.’ Het bleek dat ze zelf daar eigenlijk ook bij had moeten zijn. Dus gingen we gauw de kapel binnen. Buiten was het een enorm verkeerslawaai, maar het leek wel alsof het gebed van de zusters alle herrie van de hoofdstraat naar buiten duwde. In de kapel knielde M.T. meteen op de grond neer. Wij ook. Tevoren had ze gevraagd of een van ons de zegen met het Allerheiligste zou willen geven. De novicen zaten al langer devoot voor het Allerheiligste geknield. M.T. stond echter plotseling op en zei: ‘we gaan maar weg.’ Buiten zei ze, toen we vroegen of er nog gezegend moest worden: ‘dat duurt veel te lang.’ We liepen naar beneden. Daar werden wat foto’s gemaakt. Ze bleef peinzend staan kijken naar een mooie plaat waarop verschillende bekende mensen stonden. Ze herkende de meesten (Martin Luther King, Ghandi, Max Thurian etc.), alleen Sacharov en Walesa niet onmiddel­lijk. Ze vond het schilderwerk mooi gedaan. Het moment van afscheid naderde. Ze zei ons dat we voor elkaar moesten bidden (tevoren had ik dat aan haar gevraagd). Ze zou bidden voor onze parochies en voor onszelf. Hierna gingen we op weg naar enkele huizen van haar Mission.

De huizen

We bezochten een weeshuis, een school. Het was een vrije dag maar wij mochten toch overal naar binnen omdat wij een briefje bij ons hadden door M.T. ondertekend (dat nu een soort relikwie is geworden): ‘Please show them the houses’, ondertekend: ‘Mother’. Het laatste bezochten wij het Huis van de Stervenden. Naast de enorm drukke Kalitempel was dat een oase van rust. Er lagen nog zes mensen op sterven. Indrukwekkend was het nog om te zien hoe daar een heel mager mannetje werd bijgestaan door een heel stevige Duitse jongen van de Aktion Söhnenhilfe, die hem een slokje water gaf. Zo werd Mattheus 25 werkelijkheid in onze dagen.

Weer thuis

De zondag na thuiskomst stond in het evangelie: ‘Gij zijt het licht der wereld… het zout der aarde.’ Wij hadden Moeder Theresa gezien, een vrouw van licht in de duisternis, een teken van hoop. ‘Ik ben niets bijzonders.’ zei ze steeds. ‘Jullie allemaal hebben de taak om heilig te zijn.’

Bron: kerkengek.nl

Gewelventochten

koepel

Op zondag 11 september worden de gewelven, de prachtig gerestaureerde koepel en de torens van de St. Bavo Kathedraal aan de Leidsevaart voor publiek geopend. De rondleiding zal mede aandacht schenken aan de recent voltooide restauratie van de kathedraal; van dichtbij kan een ieder nu het mooie resultaat bewonderen.

De spannende tocht over krakende plankieren, door spelonken en langs de vele wenteltrappen, brengt de bezoeker op verborgen plekken in deze prachtige kathedrale basiliek. De overgangen van kleine gangen naar verbluffende uitzichten (zowel binnen als buiten de kerk) zijn spectaculair. Als de bezoeker uiteindelijk bij de klokken in de torens is aangekomen, kan er genoten worden van een fantastisch uitzicht over Haarlem en verre omstreken.

Tijdens de gewelventocht zullen ervaren en enthousiaste gidsen U vergezellen op een ontdekkingsreis langs ruim 118 jaar Haarlemse historie, kerkelijke bouwkunst en religieuze symboliek. Er wordt ruime aandacht besteed aan de resultaten van de restauratie van de afgelopen jaren. Kortom een bezoek meer dan waard!
Details

  • Kaartverkoop vanaf 13.00 uur in de kerk
  • De eerste gewelventocht is om 13:30 uur
  • De laatste beklimming start om 15.00 uur
  • De tijdsduur van de tocht is anderhalf uur
  • De entreeprijs bedraagt € 5 per persoon
  • Tussen 12 en 16 jaar onder begeleiding

NB: Wie het eerst komt, wie het eerst maalt. Kaartverkoop alleen in de kerk en zolang er nog voldoende plaatsen zijn die dag.

Open Monumentendag

OMD_logo-met-BGL_RGB-Large-100mmDe officiële opening van Monumentendag 2016 in Haarlem vindt plaats op vrijdag 9 september 2016 in de Nieuwe Bavo aan de Leidsevaart.

Tijdens het weekend van 10 en 11 september is het rijksmonument met diverse activiteiten voor het publiek geopend.

Zo wordt zaterdag 10 september het boek De nieuwe Bavo te Haarlem gepresenteerd en is er een signeerssessie met de auteur Bernadette van Hellenberg Hubar. Het boek is dan tevens tegen een introductieprijs te koop.

De nieuwe Bavo is hét meesterwerk van Joseph Cuypers. Een meesterwerk dat tijdens de restauratie voor verrassende ontdekkingen zorgde. Zo gaat het in De nieuwe Bavo te Haarlem over onder andere de minieme kleursporen van de buitenpolychromie die net op tijd zijn gevonden. Opvallend zijn verder de rijk versierde terracotta’s, onvoltooide decoraties en misbakels die het werk van Joseph Cuypers tot een Unvollendete maken. Door de aanpak van het glas in lood kwam de bijzondere visie op het licht in deze kerk aan de oppervlakte: Joseph Cuypers brak met het ideaal van zwaar gekleurde, donkere glazen om het licht van het Hollandse polderlandschap naar binnen te halen. De dit jaar onthulde ramen van Jan Dibbets kunnen in deze geest worden bekeken.

De ‘Nieuwe Bavo’ is tijdens het weekend volop te bezichtigen. Zo is er de mogelijkheid om de gewelven en koepel van binnen te bezichtigen.

Op zaterdag 10 september zijn de deuren geopend van 10.00 uur tot 17.00 uur en zondag 11 september van 12.00 uur tot 17.00 uur.

28 augustus: Heilzaam ontregelen

[print]

22e Zondag door het Jaar.

Schriftlezingen:

  • Sirach 3,17-29

  • Lucas 14,1+7-14

Ik begin met een herinnering aan een TV uitzending over prinses Diana,
iemand die ‘in the picture was’
zoals dat heet. Een oorspronkelijke vrouw.
Toen ze binnenkwam in een bejaardenhuis
waar mensen een beetje mistroostig zaten te kaarten zei ze:
‘wie speelt er vals?’ en meteen was er deining in de zaal en gelach.
Ook haar bezoek aan AIDS-patiënten in een ziekenhuis/
Iedereen was in die dagen als de dood voor AIDS
en de patiënten werden zorgvuldig geïsoleerd.
De bezoekers, zo ze er al waren
waren als de dood dat zij besmet zouden worden.
Ik herinner mij dat mij toen ook die angst werd aangepraat
toen ik een keer op bezoek ging in het AMC.
Diana loopt zo op een patiënt toe en schudt hem de hand.
Grote paniek bij de beveiligers.

Onze Paus Franciscus gaat op deze voet verder:
beter gezegd is degene die de hele wereld aan het wakker schudden is!
Dat is belangrijk: het is uiterst heilzaam dat wij bestaande kaders doorbreken
en andere mensen durven ontmoeten.
Misschien zag u al wat afleveringen van de serie van Andries Knevel
-nota bende van de degelijk protestantse E.P.-
die deze paus volgt op al zijn tochten naar de echt belangrijke mensen.

De Schrift, en met name het evangelie, spreekt erg kritisch
over mensen die vooraan zitten omdat ze altijd al vooraan zaten.
In de eerste lezing krijgen we het al te horen:
‘hoe meer aanzien je hebt,
hoe meer je je moet vernederen.

Jesus gaat daarop verder en ontmaskert, in het evangelie van vandaag
aan de hand van wat zich iedere dag voordoet
… het ambitieuze gedoe in de maatschappij,
waarbij anderen opzij gedrukt moeten worden
om sommigen de kans te geven zelf vooraan te komen.

En daarna wijst Hij degenen aan
die het eerste recht hebben om aan te zitten
aan de maaltijd der volkeren.
Dat zijn de armen, de gebrekkigen, de kreupelen en de blinden.
Die moeten worden uitgenodigd.
Maar dat is moeilijk want
we kennen ze niet echt.
Wij zien de armen niet echt.
We kijken naar een beeldbuis die we kunnen afstoffen.

Iemand die echt wel eens geweest is in een ontwikkelingsland
-neen ik bedoel niet op een safari of een verzorgde reis-
weet ongeveer hoe het daar is
en zal goede herinneringen hebben aan hun vriendelijkheid
en hun gastvrijheid tegenover welke gast dan ook
die zij onmiddellijk de ereplaatsen geven.

Wanneer zullen wij hen eindelijk eens toelaten aan onze dis?
Jesus geeft ons ook een methode aan
hoe we de idealen van het Koninkrijk Gods kunnen realiseren.
Het is voor jou goed om zo te leven
dat de ander belangrijker is dan jij. Maak voor hem ruimte.
Ga zelf nu eens niet op die eerste plaats zitten…
Laat die eerste plaats waar je als rijke westerling
al zo lang zit nu eens over aan een ander
die daar nog nooit gezeten heeft.

VERHAAL:
Er was eens een synagoge in een stadje in oost Polen.
De rabbijn was een zeer wijs man,
hij had tal van geleerde boeken geschreven
en had daarom ook gevraagd
of het bestuur van de synagoge hem niet met kleine zaken wilde lastig vallen.
Het ging hem alleen om de hoofdzaken.
Rondom het bedehuis woonden allerlei mensen.
Rijken en armen. Samen gingen ze naar de synagoge
maar natuurlijk de allerarmsten niet.
Die schaamden zich te zeer
omdat ze geen passende kleren hadden
om in het openbaar te verschijnen.
Wel was het de gewoonte
dat de armen van het dorp na de sabbathsdienst bij de kerkdeur stonden.
Ze kregen dan een gift van de kerkgangers
en bedankten hen daar vriendelijk voor.
Er kwamen echter klachten
dat vele kerkgangers het een beetje storend vonden,
die arme vieze mensen aan de deur.
Het bestuur was daarover in vergadering bijeengekomen
en om de overlast en de drukte te voorkomen
had men bij de uitgang van de kerk een groot offerblok geplaatst
met het opschrift: ‘voor de armen’.
Toen de rabbijn
op eerste sabbath waarop het offerblok in gebruik genomen werd
naar buiten kwam zag hij wat er veranderd was
en deze ontdekking greep hem zo aan
dat hij direct het parochiebestuur bijeenriep.
‘Wat hebben jullie nu gedaan,’
zo begon hij op verontwaardigde toon,
‘jullie hebben bij de ingang van de kerk
een offerblok geplaatst!’
Verbijsterd vroegen de kerkbestuursleden hem
waarom hij hier zo geschokt over was.
Hij zei: ‘tot nu toe stonden jullie iedere sabbath
nog oog in oog met de armen
en werden jullie door hen aan je eigen rijkdom herinnerd
en deden jullie wat je te doen stond
maar nu staat er alleen maar een ding.
Je zult daarom je ogen gaan sluiten
voor de nood van de arme
en je hart zal niet meer door de nood van de arme worden geraakt.’
Het offerblok werd haastig verwijderd
en de volgende week stonden de armen weer aan de deur.
De parochianen zagen hen weer oog in oog,
groetten hen en gaven weer hun giften.

We kunnen al deze dingen ook toepassen dichterbij:
op je relatie met je partner, met je vrienden.
Zie hem of haar echt.
Gun die ander nu eens de ereplaats
en als die ander dat ook denkt
wordt het op deze aarde echt goed.

Ik vond in mijn bibliotheek een tekst van Ambrosius,
bisschop van Milaan (340-397)
-hij kijkt vanuit dat raam in onze kerk, een bijenkorf naast hem, naar ons hier beneden. –
Zijn woorden waren honingzoet maar ook duidelijk-
Augustinus is dankzij zijn preken bekeerd:
In een van Ambrosius’ preken las ik:
‘de aarde werd voor allen gemeenschappelijk geschapen.’
‘Als je toevallig rijk bent
ook al heb je er hard voor gewerkt
bedenk dan dat je,
als je iets aan de arme geeft,
je niet iets geeft dat van jezelf is
maar iets dat eigenlijk al van hem was.’

In het tegenoverliggende raam treffen we
de Griekse heilige Johannes Chrysostomus,
vertaald: Jan met de gouden mond.
Hij waarschuwt:
‘De rijken zijn degenen
die zich van de goederen die voor allen bestemd zijn
het eerste meester hebben gemaakt’
Ja, die oude kerkvaders konden het mooi zeggen
en hun boodschap is nog eigentijds ook.

Door Jesus’ verkondiging worden we steeds meer ingewijd
in de geheimen van Gods Koninkrijk.

Het wordt in het voetspoor van Jesus van Nazareth
steeds duidelijker wat van ons wordt verwacht:
doen als Hij
die zelf de laatste plaats heeft ingenomen
als een slaaf die de voeten van zijn leerlingen waste
als een mens die tussen de misdadigers aan het kruis hing
en die Zijn leven voor ons gaf.

Tot zijn gedachtenis staat hier een tafel,
die tafel hier is meer
dan een rechthoekige plank met vier poten
maar een prachtig symbool van menselijke solidariteit.

Aan die tafel zoals God die wil aanrichten
kunnen mensen van alle naties en talen aanzitten.
Aan tafel zijn ze allemaal hetzelfde,
zijn wij allemaal hetzelfde:
allemaal sterfelijke wezens die eten nodig hebben
anders gaan we dood.
Maar dankzij Hem is er leven!

Allemaal hebben wij onze eigen kwaliteiten
allemaal kunnen wij onze bijdrage leveren
ieder met haar/zijn eigen mogelijkheden.
Dat is nou net precies de bedoeling van een kerk:
voor alle mensen iets betekenen,
iedereen welkom:
zo maken wij als mensheid een nieuw begin.

Hein Jan van Ogtrop, pastoor

21 augustus: Doe jouw eigen ding

[print]

21e Zondag door het Jaar.

Schriftlezingen:

  • Jesaja 66,18-21

  • Lucas 13,22-30

Het Lucasevangelie vertelt ons over Jesus’ levensweg,
zijn trektocht door het joodse land,
zijn opgang naar Jeruzalem.
De trektocht is begonnen in de synagoog van zijn vaderstad
waar Hij enthousiasme
maar tegelijk ook grote opschudding te weeg brengt:
de leerlingen vinden het geweldig… nog wel.

Jesus gaat verder en ontmoet op de berg Tabor twee profeten,
Mozes en Elia die met Hem spreken over zijn grote tocht,
een soort Uittocht die lijkt op de uittocht
onder Mozes uit de slavernij van Egypte.
Maar wat zou deze uittocht inhouden?

Jesus´ uittocht zal een opgang zijn naar Jeruzalem
waar Hij per se naar toe moet.
En wat is het doel van de reis?

De argeloze leerlingen krijgen het maar al te duidelijk te horen:
‘ik moet vandaag en morgen goed doorreizen
want het gaat niet aan dat een profeet
buiten Jeruzalem sterft.’

Zijn reis naar Jeruzalem is iets anders dan een dagje Amsterdam
zijn reis naar Jeruzalem loopt uit op zijn dood maar..
tegelijkertijd zal juist die reis een doortocht worden,
dwars door de dood heen!
Jesus de voorganger zal zijn mensen
door het donker heen voeren en hen brengen in een nieuwe wereld.

Nu vinden de apostelen het toch een beetje griezelig worden.
Moeten er niet erg veel hindernissen worden genomen?
Zijn ze daartoe wel in staat? Komen ze er wel doorheen??

Dat zijn geen domme opmerkingen van bangerikken
maar reële angsten die verwoord worden,
Kinderen kennen die minder en doen de meest domme en gevaarlijke dingen.
Ze klimmen gewoon de boom in of de kerktoren
zonder te beseffen dat ze naar beneden kunnen vallen
en iets breken….

De leerlingen van Jesus zijn geen kinderen meer
ze voelen zich trots maar ook bang, ze voelen het gevaar.
Trots zijn ze omdat ze uitverkoren zijn
om met Jesus mee te doen
maar ook bang omdat ze beseffen ook moeilijkheden
te zullen ontmoeten.

Bezorgd vragen ze zich dan ook af
of ze het wel zullen overleven en ze zeggen tot Jesus:
‘Heer het zijn er zeker weinigen
die dit alles zullen kunnen doorstaan
en gered zullen worden.’
Maar zo is het niet.
Jesus is niet bezig een soort afval-race te organiseren
zodat alleen de super sterken overblijven.

Tot iedere volgeling – hoe zwak ook- persoonlijk wordt gezegd:
‘span je in om door de nauwe deur naar binnen te komen.’
Betekent dat alleen maar dat een heel klein aantal
hele goede , brave volgelingen zullen volhouden,
alleen diegenen die door dat nauwe deurtje kunnen?

Neen, dat is niet de bedoeling.
Waar het het Koninkrijk van God betreft-
zal ieder persoonlijk moeten kiezen
terzake van ja en nee
en of hij op wil komen voor gerechtigheid en vrede,
liefde en trouw of niet.

Het is nogal wat, wat wij de afgelopen week te zien kregen
slachtoffers in Syrë, een uitzuchtloze oorlog,
kinderen in opvangkampen die hun ouders niet meer kunnen vinden
aanslagen, brandbommen en wat mensen allemaal kunnen verzinnen
om hun eigen gelijk met geweld aan anderen kenbaar te maken.

Het evangelie leert dat we niet kunnen doen alsof er niets aan de hand is
we kunnen niet langs de realiteit heen leven.
Ieder persoonlijk wordt uitgedaagd,
(iedereen is nodig;
een bekend spreekwoord variërend:
IEDER MENS IS ONMISBAAR. )

Zoiets wordt bedoeld met het zoeken naar de smalle deur:
een deur op maat als het ware.
Er zijn dus een hele boel nauwe deurtjes:
misschien wel voor ieder persoonlijk één.

Je zult een zegen voor anderen zijn
en je zult zelf ook zin krijgen in je leven
als je mee wilt doen aan de opbouw van het goede en het nieuwe.
Maar het gaat allemaal niet vanzelf.
Je geloof is niet alleen maar een beetje gezellig achter Jesus aan hangen,
het wel mooi vinden wat hij zegt
en alleen maar genieten van de fraaie liturgie en de zang.

Je kunt niet volstaan met te zeggen:
‘Heer we hebben toch altijd met U gegeten en gedronken.’
We zijn altijd lid geweest van katholieke verenigingen
en hebben de kerk geen moment losgelaten.
Natuurlijk, dat is goed. Maar het is alleen maar de buitenkant.
Het gaat om meer.
Geloven in Gods Koninkrijk heeft -als het goed is-
te maken met in je hele leven van alle dag
doen wat je te doen staat.
En dat vraagt veel van je!

Binnen de joodse traditie wordt verteld
hoe ieder goed mens wordt getest.

1 Als een pot die net gebakken is
en die door de maker, de pottenbakker wordt beproefd
door er steeds op te slaan
omdat hij zo van de prachtige klank geniet.
Een rechtvaardige die beproefd wordt
op zijn kwaliteit geeft ook een klinkend resultaat.
En dan moet iedereen het toegeven:
dit is kwaliteit, ik hoor iets goeds.

2 Ook wordt de rechtvaardige getest als het vlas
dat door er steeds op te slaan
met een stuk hout steeds sterker en glanzender wordt
Ieder mens wordt getest door de dingen die hij meemaakt.
Ieder mens wordt op zijn tijd geslagen.
Het gaat er niet om die beproeving op te zieken
maar wel kan soms degenen die het heeft meegemaakt
-neen vooral de anderen niet-
zeggen: ik ben er beter van geworden, rijker, sterker.

En het joodse verhaal gaat verder:
Je bent gelukkig nooit alleen met je worsteling
het is als met het juk
dat de sterke en de zwakke os samen dragen.
De sterke zal vaak de meeste kracht moeten leveren
maar bij mensen is vaak het ene moment de ene zwak en de andere sterk
en een ander moment is het omgekeerd.

En alles wat goed is,
het kerkelijke maar ook het niet kerkelijke werk,
wat ouderen én jongeren doen aan goeds,
aan troostends, aan genezends…
dat alles maakt deel uit van het grote goede plan van God.

De profeet Jesaja had het in een droom al gezien:
Iedereen die zijn best doet,
iedereen die de kar van de vernieuwing der wereld
wil trekken mag meedoen.

Jesaja ziet al die mensen van goede wil zich verzamelen.
Allemaal mensen die individueel JA hebben gezegd,
die ZELF de keuze hebben gemaakt
maar samen een grote menigte vormt
die zich verzamelen zal op Gods heilige berg.
‘Ik ken ze’ zegt de Heer en ‘ik ken hun werken,
in alle tijden zullen ze gevonden worden,
de mensen die trefzeker kiezen, die volhouden,
die op hun post zijn als ze nodig zijn..
In iedere generatie worden ze gevonden.

Het verhaal van God die met de mensen bezig is
gaat ook verder… in deze tijd, men zegt een moeilijke tijd voor de kerk.
Maar er zijn steeds mensen die inhaken en die het geloofsavontuur aandurven.
Er zijn steeds mensen die hun kinderen willen laten dopen
en ook volwassenen die zich willen laten dopen en vormen.

Ik sprak een moeder die zich zo ongerust maakte over haar kinderen:
ze gingen niet meer naar de kerk.
‘Dan groeien ze zeker op voor galg en rad’ opperde ik.
Ik wist natuurlijk dat dat niet waar was anders kun je zoiets niet zeggen.
‘Neen, zeker niet zei ze, het zijn goede mensen.’
En alsof dat nog niet voldoende was: de ene werkte bij artsen zonder grenzen,
een andere gaf les aan buitenlandse kinderen
en de derde deed veel voor het vluchtelingenwerk.
Geen reden dus tot overdreven bezorgdheid
hoe goed het natuurlijk zou zijn als ze onze kring met hun aanwezigheid
kwamen verrijken en voor hen zelf ter bemoediging
het verhaal van God met de mensen hier zouden horen
om zich bevestigd te voelen bij hun werk.

‘Ik ken ze’ zegt de Heer en ‘ik ken hun werken,
ik ken hun gedachten, ze horen bij mij.’

In een prachtige hymne van Huibers en Oosterhuis heet het:

Gezegend sterk voor zwak, en zwak voor sterk
gezegend de mens die zijn naaste bijstaat:
gezegend de man voor de vrouw en de vrouw voor de man.
Gezegend die goedheid uitstraalt en wie lief is.
God heeft ons allemaal nodig
en wil verzamelen alles wat er aan goeds in deze wereld is.

Voor allen die bij Hem aankomen en voor Zijn Koninkrijk kiezen
wil Hij tot in lengte van dagen de ene goede Vader zijn,
die de Zijnen trouw is en die ze nooit loslaat van hun levensdagen niet.

Hein Jan van Ogtrop, pastoor

14 augustus: Vuur kom ik brengen!

[print]

20e Zondag door het Jaar.

Schriftlezingen:

  • Jeremia 38, 4-10

  • Lucas 12, 49-55

‘Ik ben geen vrede komen brengen maar verdeeldheid’..
tussen vader en zoon, moeder en dochter..’ enzovoorts
wat moeten we daar nu allemaal mee?
We horen liever het begin van Lucas’ evangelie.
Hij is immers vooral bekend om zijn kerstevangelie
met de mooie aankondiging vanuit de hemel door de engelen
van de ‘vrede op aarde.’
En dan denken we meteen aan teksten als
‘een kind is ons geboren, een zoon ons gegeven’ en
‘de wolf zal slapen naast het lam’ en aan eindeloze vrede.

Wat snakken we naar die vrede… Aleppo,
Afghanistan en Jeruzalem…
geen terreur, geen onschuldige slachtoffers meer.
Maar helaas: echte diepe vrede op aarde
komt ons niet engelachtig aangewaaid!

Is Jesus zoals wij hem vandaag ontmoeten niet te krijgshaftig?
Is Hij dan zoals Hij vandaag uitvalt
Zijn grote vredelievende principes ontrouw?
Had Hij niet toen de zwaarden van de apostelen
in het maanlicht van de paasnacht in de hof van olijven flitsten gezegd:
‘doe die zwaarden weg
want wie het zwaard hanteert zal door het zwaard omkomen.’
Misschien brengen gedachten van andere profeten, andere woorden
van Jesus zelf en van zijn moeder uit het Magnificat ons op het goede spoor.

Zoeken naar vrede, werken aan vrede
is een manier van leven die verzet oproept:
er moet eerst heel wat overhoop.
De goede luisteraar naar Lucas’ boodschap
had dat eigenlijk al moeten weten.

Om met Maria te beginnen.
Had Maria (die wij vandaag ook al eren) niet gezongen:
‘Hij zal de machtigen van de troon stoten
en de kleinen verheffen?’
Dat gaat niet zonder slag of stoot!
Maria, geen lief rustig vrouwtje
in afwachting van de dingen die komen zouden.
Maria, een krachtige profetes
en was een en al actiebereidheid en inzet
nog voordat de geschiedenis van God met de mensen
in Jesus zijn bekroning zou krijgen.

Jesus koning van de vrede
maar niet in de softe zin van het woord.

Als we het toekomstperspectief van Gods Koninkrijk
en zijn vrede en gerechtigheid ernstig nemen
en in het hier en nu tot handelen overgaan,
vraagt dat veel, alles: je leven, je persoon, helemaal.
en heeft dit bijna noodzakelijk tot gevolg:
discussie, tegenstellingen, verdachtmakingen, tweedracht.

Jesus ziet al voor zich
wat de leerlingen allemaal te wachten staat.
In een angstig moment zegt Hij zelfs tegen de leerlingen:
‘zorg toch maar dat je een zwaard bij je hebt.’

‘Hier zijn er twee’ roept dan een enthousiasteling’
maar haastig zegt Jesus dan: ‘één is genoeg!’

De evangelielezing van vandaag confronteert ons met het treurige feit
dat zich spoedig zal openbaren:
het messiaanse idealisme zal de harde realiteit ontmoeten van verzet,
van matheid en van protest.

Maar dat mag geen reden zijn om er dan maar mee te stoppen:
….. VUUR BEN IK KOMEN BRENGEN zegt Jesus immers:
‘EN HOE GRAAG WIL IK DAT HET OPLAAIT’.

Lucas begon zijn tweede boek, de Handelingen,
het boek van de jonge kerk met de beschrijving
van het ontbranden van een nieuw vuur…. op de pinkstermorgen.

Op de morgen van het feest ter ere van het Sinaï-vuur
beschrijft hij hoe de apostelen allemaal afzonderlijk
worden geraakt door het vuur van Gods geest.

Dat is hetzelfde vuur als toen op de Sinaï
dat nu schitteren zal tot aan de uiteinden der aarde.

Als het echt ontvlamt zal het geen binnenbrandje meer mogen zijn,
maar een uitslaande brand die van verre zichtbaar is.

Echt vuur verontrust,
roept onvermijdelijk tegenkrachten op
– onuitgenodigde brandweerlieden die haastig willen blussen-.

Echte vurigheid zal een geestdrift te weeg brengen
die ook conflicten kan veroorzaken;
ook met degenen die je het meest nabij en dierbaar zijn:
je vader, je moeder, je zonen, je dochters.

II.
Jesus staat in de kloeke traditie van Jeremia
en de andere profeten.
Hij wordt verontwaardigd en bijt van zich af
als er schijnheiligheid is en als de kleinen worden verdrukt…
als de kinderen worden weggestuurd is hij woedend.

Jesus ontmaskert ook, net als de profeten vóór hem
(bijvoorbeeld Jeremia naar wie wij vandaag luisterden)
de schijnvrede van zijn tijd.

Het gerinkel in het verhaal van Jesus
die de geldwisselaars uit de tempel jaagt
doet een beetje denken aan Jeremia’s shock-terapie
tegenover de mensen van Jeruzalem.

U kent het misschien -mooi ook om aan kinderen te vertellen-
Jeremia had een kruik besteld bij de potenbakker van wel een meter in doorsnee.
Als die kruik klaar is loopt hij ermee door de stad.
Stomverbaasd lopen de mensen achter hem aan.

Wat moet hij daar nou mee. ‘Kom straks maar kijken’ zegt hij.

En ze gaan mee in een lange sliert achter hem aan.
En plotseling stopt hij. Hij houdt de kruik hoog boven zijn hoofd en…BANG.
Daar ligt hij in duizend stukken.
(leuk lijkt mij dat om dat hier eens op die stenen vloer in de kathedraal te doen).
Wat betekent dat nou? Wat wil Jeremia daarmee zeggen? Dit:
‘Jullie samen houden een schijnvrede in stand houden ten koste van alles.
Alles lijkt keurig maar ondertussen
er deugt niets van in jullie stad,
de rijken worden steeds rijker,
de machtigen sterker en de armen
en de weerlozen hebben niets te vertellen.’
Zo’n stad mag wel kapot: bang daar ligt de kruik.

Men is diep geschokt,
de koning is het eigenlijk wel met Jeremia eens
maar durft er niets tegen doen als de mensen hem in een put willen gooien,
dat hoorde u in de eerste lezing.
Tot onze blijde verbazing hoorden we ook
dat sommige mensen dat een schandaal vonden
en de koning zo sportief is hem er weer uit te laten halen.

Jesus en Jeremia staan voor
de echte vrede,
de Sjalom zoals God die wil stichten
‘niet zoals de wereld die geeft’
noemt het evangelie dat.

God wacht op medestanders
u en mij,
Hij houdt van wakkere mensen. Onze Paus;
mensen van Amnesty International
die haarscherp kijken waar het mis gaat
mensen van Greenpeace die werkelijk durven zeggen
waar het op staat en actie ondernemen
maar ook wijzelf gewoon thuis
waar wij ‘in verantwoordelijkheid zijn aangesteld’
zoals dat hier altijd bij de wegzending voor de zegen gezegd wordt.

Jesus’ vrede vraagt om actieve medewerkers.

Ik eindig met het gedeelte uit Lucas’ evangelie
dat onmiddellijk na dat wat wij vandaag hoorden, komt:

Na Zijn leerlingen toegesproken te hebben
sprak Jesus ook tot het volk en zei:
wanneer gij een wolk ziet opkomen uit het westen
zegt ge terstond: ‘er komt regen’
en zo gebeurt het ook;
en wanneer ge ziet dat de zuidenwind waait zegt ge:
het wordt gloeiend heet: en het gebeurt.

Huichelaars, van het beeld van land en lucht
weet ge de juiste betekenis te bepalen,
maar waarom dan niet van deze tijd?

Moge het ons gegeven zijn de tekenen des tijds te verstaan
en te doen wat ons te doen staat.
Daarbij mogen wij het vertrouwen hebben
dat de Geest ons wel zal opjagen
mochten we het zelf niet meer zien zitten.

Hein Jan van Ogtrop, pastoor

7 augustus: De vrees verdwijnt..

[print]

19e Zondag door het Jaar.

Schriftlezingen:

  • Wijsheid 18:6-9

  • Lucas 12:32-48

De eerste christenen leefden in een vrolijke enthousiaste sfeer
-zo denken we op het eerste gezicht- geweldig optimisme.
We zijn wel eens een beetje jaloers op ze. Ze hielden van elkaar
en hadden toch zo mooi alles gemeenschappelijk?

Ja, dat weten we uit de Bijbel…maar dat mooie duurde maar eventjes.
De eerste pogingen om het nieuwe leven dat Jesus kwam brengen op aarde
te verwerkelijken liepen al gauw vast.
In de kerk waarin Lucas leefde
maakte men al ruzie -net als nu- over allerlei bijzaken.
Men legde elkaar op de meetlat van het eigen gelijk en verketterde elkaar
ondertussen vergat men wat er gedaan moest worden.
De tijd leek toen ook nog niet rijp te zijn
voor de grote idealen die Jesus gepreekt had.
En dan werd -ook toen al- de grote vraag gesteld:
gaan we er mee door en houden we het vol?

Het lijkt wel of Jesus dat al voelde aankomen
als hij tot zijn vrienden zegt: ‘wees niet bezorgd, jullie kleine kudde’
Kort tevoren had hij dat ook gezegd:
‘maak je niet bezorgd, wees niet bang’
en toen had hij gesproken over de vogels en de bloemen
die zich niet bezorgd hoeven te maken.
Nu voegt hij er iets aan toe: ‘wees waakzaam.’
Ze hebben iets met elkaar te maken,
al deze dingen, die Jezus zijn vrienden op het hart drukt.

‘Houd je lendenen omgord’ zegt Hij, ‘en je lampen brandend! ‘
Deze oproep komt in de Tora,
(de eerste vijf boeken van de bijbel) ook voor
en wel op een heel belangrijke plaats in het boek Exodus.
Het verhaal van de uittocht uit Egypte nadert zijn hoogtepunt,
negen plagen zijn al over het volk van Egypte gekomen,
en daarna heeft God de Israëlieten
de opdracht gegeven om een lam te slachten, elk gezin, één.
Van dit geslachte lam moeten ze bloed aan de deurposten smeren
als een zichtbaar teken van het verbond.
De Israëlieten moeten waken in die nacht,
de nacht waarin hun bevrijding zal plaatsvinden.
Ze eten het paaslam in waakzaamheid,
gespannen en vol verwachting van wat er zou kunnen gaan gebeuren.
Staande hielde zij het eerste paasmaal
-en u weet dat onze Eucharistie daarvan afstamt-
de lendenen omgord, sandalen aan hun voeten en de staf in de hand.
Klaar om te gaan, als het uur gekomen was.

Uit het boek van de wijsheid horen we vandaag
een meditatie over het boek Exodus:
‘de nacht van de Uittocht was aan onze voorvaderen tevoren
aangekondigd.’

En wat dan volgt is verrassend hoopvol:
‘dus konden zij vol vreugde de vervulling verwachten.
Zo konden ze wakker uitzien naar de redding van de rechtvaardigen
en het einde van de macht van allen
die het recht en de vrede blokkeerden
en zich voorbereiden door vast te gaan zingen!’

Welkom u allen hier: wakkere paasmaaltijdvierders,
trouwe mensen, kleine kudde.
Regelmatig worden we geteld
en dan blijkt landelijk:
veel mensen blijven katholiek
maar er zijn ook mensen die hun geloof te moeilijk vinden,
ja er zelfs hun geloof van kwijt raken.
Maar…u gelukkig niet,
anders was u niet gekomen deze morgen.

Geloven krijg je niet meer vanzelf aangewaaid
je zult het zelf moeten onderhouden:
naar de kerk gaan is een bewuste keuze aan het worden;
en dan is het is een geweldige kans
om je hele leven zin te geven
en te weten wat belangrijk is en niet.

Om de moed erin te houden
kun je eigenlijk de wekelijkse kerkgang niet missen
omdat je hier steeds weer te horen krijgt waar het om gaat.
Hierbinnen ligt het boek open.
Het bemoedigingsboek van de evangelist Lucas
naar wie we nog enkele maanden mogen luisteren
voordat in de Advent Matteüs weer aan de beurt komt.
Lucas heeft -we zeiden het al- bij uitstek oog voor de problemen
die de kerkgemeenschap na Jesus’ heengaan allemaal te wachten staan.
Problemen als de kerk
– niet blijkt toe te komen aan de grote idealen waar ze voor staat, problemen
– omdat mensen binnen de kerk het zo moeilijk met elkaar eens kunnen worden
– velen weglopen en het voor gezien houden.
Lucas is een goede eigentijdse bemoediger,
daarom citeert hij Jesus zo uitdrukkelijk
-en het lijkt wel of hij het tegen ons vandaag heeft als Hij zegt:-
‘Wees niet bevreesd gij kleine kudde’..
Je bent de moeite waard, zo klein als je bent.
Tot de onzekere mensen, die we toch ook zijn, zegt Jesus:
‘het heeft God behaagd jou het Koninkrijk te schenken.’

Jullie hebben als hoorders de belangrijkste dingen in handen,
het Koninkrijk van God is jullie gegeven.
Je mag de nieuwe toekomst van God in je handen hebben,
die is aan jullie en aan niemand anders beloofd.
Durf dan ook daarop te vertrouwen
en verkoop je bezittingen,
geef aalmoezen, verschaf je beurzen die niet verslijten
en verwerf je een grote schat..
Kies voor het nieuwe leven met God
en al het andere zal wegvallen.

Helaas, in alle tijden geldt: er gebeuren zoveel dingen tegelijk.
Goede dingen maar ook slechte dingen. De Schrift leert:
al die dingen hebben te maken met groei, verandering, vernieuwing,
de doorbraak van het Koninkrijk Gods.

Allerlei dingen gebeuren er TEGELIJK.
In kerk en wereld zijn problemen.
Ons land regeren in krisistijd blijkt een hele klus.
Wanhopig makende dreigingen zijn er in Syrië en de IS-besmette landen.
De 71e herdenking van de atoombommen op Japan gisteren
en de naweeën van aanslagen in Parijs, Nice en Londen maken je moedeloos.
Ondertussen moeten wij maar doorleven.
Ondertussen worden er kinderen de wereld in geboren
en kiezen volwassenen voor de doop en toetreding tot de kerk.
Het spannende van Lucas’ schrijven over de uiteindelijke dingen
is dat hij het allerlaatste, het beslissende moment en het heden
van onze eigen geschiedenis niet van elkaar los wil snijden.
Ons allen persoonlijk is, ook in deze tijd, al het Koninkrijk gegeven.
Het is onze schat, ons vermogen ons alles.
Deze tijd…. jouw tijd heeft als ieder andere tijd
zijn eigen problemen én zijn eigen mogelijkheden
en vraagt van jou om een eigen inzet.

Aan de Baalsjem (een beroemde joodse rabbijn
uit de 18e eeuw die in Polen leefde)
werd op zijn oude dag eens gevraagd:
‘wat is het belangrijkste dat u in uw lange leven hebt ondernomen.’

Hij denkt even na en zegt:
‘het belangrijkste dat ik gedaan heb
is altijd datgene geweest
waar ik op dat moment mee bezig was.’

Door de schijnbaar kleinste dingen te doen
levert ieder mens zijn of haar eigen bijdrage
aan de doorbraak van de uiteindelijke vrede.

We zijn er nog niet,
we moeten -net als de waakzame pelgrims in Egypte-
onze lendenen omgord houden, onze lampen brandend.
We zijn nog aan het wachten maar we weten wel waarop.

Het is zoals ooit met Abraham.
Hij leeft vanuit de belofte die nog niet vervuld is.
Hij gelooft erin en door dat geloof is hij in staat trouw te blijven.
Hij ziet het heil in de verte aan de horizon van zijn leven.
Daarom noemt hij zich een pelgrim,
een vreemdeling, een passant hier op aarde,
op zoek naar een land dat hem door God beloofd is.
Een land dat hij nog nooit gezien heeft
maar waarvan hij weet dat het bestaat.

Het is als ooit met Mozes
die de pelgrims aanvoerde door de woestijn.
Samen Egypte uit, op weg naar een nieuw land.
Een land dat hij nog nooit gezien heeft
en ook niet binnengaan zal:
hij sterft immers op de berg Nebo
en mag het alleen maar vanuit de verte vaag zien liggen in de zon.

Leven als Abraham, als Mozes, als Lucas met zijn eerste christengemeenschap.
Wat een moeilijke manier van leven!
Maar het is een goede manier om te leven, het is onze manier!
Als ik u aanspreek zeg ik het liefste:
parochianen.. dat betekent: pelgrims, mensen samen op weg.
Het is wel een kwestie van volhouden!
Lucas sprak ons vandaag toe als een verstandige pastor
die zijn mensen vermaant om niet te vluchten in verdoving,
verslapping of in angst maar om te waken en te bidden
in blijde verwachting van een nieuwe toekomst.

Bij geloven hoort geen heldhaftigheid.
We wachten niet op heldendom maar wel op iets zeker zo waardevols:
geduld, taaiheid, optimisme, realisme, eerlijkheid tegenover je zelf.
Als waakzame vierders van het paasmaal straks mogen wij wel nu al weten
dat ons een belofte is gedaan:

Hij die met Israël meetrok
op zijn lange pelgrimstocht door de woestijn
zal ook met ons mee gaan in onze dagen.

Ik citeer tenslotte bisschop Bluysen
die 3 jaar geleden vlak voor deze zondag stierf:
Geloof is het fundament waarop wij staan.
Maar we moeten durven VRAGEN!
Door de belangrijke vragen te stellen:
waarom ben ik geschapen, waar gaan we naar toe,
krimpt het geloof niet maar groeit het juist.
En als we het geloof echt serieus nemen
wordt het gekleurd door de hoop en verdwijnt de vrees.

Dat wens ik ons allen toe!

Hein Jan van Ogtrop, pastoor

Nieuwe Bavo in de steigers

Hieronder vind u de laatste edities van het restauratieblad Nieuwe Bavo in de steigers.
Het blad wordt in PDF formaat aangeboden, en om dit te lezen kunt u eventueel een gratis programma installeren.

BIDS_201803

Maart 2018

BIDS_201609-page-001

September 2016

BIDS_201508-1

September 2015

BIDS_Editie8_SEPT17-1

September 2017

BIDS_201606-01

Juni 2016

BIDS_201704-01

April 2017

BIDS_201512-01

December 2015

BIDS_201612-001

December 2016

BIDS_201503-1

Maart 2015