• Leidsevaart 146
  • 023 - 532 30 77
  • info@rkbavo.nl
pasen-cropped

All posts by Maarten Kools

Goede Week en Pasen in de Kathedraal 2017

pasenPalmzondag

Op Palmzondag 9 april is om 10.00 uur de Pontificale Hoogmis, waarin de Bisschop Mgr. J. Punt de hoofdcelebrant is. De Bavocantorij zal de gezangen verzorgen.

Boeteviering

Op dinsdag 11 april is er om 19.30 uur een boeteviering en aansluitend gelegenheid voor het persoonlijk ontvangen van het sacrament van boete en verzoening.

Chrismamis

Op woensdag 12 april is om 19.30 uur de Oliewijding (Chrismamis) De Bisschop Mgr. J. Punt zal in concelebratie met de priesters van het bisdom en het militair ordinariaat hier in voor gaan. De gezangen worden verzorgd door de Senioren en Mannen van het Kathedraal Koor.

Witte Donderdag

Op Witte donderdag 13 april is om 19.30 uur de plechtige avondmis, waarin het Mannenkoor de gezangen zal verzorgen. De Hulpbisschop Mgr. J. Hendriks is de hoofdcelebrant.

Goede Vrijdag

Op Goede vrijdag 14 april is om 15.00 uur de Kruisweg en zijn om 19.30 uur de Goede Vrijdag Plechtigheden, waaronder de kruisverering. De Bisschop Mgr. J. Punt zal in de avondplechtigheid voorgaan. De Bavocantorij zal de gezangen verzorgen, waaronder de bekende Johannespassie van Jan Valkestijn en het indringende motet ‘The Reproaches’ van J. Sanders.

Aansluitend worden vanaf 21.00 uur de Lamentaties van Goede Vrijdag gezongen door de Bavocantorij. Naast gregoriaans klinken er werken van White

Paaswake

De Paaswake op zaterdag 15 april begint om 21.30 uur. Het Kathedrale Koor zal de gezangen verzorgen, waaronder delen uit de Missa Brevis in G van W.A. Mozart.

Hoogfeest van Pasen

Op Eerste Paasdag 16 april is om 10.00 uur de Pontificale Hoogmis van Pasen, waarin de Bisschop Mgr. J. Punt zal voorgaan. Het Kathedrale Koor zingt o.a. de vaste misdelen uit de Missa Brevis in G van W.A. Mozart. Ook Händels Halleluia zal feestelijk klinken.

Op Tweede Paasdag 17 april is de viering om 10.00 uur met samenzang.

12 maart: De partij van licht en liefde…

[print]

2e Zondag van de vasten

Schriftlezingen:

  • Genesis 12. 1-4a

  • Matteüs 17,1-6

Het blijft maar modderen op deze wereld.
De vrede tussen de mensen lijkt moeilijk te realiseren
er is zoveel eigenbelang; er is zoveel haat,
zoveel egoïsme, zoveel machtswellust.
Zal het ooit nog wat worden op deze wereld?
Antwoord: dat hangt van onze inzet af.

Jesus kan zijn grote taak niet beginnen
als Hij niet eerst een goed gesprek gehad heeft
met Mozes en Elia, de oude geloofsgetuigen van Israël
die doorgaven waar hun God voor stond.

De eerste die genoemd wordt is Mozes.
Van Mozes wordt gezegd dat hij als hij met God gesproken had
glansde van het licht… het licht van Gods liefdesglans
was op zijn gezicht overgesprongen.
En de tweede die genoemd wordt is Elia.
Van Elia wordt verteld dat hij
toen hij achternagezeten werd door het leger van koning Achaz
bij dezelfde Sinaï-berg wachtte
op een signaal van Gods aanwezigheid.
De donder liet zich horen: Elia stond huiverend op
maar in de donder was God niet.
Een storm barstte los, weer stond hij eerbiedig op,
maar ook in de storm was God niet.
En toen was er een zachte bries voelbaar
die streelde over Elia’s gelaat
en in die stilte daar was God.

Jesus neemt zijn apostelvrienden mee ter lering,
om hen iets te laten aanvoelen van het
vertroostende geheim dat God is…
en ze samen Zijn licht en warmte laat ervaren.
‘Laten we hier gauw tenten bouwen’
hier in dit vriendelijk licht is God’ zegt Petrus
en hij krijgt daar in de tekst van Mattheus, niet voor op zijn kop.

Er hangt dreiging in de lucht:
vijandelijkheid pakt zich samen rond Jesus;
Hij is te goed voor deze wereld
neen: beter: Hij is gevaarlijk
want Hij kiest partij voor weerlozen,
voor mensen die angstig zijn en bedroefd.
En Jesus spreekt met Mozes en Elia
over de droeve dingen komen gaan;
maar ook over de goede afloop:
over zijn doortocht dwars door de dood heen.

De God van Abraham, Isaak en Jacob,
zoals we dat in de eerste lezing hoorden
de God van Mozes en Elia
de God van Israël èn dus ook van Jesus
heeft geen andere bedoeling
dan mensen te bemoedigen en te troosten
hun grote vriend en ondersteuner te zijn
bij hun opgang naar het licht, ook in onze dagen.

‘Ik sluit mijn verbond met jou’
zei Hij tot Abraham,

‘Kom dicht bij mij’ zegt Hij tot Mozes en Elia bij de Sinaï

en Hij sprak met Abraham, Elia en Mozes
zoals een man spreekt met Zijn vriend.

‘Vrees dus niet’ zegt Jesus daarna tot zijn vrienden,
‘wees niet bang’ zegt Hij ook tegen ons.
‘Wees niet bang over alle berichten van geweld
die je keer op keer bereiken.
Wees niet bang als ze je voor gek verklaren
omdat je nog steeds in de liefde gelooft.
De Liefde zal het winnen van de haat,
blijf kiezen voor de enige echte God
die alle gelovigen met elkaar verbindt.’

Jesus had, als goede jood,
het bouwen op macht afgewezen
dat hoorden we de vorige week
in het verhaal van de beproevingen.

En we hoorden dat om zelf ook vol te houden
als gelovigen in deze dagen.

Jesus, die voor de God van Israël kiest
en zijn opdracht gaat vervullen,
wordt -net als het volk van God in vroeger dagen-
‘geliefde zoon’ genoemd.
Een woord dat klinkt als lieve vriend,
kind van mij, even dierbaar als het liefdeswoord
van de vader of de moeder die zijn eigen kind knuffelt.

‘Luister naar Mijn kind -zegt de Vader-
Ik ben met Hem en met jullie alle dagen
als jullie trouw blijven aan mijn verbond met jullie
en doen als Hij.
‘Luister naar Mijn kind -zegt de Vader-
bouw verder aan de liefde..

Het is boven op de Tabor, -die miniatuur Sinaï-
een feest: Petrus, Johannes en Jakobus zijn van de partij,
Mozes en Elia… Jesus zelf.. en wij vanmorgen
in het stralende licht van Gods aanwezigheid.

God zegt:
Ik ben met Hem en met jullie alle dagen
als jullie trouw blijven aan mijn verbond met jullie
en doen als Hij.

De oude prior van Erfurt Meister Eckhart zegt:
‘Het beste gebed dat een mens bidden kan is niet:
‘Heer geef mij veel deugden’ of ‘geef mij eeuwig leven’
neen, het beste gebed is:

HEER GEEF MIJ NIETS DAN WAT GIJ MIJ WILT GEVEN

EN DOE MET MIJ WAT U WILT EN ZOALS U DAT WILT..

dat is het beste gebed dat er is: je hebt jezelf verlaten
en bent dan binnengegaan in God.

Daar streven we naar samen met alle mensen van goede wil.
Met Hem trekken wij, in het gevolg van Zijn zoon verder.
We zullen het in het slotlied zingen:
‘Geen ondergang kan dreigen
of heerlijk rijst uw beeld,
en doet ons mee ontstijgen
in een glans die alles heelt.’

Laat ons bidden:
Wij groeten U, Koning der Joden, –
wij begroeten Uw koningschap
dat één ogenblik geschitterd heeft voor onze ogen
als het licht van de zon op de berg van uw heerlijkheid.
Maar die zon werd verduisterd op de berg van Uw dood:
wij begroeten Uw koningschap ook in deze gedaante
zo machteloos en ongekroond.

Wij bidden U om de binnentreding in deze wereld
van Uw Koninkrijk van liefde en trouw
opdat onze ontferming uitgaat
naar de zwaksten, de meest vergetenen.
Geef ons leidslieden, die bewind voeren met verbeeldingskracht
ambtenaren die de wet toepassen met recht en rede
en laat ons onderdanen zijn,
die onze verantwoordelijkheid kennen.

Wij bidden om een nieuw gezag in de kerk
niet het anonieme gezag dat zich breedmaakt en verdrukt,
ook niet het goedkope gezag van de tijdgeest en de nieuwste mode,
maar om de zeggenschap van Mozes, de gebiedende wijs van Elia
zodat wij onze opdrachten goed beluisteren
en gaan doen wat ons te doen staat.

Wij bidden voor mensen die in het donker gaan:
waar geleden wordt aan geweld of onrecht,
voor zieken die hun lot niet meer kunnen dragen
maar ook voor mensen die kracht uitstralen en liefde
dat zij staande blijven in ons midden.

Heer,
Hoog op de berg heeft uw vuur gebrand
een baken op de weg naar Uw goede toekomst:
U hebt ons gezegd te luisteren naar Uw zoon
houdt ons allen dan op de weg van Uw Koninkrijk
in het voetspoor van Jesus
die leeft met U
in de eenheid van de heilige Geest
God, in de eeuwen der eeuwen…

Hein Jan van Ogtrop, pastoor

5 maart: Op naar het paradijs!

[print]

1e Zondag van de vasten

Schriftlezingen:

  • Genesis 2,7-9; 3,1-7

  • Romeinen 5,12-19

  • Mattheüs 4,1-11

Hoe komt het toch dat deze wereld
na al die duizenden en duizenden jaren dat ze bestaat,
nog steeds niet is zoals zij zijn moet?

Dat is een vraag waar mensen zich eeuw in, eeuw uit
mee hebben bezig gehouden
want echt tevreden zijn de mensen nooit geweest.
Er was altijd oorlog, onrecht, ziekte, pijn.
Sommigen zeiden: ‘het zijn de kwade machten
die ons tegenwerken’ maar die opmerking lijkt een beetje goedkoop.

Er ZIJN dingen waar wij niets aan kunnen doen.
Een storm, een aardbeving, een ongeneeslijke ziekte…
de dingen buiten je zou je kunnen zeggen,
maar tegelijkertijd heeft iedereen ook de idee
dat het ondanks alle dingen waar wij niets tegen kunnen doen
beter kan, veel beter zelfs en dat de schuld
van meer dan 90 % van alle ellende op deze aarde BIJ ONS ZELF ligt.

De aarde KAN EEN PARADIJS ZIJN,
of minstens bijna een paradijs
als wij daar samen aan werken.
En ieder mens kan daaraan zijn of haar eigen bijdrage leveren. Maar hoe?
Daarvoor moeten wij in dit leven vele -en hopelijk dan goede- keuzes maken.

Het verhaal van de Adam (=mens) dat u vandaag als eerste lezing hoorde lezen behandelt de genoemde problemen.
Een opmerking vooraf:
het gaat niet over een mannetje (Adam) en een vrouwtje (Eva)
van heel vroeger maar over mensen van nu.
De Adam en de Eva (hun namen betekende letterlijk:
de mens en de levengevende) die door God in de wereld zijn gezet
om wat er aan paradijselijks is te bewaren zijn wijzelf.

Wil het ooit wat worden op deze wereld-
dan is een goede samenwerking met de Schepper,
met God, aan te bevelen,
die je graag wil adviseren en helpen.
God is geen concurrent maar een bemoediger van ons.
Hij zet ons in de aarde-tuin
om de aarde te bewaren en er zo van te genieten.
Zo is het en niet anders.

De slang in het verhaal -de duivel- ziet het verkeerd.
Hij ziet God en mens als concurrenten:
“ik heb het wel gehoord: ‘je mag van GEEN VAN DE BOMEN eten.’
Sommige mensen denken dat nog steeds:
‘van God mag je niets, Hij houdt je klein.’
En ze zeggen dat ook van ons, kerkmensen:
‘jullie mogen zeker niets van God.’
Dat is nog steeds hetzelfde gesis van die oude slang
die had gezegd: ‘jullie mogen zeker niets,
van geen van de bomen mag je eten.’ Dat was niet juist.

God had gezegd: ‘VAN ALLE bomen in de hof mag je eten,
behalve van één.’
God gunt de mens zijn eigen plezier
maar alles loopt wel veel beter
als je een klein beetje ruimte voor God laat:
die ene boom, daar moet je -voor je eigen bestwil-, afblijven:
de boom van kennis van goed en kwaad.

Maar de mens is een eigenzinnig wezen.
Dat het voor zijn eigen bestwil is
– ruimte te maken in zijn bestaan voor God en zijn adviezen –
is de mens moeilijk diets te maken:
de mens grijpt en graait:
hij wil geen hulp, heeft geen behoefte aan een supporter:
hij wil -net als een eigenwijze puber-
alles lekker zelf doen.
Dat kan.. maar dan zal hij daar ook
de (vaak smartelijke) gevolgen van dragen.
Hij zal als hij dat wil zijn eigen verantwoordelijkheid dragen
maar dan ook helemaal!
Dat wil het verhaal van Adam en Eva zeggen.

Het gaat nog helemaal niet over zonde
-die treedt pas aan het licht als Kain en Abel aan het vechten slaan-
maar over het drama van de mens die alles alleen wil doen,
is overgeleverd -zoals de Franse existentialisten dat zeggen- aan zichzelf.

II. Een man zwerft door de woestijn. Jesus van Nazareth.
Hij kent de oude problemen,
hij kent het verhaal van de Adam, de mens
die zo weerloos is en alleen
met zijn zware verantwoordelijkheid.

Maar, als goede jood kent Hij ook de andere troostende verhalen.
Over een wereld die beter kan worden,
over een nieuwe toekomst waarin recht gedaan zal worden aan allen,
over een wereld waarin niemand verloren loopt.

Voor Hij als volwassen mens
Zijn eigen verantwoordelijkheid zal gaan nemen
trekt Hij zich -ter bezinning- terug in de woestijn.
Natuurlijk in de woestijn.
Niet omdat het daar zo lekker rustig is maar omdat
daar ooit de woorden van God hebben geklonken op de berg Sinaï.
Ooit hadden zijn medejoden daar, op die wondermooie plek
waar God weer iets van zich had doen horen,
enthousiast geantwoord:
‘alle woorden zullen wij doen,
wij hebben ze goed gehoord !’

Dat enthousiasme van het begin was er nog wel
maar het was zo moeilijk vol te houden.
het is voor ieder mens opnieuw een worsteling.
En daarvan vertelt het evangelie over Jesus.

Het is de worsteling van de mens die van nature egoïstisch is
en die door God wordt uitgenodigd
om vanuit ZIJN opdrachten te leven.
Steeds weer probeert die tegenkracht in onszelf
– in het evangelie heel plastisch voorgesteld door die Satan-
ons van onze goede levensoriëntatie af te brengen.

Die worsteling maakt Jesus,
de nieuwe Adam kun je hem noemen, in volle hevigheid door.

En we zien Jesus Messias Zijn keuzes maken.

1. Neen, Hij kiest niet voor brood alleen eten; hij zal het gaan delen.

2. Hij kiest niet voor valse schijnheiligheid (werp je van de tempel af..)
maar voor echte godsdienstigheid.

3. Hij knielt niet voor de Satan
maar kiest voor trouw aan de 10 geboden van God gegeven op de berg Sinaï.
HIJ WINT !

Wordt dit ons verteld om ons te laten zien
hoe goed Jesus was en hoe stuntelig wij ?
Neen, dan verstaan wij het verhaal niet goed.

Het wordt ons verteld om ons te laten voelen
dat Jesus trouw was tot het uiterste.. dat wel.
Maar dan trouw in Zijn solidariteit met ons mensen
die allemaal ons best doen
op weg te gaan naar het goede, op weg met God.

Het verhaal van Jesus’ standvastigheid in de beproevingen
wordt ons verteld tot troost en bemoediging
aan het begin van de veertigdagentijd.
Houd vol… je kunt het!

Waarom zijn we in de loop der geschiedenis nog zo weinig opgeschoten?
Omdat iedere mens op zijn eigen wijze in zijn eigen tijd opnieuw
moet kiezen en zijn strijd moet strijden.
Mensen zeggen wel eens: ‘wat hebben jullie in de Bavo een mooi koor’.
Vandaag hoort heel Nederland het weer via de TV.
Sommige mensen denken dat dat vanzelf ontstaat en vergeten
dat het koor alleen maar goed kan zijn
als er in iedere tijd opnieuw, weer mensen zijn die er aan werken,
repeteren, volhouden tegen alles in.

Wil Gods Koninkrijk werkelijkheid worden
moeten er in iedere generatie opnieuw mensen zijn
die zich ervoor inzetten.
Die de tegenkrachten willen weerstaan en willen volhouden.

De tegenspeler, de tegenkracht de dwarsligger,
kan alleen maar overwonnen worden door ons zelf
die kunnen kiezen voor God.
We staan er ieder persoonlijk alleen voor,
we staan naakt voor Hem……….net zoals Adam dat voelde.

Eenzaam maar niet alleen
want Hij wil – in deze genadevolle 40 dagen
nog duidelijker dan anders- onze Supporter zijn,
Hij kan en wil ons sterken met de kracht van Zijn Geest.
Hij klopt aan onze deur
maar de klink zit aan de binnenkant
wij zullen moeten opendoen.. vandaag.

En als wij de weg kwijt dreigen te raken
is Jesus onze voorganger op de (terug)weg naar het Paradijs.
Met Pasen zien wij Hem als tuinman,
als Heer van het Paradijs als in de graftuin de tombe openstaat.
En voor ons is het paradijs bereikbaar
als wij trouw aan onze opdracht onze weg durven gaan..
ook wij zullen leven dankzij Hem
en uiteindelijk zullen dan de engelen
ja dezelfde die Hem na zijn beproevingen dienden,
ons naar het paradijs geleiden’ .
zoals wij zingen bij een uitvaartdienst
(maar dat geldt ook nu al)
als wij vol van Hem willen zijn
en werkelijk leven.
Dat ons dat gegund mag worden vandaag al!

Hein Jan van Ogtrop, pastoor

Parochieblad 1 maart – 13 mei

De nieuwste editie van het parochieblad kunt u hier lezen.

Met onder andere nieuws over:

  • Bijeenkomsten in de Vastentijd, zowel in de kathedraal als in de Groenmarktkerk
  • De sponsorloop Rondje rond de kerk
  • De Nieuwe Bavo Bloeit
  • Het Internationaal Cesar Franck Concours

Het parochieblad wordt in het zogenaamde PDF formaat aangeboden. U kunt hier een programma downloaden en installeren om het te lezen.

26 februari: Zoek het echte belangrijke

[print]

8e Zondag door het Jaar

Schriftlezingen:

  • Jesaja 49, 14-15

  • 1 Korintiërs 4, 1-5

  • Matteus 6, 24-34

Wij gedenken dezer dagen de februaristaking van 1942.
Het waren gruwelijke tijden, de jaren van de bezetting door de Duitsers.
Vooral voor de joden! In Amsterdam waren de eerste pogroms begonnen.
414 Joodse jonge mannen waren van hun bed gelicht
en daarna als vee bijeengedreven op het huidige Jonas Daniël Meijerplein en gedeporteerd. Toen kwamen er protesten, stakingen georganiseerd
door de ondergrondse communistische partij.
Later sloot Haarlem zich er bij aan –In Haarlem gebeurt alles ietsje later-
maar ook andere steden in Holland en ook Utrecht.
De bezetters schrokken zich een ongeluk
en konden –een teken van zwakte- alleen maar met geweld reageren.
De Nederlandse bisschoppen hebben zich in die dagen
ook niet onbetuigd gelaten. Ze lieten een brief voorlezen
waarin tegen deze gang van zaken geprotesteerd werd.
Ik hoorde bij de voorbereiding van de uitvaartdienst
van een oud parochiaan die we deze week hielden, vertellen
dat het doodstil was in de kerk toen die brief
door mijn voorganger Filbry werd voorgelezen.

De nacht tevoren was tegen 10 uur
een Duitse officier naar de Maliebaan getogen
-de Nieuwe Gracht van Utrecht zal ik maar zeggen-
om aartsbisschop de Jong ervan te overtuigen
dat hij de brief moest intrekken en die zondag
niet moest laten voorlezen in alle kerken of kapellen
binnen de Nederlandse bisdommen.
De aartsbisschop lag reeds te bed.
Hij kleedde zich haastig aan in zijn mooiste bisschoppelijke gewaad
en liep de trap af tot halverwege de overloop
en stond zij op een soort podium te prijken
terwijl de Duitse officier beneden stond naar hem moest opkijken.
De aartsbisschop hoorde vanaf zijn verheven podium
de Duitse officier aan. Hoe angstig hij was vertelt de geschiedenis niet.
Toen de officier zijn verhaal had gedaan vroeg hij een reactie.
‘Zeg maar tegen je baas’ zei de stugge aartsbisschop de Jong
‘dat je je verhaaltje keurig hebt voorgelezen’
en hij draaide zich om en ging de trap weer op naar zijn slaapkamer
waar hij waarschijnlijk geen oog verder heeft dichtgedaan.
Dat is nog eens een actie vanwege de kerk geweest
waar we nog steeds trots op kunnen zijn.
En er ontstond toen een wonderlijke samenwerking
die de hele oorlog door zou duren
tussen de katholieken en de andere verzetsmensen,
waaronder de communisten,
die de grote landelijke proteststaking
die in die zelfde maanden plaats vond georganiseerd hadden.

Deze zondag denken wij er dus aan
hoe belangrijk het is dat mensen waakzaam zijn en sterk.
En dan dat evangelie van vandaag:
‘kijk naar de bloementjes en de vogeltje’
en ‘maak je niet bezorgd.’

Is Jesus dan een soort vage hippie
die mensen aanraadt zich maar niets van de dingen aan te trekken’
en in een gezellig ‘maak je maar niet druk’ isolement terug te trekken?
Allerminst!
Jesus is bezig de Wet te laten doordringen in Zijn eigen leven
en in het leven van de gemeente aan de basis.
Hij is wars van een bepaald soort farizeïsme…
Uiterlijkheid alleen is niet genoeg.
Maar de innerlijkheid alleen ook niet
en daarom sprak de oude Wet van Mozes al over gewone dingen
geld, kleren en over eten.

Jesus begint over het geld te spreken:
‘Je kunt niet God dienen en de Mammon.’
Veel lezers van dit evangelie schieten aan de eigenlijke boodschap voorbij.
´Natuurlijk´, zeggen ze ´geld is niet belangrijk´.
En iemand zal zeggen: ´het maakt niet gelukkig.´
Een derde oppert: ´het is maar slijk der aarde.´
Zo´n oneerbiedige benadering van het geld bedoelt Jesus niet.

Geld en rijkdom zijn en zegen en heel belangrijk.
Vooral als je er veel van hebt, want dan dient er gedeeld te worden.
Dat doen de rijken meestal niet.
Die verzamelen maar en slapen niet van hun zorgen.

Als uitleg een verhaal: Twee broers woonden tegenover elkaar.
De ene was steenrijk, de andere arm.

U weet hoe het dan gaat:
de rijke wordt steeds rijker en de arme armer.
kijk maar naar Moebarak en Kadffi en anderen.
Het verhaal gaat verder:

De arme moet een lening bij zijn rijke broer aangaan
en het geld na drie maanden terugbetalen.
Na verloop van de drie maanden is het zover.
De arme doet geen oog dicht, want de volgende dag
zal hij zijn lening moeten inlossen.
Midden in de nacht krijgt hij een helder idee.
Hij doet het raam open en roept naar de overkant:
´Broer, ik moet je morgen veel geld betalen, maar ik heb het niet !´
´Ziezo´, zegt hij, ´nu heeft hij de zorgen´. Tevreden slaapt de arme in.

Zo kan Jesus ook heel nuchter eindigen met te zeggen:
´Maak je niet nodeloos zorgen
– die rijke had veel zorgen, hoe te beleggen,
zou de economie het wel houden-
maar Jesus gaat verder.
‘Maak je geen zorgen over morgen.’
En nu komt de echte uitleg.
Jesus zegt niet: ‘laat maar waaien, hatsekidie’
maar als goede joodse rabbijn zegt hij:
‘maak je geen te grote zorgen over morgen
want vandaag is belangrijk.

VANDAAG moet er gehandeld worden.
Als er vandaag de goede beslissingen genomen worden,
zullen we daar morgen nog plezier van hebben.
Vandaag moet je doen, wat er gedaan moet worden.
Vandaag eerlijk omgaan met je geld, met je voedsel.

En als je het te druk hebt met het binnenhalen van je rijkdom,
het aankleden van je eigen belangrijkheid,
denk dan aan de vogelen des hemels, die in afhankelijkheid leven,
of de bloemen van het veld, die zo kwetsbaar zijn.

En als motto van alle activiteiten geldt dan:
‘Zoek eerst het Koninkrijk van God.’

Zou de Heer je ooit verlaten – zoals het volk tegenover Jesaja oppert –
zou God ons vergeten ? Zeker niet, want Hij blijft ons roepen en uitdagen.
Hij zendt ons zijn kritische profeten, Hij zond ons Jesus.

Paulus noemt ons onmisbare helpers van Christus
van wie gevraagd wordt dat ze betrouwbaar zijn.
Nuchterheid is nodig. Jesus Messias wil ons richten op het wezenlijke.
Op het Koninkrijk van God, dat Hij wilde dienen.

Jesus bedoelt dat wij al ons handelen
werkelijk naar dat Koninkrijk van God toe richten.

Jesus was dus geen vage hippie die ons zegt
naar de bloemetjes te kijken en niet bezorgd te zijn
voor de dag van morgen.

Neen hij is een reële leermeester die ons adviseert
ons niet bezorgd te maken over onbelangrijke dingen
maar ons vandaag te richten op de dingen die belangrijk zijn.

Dat hebben toen die mensen gedaan
die samen met anderen van goede wil
hun februaristaking organiseerden
en de bezetters leerden dat zij zich niet alles konden veroorloven.
Ze maakten zich niet bezorgd over hun eigen leven
en velen werden later dan ook vermoord.

De Utrechtse aartsbisschop maakte zich ook niet bezorgd
over zijn leven
al heeft hij na het gesprek met die officier geen oog dicht gedaan.
Hij heeft – en dat wordt van ons ook gevraagd-
gekozen voor het Koninkrijk van God
en zo gedaan wat er gedaan moest worden.
Laten wij goede leerlingen van hen zijn
en in onze dagen doen wat er gedaan moet worden.

Hein Jan van Ogtrop, pastoor

19 februari: Het gaat om jou!

[print]

7e Zondag door het Jaar

Schriftlezingen:

  • Leviticus 19, 1-2, 17-18

  • 1 Korintiërs 3,16-23

  • Matteus 5, 38-48

Een sleutel tot het verstaan van al de moeilijke teksten
die ons vandaag worden voorgehouden is
dat je bijbelteksten altijd moet lezen
als gericht TOT JOU en JOU ALLEEN.
De tien geboden staan niet voor niets IN HET ENKELVOUD..
het gaat om jouzelf. En dan gaan we nu kijken wat Jesus zegt
of aanhaalt.

Om te beginnen:
‘er is tot de ouden gezegd oog om oog, tand om tand…’
Als er één tekst is uit de joodse traditie
die te pas en vooral te onpas geciteerd wordt is het deze tekst wel.

Even tot uw geruststelling-
het is in de tijd dat deze tekst geschreven werd
niet de gewoonte geweest elkaars ogen en tanden uit te rukken.
Ook niet als een ander jou flink had toegetakeld!
Wel zegt de wet van Mozes ons
dat ieder die een ander ernstig kwetst
moet beseffen dat hij dat niet straffeloos kan doen.

De gehele regel luidt:
‘een leven voor een leven, een oog voor een oog,
een tand voor een tand.’

Je moet eigenlijk zorgen voor een nieuw oog,
een nieuw leven als je iemand hebt toegetakeld.
Maar vervanging van een oog,
teruggave van een leven
liggen niet binnen onze menselijke mogelijkheden.

Daarom wil deze rechtsregel ons op zijn minst verplichten
een passende vergoeding te geven als je iemand gekwetst hebt.
Maar vooral wil deze regel ons leren
dat we er NOG beter aan doen
al die akelige dingen waar je anderen mee verwondt
achterwege te laten.
Hoe vaak heb je niet, – als we de vuistregel even toepassen
en de gelezen tekst echt op onszelf richten- hoe vaak heb IK niet,
misschien onbedoeld, zelf een ander pijn gedaan
of hem/haar niet de liefdevolle aandacht gegeven die hij/zij verdiende.
En -verder denkend over jouzelf-
bedenk dan: niemand kan zonder liefde.
zonder aanvaarding. Iedereen heeft een ander nodig
die met hem meegaat, hem of haar kansen geeft om op te bloeien.

Jesus heeft die oude joodse regel over voorzichtigheid
bij het al of niet bedoeld kwetsen van de ander perfect begrepen
en legt hem dan ook uitstekend uit zoals u hoorde:
“Ik zeg u beëindig de kringloop van de wraak.
Ga niet in op de uitdaging mee te doen
aan de kringloop van het geweld:
durf weerloos te zijn: stop de pretentie
van de gekwetste onschuld: leef anders. “

Zolang mensen altijd alleen maar rekeningen kunnen sturen
naar anderen voor aangedaan onrecht komen we niet verder.
We zouden de Spanjaarden nog steeds met de nek aankijken,
de Kennemers die Haarlem belaagden in de 14e eeuw nog steeds wantrouwen enz.

Het probleem van veel wereldprobleme hoorde ik Mgr. Ernst eens zeggen
bij een lezing in onze goede stad is
dat geen rekening vergeten wordt
en alles wat er aan onrecht is ondergaan in de loop der eeuwen
wordt verzameld, opgepot
en dan wordt er om wraak geroepen..
wraak voor dit en wraak op dat.

Een andere levenshouding wordt ons door Jesus aanbevolen.
Niet alleen maar vergeten en vergeven
– vergeten is geen deugd –
maar zelf zoeken naar nieuwe mogelijkheden
om het verleden te boven te komen.

We worden opgeroepen een heilig soort mensen te zijn
-zoals we in de eerste lezing hoorden-
Creativiteit is nodig!

Zoiets wordt ook bedoeld
als we aan het eind van het evangelie te horen krijgen:
‘Wees volmaakt’. ‘Weest volmaakt’ ,toe maar.
Wie kan dat? Niemand van ons.
Daarom zijn er sommige theologen die zeiden:
deze teksten zijn geschreven om een soort super-mensen
te kweken of als leefregel voor zeer verheven ascetisch levende monniken.
Maar dat is gelukkig niet waar.

Jesus spreekt tot gewone mensen, Zijn leerlingen,
mensen met fouten net als u en ik.
En als Hij ons dan oproept volmaakt te zijn
zoals Zijn hemelse vader bedoelt Hij
dat wij opgeroepen worden om creatieve mensen te worden,
mensen die -net als God- één doel voor ogen
hebben: het geluk van anderen.

Ieder van ons persoonlijk wordt aangesproken – zei ik zojuist –
en toch zijn wij hier samen…..
om elkaar te inspireren en te bemoedigen
om samen te zijn in ons fraaie gebouw.

Het mooist is echter –als het goed is- de parochie die wij samen vormen,
een parochie toonde waarin mensen ruimte laten voor elkaar
waarin mensen welkom zijn, wie ze ook zijn
een parochie waar ruimte is voor jong en oud.

De kinderen, meisjes en mannen van ons grote koor
de mensen van ons klein Bavokoor rond Cor Oost
die we dit weekend ook in onze parochie herdenken;

Er is reden tot dankbaarheid voor alles wat hier door vrijwilligers
en beroepskrachten is gedaan
-en steeds staan er weer jonge ouders te popelen
om hun prachtige kind te tonen omdat ze zelf
met hun kind willen inhaken bij die gemeenschap.

Het gaat – dat moet nog wel even gezegd –
niet om onze geweldig prestaties,
de kerk is een menselijk instituut
en niemand is volmaakt.
Wij danken de hoop voor onze toekomst
aan de levende Heer,
de bemoediger die met ons meetrekt.

Over enkele weken komt onze bezinningsperiode,
de veertigdagentijd.

We hopen en bidden
dat er genadevolle dagen zullen komen
dat wij allen de kracht zullen krijgen
om onze taak te vervullen..
zodat als wij aan elkaar het Paaslicht zullen doorgeven
in de paasnacht wanneer we een nieuwe begin kunnen maken
en allemaal krachtige getuigen zullen zijn van het licht
dat iedere mens verlicht,
dat het onverwachte mogelijk maakt.

Ieder van ons zal persoonlijk beslissen
hoe hij of zij op zijn of haar eigen wijze antwoord zal geven
door goede dingen te gaan doen.

Hein Jan van Ogtrop, pastoor

Groot feest voor vier Haarlemse culturele instellingen.

Kathedrale_Basiliek_Sint_Bavo_zaalTijdens het BankGiro Loterij Goed Geld Gala van 16 februari in Amsterdam ontvingen het Teylers Museum, de Kathedrale Basiliek Sint Bavo en het Frans Hals Museum│De Hallen een schenking van respectievelijk 733.708 euro, 300.000 euro en 215.191 euro.

De Kathedrale Basiliek Sint Bavo gebruikt de schenking om het gebouw publieksvriendelijker te maken.

Voorzitter Wim Eggenkamp: “Dit is een geweldige opsteker voor Haarlem! Straks kunnen nog meer mensen genieten van dit prachtige gebouw. Na een ingrijpende restauratie is de Kathedrale Basiliek Sint Bavo klaar voor een nieuwe toekomst. Daarin is ook plaats voor meer en veelzijdiger gebruik door het publiek: concerten, excursies en rondleidingen. Dankzij de 300.000 euro die we nu krijgen van de BankGiro Loterij kunnen we de verwarming en de verlichting verbeteren zodat het bezoeken van de kerk een nog prettiger beleving wordt”.

12 februari: Liefde tot in de details

[print]

6e Zondag door het Jaar

Schriftlezingen:

  • Sirach 15,15-20

  • 1. Korintiërs 2,6-10

  • Mattheüs 5,17-37

‘Wie één van deze voorschriften,
zelfs het geringste opheft zal de geringste geacht worden
in het koninkrijk der hemelen…’ eind citaat.

Als we het vandaag nog niet goed hebben gehoord
horen we het nooit:
Jesus was een jood. Hij sprak als een jood:
kritisch, actueel,
mensen op hun verantwoordelijkheid aansprekend en uitdagend.

Bij Zijn eigen handelen en spreken is Hij gebleven
bij datgene dat de kern van de godsdienstige traditie van Israël uitmaakt:
de Tora, de Wet van Mozes.

Hitler en de zijnen hebben alles op alles gezet
om wat er aan Tora-wijsheid in Europa was uit te roeien
en de daarmee samenhangende joodse kritiek
op machtige staatsbestellen te neutraliseren:
dat is hem gelukkig niet gelukt.

Vandaag horen we de Heer zelf zeggen:
‘denk niet dat ik gekomen ben
om wet en profeten af te schaffen’.

In zijn wil tot behoud
gaat hij zelfs verder dan collega rabbijnen als hij zegt:
‘wie, al is het maar een van de geringste van deze geboden afschaft en zo leert
is de kleinste in het rijk der hemelen.’

De kleinste geboden.

Als we even naar een voorbeeld kijken van zo’n klein gebod
moeten we de wet van Mozes opslaan.
Daar staan de tien geboden: de grote zou je kunnen zeggen.

Maar ook de kleine. En daarvan een voorbeeld:
‘als je met je kar op de weg rijdt en ziet
dat er een vogelnestje uit de boom gevallen is,
zul je stoppen en het nestje aan de kant leggen.’
Een klein gebod. Onnozel? Allerminst:
is er niet zo’n bekend liedje: ‘het zijn de kleine dingen die het doen’.
Dat is heel bijbels.

Veel te gemakkelijk zijn we het over de grote dingen eens.
Dat we elkaar lief moeten hebben en zo,
dat er vrede moet komen en gerechtigheid.

Allemaal hele grote woorden,
zo groot dat ze eigenlijk niets meer zeggen:

Liefde bijvoorbeeld… je kunt als man wel zeggen
dat je hartstochtelijk van je vrouw houdt.
Een hele liefdeslitanie ten beste geven voor haar ten beste geven..
maar als je het vertikt om haar bij te staan in de keuken bv.
is die liefde wel erg verheven.
Van vrouwen richting mannen is het gemakkelijker.
Daar zeggen we van: de liefde gaat door de maag.

Dat is natuurlijk waar maar ook weer niet waar.
Alle mensen, ook mannen, hebben bevestiging nodig,
waardering van wat ze werkelijk zijn.

Vrouwen zijn meer dan keukenprinsessen
(de mooie term voor huishoudelijke sloof)
en mannen meer dan centenverdieners.

Die patronen worden tegenwoordig gelukkig
aardig door elkaar geschud.

Echte liefde uit zich in aandacht, in zorg voor elkaar:
het zijn de kleine dingen die het doen.

Jesus zegt iedere keer:
‘je hebt gehoord dat er tot onze voorouders gezegd is:
…en dan noemt hij de grote bekende geboden.

Vandaag horen we: niet moorden.
Iedereen zegt: natuurlijk, heel onfatsoenlijk een mes
in andermans ribben steken, dat doe ik niet zo gemakkelijk.
Maar er is meer bedoeld met dat verbod!

Er is ten diepste bedoeld: ga zorgvuldig met elkaar om,
bouw elkaar op maak elkaar levend.
Hoe onzorgvuldig gaan mensen vaak met elkaar om.
Wie geeft er een ander niet al te gemakkelijk een grote mond.

De joodse wetten zeggen:
als je iemand zo’n grote mond geeft dat hij er een rood hoofd van krijgt…
is het alsof je bloed vergiet.

Ongewild doen mensen elkaar pijn.

Ik zag ooit een TV uitzending over het tragische lot van een meisje
op wie zich de plaag-zin van een hele klas concentreerde.
De anderen waren het al lang vergeten, zij niet, zelfs niet na 20 jaar.

– ‘Geen echtbreuk plegen’ hoorden we ook vandaag.
Ik ga nu niet spreken over de tragiek van echtscheiding
maar lees hier dat het ideaal van het huwelijk
meer in mag houden dan altijd maar bij elkaar blijven
om koste wat het kost toch maar geen echtbreuk plegen. Het is ook:
samen bouwen aan een goede relatie, attent zijn.
Moeilijk soms, vooral voor ons mannen.
Het betekent altijd weer denken aan die ander.

‘Je zult niet stelen….’
Er staat een mooie uitleg, weer in de joodse geschriften:
Als je denkt: het mijne is het mijne
en het jouwe is het mijne
ben je een dief.
Als je denkt: het mijne is het mijne
en het jouwe is het jouwe
heet je fatsoenlijk maar ook niet meer dan dat,

Pas als je zegt het jouwe is het jouwe
en het mijne is het jouwe
begint het ergens op te lijken.

Er staat ook geschreven: je zult geen valse eden plegen.
Maar ook dat is een minimum.
Want die regel leert je aandacht voor het woord.
Zeker het is een grof schandaal als je in een rechtsproces de onwaarheid spreekt
maar verder, mag het dan wel? Mag je gewoon maar een ander bedotten.
Het antwoord is neen.

Niet alleen maar voor het gerecht zo eerlijk zijn
dat je net niet in de gevangenis komt
maar zo betrouwbaar zijn in woord en daad
dat een ander iets aan je heeft,
je als persoon iemand bent op wie je kunt bouwen.

De geboden die Jesus zelf trouw beleefde
leiden ons op een goed spoor:
we gaan daarmee een nieuwe toekomst tegemoet.

Een toekomst waar niet gemoord zal worden,
waarin trouw wordt opgebracht,
waarin mensen eerlijk zijn:
‘je ja zij ja, je nee zij nee.’

We worden opgeroepen onze gerechtigheid groter te laten zijn
dan die van de schriftgeleerden.
Deze opmerking is niet bedoeld
om de schriftgeleerden een trap na te geven
maar om ons uit te dagen heiliger te zijn dan de heiligen.
Nog heiliger dan moeder Theresa om het een beetje overdreven te zeggen.

En dat wordt weer niet gezegd om ons beklemd wakker te laten worden
maar om ons uit te dagen op onze eigen plek te proberen nieuwe dingen te doen.
Fantasie is een belangrijke eigenschap:
creativiteit is nodig om van het leven iets te maken.
Van Godswege wordt ons gezegd dat ons leven de moeite waard is.
Ieder mens is uniek en kostbaar, het hele leven is kostbaar en goed.
Allemaal hebben we de mogelijkheden in ons om het aanschijn der aarde te vernieuwen.
De bergrede van Jesus wil ons daarbij
op het goede been zetten.

Geen van de geboden wordt afgeschaft -zien we-
maar stuk voor stuk worden ze opnieuw geduid.
Als je je alleen maar aan het minimum houdt
ben je een mens van niets,
fatsoenlijk hooguit maar niet meer dan dat.

Als je leeft vanuit de woorden waaruit Jesus wil leven
dan kan het spannend worden en kun je anderen tot zegen zijn.

De wetten die ons gegeven zijn in de Schrift zijn geen wetten die beknellen maar zoals Jesus ze uitlegt wetten die inspireren en die je wakker houden.

De wetten van God zullen wetten zullen moeten zijn van levende mensen.

En dan kom ik terug bij het begin.

Voor ons christenen die zo gemakkelijk houden
van grote woorden -wat is de kern van het geloof..de liefde weet je wel–
is het meer dan ooit nodig om je te verdiepen in de kleine dingen
die het leven met God pas echt een leven met God maken.
Het zijn de kleine dingen die het doen.

En als we dan op zullen gaan naar het altaar
zullen we niet alleen nadenken
over onze eigen gevoelens van voldaanheid of onvoldaanheid
maar nadenkend over onze relatie met onze broeders en zusters.
Misschien merken we dan tot onze schrik
dat er nog steeds iemand is die iets tegen ons heeft.

Het is dan niet de bedoeling
om verlamd van schrik terug te deinzen
maar om te pogen alles op alles te zetten
om heel ons leven lang te doen wat ons te doen staat,
ons te keren naar degenen die ons nodig hebben
en te pogen anderen tot zegen te zijn
zolang wij leven mogen op deze wereld.

Hein Jan van Ogtrop, pastoor

5 februari: Hij doet het met ons…

[print]

5e Zondag door het Jaar

Schriftlezingen:

  • Jesaja 58,7-10

  • 1 Korintiërs 2,1-5

  • Mattheüs 5,13-16

God heeft vertrouwen in mensen.
In de kerstnacht hoorden wij het zingen:
‘vrede op aarde aan de mensen OP WIE GOD ZO GEK IS
(een beetje vrij vertaald)
Dat horen wij in de bergrede ook.
Het vertrouwen dat Jesus in Zijn leerlingen heeft is enorm:
‘jullie zijn het zout der aarde en het licht der wereld.’
Weet Hij wel wat voor een vlees Hij in de kuip heeft,
je zou bijna denken dat Hij het hatelijk bedoelt.

Later zal Hij zeggen:
‘op jou Petrus zal ik mijn kerk bouwen.’
(als er iemand wankel en onzeker was, was hij het wel).

Nog later, in de hof van olijven zal Hij tot zijn vrienden zeggen:
‘WEEST WAAKZAAM MET MIJ EN BIDT’
Hij heeft het nog niet gezegd of ze vallen in slaap.

Wist de Heer echt niet hoe zwak mensen zijn?
Was Jesus naïef? Wist Hij niet beter.
Waren de apostelen, zijn leerlingen toen,
en zijn wij, Zijn leerlingen van nu, dit vertrouwen wel waard ?
Wat zal zijn commentaar zijn op de kerk zoals die nu bestaat?
Wat voor een kerk heeft Jesus eigenlijk gewild?
Wat voor een politieke structuur stond Hem eigenlijk voor ogen?

Het zijn vragen waarop we geen antwoord krijgen
en daarom gaan mensen ze zelf maar verzinnen.
En dan geldt: hoe onzekerder ze zijn
met hoe meer stelligheid sommigen gaan zeggen
wat er volgens hen moet gebeuren om de wereld te verbeteren
en gaan uitleggen wat God (en ik spreek nu over de harde Islam)
of Jesus (en dan spreek ik over de reactionaire kerkmensen)
allemaal precies heeft bedoeld.

Het meest belangrijke,
het vertrouwen van Jesus in ons zwakke mensen,
vergeten ze allemaal o zo vlug…
want wie vindt zichzelf nu zwak.

Een verhaal:
Dostojewvski vertelt in zijn roman de gebroeders Karamasov
hoe de geloofbespotter Iwan zijn vrome broer Aljosja tart:
‘ik heb een verhaal geschreven: jij mag het als eerste horen.
Het verhaal heet: ‘de groot-inquisiteur’, een verhaal in een verhaal dus.
Inquisiteurs waren in de late middeleeuwen
kerkelijk rechters die orde op zaken moesten stellen
ketterijen moesten onderzoeken en ketters moesten aanklagen.
De groot inquisiteur uit Dostojewski’s verhaal
is een schijnbaar zeer zelfverzekerde man
die in gesprek is geweest met allerlei mensen
die de kerk zoals die in zijn dagen was
durfden bekritiseren en wilden vernieuwen.
Allemaal mensen
die de groot inquisiteur naar de brandstapel zal verwijzen.
Hij doet dat schijnbaar uit de meest edele motieven:
om de mensen te beschermen tegen onzekerheid.

Op een zeker moment echter verschijnt iemand voor hem,
een vriendelijke man die naar hem glimlacht:
het blijkt Jesus zelf te zijn
(dat kan allemaal in een verhaal).
Hij schuift de beklaagdenbank in en kijkt de groot inquisiteur liefdevol aan.

De groot inquisiteur herkent hem, schrikt eerst maar zegt dan:
‘nu ik u toch voor mij heb wil ik u wel iets zeggen.’
u hebt te veel vertrouwen in de mensen gehad,
de mensen zijn slecht en hebben leiding nodig, sterke leiding.’
Maar Jesus zegt: ‘mensen zijn goed, heb vertrouwen in hen
dat heb ik ook gehad.’
Als Jesus nog verder gaat met zijn pleidooi voor het goede
dat in alle mensen toch verscholen zit
wordt de groot-inquisiteur woedend.
‘U hebt ons veel ellende aangedaan
door de woorden die u in het evangelie gezegd hebt
U met uw vertrouwen in de mensen
U die zelfs met een tollenaar hebt gegeten
die zelfs vrouwen die niet deugden nieuwe kansen gaf,
en die -en nu komen we bij het evangelie van vandaag-
hebt gezegd: JULLIE ZIJN HET LICHT DER WERELD.

Schuimbekkend van woede tiert de groot-inquisiteur verder:
‘Mensen zijn helemaal geen licht.
Mensen zijn donker, kinderen van het duister, slecht
en ze moeten heel goed en krachtig begeleid worden
door ons kerkleiders
en streng worden gestraft als ze tegen ons ingaan:
dat eist de barmhartigheid.’

Jesus gaat in het verhaal van Dostojewski
nog even door met te vertellen
dat de mensen vertrouwen waard zijn,
dat in ieder mens iets goeds schuilt,
dat de mens door God geliefd is
en dat God de mensen graag bevestigt en bemoedigt.

Maar daarmee graaft Jesus zijn eigen graf.
Hij wordt in Dostojewski’s verhaal opnieuw veroordeeld en vermoord
hoezeer het de groot inquisiteur ook spijt.
Jesus moet weg anders valt de kerk
zoals de groot inquisiteur hem voor ogen staat
in elkaar.

II. Om de weg naar Jesus’ oorspronkelijke idealen te vinden
wordt ons dit jaar weer voorgelezen uit de Bergrede.
We mogen in die rede onze opdrachten horen maar ook meer:
hoe het tussen de mensen en God is.

De mensen zijn geliefd, de mensen mogen er zijn:
wij mogen er zijn.

Het is Gods en Jesus’ methodiek
om mensen uit te dagen,
om het beste wat er in mensen schuilt
naar voren te roepen door ze te bemoedigen en te bevestigen.

De sterken (de gezonden) hebben geen geneesheer nodig
maar de gewone mensen (wij, de zwakken) wel.
De vromen (de zekeren, de sterken)
krijgen van Jesus heel wat kritiek te horen maar…
tot een door en door slechte tollenbaar zegt Jesus:
“Zacheus, kom vlug uit je boom, ik wil bij jou eten.

Wij mensen zijn geroepen
om net als onze Heer andere mensen
te bevestigen en te bemoedigen,
om, zoals dat zo mooi in een modern gebed staat:
‘VOOR ELKAAR ZO GOED ALS GOD TE ZIJN’
zo zal het toch nog wat kunnen worden op deze wereld
waar de vrede zo’n vreselijk ver visioen lijkt.

Jesus’ Bergrede is een belangrijk handvest.
Het is het handvest van Gods nieuwe Koninkrijk
het is de blauwdruk van een menswaardige samenleving,
een nieuwe wereld die er komen kan
niet dankzij onze eigen geweldigheid
maar dankzij Gods kracht die ons zal inspireren en begeleiden
door de kracht van Zijn Heilige geest.
Die wil het aanschijn der aarde vernieuwen.

III. De zalig-sprekingen gaan over de revolutie van Godswege
van het Koninkrijk Gods dat doorbreekt, ondanks alles, in deze wereld.
Het is een geschiedenis geworden van hoop en vrees,
van voldoening en teleurstelling. Onvermijdelijk is ook de tegenwerking.
De doorbraak van het goede maakt altijd tegelijk het boze wakker.
Verheugt jullie en weest daar blij om,
want als je onder dat kwade lijdt, is jullie loon groot in de hemel.´

De eerste deelnemers aan dit hele project zijn de leerlingen.

Het zout is daarbij het wapen tegen bederf.
Het staat voor de kracht van de volharding
die alles mogelijk maakt.

Het licht verwijst naar God zelf, de Enige,
die ons licht is en ons heil.
Maar volgens Jesaja mag Jeruzalem, als stad van God,
stad van het licht heten.
Daarom horen we in onze tekst spreken over
licht op de kandelaar en… een stad op de berg.

Ook wij van de Bavo worden opgeroepen tot heiligheid,
geen pilaarheiligheid maar actieve heiligheid.

Boven onze hoofden is in de koepel van onze Bavo
dat nieuwe Jeruzalem afgebeeld.
Niet om er met eerbied naar te staren
maar om dat beneden werkelijkheid te laten worden.

In de Jesaja-verzen van deze zondag
spreekt de verkondiger het volk toe
dat juist uit Babel is teruggekeerd.
‘Jullie licht zal stralen als de dageraad
jullie kunnen het: je brood breken met de hongerige,
je genezing zal voorspoedig zijn: de glorie van de Heer zal je volgen.’

Onze goede wil, onze inzet
is niet bedoeld als lamp onder de korenmaat
maar een duidelijk getuigenis is nodig van Gods Koninkrijk van ons allen
opdat het ware licht kan stralen,
de goede werken worden gezien
en de Vader verheerlijkt wordt die in de hemel is…
dat mogen we omdat Hij ons –zoals Paulus vandaag zegt- stiekem helpt!

IV. Een gedicht van Paul van Vliet over hoe nodig wij zijn:

Als wij niet meer geloven dat het kan
Wie dan wel?
Als wij niet meer vertrouwen op houen van
Wie dan wel?

Als wij niet meer proberen
Om van fouten wat te leren
Als wij ’t getij niet keren
Wie dan wel?

Als wij niet meer zeggen hoe het moet
Wie dan wel?
Als wij niet meer weten wat er toe doet’
Wie dan wel?

Als wij er niet in slagen
De ideeën aan te dragen
Voor een kans op betere dagen
Wie dan wel?

Als wij niet meer geloven dat het kan
Wie dan wel?
Als wij er niet mee komen met een plan
Wie dan wel?

Als wij er niet voor zorgen
Dat de toekomst is geborgen
Voor de kinderen van morgen
Wie dan wel?

Als wij onszelf niet dwingen
Een gat in de lucht te zingen
Waar zij in kunnen springen
Wie dan wel?

Tenslotte:
Wat een vreugdevolle zaak,
omdat we zulke eervolle opdrachten kregen
van de God die iets in ons allen ziet
en die ons, u en mij uitdaagt, licht te zijn en troost te zijn, vandaag nog.
voor allen die wij zullen ontmoeten.

Hein Jan van Ogtrop, pastoor

Eerste Communie

Eerste Communie illustratieOp 12 februari 2017 starten we met het eerste communie project van jullie kinderen. Wij hebben er zin in!

In deze brief geven we nadere informatie over het eerste communie-project. U vindt een datalijst met bijeenkomsten, vieringen en ouderavonden.

Het eerste communieboek

In het eerste communieboek, dat uw zoon of dochter zal ontvangen staan verschillende lessen. De meeste hoofdstukken zullen we tijdens de lessen behandelen. Tijdens de lessen behandelen we de meest essentiële onderdelen uit het boek. We doen liever een paar dingen goed dan veel dingen half.We zullen uit het boek lezen en in het boek werken.

Het boek moet iedere bijeenkomst mee worden genomen.

Kennis, ervaring en beleving

We zouden het op prijs stellen als u – in het kort – bespreekt met uw kind wat we in de bijeenkomsten hebben gedaan (de kracht van de herhaling). Daarnaast verwachten we dat u ook zo nu en dan uw kind helpt bij een huiswerkopdracht. We zullen u per mail tijdig op de hoogte stellen als er een huiswerk opdracht gemaakt moet worden.

Door wie?

Marleen & Ralf verzorgen dit jaar de communielessen. Zij worden versterkt door Annemieke en Sanneke.

Financiën

De financiële bijdrage van € 30, – graag contant betalen op de eerste ouderavond.

Overzicht van alle bijeenkomsten in 2017

Wilt u onderstaande data in de agenda zetten? We gaan er vanuit dat alle kinderen bij alle bijeenkomsten aanwezig zijn.

Mochten er vragen of problemen zijn, graag overleg via Ralf: 06-55111333.

Datum en tijd Nummer en onderwerp Locatie Overige informatie
Zondag 12 februari
9.40 uur
Bijeenkomst 1:

Boek:

1: Eén grote familie

In de kerk is er een viering met bijzondere aandacht voor kinderen

De blauwe zaal De kerk is open, via de sacristie kunt u doorlopen naar de blauwe zaal (achterin de gang).

 

Donderdag 16 februari
20:00 uur
Ouderavond 1 Pastorie Onderwerp: Kennismaken/Wie is de figuur Jezus en wat zegt hij ons/Hoe zit de kerkelijke structuur in elkaar.
Zondag 5 maart
9.40 uur
Bijeenkomst 2:

Het leven en de inzet van Jezus. Les 5 en 6.

De blauwe zaal
Zondag 12 maart
10:00 uur
Gezinsviering

40 dagen tijd

In de kerk zelf Voorstellen kinderen eerste communie.
Donderdag 16 maart
20:00 uur
Ouderavond 2 Pastorie Onderwerp: Wat is bidden, hoe doe je dat met kinderen en wat roept het Onze Vader allemaal op?
Zondag 19 maart
Let op!!! 9.15 uur
Bijeenkomst 3:

Boek:

2. Wij komen de kerk binnen.

In de kerk zelf,

Verzamelen bij het H. Hartaltaar

Afwijkende starttijd i.v.m. rondleiding kerk.

Indien mogelijk: Geef uw kind een digitale camera of telefoon mee.

Zondag 2 april
9.40 uur
Bijeenkomst 4:

Boek:

Les 7: Het offer van Jezus

De blauwe kamer
Donderdag 6 april
20:00 uur
Ouderavond 3 Pastorie Onderwerp: Wat is de betekenis van de Eucharistie/ wat heb je er zelf voor beleving bij/ wat zijn de 7 sacramenten en wat houden ze in?
Zondag 9 april
9:40 uur
Bijeenkomst 5:

Palmpaasviering:

Palmpaasstokken maken

In de kerk is er een viering met bijzondere aandacht voor kinderen

De blauwe kamer Tijdens de viering maken de kinderen palmpaasstokken die meegaan in de processie aan het einde van de viering.
Zondag 14 mei
9:40 uur
Bijeenkomst 6:

Boek:

Quiz

Voorbeden maken

Toren beklimmen

Pastorie
Donderdag 18 mei
20:00 uur 
Ouderavond 4 Pastorie Onderwerp:

Afsluiting met rondleiding en een hapje/drankje

Vrijdag 19 mei
17:00 uur – 18:00 uur
Generale repetitie In de kerk zelf Ingang via Bottemanneplein.

Deur open vanaf 16.45 uur.

U kunt uw kind ophalen om 18.00 uur.

Doopkaars nu vast meenemen!!

Zondag 21 mei
Kinderen om 9:30 uur aanwezig
Eerste Communie

In de kerk is er een viering met bijzondere aandacht voor kinderen

In de kerk zelf Viering begint om 10.00 uur.

 

Voor de bijeenkomsten op de pastorie geldt: wilt u uw kind (uiterlijk) om 9.40 uur brengen naar de pastorie? Deze is bereikbaar via de kerk en de sacristie. We kunnen dan om 9.45 uur daadwerkelijk starten. Meestal eindigen we in de kerk zodat de kinderen via de pastoor kort verslag kunnen doen van wat we hebben besproken en gedaan.

Voor vragen en opmerkingen over de ouderavonden kunt u contact opnemen met Eric Fennis, EFennis@bisdomhaarlem-amsterdam.nl.

Wij hopen dat u voldoende bent geïnformeerd over de praktische gang van zaken.

Met vriendelijke groet,

Eric Fennis, Marleen van Leeuwen, Ralf Endstra, Annemieke Figee en Sanneke Overtoom