• Leidsevaart 146
  • 023 - 532 30 77
  • info@rkbavo.nl

Category Archives: Orgels

Orgels in de Kathedrale Basiliek Sint Bavo

De Kathedrale Basiliek St. Bavo is bedeeld met vier orgels.

Het Willibrordusorgel (geplaatst onder het grote westelijke roosvenster dat de kroning van de Maagd Maria verbeeldt) is sinds 1971 het  hoofdorgel en staat centraal tijdens de orgelconcerten.

Het Bavo-orgel (vanwege de situering in het noordelijke transept ook wel Transeptorgel genoemd) is het oorspronkelijke hoofdorgel van de kathedraal en speelt nog altijd een belangrijke rol tijdens de liturgie.

Het kabinetorgel bevindt zich op het priesterkoor en wordt gebruikt tijdens de meer bescheiden liturgische vieringen en als continuo-orgel voor de koren van de kathedraal.

Het secretaireorgel staat in de sacramentskapel en wordt af en toe gebruikt bij de vieringen die daar plaatsvinden.

Stichting Willibrordusorgel

U wordt van harte uitgenodigd zich hierbij aan te sluiten door u op te geven bij:

Stichting Willibrordusorgel
Antwoordnummer 1862
2000 WC  Haarlem

of door storting/overschrijving van minimaal € 15,- per jaar op bankrekening. nr. 37.33.100 t.n.v. penningmeester Stichting Willibrordusorgel.

Enkele jaren terug is een aanvang gemaakt met de gefaseerde restauratie die steeds zoveel mogelijk in de wintermaanden plaatsvond en in mei 2005 zal zijn voltooid. Gedurende de laatste fase worden de sub- en superoctaafkoppels weer aangebracht, worden de ruim 5000 pijpen gereinigd en wordt de intonatie geëgaliseerd. De enorme kosten die met deze uitgebreide restauratie zijn gemoeid, worden slechts gedeeltelijk gesubsidieerd. Een ander deel zal door geldwerving moeten worden gefinancierd. Tot op heden kon het instrument worden gered en onderhouden dankzij de inzet van enkele vrijwilligers en de vele trouwe donateurs van de Stichting Willibrordusorgel.

De concertserie in de Kathedrale Basiliek Sint Bavo is mede mogelijk gemaakt door een financiële bijdrage van onder meer Het Haarlemsche Muziekfonds en Adema’s Kerkorgelbouw van 1855 B.V., Hillegom .

Email: willibrordusorgel@rkbavo.nl

Willibrordusorgel

In de winter van 1920 op 1921 werd door Joseph Adema een orgel ontworpen voor de Rooms Katholieke kerk St.-Willibrordus buiten de Veste in Amsterdam. Dit ontwerp van 55 stemmen werd echter afgedaan als te ouderwets en vervangen door een nieuw ontwerp met 64 registers. Dit orgel werd in 1923 opgeleverd door Adema. Van een groot aantal stemmen was het pijpwerk nog niet geplaatst, evenals het front.

In 1924 werden enkele tongwerken uit het atelier van Masure (Parijs) Willibrordusorgelin het orgel geplaatst. Twee jaar later werd het orgelfront afgebouwd. Daarnaast werd een Diapason 8’ geplaatst op de plaats  van de Ripiëno.

In 1944 werd door Hubert Schreurs het dubbelkoor van de Prestant 16’ verwijderd, evenals de Diapason 8’. De Unda Maris 8’ werd vervangen door een Terts 1 3/5’ vanaf c klein.

Het orgel werd eindelijk in 1949 afgebouwd volgens het bestek. Hierbij werden de laatste tongwerken van Masure (Parijs) geplaatst.

Het lag in de bedoeling vanaf de vierklaviers speeltafel tevens het koororgel te bespelen.

Bij sluiting van de kerk in 1970 kon het Adema-orgel ternauwernood worden gered van de sloop. Het orgel werd in 1971 door Adema’s Kerkorgelbouw overgeplaatst naar de R.K. St.-Bavo kathedraal te Haarlem.

In 1978 werd het orgel uitgebreid met een Kroonpositief met 11 stemmen in twee kasten.

In 1990 plaatste Adema Kerkorgelbouw (A. Schreurs) een Unda Maris 8’ op het Reciet. Een jaar later werd door de Stichting Willibrordusorgel pijpwerk besteld variërend in lengte van 4,90 tot 9,20 meter. Dit werd gebruikt voor het realiseren van het groot octaaf van de Contrafagot 32’ voet. Het overige pijpwerk werd gebruikt uit een Vermeulen-orgel dat buiten gebruik was gesteld. In mei 1991 werd het register opgeleverd.

In 1995 werden de registratiemogelijkheden uitgebreid door het plaatsten van een aantal Setzercombinaties, de indeling van de speeltafel werd vernieuwd en de dispositie is op enige punten gewijzigd. Op het Groot Orgel werd een Violon 32’ discant toegevoegd. De Scherp op het Kroonpositief moest plaats maken voor een Salicionaal 8’ en een Fluit Harmoniek 8’ vanaf c.

In 1998 is op hetzelfde werk een Klaroen 4’ geplaatst en kreeg het Pedaal een zacht 16-voets tongwerk: een Fagot 16’.

Toekomstige werkzaamheden (2012-..)

Enige tijd terug is een aanvang gemaakt met de gefaseerde restauratie die, over Willibrordusorgelenige jaren verspreid, in de wintermaanden zal worden uitgevoerd. De afgelopen periode zijn de windvoorziening, het Pedaal, het Groot Orgel en het Positief Expressief gerestaureerd.  De rest van de orgelrestauratie zal plaatsvinden na de restauratie van het kerkgebouw. De grote herstelwerkzaamheden geschieden buiten het concertseizoen, zodat het orgel voor de concerten gebruikt kan blijven worden. De enorme kosten, die met deze uitgebreide restauratie zijn gemoeid, worden slechts ten dele gesubsidieerd. Een ander deel zal door geldwerving moeten worden gefinancierd.

Bavo-orgel

DSC_0863Het eerste orgel van de Kathedrale Basiliek Sint Bavo werd in 1907 geplaatst toen de tweede bouwfase voltooid was. Het werd gebouwd in een transept boven de Heilige Familie- of Kerstkapel. De architect van de kerk – Joseph Cuypers – ontwierp het front en de opdracht werd verleend aan de firma P.J. Adema & Zoon.

Het door Cuypers ontworpen front was nog gedeeltelijk traditioneel, wat uit de aanwezigheid van nog vrij uitgesproken pijpentorens blijkt: een driedelige middentoren en ongedeelde zijtorens met tussenvelden. Het benedendeel kenmerkt zich door een recht labiumverloop, terwijl de pijplengten vanuit de lage middentoren oplopen. De scheiding tussen beneden- en bovendeel werd bewerkstelligd door brede banden die de bovenlijnen van het pijpwerk in het benedendeel en de voeten van het pijpwerk in het bovengedeelte volgen. Voor het overige werd het verband in het geheel gebracht door brede horizontale lijstwerken waarvoor een geschilderde decoratie was ontworpen. Het front werd in hoofdzaak volgens dit ontwerp uitgevoerd.  Pas in 1924 werd het orgel voltooid.

In 1952 voerde de firma J. Vermeulen uit Alkmaar een ingrijpendeDSC_0868 restauratie uit, waarbij het Adema-orgel werd uitgebreid.

Enige jaren later, in 1961, vergrootte Vermeulen het orgel opnieuw: van een tweeklaviers orgel met vrij pedaal creëerde hij een drieklaviers instrument met 34 stemmen, verdeeld over hoofdwerk, zwelwerk, positief en pedaal. Nieuw was ook het zijpositief dat hoofdzakelijk een neo-barok karakter heeft. Daarnaast werden nieuwe keggelladen vervaardigd en het orgel opnieuw geïntoneerd.

In 1996 werden door Flentrop Orgelbouw de tongwerken opnieuw geïntoneerd.

 

 

 

 

 

Secretaireorgel

Het vierde orgel is een secretaireorgel uit het midden van de 19de eeuw dat is vervaardigd door Hermanus Knipscheer (II, 1802-1874). Het heeft een mahonie gefineerde kas in Willem II stijl. Dit kleine pareltje verkeert helaas in slechte toestand en dient te worden gerestaureerd.

Dispositie

Manuaal

Prestant   D     8′

Holpijp  B/D     8′

Fluit    B/D     4′

Octaaf   B/D     2′

Octaaf   B       1′

Manuaal : C – f”’

Tractuur: mechanische sleeplade

Kabinetorgel

Als derde orgel beschikt de Kathedraal over een kabinetorgel uit ca. 1800. Het is een klein mechanisch orgel. De oorspronkelijke orgelkas is verloren gegaan. Het instrument werd door de orgelmakers Vermeulen aangekocht uit een opgeheven Broederhuis in Roosendaal.

Valkestijn-orgel

In 1968 kwam het in bezit van Jan Valkestijn, die van 1963 tot 1989 directeur was van het Muziekinstituut van de kathedraal. Hij liet het door de firma Vermeulen restaureren. De nieuwe kas werd vervaardigd door een broeder uit de abdij van Egmond. Aanvankelijk was het in de koorschool opgesteld, maar in 1979 werd het in de kathedraal geplaatst waar het ook wel bekend staat als “Valkestijn-orgel”, naar zijn vorige eigenaar.