• Leidsevaart 146
  • 023 - 532 30 77
  • info@rkbavo.nl

Category Archives: Preken

Hij wandelt mee

4 mei 2014, 3e zondag van Pasen

Schriftlezingen:

  • Handelingen 2,14.22-32, niet aan de dood prijsgegeven

  • Lucas 24,13-35, de Emmaüsgangers

Vandaag 4 mei, dag voorafgaande aan onze Bevrijdingsdag,
een dag van weemoed
omdat we denken aan de slachtoffers van de oorlog,
de 775 Haarlemse joden die hier vlak bij onze kerk werden bijeengedreven
om te worden afgevoerd naar de kampen.
Ook denken we aan de 10 gevangenen
die uit Amsterdam hier naar toe werden vervoerd
om als reactie op de aanslag op een Haarlemse collaborateur
naast onze kathedraal te worden geëxecuteerd
en alle andere slachtoffers, gewone burgers en militairen.
Wat speelde zich hier allemaal af
en wat speelt er zich nog meer af in onze dagen in onze wereld.
Deze zondag lezen we een troostend evangelie.

Ik herinner mij dat mijn vader als hij dit evangelie gehoord had,
(vroeger werd het op de tweede paasdag gelezen),
altijd zei: ‘wat is dat een mooi evangelie.’
En dan ging je er als kind extra goed naar luisteren..
naar dat wonderlijke verhaal over die twee die het
-om even een lelijke moderne uitdrukking te gebruiken-
‘niet meer zien zitten.’

Het gaat over twee mensen die mokkend van Jeruzalem weglopen,
op weg naar Emmaüs.
Natuurlijk hebben vele bijbelgeleerden zich afgevraagd
waar het dorpje Emmaüs ligt waar de twee naar op weg zijn.
Helaas… er is geen dorpje met die naam te vinden
in de onmiddellijke nabijheid van de heilige stad.
Natuurlijk wijze de gidsen in het heilig land wel zo’n plaatsje aan
maar dat is voor de commercie.

In oude historische boeken is echter wel
een Romeinse kazerne te vinden die die naam gedragen heeft
vlak bij Jeruzalem dat, zoals u weet,
door de Romeinen bezet was in die dagen.
Dat maakt het verhaal van die twee
uit het legerkamp Emmaüs des te spannender.
Ze hadden gehoopt dat Jesus degene was
die zijn volk zou komen bevrijden.
Tegen heug en meug deden ze hun werk in de Romeinse nederzetting
en nu hadden ze Jesus eerst toegejuicht op palmzondag en gehoopt
dat hij zijn volk met bekwame spoed zou komen bevrijden.

Dat was niet gebeurd, althans niet zoals zij dat verwacht hadden….
ze moeten weer terug naar hun werk in de legerplaats in dienst van de vijand.
Teleurgesteld keren ze de heilige stad de rug toe.
Maar ze zijn hun God van de bevrijding nog niet vergeten.

Want terwijl ze zich van Jeruzalem afkeren
zijn ze aan het spreken over de schrift.
Ze praten nog over hun geloof
en zolang mensen dat nog doen is er hoop.
Alleen weten ze met alles wat er gebeurd is geen raad.
En dan komt de vreemdeling die zich aan hun zijde schaart…
volkomen onverwacht.
Het staat zo mooi beschreven: ‘Hij wandelde met hen mee.’
Hij laat ze niet aan hun lot over.

Een eindje meelopen kan vaak al genoeg zijn
om anderen te helpen. Als de medewandelaar vraagt
wat hen zo dwars zit komt het hele verhaal eruit.

‘Wij waren vol van Jesus van Nazareth en dachten
dat Hij het was die Israël zou verlossen.
Maar ze hebben Hem gedood en dat is inmiddels al drie dagen geleden.
Ja, er zijn verhalen dat Hij weer zou leven…
maar wat moeten wij met verhalen.’

Wat moeten wij met verhalen..
een vraag die veel gelovigen zich stellen,
hebben we daar wat aan?

De mee-wandelaar doet NIET wat veel mensen soms doen.
Hij gaat NIET MEEKLAGEN: het is toch verschrikkelijk allemaal,
die toestand van de wereld tegenwoordig.
Sommige mensen gaan, als anderen hun nood vertellen,
een duit in het zakje doen
door er zelf nog een prachtig rampverhaal aan toe te voegen.
De wandelaar uit het evangelie luistert naar hun klachten.
Hij neemt ze serieus maar ……
Hij huilt niet mee met de wolven in het bos.
Hij gaat er tegen in en zegt:
‘is deze Jesus die zo met de mensen bevriend was,
die mensen zonder hoop weer bemoedigde, die zieken overeind hielp
en zondaars weer hoop gaf
niet precies degene die de mensen nodig hebben?

En is deze Jesus die met de mensen
die lijden moeten en gemarteld worden
zo solidair was dat Hij zelf ook gemarteld wilde worden en meeleed…
niet degene over wie de Heilige Schrift droomde,
deze trouwe knecht van God die ons iets liet zien
van vriendschap en solidariteit tot in de dood toe?’

‘Ja dat is wel mooi meneer maar wat hebben wij daaraan?’
En dan fantaseer ik een beetje door
over hoe de vreemdeling kan verder gegaan zijn:

‘Je hebt gelijk maar er is meer!
In de Schrift staat ook te lezen
dat God een God van levenden is
en dat Hij de zijnen niet in de steek laat.
Het staat in het Oude Testament te lezen,
Petrus citeerde dat zo mooi, -dat hoorden we in de eerste lezing-
‘wat de rechtvaardige betreft:
zijn ziel zult Gij niet aan het dodenrijk prijsgeven
en Uw heilige zal het bederf niet zien.’
De rechtvaardige zal niet sterven maar leven en oordelen
over allen die hem hebben vervolgd.

En terwijl ze zo praten wordt het avond.
‘Blijf bij ons’ zeggen ze dan.
En dan draait het verhaal om.

Het wordt avond en dan doen ze iets belangrijks:
ze nodigen de reiziger die opeens hulpeloos lijkt uit: kom bij ons eten.
Ze worden van klagers gastheren
en dan kunnen er nieuwe dingen gebeuren.

En die gebeuren er dan ook:
ze blijken een bijzondere gast in hun midden te hebben:
Als zij hun brood hebben willen delen
blijken ze niet alleen te zijn met elkaar
Jesus zelf, hun grote vriend, blijkt plotseling zelf aanwezig.
‘Het is de Heer’ roepen ze verbaasd uit.
‘Waar twee of drie in mijn naam bijeenzijn
daar ben ik in hun midden…’ had Hij ooit gezegd.

Het staat in de oude joodse geschriften van Jesus’ tijd
ook prachtig beschreven: ‘wanneer drie personen aan één tafel eten,
terwijl ze daarbij de woorden van God bespreken,
dan wordt het beschouwd
alsof ze eten aan de tafel van de Alomtegenwoordige.’

Het verhaal heeft een happy end gekregen.
Het is een verhaal dat in de vele eeuwen dat het verteld wordt
en gelovigen verder trekken, moeizaam en teleurgesteld,
mensen met hun teleurstelling en hun verdriet,
weer hoop geeft en troost. Geldt dat ook voor ons vandaag?
Ja, juist voor ons.

Wanhoop en teleurstelling zijn geen gevoelens van deze tijd alleen:
het zijn gevoelens van alle tijden
en ze worden door de Heer ernstig genomen.

Er wordt naar ons geluisterd door iemand,
IEMAND met een hoofdletter
die met ons mee wandelt.

Wij zullen Hem herkennen
als wij ons brood gaan breken hier in de kerk.
Wij zijn geen historisch genootschap
van mensen die een vroom gebruik handhaven,
Hij is de gastheer en is werkelijk hier.

Maar vooral is Hij aanwezig
als wij ons brood willen breken met de vreemdeling, met de arme.

Als wij dat durven gaan wij niet alleen door het leven.
Wij kunnen Hem na gaan doen door mensen te gaan opzoeken,
door met mensen mee te wandelen.
Door naar hen te luisteren en hun onderweg troost te bieden.

Wij kunnen Gods naam ook zelf waar maken in deze wereld naar anderen toe…
de prachtige naam die ons op deze zondag
van de Emmaüsgangers weer verkondigd wordt:
IK ZAL ER ZIJN! Amen.

Hein Jan van Ogtrop, pastoor.

Beloken Pasen: Nu wij!

27 april 2014: BELOKEN PASEN,

Schriftlezingen, Handelingen 2: ze hadden alles gemeenschappelijk Johannes 20,19-31 de achtste dag met Tomas

I. De deuren waren gesloten. Ze waren maar met zijn tienen:
Judas was weg en Tomas was er ook niet
daar zaten ze in het donker.

Ze praatten niet veel,
ze waren angstig, de vrienden van Jesus.

Er staat geschreven dat ze bang waren voor de joodse leidslieden
die met de Romeinen heulden.

Let wel niet voor ‘de Joden’
-moderne vertalingen gebruiken deze omschrijving terecht niet meer
want Joden waren ze daar allemaal- .
Ze waren bang voor een bepaald soort mensen uit hun midden
zoals wij in de tweede wereldoorlog ook bang waren verraders
mensen van ons eigen volk die overal verscholen konden zitten.

Maar zouden ze misschien ook niet een beetje angstig zijn
voor Hem, voor hun Heer die ze hadden verraden ?

Bang… want wat hadden ze gedaan.
Ze hadden hem mooi in de steek gelaten.
En nu bleek: enkele vrouwen hadden Hem weer gezien.

De vrouwen hadden zich niets te verwijten
want die waren Hem gevolgd, tot onder het kruis.

De vrouwen waren meegegaan
naar waar de mannen schitterden door afwezigheid.

Nu schaamden de mannen zich.
Het is een situatie die we allemaal wel kennen.
Je bent tegen­over iemand tekort geschoten.
Je hebt hem of haar in de steek gelaten.

En hoe zal diegene jou dan tegemoet treden?
We lezen in de Bijbel veel verhalen over ontmoetingen van mensen
die na zo’n blunder bang zijn voor elkaar.
Jakob bijvoorbeeld die hoort dat zijn broer Esau er aankomt.
(diezelfde Esau die hij zo bedrogen heeft):
hij gaat hem angstig tegemoet maar Esau omhelst hem en vergeeft.

We kennen het verhaal van de verloren zoon
die naar zijn vader teruggaat en die onderweg zijn speechje oefent:
‘vader ik heb gezondigd.’

Nu dus het verslag van de apostelen op paaszondag.
Angst, schaamte, spijt. Wat zal hun Heer zeggen?
Houdt de deur maar goed op slot!

Geen tijd om te dubben:
Hij staat plotseling midden tussen hen in.
En wat is zijn eerste woord?
Niet:
‘zo daar zijn jullie..’
niet
‘nou heb ik jullie’
neen: zijn eerste woord is VREDE.
Vrede en vertrouwen.
Geen spoor van verwijt.

Vertrouwen. Het lijkt het hoofdthema te zijn
wat steeds weer terugkomt in het evangelie: vertrouwen.

Jesus kondigt ze alleen maar vrede aan.
VREDE, SJALOOM.

Dat woord heeft een rijke inhoud.
Het staat voor een goede toekomst voor hen
en ook voor ons allen aan: SJALOOM.
Het is goed tussen ons en het wordt goed in de wereld.

Er wordt een nieuw begin gemaakt.
En net zoals God zelf de levens­adem blies in Adams neus
en net zoals de profeet Ezechiël droom­de over een nieuw begin:
de Geest van God die over de dorre beende­ren van het huis Israël zou blazen
zoals we dat hoorden in de paasnacht,
zo blaast Jesus zelf over de leerlingen.
En ze komen weer tot leven.
Ze krijgen zelfs een op­dracht:
‘zoals de Vader mij zendt zo zend ik u’.

En Hij gaat nog verder met zijn grenzeloze vertrouwen:
‘wiens zonden jullie vergeeft,
hun zijn ze vergeven.. ‘
Deze mensen die tekort geschoten zijn
krijgen niet alleen te horen:
‘ik praat er niet meer over suk­kels.’

Maar ze krijgen, hoe ver­baasd en zwak ze ook zijn,
zelfs een rol toebedeeld bij het aanwijzen van goed en kwaad.

Beter gezegd:
bij het doorgeven van de aankondiging van de vergeving.

Zij zullen zelf weer overeind gezet
het volk van God overeind gaan zetten.

Dit alles speelde zich af op de eerste paasdag-avond
als Tomas er niet bij is.

Het is een goed begin maar kennelijk nog niet voldoende
want acht dagen later -en dat is vandaag op de zondag na Pasen-
zitten ze nog steeds angstig bij elkaar met de deur op slot.

II. Het is DE ACHTSTE DAG zegt Johannes plechtig.
Dat doet denken aan een werkelijk nieuw begin
een kroon op de zevende dag.
Een werke­lijk nieuw begin. Maar zou dat komen?
Jazeker, nu pas echt en wel rond Thomas.

Thomas hanteert een hele eigen norm.
Hij wil weten of het -zoals de anderen dankzij Jesus’ ingrijpen zeggen-
werkelijk de Heer is die leeft,
de man van wie hij gehouden had,
de mens die partij koos voor de weerlo­zen,
de vriend van de armen en de onderdrukten.

Hij wil daarom -en dat is heel goed eigen­lijk-
de tekenen zien van de wonden van deze gemartelde.

Hij wil -maar dat hoeft niet echt zal blijken-
zijn handen leggen in zijn zijde.

Hij wil in deze gemartelde mens zien
de nieuwe weerloze aanvoerder
van een nieuwe mensheid die niet meer bouwt op macht of geweld.

En hij ziet de wonden in Jesus’ zijde en in Zijn handen
en ……..
in zijn zijde.
Hij ziet de nieuwe Adam die zijn zijde geopend heeft
die zijn bruid aan zijn zijde zal ontmoeten, de nieuwe Eva,
zijn kerk-gemeen­schap.

III. De achtste paasdag, vandaag,
beloken Pasen, is de dag van de voltooi­ing,
de kerkge­meenschap mag wakker worden.

Aan de zijde van de nieuwe Adam wordt op Pasen de gemeenschap gevormd
van mensen die de machten hebben afgezworen
en willen leven uit de kracht van de Geest
die de Messias ook bezielde en die alles nieuw maakt.

Zijn volgelingen leggen zich ernstig toe
-hoorden wij vandaag in de eerste lezing vertellen-
op die nieuwe levens­houding.
Ze leven samen in een echte gemeenschap
– zoals wij dat hier toch ook probe­ren –
ze zijn ijverig in het breken van het brood.
En ze bezoeken de tempel: om het oude verhaal van Mozes te horen
dat voor iedere tijd opnieuw NIEUW is
en een eigen inhoud heeft.

De kerk is geboren
en aan de opbouw van de kerk hebben de apostelen,
eenmaal wakker geschud door hun Heer,
later -na pinksteren- het hunne aan gedaan.

Ook dankzij Tomas die uiteindelijk zei:
‘mijn Heer en mijn God’.

Hij heeft het gevecht met het ongeloof aangedurfd
en daardoor wordt je alleen maar sterker!

We doen hem onrecht door hem alleen maar ‘de ongelovige’ te blijven noemen.
De traditie wil dat Thomas de evangelieverkondiger werd
die nota bene het verste kwam van allemaal: tot in INDIA toe.

Deze zondag worden in Rome twee Pausen Heilig verklaard.
Dat klinkt nogal zwaar: HEILIG toe maar.
Maar heilig is iets anders dan engelachtig:
Heilig betekent dat je je roeping serieus nam;
zo serieus dat anderen iets aan jouw voorbeeld hebben.

Paus Johannes de 23e heeft het pausschap vermenselijkt
-onze huidige Paus bouwt daarop voort-
hij riep een concilie bijeen: heel verstandig:
we kunnen het als Romeinse bestuurders niet meer alleen.
Paus Johannes Paulus de 2e had zijn sporen in Polen verdiend.
Een kerk in de verdrukking werd een kerk die niet meer
de baas kon spelen maar een kerk van echte gelovigen.
Belangrijker nog dan zijn strijd tegen het communisme
als bisschop van Krakau is dat het geloof toen naar zijn
wezenlijke waarden werd teruggebracht.
Toen hij Paus werd ging hij de dialoog aan met allen
ook met andere godsdiensten.
Een paus die ging bidden in een Moskee
-dat gebeurde nota bene in Damascus-
een Paus die een zijn spijt betuigde voor de vreselijke dingen
die ook in naam van het christendom de joden was aangedaan
en een gebedsbriefje tussen de stenen van de Klaagmuur in Jeruzalem stak
dat had toch niemand tevoren kunnen bedenken.
Dat deze Pausen heilig verklaard zijn
is een oproep aan ons om in die geest verder te gaan:
eenvoudig te zijn en gelovig,
eerbiedig en solidair met gelovigen van andere godsdiensten
en alle mensen van goede wil.

Tomas is het tot zijn laatste dagen blijven verkondigen:
deze gewonde, deze gehavende
deze mens solidair met allen die lijden.

Hij roept ons op om solidair te zijn met allen
die gewond zijn en ge­kwetst,
waar ter wereld ook.
Tomas en de apostelen, de twee heilige Pausen die voor ons
hebben geleefd hebben hun best gedaan
nu wij.

Hein Jan van Ogtrop, pastoor.

Gedachtenis van de 11e september 2002

– Jesus Sirach 27,30-28,7 Wraak is iets afschuwelijks
– Mt.18, 21-35 vergeving moet!

Mensen bekijken elkaar kritisch en wantrouwend,
Onbarmhartig zijn wij en super-kritisch
laten elkaar vaak als bakstenen vallen

(meer…)

Zondag na de ramp in New York en Washington DC.

Exodus 32,7-14, Lucas 15,1-10

Veel mensen zijn de afgelopen week van streek geweest..
zelf werd ik in de nacht van dinsdag op woensdag wakker:
‘er is iets akeligs maar ik heb het zeker gedroomd.’

(meer…)