Exodus 32,7-14, Lucas 15,1-10Mensen zijn zoekers, waarnaar? Zoeken ze macht, aanzien, rijkdom, goud? We lazen vandaag het verhaal van het gouden kalf. De mensen wilden een mooi beeld maken van de God die hen uit Egypte had bevrijd en ze wisten niets beters te verzinnen dan een beeld van een stier te maken een geweldsbeest want God is de God van de kracht, van de sterken, van de machtigen, toch?
Gisteren was het 11 september, drie jaar geleden de dag van de ramp in het Worls Trade Center in NEW YORK. Drie vliegtuigen boorden zich als bommen in kantoren waar honderden mensen werkten.. de ergste rampenfilm kon zo iets niet verzinnen. Zoekers naar macht en aanzien vanuit ons onbekende actiecentra, waren zo fanatiek geworden dat de rijke westers wereld in het hart aanvielen. We zijn de schok nog steeds niet te boven, twee acties pleegden wij in reactie: in Afghanistan en in Irak. Maar lossen die werkelijk alles op? Alle respect voor ons Nederlandse soldaten die daar nu zijn maar steeds meer vragen we verder. Wat is de eigenlijke oplossing? Hoe raken wij dit geweld van het terrorisme kwijt? Is er een nieuwe levensorientatie nodig van ons en van de andere partijen? En zo zijn wij mensen samen van zelfverzekerde lieden allemaal zoekers geworden. Allemaal deze zondag verenigd rond een zoeker met een hoofdletter: God. En die is op zoek naar ons. In het evangelie wordt Hij vergeleken met een herder op zoek naar een verloren beest wanhopig als een vrouwtje op zoek naar haar weggelopen poes. Deze herder heeft er erg veel voor over om zijn verloren beest te vinden. Neen, God is anders dan wij denken. Voor Hem is ieder leven kostbaar voor Hem telt ieder individu. Hij is als de goede herder die op zoek gaat naar het ene schaap dat verdwaald is, een supergoede herder die een zekere voorkeur heeft voor het weerloze schaap dat de weg kwijt is. Hij wordt in het evangelie ook vergeleken met een vrouw op zoek naar een zoek geraakte munt. Om God, de schepper van hemel en aarde te vergelijken met een paniekerig oud vrouwtje dat alles ondersteboven haalt om haar verloren muntje terug te vinden is wel heel schokkend voor de vrome hoorder die God alleen maar kent als een almachtige sterke heerser. De God van Israël onderscheidt zich van alle andere goden omdat Hij anders is, hulpelozen steeds op zoek is naar mensen zo vreemd en wispelturig als ze zijn. Daarom was Hij ook zo slecht afgebeeld door de mensen die van Hem een beeld maakten als een sterke stier, als een supersterke, potente machthebber. ---------------------------------- Alleen de mensen die weerloos kunnen zijn zullen de God van Israël in Zijn liefde kunnen ontmoeten, alleen mensen die zelf weten wat zoeken is zullen deze God kunnen vinden, alleen de mensen die weten wat angstige bezorgdheid is om iemand of iets dat ze kwijt zijn zullen deze God als hun God kunnen erkennen. De zekeren hebben geen meester nodig en -lijkt Jesus te willen zeggen- zullen hem ook niet vinden. De mensen die zichzelf perfect achten evenmin. Maar juist de mens die tot de ontdekking komt dat hij het niet zonder de ander al of niet met een hoofdletter, kan, dat hij niet zonder genade kan leven... die vindt in God en in Zijn Helper Jesus de Messias troost en steun. Zoekt en gij zult vinden !!!! Dat geldt allereerst voor God op zoek naar de mens. Hij gaat naar de mens op weg en Hij ZAL hem vinden. Hij zoekt en Hij zal vinden. Hij brengt terug en viert feest met vrienden en vriendinnen om het verlorene dat teruggevonden is. Jesus zelf komt bij zijn rondgaan op aarde deze zoekers nabij, hij zal zelf ook een beetje verloren met de verlorenen zijn, Hij komt aan de rand van de gewone maatschappij terecht Hij gaat om met tollenaars en zondaars en eet met hen. Maar met Pasen hebben wij gehoord dat de Vader zijn eigen zoon die neerdaalde in de diepte van de menselijke ellende werkelijk heeft gevonden om hem en allen die Hij daar aantrof in diepten van ellende te redden hun zonden te vergeten en te vergeven en hen binnen te brengen in zijn vaderhuis waar alle zoekers naar Hem ooit zullen worden binnengelaten. Waar het de vergevende liefde van God betreft: we kunnen ons die niet ruim genoeg voorstellen. Sommige mensen maken zich zorgen of ze tegenover God wel eerlijk genoeg zijn, of ze alles wel hebben gebiecht vroeger: of ze wel eerlijk genoeg hun fouten beleden. Tot hen zou ik willen zeggen. Denk even aan het beeld van een overstroming. Zoals het water van de zee bij een overstroming ieder muizeholletje dat er ergens is zal weten te vinden en we ons er niet ongerust over hoeven te maken dat een gaatje vergeten wordt zo bereikt Gods vergevende liefde iedere mens als er maar een klein openingetje is en ieder hoekje of gaatje van ons hart en spoelt Zijn liefde en milde vergevingsgezindheid al onze zonden weg. Door deze douche van Zijn overvloedige liefde worden wij bevrijd en opgericht en zo kunnen wij anderen tot zegen zijn. --------------------------------------------- Hooggestemde idealen hoeven we niet te koesteren, het is zelfs gezonder en beter van niet want ze zijn vaak zo frusterend en misleidend. Onze levensopdracht ligt dichtbij, op onze eigen plek. Er is thuis of in onze buurt zeker iemand die ons nodig heeft. Die zit niet te wachten op een heilige maar op een gewone mens die beseft dat hij weerloos is maar ook steunen kan, die beseft dat hij fouten maakt maar ook troosten kan. Zouden wij christenen, moslims, godgelovigen en mensen die niet in God willen of kunnen geloven er in slagen ons leven zo in te richten dat het nog wat wordt op deze wereld? Durven wij afscheid te nemen van fanatisme, egoisme, machtswellust en op ons durven laten vinden door God en daarom in liefde op zoek gaan naar elkaar? Als wij zulke mensen willen zijn kan God ons niet loslaten; dan blijft Hij een zwak voor ons houden (net zoals toen bij het gouden kalf: God kon het toch niet over zijn hart verkrijgen zijn mensen te laten omkomen; Mozes had in het tweegesprek dat zij hadden Hem er aan herinnerd dat Hij dan een slechts figuur zou slaan 'wat zullen de anderen er van zeggen' en God was bezweken: Hij zou zijn mensen nooit loslaten. Hij zal ook ons, in onze moeizame zoeken niet loslaten. Ons geseculariseerde westerlingen toch weer naar zich toetrekken. Wij gaan nooit alleen door het leven Hij gaat met ons, arme zoekers mee. En Hij zal ons - en daar is geen twijfel aan- vast en zeker vinden. AMEN. |