| De bedreigde droom |
|
| Geschreven door Pastoor H.J. van Ogtrop | |
| zondag, 28 januari 2007 | |
|
Verkondiging 28 januari: EPIFANIE 4 -Jeremia 1,4-5,17-19 verzet tegen de woorden - 1 Kor.12,31-13,1-13 het hooglied van de liefde. -Lucas 4,21-30 Jesus wijkt uit Als Jesus in de synagoge van Nazareth binnenkomt is dat een manifestatie. Opschudding, veel volk. Hij wordt enthousiast binnengehaald, zoals gisteren de bruidegom en de bruid bij hun feestelijke huwelijksinzegening. Hij manifesteert zich, net als die twee gisteren. Hij laat van zich horen, net zoals zij deden toen ze hun jawoord uitspraken, en zegt: 'De Geest des Heren is over mij gekomen: Hij heeft mij gezonden om aan armen de Blijde boodschap te brengen, aan gevan¬genen hun vrijla¬ting bekend te maken en aan blin¬den dat zij zullen zien,.......... om verdrukten te laten gaan in vrijheid en een genadejaar af te kondigen van de Heer'. Het is een heel programma. Het heeft te maken met troost bieden aan de armen, met het openen van de ogen van allen die verblind zijn en niet kunnen of soms ook willen zien wat er van hen verlangd wordt. Jesus zelf staat voor dat programma en zegt heel duidelijk: 'dat woord is in mij in vervulling gegaan'. Dat zegt Hij niet triomfalistisch in de trant van zie je wel, kijk mij nou, maar meer in de Geest van de dienstbaarheid. 'Ik wil voor dat programma van Gods Koninkrijk staan, Ik wil Hem dienen en liefhebben. Mensen reageren eerst enthousiast: ‘Mooi wat Hij zegt’ maar de vreugde is van korte duur: de eerlijkheid gebiedt te zeggen dat Jesus de mensen ook een beetje uitdaagt: ‘jullie willen zeker wonderen maar bedenk dat die ook bij de profeten vroeger, niet vanzelf komen.’ En dan slaat de stemming om. Ze voelen zich bekritiseerd en veranderen van bewonderaars van hun grote plaatsgenoot in mensen die niet van nieuwe dingen houden.’ Na het aanvankelijke ‘wat een heilig man’ klinkt al vlug het: ‘wat een opschepper, Hij is gevaarlijk, een revolutionair.’ Mensen die de echte vernieuwing maar onnodig vinden zijn talrijk en ze hebben veel macht: mensen zijn nu eenmaal traag en vaak ook heel benepen. En dan gebeuren er drama's zoals hier in Nazareth. Dat zal later ook nog vaak gebeuren wanneer er vernieuwers opstaan. Roddelcampagnes gaan van start en er vallen slachtoffers: Jesus van Nazareth, Martin Kuther King ook in de kerk. ------------------- Het was eergisteren de 27e januari, de dag waarop meer dan 60 jaar terug Auschwitz bevrijd werd. Van de Verenigde Naties komt het idee die dag uit te roepen tot een blijvende gedenkdag van de Holocaust. Een soort dag van het geweten, dag waarop mensen van vele regeringen en godsdiensten bijeen willen zijn en samen zeggen: ‘we willen weten wat er fout ging.’ Wil je als mens een bijdrage leveren aan een nieuwe wereld dan hoort daar ook de erkenning van je fouten bij. Onze kerk heeft dat gedaan aan het begin van het nieuwe milennium: schuld bekennen 1.aan de kortzichtigheid van het christelijke antisemitisme, 2.de schuld van ons westerlingen aan het kapitalisme Abbé Pierre die gisteren begraven werd -drieduizende mensen in de Notre Dame en nog meerdere duizenden daarbuiten- was degene die tegen de wrange gevolgen daarvan protesteerde. Dat er profeten zijn zoals Abbé Pierre en dat de grote kerk haar fouten erkende is nieuw en voor sommigen misschien verontrustend maar het is goed om fouten te erkennen die er in het verleden gemaakt zijn. Niet omdat het fijn is als je in het stof kruipt maar uit eerbied voor de talloze slachtoffers die, terwijl velen niets anders konden doen dan toekijken totaal onschuldig zijn gevallen. De oude wijze rabbij¬nen zeiden al: ‘vergeetachtigheid leidt tot ballingschap, men weet niet meer wat er kan gebeuren, men wil het niet meer weten en zie het gebeurt en de ellen¬de is daar...’ Het omgekeerde geldt ook: Het van de feilen willen leren is de weg naar de verlossing. De tijden van het benepen Nazareth mogen niet terugkomen. Jesus zelf ontsnapte aan de kleinheid en de benepenheid van mensen Er staat geschreven aan het eind van het evangelie: 'Hij ging midden tussen hen door voorbij.' Hij ontsnapt aan de kleinheid en de benepenheid van mensen Hij gaat Zijn weg vervolgen en zal de wil van de Vader gaan. Zullen wij horen bij de achterblijvers die knorrig eensgezind blijven zitten waar ze zitten of durven wij Hem volgen op Zijn weg? Iedere generatie opnieuw zal moeten kiezen voor de Heer, en voor de navolging waartoe Hij ons oproept. Het verhaal van de afwijzing van Jesus in de synagoge van Nazar¬eth wordt ons als een spiegel voorgehou¬den. Hoe staan wij tegenover onze Heer en Zijn bevrijdende boodschap. En iedere generatie opnieuw zal moeten kiezen. We moeten onze eigen bijdrage leveren: ieder op zijn/haar eigen wijze. ‘We hebben allemaal verschillende gaven’ zegt Paulus: ‘niet allemaal zijn we profeten, niet allemaal spreken wij in talen.’ We zijn niet allemaal bollebozen we zijn niet allemaal genieën. Paulus vertelt over de gave bij uitstek die van de liefde. ‘Al kende ik alle geheimen en alle wetenschap maar ik had de liefde niet ik was niet meer dan een galmend bekken of een schelle cymbaal.’ Ook met ons geloofsgelijk mogen we niemand om de oren slaan: ‘al het ik een geloof dat bergen verzet maar ik heb de liefde niet het dient mij tot niets.’ De liefde is mild, vriendelijk, vergevend trouw. Ze rekent het kwade niet aan is niet blij met onrecht maar hoopt en vertrouwt. God is liefde! Hij manifesteert zich niet in koude drukte, Hij is wars van het geweld Hij overrompelt ons met Zijn warmte en Zijn troost als wij Hem toelaten in ons leven De liefde is mild en geduldig is verheugd om het goede en de waarachtigheid. Die liefde is een stille sterke kracht die ons leven kan richten die het aanschijn de aarde kan veranderen. Dit jaar valt op vrijdag Maria Lichtmis (2 februari), we zullen het een beetje vieren als zondag met een gezongen Eucharistie om tien uur en een lichtprocessie. Eigenlijk heet het feest: ‘presentatie van de Heer’ Als u in de gelegenheid bent moet u zeker komen. Net als Simeon en Anna die het kind van veertig dagen jong kwamen verwelkomen. Jesus wordt, zo klein als Hij is, aan de Heer opgedragen. Dat hoorde zo, 40 dagen na de geboorte van ieder kind en het is een bevestiging van het feit dat iedere nieuwgeborene geen kopie is van vader en moeder, maar een unieke mens, geroepen om op de eigen wijze beelddrager te zijn van God, met een eigen opdracht. Dit pasgeboren kind is zo hulpeloos en kwetsbaar als het maar kan. Het is hulpeloos, het kan gemakkelijk vernield worden in deze harde wereld. Maar mensen die zich over een pasgeboren kind heen buigen of het voorzichtig in de armen nemen, denken niet alleen na over de kwetsbaarheid van deze kleine maar fantaseren over wat er van dat kind kan worden, het hele leven dat nog voor hem of haar ligt. Zo'n kind wens je een goede toekomst toe, je wilt geloven in de kansen die het zal krijgen, in de liefde die het steeds al omringen. Een kind kan, op die manier, het beste in mensen losmaken. Het beste aan hoop, aan geloof en aan liefde. Maria Lichtmis 2007, feest van de binnenkomst van het licht in onze wereld. Wij leven er deze zondag naar toe. De volgende zondag 4 februari zullen ons aan het einde van de viering de kaarsen, lichtdragers, op de hals worden gelegd bij de Blasiuszegen. We worden er zo aan herinnerd dat wij als getuigen van dit licht verder zullen gaan. We mogen weten dat ons geloof in de God die in den beginne zei: ‘er zij licht’ ons niet bedriegt we mogen weten dat diezelfde God het prille licht van de hoop zoals die in Jesus zichtbaar werd en in allen die hem volgen, beschermt. Een moderne dichter zegt: ‘Wie denken durft dat deze droom het houdt een vlam die kwijnt maar niet zal doven. Wie zich aan deze dwaasheid toevertrouwt al komt de onderste steen boven. Die zal kreunen onder zorgen, die zal vechten in 't verborgen, die zal waken tot de morgen dauwt - hij zal zijn ogen niet geloven.’ Hein Jan van Ogtrop, pastoor. |



