Preek: 3 februari, 4e zondag door het jaar. Schriftlezingen: Sefanja 2,3; 3,12-13 Matteüs 5,1-12aDE ZALIGSPREKINGEN Het is, vooral in deze dagen belangrijk dat er kerken zijn: plaatsen waar het oude verhaal van God met de mensen wordt verteld. We zagen dat ook met kerstmis toen velen ons hier opzochten: en zeg nu niet ‘waar zijn die allemaal’ maar ‘wat goed dat ze ons nodig hadden’.
Het zou ons door onze kerstgasten zeer worden kwalijk genomen als wij het verhaal hier niet lieten doorgaan, ons niet zouden blijven bezinnen op wat het aan actualiteit heeft en ook als kerken niet wat zouden doen aan de verbetering van de wereld en het vervullen van Jesus’ opdrachten. Jesus hield er van veel mensen tot zegen te zijn en veel mensen toe te spreken. Daarom neemt Jesus, als hij zijn mensen gaat toespreken plaats op een berg. Niet om hoog en ver te zijn maar om veel mensen te zien. Als je gaat kijken in Israël, wijzen ze je deze berg aan. Hij ligt er heel mooi bij, vlakbij het meer van Galilea. Eigenlijk is de naam 'berg' voor deze heuvel een beetje overdreven. Maar daar gaat het niet om: (met een beetje goede wil) het is een berg en dat heeft hij gemeen met een andere berg waar de joden, net bevrijd uit Egypte ooit omheen gestaan hadden: de Sinaï. Daar was het Mozes die het visioen opving boven en doorgaf aan de mensen beneden. Mozes gaf de droom door over een nieuwe, betere wereld. Een wereld waarin recht is en vrede. Waarin niet meer gemoord zal worden en trouw zal opbloeien. Jesus gaat, kijkend vanaf zijn berg, naar zoveel mogelijk mensen, in die trant verder en wijst ons op het visoen van een nieuwe wereld en… die moet wel een beetje anders zijn dan de wereld die wij gewoon vinden. Jesus richt onze blik op een wereld waarin alles anders is; omgekeerd dan in de wereld die we gewend zijn. In de wereld waar we aan gewend zijn, ben je zalig en gelukkig te prijzen als je sterk bent, als je aan de goede kant van de wereld geboren bent en geen honger lijdt, als je financieel geen zorgen hebt. In Gods ogen is alles anders: ‘zalig de armen van geest.’ Dat kunnen ook rijken zijn maar meestal zijn het de armen die wat vertrouwelijk omgaan met God van wie wij veel kunnen, ja moeten leren. En ze mogen in hun ellende weten dat God hun schreeuw om recht hoort, aan kun kant staat: 1.'zalig de armen van geest, want van hen is het rijk der hemelen, Jesus bouwt een nieuw volk op. Hij verzamelt twaalf leerlingen als vertegenwoordigers van de twaalf stammen om zich heen. En hij gaat verder met zijn zaligsprekingen. 2.Hij zegt wel vreemde dingen: 'Zalig de treurenden’ bijvoorbeeld. De vrienden die bij het heilige volk willen horen zullen treuren omdat zij zien wat er allemaal aan vreselijks gebeurt: en als je dat weet zul je alles doen wat in je macht ligt om de ellende van anderen te helpen wegnemen: - 'Zalig zij die treuren .. ze zullen getroost worden Sommigen zullen door hun karakter uitstralen dat zij anderen tot zegen kunnen zijn. Dat zij kunnen vergeven, dat ze zachtmoedig kunnen zijn en mild; - 3.'zalig de zachtmoedigen.. ze zullen een nieuwe wereld beërven, - 4. of 'zalig de barmhartigen .. hun zal barmhartigheid geschieden Het gaat om de leefbaarheid van het rijk der hemelen! Zijn volgelingen zullen niet tevreden zijn met alles wat is zoals het is maar hongeren en dorsten naar een betere wereld waarin eindelijk recht wordt gedaan aan allen: 5.-'zalig die hongeren en dorsten naar de gerechtigheid.. ze zullen verzadigd worden Zij willen kiezen met hun hele wezen voor God en Zijn nieuwe toekomst zuiver van hart en inzet. 6.- 'Zalig de zuiveren van hart.. ze zijn het die God zien. Een misverstand ligt op de loer. De mensen die zalig worden gesproken zijn geen verfijnde hemelingen maar mensen die met hun hart en handen werken aan vrede, vriendschap en toekomst. Ze zullen tekenen van vrede stellen, verstoorde relaties pogen te herstellen hoe moeilijk dat vaak ook valt: - 7.'zalig de vredestichters... ze zullen kinderen van God heten Was Jesus uit op de vorming van een elitegroep? Een soort keurkorps? Neen, Hij riep gewone mensen, u en mij. De hoorder van al Jesus' uitspraken en vooral van die nog zullen volgen in zijn bergrede, kan misschien een beetje schrikken maar ieder van ons kan van al die dingen in de zaligsprekingen iets laten zien. Mits hij niet pretentieus is en zelfverzekerd. Mits hij open van geest is, ontvankelijk voor de steun die zijn vrienden en vriendinnen en zo ook God hem of haar geven wil. Ieder mens kan vrede brengen, een beetje barmhartig zijn, naar vrede en recht verlangen, ‘open voor de genade zijn’ , open voor God die kan aanvullen wat er aan ons menselijk leven ontbreekt en die ons wil aanvaarden als de zijnen. De laatste zaligspreking sluit aan bij die van het begin: alles wordt op zijn kop gezet. De mensen die het hier goed hebben worden niet zalig genoemd maar juist degenen die arm zijn hoorden we eerst, die lijden aan het onrecht die treuren en ook die aan den lijve moeten ondervinden hoe zwaar de strijd voor de gerechtigheid is, horen wij nu. 8.'zalig die vervolgd worden of beschuldigd van allerlei kwaad, want van hen is het Koninkrijk der hemelen.' En zo blijkt dat, als we de wet van Mozes, van waaruit Jesus wilde leven willen volgen we in een pijnlijke spanning leven. De spanning van de kritiek op de bestaande orde, de spanning van: een klein beetje het goede zien maar veel meer niet zien. De spanning van het uithouden van een nog niet en tegelijk moeten bouwen aan het hier en nu. De hele bergrede van Jesus, de grondwet van het christendom zal ons in de loop van dit kerkelijk jaar worden voorgelezen. Dit jaar moeten we tot na Pinksteren wachten want.. de volgende week begont de vasten en dan horen we over Jesus beproevingen in de woestijn. Het is niet eenvoudig om volgens die bergrede te leven. Vrome christelijke -met name reformatorische theologen als Maarten Luther en Karl Barth hebben gezucht bij het horen van de hoge idealen die Jesus hier verkondigt. Daar komen wij als gewone mensen nooit aan toe. Maar er gebeuren gelukkig ook andere dingen. Mensen uit derde wereld landen die deze woorden horen veren op: zal er werkelijk troost komen uit onze troosteloosheid? En mensen van goede wil worden wakker: ' zou het toch kunnen, het aanschijn der aarde veranderen.' Wij zijn hier bijeen als deel van de parochie. Niet iedereen gaat op zondag naar de kerk. Wij zijn een bijzondere, merkwaardige groep. Het zou fijn zijn als wij merkwaardig zouden zijn in de Vlaamse zin van het woord: dan betekent het 'heel bijzonder goed'. MERK - WAARDIG. Jesus spreekt zijn mensen aan en zal ons zelfs opdragen heilig te zijn en volmaakt 'zoals de hemelse vader volmaakt is.' Zijn wij heilig, zijn wij volmaakt? Ja en neen. Neen, wij zijn niet heilig in de zin van beter dan een ander en ze zijn niet volmaakt in de zin van perfect. Ja, we zijn wel heilig in de zin van geroepen. En wel volmaakt hopelijk in de zin van echt betrouwbaar, mensen uit één stuk, waar je op kunt bouwen. Geroepen om oud en jong, ieder op haar of zijn eigen plek beschikbaar te zijn voor het vervullen van onze eigen individuele levensopdracht. Opvallend is, hierover doordenkend, dat alle tien geboden in het enkelvoud zijn gesteld. ‘Waarom??’ vroegen ze ooit aan de rabbijn van Lublin: Antwoord: 'om je te leren dat -ook al wijkt de hele wereld van de Tora af- jij de wereld niet mag volgen. Want de Tora is aan jou gegeven, en alleen aan jou!' We zijn allemaal nodig. Een andere vraag werd aan een andere rabbijn gesteld: ‘waarom is ons heilige boek zo dik en zijn er zoveel letters nodig om het te vormen. -De wijze Rabbijn van Starlisk antwoordde: 'De duizenden en duizenden letters van de Gods Woord, Zijn Tora, corresponderen met de duizenden en duizenden zielen van Zijn volk. Wanneer één letter aan de Tora-rol zou ontbreken is zij ondeugdelijk. En wanneer één ziel aan het medewerkersaantal van God volk zou ontbreken, heeft God deze wereld verlaten. Ieder mens is onmisbaar, u/ jij dus ook. |