25 ste zondag door het jaar -Jesaja 55,6-9 God is trouw -Matteüs 20,1-16 de werkers Het begint in Frankrijk de tijd te worden van de oogst. De oogst van de vruchten van de tuinen op de glooiende hellingen van zuid en midden Frankrijk die zich koesterden in de zon waardoor de wijndruiven, nu het herfst wordt, heerlijk gerijpt zijn.
'Wijngaard' heet zo'n tuin... dat klinkt plechtig. Dat klopt want bij een wijngaard hoort vaak een chateau met een baas die ieder jaar weer trots is op zijn opbrengst. In de Bijbel is God de baas van het land en de wijngaard is het beeld van een land waar het goed is, waar vrede opbloeit en liefde. De wijngaard is bij uitstek het beeld van het land van de belofte, het land Israël zelf. Maar vanaf de zonnige heuvels van Israël zelf kijken we uit over heel de wereld ... en zo wordt de wijngaard het beeld van heel de aarde als draagvlak van een nieuwe toekomst, een mogelijke tuin van vrede. Wie een wijngaard ziet denkt aan de heerlijke wijn die geschonken gaat worden, aan het feest dat volgt als de opbrengst binnen is en aan de blijdschap en de vreugde van de feestvierende drinkers. God zelf is in de Bijbel -als gezegd- de Heer van die wijngaard. Hij is de koning die droomt van een goede opbrengst en die zich al bij voorbaat op dat grote wijnfeest verheugt. Maar wat is deze Heer een eigenaardige werkgever ! Daarover spreekt het evangelie van deze zondag dat ons iedere keer opnieuw voor raadselen stelt. Iedereen wordt uitgenodigd voor het werk in de wijngaard om zijn bijdrage te leveren aan de groei van de vruchten en uiteindelijk aan het grote feest dat na de oogst gevierd kan worden. Maar dan is ieders bijdrage ook welkom. Het doet er niet toe hoe laat je 'bij de club' komt. Als je maar mee wilt doen. Je hebt de mensen die van het begin af aan al mogen meedoen aan het werk... een zegen dat ze de kracht hebben om dat te kunnen doen. En je hebt er die pas op het laatste moment kunnen antwoorden. Ze zijn allen waardevol en waar het om het belonen gaat houdt God geen rekening met onze kleinburgerlijke fatsoens- en rechtvaardigheidsnormen: iedereen krijgt hetzelfde volle loon. Een merkwaardige gang van zaken... maar daarom zo'n goed getuigenis over de eigenzinnige manier waarop God met mensen omgaat. Ons aardse rechtsgevoel wordt onder kritiek gesteld en dat is maar al te nodig ! Is dat niet het rechtsgevoel van een wereld waar loon naar prestatie geldt waar succes boven mislukking staat en sterk over zwak regeert? Er is een oneindige reeks motieven om als 'eersten' op 'laatsten' neer te kijken: ze hebben minder geld, minder spieren, hun huidskleur is anders, hun leeftijd doet zich gelden, we discrimineren graag op geslacht, op kinderen hebben of niet, op woonplaats, soms zelfs op kant van de straat, op afkomst, vroomheid, ras enzovoort enzovoort. Maar in deze wijngaard waar een feest wordt voorbereid mag dat allemaal niet gelden. Voor God zijn alle mensen even waardevol en even uniek. Ieder mens is voor Hem een unieke eenling. Ieder mens met zijn eigen dromen en mogelijkheden. Ieder mens met zijn eigen geheim. Ieder mens levert een eigen bijdrage, hoe groot of hoe klein ook, dat doet niet ter zake. God ziet hem of haar staan en waardeert hem of haar overvloedig... met een in onze ogen hinderlijke extra aandacht voor de kleinen en de laatsten. Vandaag begint de vredesweek van 2008 We hebben de vorige weken nagedacht over onze intermenselijke verhoudingen, over het recht op vergeving krijgen en nieuwe kansen. We hebben gehoord dat het goed is als twee of drie samen zijn en ja, dat de Heer dan bij ons wil wonen. En vandaag hoorden we dan de wonderlijke parabel waarin ieders levensopdracht ter sprake komt en over het loon. Er is reden tot dankbaarheid, Hij is goed voor ons hoewel wij het eigenlijk niet verdienen, Hij is royaal en kijkt niemand bijzonder naar de ogen. Het loon dat wij krijgen is ieder van ons van harte gegund maar ..... het is genade. ------------------------------- 'Mijn gedachten zijn niet Uw gedachten' hoorden we de profeet vandaag zeggen. Wij horen daarin: 'mens wees bescheiden, je kunt God toch nooit begrijpen.' Gelukkig is de boodschap heel wat plezieriger: het is een soort feestannonce. De profeet kondigt aan dat God een einde zal maken aan de akelige ballingschap van Zijn volk in Babel. En dat terwijl niemand meer op redding rekende. De profeet wil vandaag over de hoofden van de kinderen Israëls van toen heen tot ons zeggen: 'blijf altijd hopen, blijf altijd uitzien naar het onverwachte.' Hij zal je nooit teleurstellen: 'in Te Domine speravi non confundar in aeternum.' Er mag geen ruimte zijn voor jaloezie of kribbigheid: Hij wil de Vriend zijn van ons allen. Van ons en van die na ons komen: pasgedoopten, nieuwe bruidsparen jongere werkers in de wijngaard: van al onze kinderen, kleinkinderen, en ook de generaties die na ons komen. Een nieuwe vraag doet zich in onze dagen voor: ‘is deze wijngaard, deze wereld, nog wel de moeite van het bewerken waard?’ Is het nog wel de moeite waard om te leven, is het nog wel verstandig bijvoorbeeld om te trouwen? Is het dan niet onverantwoord om kinderen in deze wereld binnen te leiden ? Deze week hebben twee bruidsparen elkaar hun jawoord gegeven: ze durven kennelijk. Vandaag is hier een grote fanilie bijeen in dankbare gedachtenis van hun dappere moeder. De vorige week werd er weer een volwassene gedoopt… en er werd saamhorig bedroefd en dapper afscheid genomen van een moeder die plotseling gestorven was. En vrijwilligers die in de verschillende Europese legers werken hadden hier met de bisschop een viering; onze zelfde bisschop die gisteren in Hoorn een bijeenkomst leidde van ouders van vermoorde kinderen: wat goed dat hij dat gedaan heeft! In de kerken en onder dit eigenste dak wordt het werkplan bewaard van de wijngaard, van de Sjalom, van de liefde en de vrede. En dan geloven we dat de liefde het zal winnen van de haat en de vrede het zal winnen van de oorlog en dat er een goede toekomst is voor ons en onze kinderen zoals dat zo prachtig verwoord is in een ander evangelie, dat van de bruiloft van Kana: de beste wijn is voor het laatst bewaard. Maar zover is het vandaag nog niet: de handen uit de mouwen dus, er is werk dat op ons wacht: we zijn allemaal nodig in de wijngaard. Ieders bijdrage aan de opbouw van Gods Koninkrijk is belangrijk. De werkers mogen weten dat zij welkom zijn, dat zij door God geliefd zijn als zij, ieder op haar of zijn wijze hun eigen verantwoordelijkheid dragen. Het loon is - als gezegd- voortreffelijk, en het feest zal geweldig zijn.. de wijn van Zijn liefde zal overvloedig geschonken worden. |