Voorlaatste zondag kerkelijk jaar (33 d.h.jaar) Schriftlezingen: - Spreuken 31, 10-31 - Matteüs 25, 14-30 de talentenHet bijbelboek Spreuken eindigt opmerkelijk. Na 30 hoofdstukken vol met spreuken en wijsheden plotseling een heel apart hoofdstuk om het boek te besluiten. Dat hoofdstuk is één lange lofrede op de vrouw.
Ik citeer: ‘Een sterke vrouw, haar waarde gaat uit boven die van kostbare koralen. Het hart van haar man vertrouwt op haar en zijn winst zal hem niet ontgaan. Zij brengt geluk, geen ongeluk; alle dagen van haar leven. Zij zoekt zorgvuldig wol en linnen uit en doet ermee wat haar handen aangenaam vinden. Zij staat op als het nog nacht is, en deelt het voedsel uit aan haar gezin. Zij slaat het oog op een akker en koopt die. Van de opbrengst van het werk van haar handen plant zij een wijngaard. Zij omgordt haar lenden met kracht, en maakt haar armen sterk. Zij merkt dat haar ondernemingen slagen: 's nachts gaat haar lamp niet uit. Zij strekt haar handen uit naar het spinrokken en zij houdt de weefspoel in haar vingers. Zij opent haar hand voor de behoeftige, en strekt haar armen uit naar de misdeelde. Kracht en luister zijn haar gewaad, ze ziet lachend de komende dag tegemoet. Zij opent haar mond en spreekt wijze woorden, van haar tong komen lieflijke lessen. Zij gaat de gangen na van haar gezin en eer haat brood niet in ledigheid. Het hart van haar man vertrouwt op haar en brengt hem geluk alle dagen. Haar kinderen staan op en prijzen haar: haar man spreekt vol roem over haar als hij zit in de poorten en spreekt met de oudsten van het land. Hij zegt: 'vele vrouwen hebben zich wakker gedragen maar jij overtreft ze alle!' Ja, bevalligheid is bedrieglijk, schoonheid gaat voorbij maar een vrouw die de Heer vreest moet geroemd worden: roemt haar om de vrucht van haar handen en prijst haar bij de poorten. ‘ En dan is het boek Spreuken uit: alles is gezegd. Niet weinig vrouwen worden een beetje achterdochtig wanneer ze geprezen worden. Ik maak het wel eens mee bij een jubileum of zoiets dat een man of een zoon geroerd in snikken uitbarst bij het dankwoord aan echtgenote of moeder. Als ik dat zie komt ik mij altijd de ondeugende vraag boven: 'hoe vaak hielp deze spreker bij de afwas?' Vrouwen vinden die lofredes soms wel mooi maar vaak ervaren ze het toch ook als een zeer listige methode om hen weer in de rol vast te pinnen die zij in opdracht van het mannelijk deel van de schepping moeten spelen. Volgens de verenigde Naties is die vreemde rolverdeling tussen mannen die de dienst uitmaken en vrouwen die feitelijk doen wat er gedaan moet worden een van de hoofdoorzaken van de rampzalige situatie waarin veel delen van de wereld verkeren. Mannen verzinnen conflicten en oorlogen: vrouwen kunnen de puinhoop opruimen. Is het slothoofdstuk van het boek Spreuken weer zo'n poging van de mannen om de vrouw door haar uitbundig te prijzen op haar plaats te houden ? Allerminst. Want wat voor een vrouw rijst daar voor onze ogen op! Een vrouw die werkelijk het heft in handen heeft. Misschien is er daarom zo geschrapt in de officiele versie van de eerste lezing van vandaag. Deze passage bijvoorbeeld was geschraspt maar gelukkig door ons deze morgen wel gehoord: 'heeft ze het oog op een akker dan koopt ze die.' Kopen en handelen hoort toch in mannenhanden te zijn. Zij is werkelijk de spil van heel het familiegebeuren. Fier staat zij voor ons, ze is voor de duvel niet bang: ' Met vreugde verwacht zij de toekomst!' Wordt haar man misschien ook genoemd ? Zeker. Maar in een bijrol. Hij roemt haar alleen maar 'als hij zit (ik zet even een uitroepteken achter dat 'zit') als hij zit in de poort bij de oudsten van het land.’ Wat een prachtige parodie op alle mannelijk belangrijkheidsgevoel. De rol van de vrouw in de wereldgeschiedenis is belangrijker dan de geschiedschrijving doet vermoeden. Bekend is het voorbeeld van de heilige Theresia van Avila. Julie Feldbrugge schrijft over haar: ‘wat mij treft bij haar is de integratie van zovele talenten in één persoon. Ze bleef zich altijd bekommeren om haar broers en zusjes, stichtte kloosters, nam de dingen in het leven zoals ze kwamen, reisde ontzettend veel, schreef kritische brieven aan kerkelijke autoriteiten. Ze bad, waste, kookte en borduurde, kon goed met geld omgaan en bemoeide zich met alles wat op haar pad kwam. Ze was een vrome maar tegelijk buitengewoon aardse vrouw, die voor alles werd bewogen door de liefde tot God én tot de mensen die ze ontmoette. Vooral haar gezond-verstand-kant spreekt mij aan.’ Onze parochie heeft wat dat betreft al een oude en goede traditie en vanaf de tijden van zuster Regnata vrouwen actief in het pastoraat gekend. Gelukkig zijn er nu nog vele vrouwen vrijwilligsters, die samen met de mannen onze parochie in leven houden. II. Het Evangelie vertelt de beroemde gelijkenis van de talenten. Oorspronkelijk betekent het woord 'talent' alleen maar een geldwaarde: 40 kilo zilver om precies te zijn. Dankzij deze parabel is het woord iets anders gaan betekenen: je mogelijkheden, je capaciteiten. De parabel is niet bruikbaar voor een bankdirecteur die hierin een opdracht om geld uit geld te maken ziet. Het gaat om een ander soort creativiteit. Over het gebruiken van de capaciteiten voorzover je die kunt inzetten voor het koninkrijk van God. Een mens kan de capaciteiten die hem gegeven zijn laten voor wat ze zijn, er niets mee doen en alles bij het oude laten. Maar hij kan ze ook gebruiken ! Twee mensen zijn in het verhaal actief: die met de 2 en met de 5 talenten. De derde niet. Hij stopt zijn talent onder de grond en geeft het later stoffig weer terug. Hij is niet lui zoals in de oude vertalingen stond maar bang, in de nieuwe vertaling staat het goed. Hij staat voor de mens die niets durft. Hij verbergt wat hij heeft, zijn geloof bijvoorbeeld. Hij doet er zelf niets mee en stopt het angstig weg. Tegen zijn Heer zal hij heel braafjes zeggen: 'ik ben heel voorzichtig geweest, ik heb het toevertrouwde pand bewaard.' En dan gaat hij verder timide en angstig maar ook sprekend vanuit een heel eigenaardig godsbesef: ' ik weet dat U een streng mens bent U oogst waar ge niet hebt gezaaid en haalt binnen wat ge niet hebt uitgestrooid.' Hij ziet zijn Heer en God als een bedreiging, als een concurrent. Zijn meester ontploft dan bijna van woede. Uit ergernis over dat rare beeld dat hij van hem ophing: maar ook uit ergernis over de angstige besluiteloosheid het gebrek aan verantwoordelijkheidsbesef van deze man: 'Slechte, bange knecht' krijgt hij dan te horen. En als consequentie van zijn bange houding wordt hem toegevoegd: 'wie heeft hem zal gegeven worden maar wie niet heeft hem zal nog ontnomen worden wat hij heeft. ' Het gaat daarbij duidelijk niet over geld -dat zou erg onrechtvaardig zijn- maar over de mens die alles verliest omdat hij zijn verantwoordelijkheid niet durft nemen omdat hij te bang en te weinig creatief was. Als we de talenten- parabel verder naar onze tijd toe vertalen is de bedoeling duidelijk: 'waag iets, kijk wat je kunt doen met je talent.' En besef: het zijn juist de kleine dingen die het doen: het zijn juist de kleine initiatieven van de gewone mensen (met misschien maar één talent) die voor de toekomst van heel de wereld het belangrijkste zijn. In het Engelse lagerhuis zei een van de sprekers tegen een medeparlementslid van de labourpartij: ‘jouw vader heeft nog de schoenen van mijn vader gepoest’ maar de man pareerde: ‘daar schaam ik mij niet voor ik zou mij alleen maar schamen als hij het niet goed gedaan had.’ Niemand hoeft zich op zijn talenten te laten voorstaan: alle talenten zijn ons gegeven. Dat geldt in het bijzonder voor het talent van het geloof. Er zijn velen die het in de grond verstoppen maar gelukkig dat er in onze dagen altijd anderen zijn: 'zonderlingen' in de goede zin des woords ‘merkwaardige’ mensen, waard om op te merken die het wagen nieuwe dingen te doen. Gelukkig dat er mensen zijn die wel iets met hun talenten doen, hun nek uitsteken, staan voor een nieuwe toekomst, een levende kerk, een betere wereld. Onze God wil het talent van ieder van ons gebruiken. Hij wil ook vandaag de God zijn die ons roept en uitdaagt. Die ons sterkt als wij met Hem op weg durven gaan het avontuur tegemoet. Op de eerste bladzijden van de bijbel wordt er gedroomd over een prachtige harmonie. God schiep de mens MAN en VROUW naar zijn beeld (dat zijn ze dus alleen maar SAMEN !) opdat ze in een harmonieus samenspel het aanschijn der aarde kunnen vernieuwen. Zo gaan mannen en vrouwen –al het goed is- SAMEN de wereld redden. Een bemoedigende boodschap op de diakonale zondag waarop we – we komen er straks op- terug – worden uitgedaagd onze opdracht als kerk actief en creatief te vervullen. |