Installatie nieuwe koorleden en doop van Victoria Beatriz16e Zondag door het jaar Psalm 8 + Mt. 13, 24-43Vandaag gaat het over de kinderen: grotere kinderen van groep 8 ik moet nog huilen al ik eraan denk dat ze weggaan van de Westergracht maar hopelijk blijven ze wel in ons koor rondzweven.
Dan hebben we de jongere kinderen van groep 5 die waardig bevonden werden geinstalleerd te worden en we hebben een heel klein kindje, dat we straks zullen zien en dat gedoopt gaat worden. Zijn de kinderen wel belangrijk? Antwoord ja en hoe!! We hebben net met groep 5 geoefend dat je -als je het ergens erg mee eens bent- AMEN moet zeggen. Kinderen zijn belangrijk EN HOE.. (zeg het maar AMEN, harder AMEN). Kijk maar naar de kleine Mozes -om maar met de allerkleinste te beginnen-. Als babytje is hij in gevaar en wordt in een rieten mandje op de rivier de Nijl gezet. De koning van Egypte wilde alle kleine joodse jongetjes doden omdat hij bang was dat er uit een van hen een grote vent zou uitgroeien die de joodse slaven zou bevrijden. Het kindje Mozes wordt in het water gelegd en dobbert daar rond. Gelukkig is er een ander kind dat op hem let: zijn zusje MIRJAM - ja, meisjes zijn snugger!! Ze blijft loeren wat er met Mozes gebeurt en merkt op dat als de prinsesje van Egypte komen zwemmen ze het babytje erg lief vinden en dan komt ze gauw aanhollen: 'lief he dat kleintje' ik weet wel iemand die hem de borst wil geven want dat kunnen jullie niet. En zo brengt ze Mozes weer terug naar zijn eigen moeder. Als hij groot is zal hij een helper worden van zijn volk: van een klein kereltje wordt hij een grote man. Hij zal de joden uit Egypte bevrijden en samen met zijn zusje Mirjam, die dan ook groot geworden is, trekken ze de rode zee door. Mozes is een goede aanvoerder en Mirjam leidster van de vrouwen met wie ze een bevrijdingslied zingt. Wie weet wat er allemaal nog zal gebeuren met het kindje dat gedoopt wordt later, als het groot is Wie weet wat er nog zal gebeuren met de kinderen van groep 5 die vandaag geinstalleerd zijn; het zullen geweldige koorzangers en zangeressen worden; en de kinderen van groep 8 zullen zeker later belangrijke banen krijgen en de bazen en bazinnen zijn in Nederland. Maar ho, ho, we mogen -volgens de bijbel geen kapsones krijgen want Jesus zegt: 'zullie zullen altijd op kinderen moeten lijken' en in de Bijbel staat: 'Gij opent de mond van kleine kinderen en dan klinkt een lied waar iedereen wakker van wordt en dat alle vijanden van God zal doen schrikken.' Als alle mensen nu eindelijk eens geen kapsones zullen hebben -om dat onnette woord nog maar een keer te gebruiken- kunnen er goede dingen gebeuren. Er zijn erg veel flinke mensen, te flinke mensen er zijn erg veel rijke en machtige mensen te rijk en te machtig. De groei van het Rijk van God, het rijk van de liefde, kan alleen maar lukken als we klein beginnen, net als dat mosterdzaadje waar we in het evangelie over hoorden. Ik heb aan de kinderen van groep 5 al verteld, en nu vertel ik het u allemaal, dat het het kleinste zaadje is dat er bestaat maar wat kan er niet een prachtige grote boom uit groeien!! Jesus gelooft in de groei van het weerloze in de groei van het goede kleine zaad tot het een prachtige boom wordt waar de vogeltjes zich in kunnen nestelen. Jesus wil, door over die grote boom te praten ons eigenlijk vertellen, dat het Koninkrijk van God, een mooie, goede wereld er kan komen als iedereen persoonlijk er voor kiest. Dan is er door ieder persoonlijk al een klein zaadje liefde in de wereld gezaaid en dan is de komst van dat Koninkrijk onafwendbaar. De groei van het Koninkrijk van de liefde is een mysterieuze groei door alles heen. Door tegenwerking, vervolging, ja zelfs door de dood heen zal het zich baan breken. De aanwezigheid van mensen die voor het Koninkrijk van God kiezen zal tegenkrachten oproepen. Geen reden tot angst maar eerder een oproep tot taaie volharding en een echte keuze van de hoorder voor God en zijn gezalfde. Het wonder van de uitgroei van het mosterdzaadje geschiedt onafwendbaar: het komt op en groeit uit tot een boom waarin de vogels zich kunnen nestelen. Die vogels (hier achter mijn hoofd afgebeeld) symboliseren de volkeren der aarde die zich wel voelen wanneer ze kiezen voor het Koninkrijk van God. De parabel leidt onze aandacht altijd weer terug naar dat kleine weerloze zaad dat in de aarde sterft. Branie leidt nergens toe. Vooral niet van ons christenen. Als wij zeggen 'hier komen we aan' overtuigen wij niet. Misschien is het toch waar dat een geloof, het christendom bijvoorbeeld pas echt overtuigt als het weer een minderheid is, klein als het mosterdzaad. De parabel van de vrouw die haar gist in drie maten meel ´verborg´ (en niet ´verwerkte´ zoals de Willibrordvertaling zegt) wijst in diezelfde richting. Het gistingsproces heeft zijn tijd nodig. Dat geldt ook voor de werkelijke vernieuwing van onze kerk. Geduld en volharding geven niet direct voldoening, maar ze zijn hard nodig. De gelijkenissen in het hoofdstuk waar we deze zondag uit lazen leggen niet alleen het mysterie van het Rijk Gods open. Er wordt ook verteld dat er slecht zaad wordt gezaaid -we hebben dat niet gelezen om niet depri te worden- maar dat slechts zaad zal alleen onkruid opleveren. Als de oogst komt wordt dat gewoon weggegooid. Dat gebeurt met het goede niet! Wanhoop niet: het goede zaad komt altijd op. De boer die rustig vertrouwevol wacht is een wijze. Hij vertrouwt op Gods toekomst en wil die voorbereiden door het zaad van het Woord van God goed te verzorgen, door te ´lernen´, door te peinzen, door te luisteren naar het woord door al voor dat het goede zaad opgekomen is, te zingen over de goede toekomst van God en door buiten de kerk het gewone alledaagse werk te doen dat ons te doen staat. God zegene alle kinderen die vandaag ons middelpunt zijn en sterke ons allen. AMEN.
|