| Ik geloof in jullie |
|
| Geschreven door Pastoor H.J. van Ogtrop | |
| donderdag, 20 maart 2008 | |
Witte donderdagSchriftlezingen:Exodus 12,1-14, Johannes 13,1-15 Rembrandt beelde dat uit, het staat op de kaft van uw boekje, als een zuid amerikaans schoenpoetsertje zit hij op de grond... wat een vernedering. Is dit Gods aanwezigheid onder de mensen? Het even simpele als schokkende antwoord is: Ja !! 'Ik heb mij verheugd met u Pasen, feest van Gods bevrijding uit de slavernij te vieren.' had Hij kort tevoren gezegd. Maar hoe gaat Hij die viering houden: door zelf de slavenrol te spelen. Hij speelt slaaf, neen: Hij is slaaf, een slaaf die zijn vrienden de voeten wast. Een slaaf die zich vernedert en die doet wat een gewone slaaf niet eens hoeft te doen: -je kon namelijk een slaaf in die dagen nooit opdragen je voeten te wassen dat was een te vies klusje -. Door dat toch te doen laat Jesus zien dat hij vrijwillig dienstbaar is dienstbaar is tot het uiterste. En als hij dat gedaan heeft gaan de leerlingen samen het paasmaal houden waarbij het verhaal verteld wordt van toen: van de slaven in Egypte die vrije mensen worden en die op weg gingen naar een nieuwe toekomst. Het zal met hem een beetje anders gaan als toen in Egypte. In Egypte hadden de legers van farao het nakijken en ontsnapten de joden aan hun wapens en hun paarden, ze zouden dwars door de zee gaan op weg naar het nieuwe leven. Maar Jesus ? Het brood zal hij breken en we horen hem zeggen: mijn leven geef ik voor jullie. De lijdenskelk zal hem niet voorbijgaan, Hij zal hem drinken, tot de bodem. En we horen hem zeggen: dit is mijn bloed. Hij schenkt zich uit, hij geeft zich voor allen opdat wij aan de kringloop van het kwaad zouden ontsnappen en in een nieuwe fase van onze geschiedenis zouden terecht komen. God heeft ons, in Jesus laten zien, hoe Hij ons nabij is God heeft - in Jezus - gekozen voor de treurenden, voor de bedroefden en de zieken, voor de verschoppelingen, wat dat Hem ook kosten gaat. God heeft zich geopenbaard; eerst aan farao in Egypte: Ik kies voor mijn lijdende volk, mijn lijdende knecht, en dat gaat - het spijt me – ten koste van jouw macht. Maar Hij gaat verder met zijn plan. Hij zegt eigenlijk: Ik kies vanuit Israël voor àllen die lijden. Alle pijn, alle vergoten bloed gaat mij aan. Ik geef mijn eigen zoon als teken; zo ben ik. om jullie mensen met je moordlust te beschamen en vanaf heden al jullie haatcomplexen, al jullie trots, al jullie moordlust staken. De keuze van God voor het weerloze heeft Hij geopenbaard in Zijn zoon die voor zijn vrienden neerknielt. En wie waren dat ? - daar was Petrus, de driftkop die zo krachtig tegen de voetwassing protesteerde maar die als het hem te machtig werd zei dat hij Jesus niet kende... - daar was Judas, aangesteld om de kas te beheren, van waaruit de armen aalmoezen kregen. De redenen, waarom een mens tot verraad komt, zijn ons onbekend, ze hebben altijd verschillende kanten, ze worden door wel honderd motieven ingegeven, maar wat een afgrond in een menselijk hart. - daar waren Jakobus en Johannes de zonen van Zebedeüs die om een mooi plaatsje hadden gevraagd als Jesus in Zijn koninkrijk zou komen: 'je weet niet wat je vraagt.. kun je de beker drinken...' had Hij gezegd. Johannes, die Jezus liefheeft. zal Hem volgen tot onder het kruis en belichamen hoe machteloos de liefde op deze wereld is. Zo staat elk van de twaalf voor wie Jesus knielde voor een van hen die na hen komen, voor een van ons. Breekbaar en falend. En toch, Jesus knielde voor hen, Jezus vertrouwde zich zelf aan hen toe, Jezus vertrouwt zich aan ieder van ons toe. En hoe wij ook zullen zijn in ons leven, wat wij ook doen en nalaten, telkens zullen we voortaan op onze tong, in ons hart, de smaak proeven van deze wonderlijke bevrijding die in Christus gegeven is nog altijd toekomst, altijd belofte. Het is de bevrijding van onze schuld en machteloosheid omdat God iets in ons ziet. Het is mogelijk, om midden in de broosheid, ja soms zelfs de laagheid van de mens, de langzaam duidelijker wordende sporen van God te zien, de langzaam groeiende openbaring van zijn schoonheid. Daarom moeten mensen, omwille van God, dit van elkaar durven geloven: dat de mens in staat is tot het goede, dat hij de gave heeft om lief te hebben, en dat hij wat hij ook mag doen God nooit uit zijn ziel kan wegrukken. In dat vertrouwen heeft Jezus zichzelf weggeschonken, in handen gegeven van de 12 en van allen die na hen komen. Sinds dit laatste avondmaal van de Heer is het mogelijk, vertrouwen te hebben in de mens, en zich toe te vertrouwen aan de kleine gemeenschap van de leerlingen, om geen andere reden, dan omdat God zelf in hen gelooft. Zo kunnen wij verder gaan, als parochie, als gezin, als vrienden onder elkaar; doende wat Hij ons heeft voorgedaan, brekende, delend, dienend, zolang wij leven mogen. Hein Jan van Ogtrop, pastoor. |

Maar het belangrijkste is toch wel dat de kathedraal het huis is van een gemeenschap van mensen: de St. Bavo-parochie. Zonder al de mensen die zich daar mee verbonden weten, daar samenkomen en ook veel werk verzetten zou het bovenstaande niet eens allemaal in de kathedraal kunnen!


