Kerkwijding Lateraanse basiliek. Schriftlezingen: Ezechiel 47, 1-2,8-9,12 levend water 1 Kor. 3, 9-17 jullie zijn Gods bouwwerk, Johannes 2,13-22 reiniging nodig Merkwaardig opeens een zondag waarop een kerkwijdingsfeest valt. Dat van de basiliek van Sint Jan van Lateranen. Is deze Sint Jan zomaar een kerk ? Neen, het is de oude hoofdkerk van Rome, ouder dan de Sint Pieter en hoofdkerk van het bisdom Rome: belangrijker dus dan de St. Pieter die ‘alleen maar’ de grafkerk van Petrus is. Het is goed om, zo om de zeven jaar, wanneer dit feest op een zondag valt, aandacht aan dit feest te schenken. Het is een aanleiding na te denken over het kerkgebouw in onze eigen tijd en wat daar allemaal mee samenhangt.
We leven in een tijd waarin vele kerken moeten worden gesloopt tot verdriet van velen. Andere kerken –waaronder de onze – zullen blijven staan en worden mooi gemaakt. In de krant lees je iedere dag: ‘de kerken lopen leeg.’ Wat is er toch allemaal met die kerken aan de hand ? Het woord kerk staat voor meer dan de gebouwen die die naam dragen. Het grappige is dat het wezenlijke zich aan onze waarneming onttrekt.
Kerk staat voor een groot netwerk van gemeenschappen over heel de wereld die allemaal gebouwen gebruiken. Het gaat nooit om de steen alleen. Paulus brengt ons op het juiste spoor als hij zegt: ‘jullie zelf zijn de kerk, het lichaam des Heren.’ Wij zijn samen Gods bouwwerk gebouwd op het fundament van Jesus Christus. Wij zijn samen als volk van God, Gods bouwwerk. God hoort bij ons en wij bij Hem.
Dat werd in Israël ervaren en daarom had men in de woestijn en hele bijzondere tent een tent voor God, de zgn. tabernakeltent. In die tent werden de stenen tafelen met de tien geboden bewaard die overigens door de mensen buiten gedaan moesten worden. van het verbond bewaard werden. Ging de reis verder dan werd de tent opgerold en verder meegesleept.
Toen het volk Israël tot rust gekomen was en een eigen land had werd die tent vervangen door een stenen gebouw. Koning Salomo had het ingewijd ooit en gebeden dat de mensen die daar zouden komen God zouden dienen. De tempel van Jeruzalem, de allereerste kathedraal.
God hoort bij ons en wij bij Hem. Maar mensen gaan soms van God weg en dan staat de tempel er voor niets. De profeten hadden al gewaarschuwd: ‘zeg niet de tempel, de tempel van God staat hier dus alles is goed.’ Neen: je zult zelf door je gedrag en je manier van omgaan met je naaste moeten laten zien dat je bij God wilt horen anders heeft die tempel geen betekenis.
Het evangelie van vandaag vertelt over die tempel van steen, de tempel waarin God gediend moest worden. Dat gebeurde ijverig in een bepaalde zin. De priesters waren druk in de weer met hun offers, het hele tempelgebeuren werkte perfect als een goed geolied bedrijf. Maar dat is niet genoeg!
Als het om de tempel gaat, gaat het om meer: om de waarachtige dienst aan God en de naaste.
Jesus vindt die tempel toch wel belangrijk en gaat daar ook vrijwel onmiddellijk aan het begin van zijn actieve leven op af. U hoorde in het evangelie wat een vreselijke dingen daar gebeurden.
De eersten die het moeten ontgelden zijn de geldwisselaars. Dat waren overigens hele keurige lieden. Ze waren in dienst van het kerkbestuur van de tempel en moesten ervoor zorgen dat er geen munten met afbeeldingen van de keizer erop in de offerblokken werden gegooid. Dus moesten die munten met afbeeldingen van de keizer erop op het plein voor de tempel worden ingewisseld voor tempelmunten die je dan in de offerblokken kon doen.
De geldwisselaars en de verkopers van de offerdieren (ook hele keurige mensen) moeten het ontgelden en Jesus geselt ze de tempel uit. Het getuigt van Zijn ijver voor het huis van God. De ijver voor God zelf die Jesus’ hele leven bezielde. Die ijver zal Hem later het leven kosten. Nu geselt Hij de geldwisselaars en de offerdieren-verkopers met touwen. Later zal Hij zelf gegeseld worden. En deze kostbare mens, zelf beeld van God zal afgebroken worden en weer worden opgebouwd door Zijn Vader die in de hemel is
Wij willen in zijn voetspoor treden. Wij willen samen kerk zijn in Zijn geest. Wij komen in onze gebouwen samen en willen samen, zoals Jesus ons dat leerde, kerk zijn in deze dagen. Een moeilijke opdracht. Maar laten we de moed niet zakken. Wij zijn samen een wereldwijde gemeenschap nu al bijna tweeduizend jaar. Maar wij zijn niet vermolmd ! Binnen in de kerk is er een zich steeds vernieuwende traditie. We staan er voor en zorgen er voor dat in onze dagen nog steeds de Sacramenten worden toegediend. EEN op de DRIE Nederlanders vraagt daar nog steeds om: jonge mensen vragen om de doop.. steeds weer, treurende families vragen erom dat hun dierbaren kerkelijk worden begraven. Samen oefenen wij ons in dat de mens niet geschapen is om alleen te zijn maar om een gemeenschap te vormen opdat niemand verloren loopt. En dat kunnen wij omdat er Iemand is die van ons houdt: die vindt dat wij er mogen zijn: de God en Vader van Jesus Christus die ons dan ook nog in dienst neemt om dat te verkondigen en Hem te helpen. Te helpen door onze dienst aan de wereld. Een dienst die in deze tijden weer nodiger wordt dan ooit.
Die dienende kerk is over heel de wereld actief en in Haarlem zijn WIJ die kerk: Kerk wij samen. Het gebouw waarin wij samen komen dient die gemeenschap. Net zoals de St.Jan van Lateranen in Rome al eeuwenlang pelgrims ontvangt. Ons gebouw herbergt een levendige gemeenschap. De vorige week eerden wij op Allerzielen met zeer velen onze doden, vlak daarvoor hielden wij een processie met de dopelingen van de afgelopen maanden en hun ouders, we hielden hier onze ouderendag en vieren met onze kinderen eigen diensten. Jongeren bezinnen zich in vele groepen, straks komt de Indonesische gemeenschap hier Eucharistie vieren en zaterdag worden er twee diakens gewijd.
In het beleidsplan van onze parochie van 1997 zeiden we: Ik citeer er even uit: ‘Het is van belang dat de kerk, ook in de toekomst, duidelijk gepresenteerd wordt. Het is daarom nuttig als er een HERKENBAAR KERKGEBOUW is waar de liturgie goed gevierd kan worden en de verkondiging krachtig kan klinken. Mensen kunnen daar binnenkomen zonder direct hun privacy te verliezen. Mensen van allerlei slag zijn welkom. Mensen van verschillende vroomheid, geloofskennis, maatschappelijk niveau moeten zich welkom en begrepen kunnen voelen. De nabijheid moet gegarandeerd worden: de kerkgangers vormen geen anonieme massa. In deze parochie zal dan ook gewerkt moeten worden aan de GEMEENTEOPBOUW (gemeenschapsopbouw) opdat niemand verloren loopt. Vanuit de kerkelijke gemeenschap die de uitvoerende verantwoordelijkheid draagt voor liturgie en prediking dient ook zorg gedragen te worden voor de KATECHESE IN AL HAAR FACETTEN. Katechese als toeleiding naar de Sacramenten (doop, eerste Communie, Vormsel, huwelijk). Daarbij moet men in het oog houden dat er tegenwoordig steeds meer tieners en jong-volwassenen en ouder-volwassenen zijn die zich tot de kerk wenden om gedoopt te worden. De katechese mag niet ophouden bij de toediening van het Sacrament maar zal daarna moeten voortgaan. Vandaar zal er ook zorg moeten worden gedragen voor eem ‘education permanente’ een voortgaande geloofsverdiepingsmogelijkheid voor allen. Daarnaaast moet er (last but not least) een NETWERK VAN DIAKONIE zowel klein- als grootschalig worden opgebouwd. Onder kleinschalig wordt verstaan het Zonnebloem-werk e.d. Het is van het grootste belang dat wij ons onze plaats in de buurt bewust zijn en solidair zijn met de activiteiten in de wijk. Onder grootschalig wordt verstaan het werk van Amnesty International, Missiegroepen etc. samengebracht onder de noemer M.O.V (Missie- Ontwikkelings- en Vredeswerk).
De kerkwijding van de Sint Jan van Lateranen bood een goede gelegenheid om dat weer even te noemen. Tien jaar geleden waren we op de 9e november onze kerk aan het verbouwen, nu bezinnen we ons, voor de grote restauratie die over enkele jaren moet beginnen, op onze taak in deze tijd.
In alle tijden zijn kerken gebouwd, verbouwd, afgebroken.. Wat hetzelfde gebleven is, is een grote stroom van levend geloof, verder gedragen door mensen, veelkleurig, met menselijke tekorten, met diepte en hoogtepunten.
Soms is die geloofsstroom diep ingebed in het dagelijks leven – zoals in de gloriedagen vroeger van deze kathedraal – soms lijkt de geloofsstroom bijna drooggevallen. Maar de stroom gaat toch verder een steen in het water kan wel de stroom verdelen maar haar niet doen ophouden.
De profeet Ezechiël droomt in zijn eerste lezing over levend water dat vanuit een hemelse nieuwe tempel overal vruchtbaarheid brengt en zegen.
Dat water verbeeldt de kracht van God zoals die heel de wereld binnenstroomt.
Het kenmerk van water dat een land overstroomt is dat het overal binnendringt. Het dringt door tot in ieder klein muizenholletje: overal waar de bodem laag genoeg is overal waar bescheidenheid is en ontvankelijkheid kan het water binnenstromen, kan Gods liefde binnendringen.
En, weer terug naar onze eigen kerk toe: Wij zijn dankbaar met ons gebouw en met alle andere kerken Waar wij kunnen dopen, trouwen en begraven waar wij iedere zondag het woord kunnen horen het Manna, het brood voor onderweg, kunnen ontvangen. en waarin mensen herinnerd worden aan hun taak buiten.
Wat zou het goed zijn als onze kerk leen beetje zou lijken op die nieuwe tempel waar de profeet Ezechiël over droomde: Een tempel waar LEVEND WATER UITSTROOMT, waar nieuwe impulsen voelbaar zijn waar God de ruimte kan krijgen die Hij verdient en waar mensen zich thuis kunnen voelen bij Hem en bij elkaar.
Hein Jan van Ogtrop, Pastoor |