Sluit je aan bij de Vriendenkring van de Nieuwe Bavo •                                         info@rkbavo.nl • (023) 55.333.77

Kerstmis 2007: ‘even kwetsbaar als wij’. E-mail
Geschreven door Pastoor H.J. van Ogtrop   
woensdag, 26 december 2007
Kerstmis is een mooi feest maar ook een gevaarlijk feest.
Mooie gedachten komen er bij mensen op:
extra lieve dingen gaan ze tegen elkaar zeggen, dat hebt u vast ook al gedaan.
Maar het is ook een gevaarlijk feest:
een feest van emotie en kleine of grotere ruzietjes
die in plaats van bijgelegd te worden
juist weer de kop op steken.

Echt gebeurd: een telefoontje.
‘U begrijpt toch wel dat ik niet in dezelfde nachtmis wil zitten als mijn zuster
u kent haar wel, weet u naar welke nachtmis zij gaat
dan wil ik kaarten voor de andere.’

‘Maar mevrouw, is kerstmis niet een mooie gelegenheid
om samen naar de kerk te gaan?’

Haak erop, ik weet niet hoe het afliep.
‘IJdelheid der ijdelheden, alles is ijdel’
zegt de prediker en dat geldt misschien ook voor vrede op aarde.

En dan is er ook nog de bijna onverdraaglijke kwetsbaarheid
van het menselijke bestaan. De ziektes die mensen kunnen treffen
en de ongelukken die in een klein hoekje zitten.

Eergisterenavond rijden drie jonge mensen terug naar huis.
De pastoor van Den Helder en twee pas gewijde diakens
die op de zaterdag na Pinksteren tot priester zouden worden gewijd.
Het is glad op een dijkje bij Ijsselstein, ze vliegen uit de bocht
en komen in de bevroren Wetering terecht.

Eén overleeft het, twee niet: Juan en Quinto zijn dood.

 ‘IJdelheid der ijdelheden, alles is ijdel’
een van de bekendste bijbelteksten
zeer toepasselijk.
Het is de eerste regel van het boek Prediker.
Ik herinner mij nog hoe Henk van Ulsen met zijn prachtige stem
deze tekst voordroeg in de Ronde Lutherse kerk in Amsterdam:
    “IJdelheid der ijdelheden, zegt de prediker,
        ijdelheid der ijdel¬heden en alles is ijdelheid.”
Het is een tekst waar je op het eerste gehoor down van wordt
vandaar dan ook de conclusie:
    “Wat heeft een mens aan al zijn zwoegen en tobben onder de zon?”
Het leven lijkt een volkomen willekeurige zaak,
je bent er nu eenmaal dus moet je er maar het beste van maken:
    “Geslachten gaan en geslachten komen
    en de aarde blijft al maar bestaan.”
Het lijkt wel of het allemaal buiten jou om gebeurt:
    “De zon komt op en de zon gaat onder,
    en haast zich dan weer naar de plaats waar haar loop begint.
    De wind waait naar het zuiden en draait naar het noorden.
    Hij draait en draait en telkens keert hij weer op zijn draaien terug.
    Alle rivieren stromen naar de zee en de zee raakt maar niet vol.
    Het is een vermoeiend verhaal en geen mens kan er iets over zeggen.”

Al deze diepzinnigheid  is zo’n 2400 jaar geleden bedacht. Men noemt het boek Prediker ook wel ‘een herfstboek.’ De synagoge leest het bij het Loofhuttenfeest. Maar het staat ook in de christelijke Bijbel. Het is ook aan ons gegeven kennelijk om er wat aan te hebben… en als wij het goed verstaan zal dat ook lukken.

We leven in een tijd van op zoek gaan naar zingeving.
Vele kolommen worden daarover geschreven:
in de NRC las ik: ‘goed dat er een dood is
anders werd het leven onverdraaglijk saai:
het motiveert ons en houdt ons op de been.’
Is dat nou een antwoord? Mij bevredigt het niet
ik schrok er even van. Is dat zo?

Wat zegt Prediker:
‘er is een tijd is van vreugde en verdriet, van vinden en verliezen,
van huilen en lachen. (Prediker 3).’

Dat klopt. We maken dat allemaal mee.
Bij veel uitvaarten wordt die tekst ook gelezen.

Maar er is meer bij Prediker:
Hij beëindigt zijn beschouwing over alle dingen die hun tijd hebben
met te zeggen  dat het daarom vooral goed
-en dat is weer tegen de mevrouw die belde-
is elkaar vast te houden en samen lekker te eten.

Is dat diepzinnig? Of juist niet?
Het lijkt wel een eigentijdse kerstgedachte.
Dat is het ook maar:
er zit bij Prediker meer achter
dan bij de gewone kerstvierder die lekkere dingetjes eet anno 2007.

Prediker weet: de gewone dingen zijn niet echt gewoon,
de gewone geschiedenis is niet echt saai want
door alles heen is er Iemand met ons bezig,
God die naar ons kijkt met een glimlach,  en die ons opbeurt,
overeind helpt en doet voorgaan.

Wij worden uitgenodigd te eten en te drinken
en ook van de goede dingen die er zijn te genieten
maar dan wel zo dat wij beseffen
dat wij met anderen op deze aarde zijn en geroepen zijn
om er zo samen werkelijk het beste van te maken.

Kan dat wel in deze wereld vol kleinzieligheid en haat;
in deze wereld van pijn en zinloosheid?

Ja het kan want –en nu kom ik bij de kern van de kerstboodschap-
Jesus, die zelf ons levensbrood wil zijn
heeft niets achter gehouden,
Hij gaf Zichzelf voor het leven van de wereld.
In schamelheid kwam hij ter wereld in Bethlehem,
een kwetsbaar kind, net als wij allen kwetsbaar zijn.
Maar zo is er troost in ons bestaan Kwetsbaar als wij zijn,
zijn wij door God geliefd.

Maar dan worden we wel uitgenodigd om werkelijk op zoek te gaan
naar de dingen die belangrijk zijn.
Dat betekent ook dat wij dingen moeten loslaten.
Loslaten. Wat moeten we loslaten?
Ons egoïsme, ons eigen gelijk.

Ons egoïsme: alles wat wij hebben is ons gegeven,
we moeten dus aan het verdelen slaan.
En we zullen moeten leren vergeten en vergeven,
nieuwe kansen geven aan anderen
en ook de nieuwe kansen benutten die ons gegeven worden.

Als het goed is wordt ons bestaan rijk,
echt rijk als wij beseffen gaan dat Hij, de Eeuwige,
vol verwachting naar ons kijkt,
van ons houdt en ons allemaal nodig heeft om er te zijn voor anderen.

En wat de dood betreft? Is het goed dat die er is?

Antwoord neen, de dood is slecht.
Maar hij heeft niet het laatste woord!

God is de Heer van leven en dood.
Hij heeft zijn zoon Jesus uit de dood opgetild.
En rond hem vormen wij een gemeenschap van mensen
boven en beneden, innig met elkaar verbonden.

Een jongen die zich op de doop aan het voorbereiden is
-ja dat gebeurt tegenwoordig, meer dan u denkt,
veel mensen laten hun geloof voor wat het is –U NIET
ANDERS ZAT U ER NIET-  maar er zijn ook mensen
en ook jonge mensen die aan de kerkdeur kloppen
en bij de familie van Jesus willen horen.

Terug naar die jongen.
Enkele weken terug moest hij zijn moeder, nog maar net 60 jaar oud,
op tragische wijze verliezen.

Toen ik hem wilde troosten
bleek dat hij dat zelf al had gedaan.
‘Wat heerlijk dat ik tot de kerk toetreed
die in haar geloofsbelijdenis heeft staan:
ik geloof in de gemeenschap van de heiligen
want zo kan ik nog contact met haar hebben.’

Een gemeenschap der heiligen het klinkt wat al te vroom
een gemeenschap van mensen vormen wij- iets gewoner gezegd,
hier samen levend vanuit de hoop.
We trekken samen op als volgelingen van Jesus die uit de dood is opgetild
we vormen een gemeenschap van mensen
die samen willen bouwen aan Gods Koninkrijk.

Levend voor en met elkaar
in vriendschap, trouw.
Vergevend en beminnend.

Zo worden wij opgeroepen mens te zijn.
Dat is de manier van leven waar God van houdt.
God die ons zal begeleiden en sterken
en ons –net als Jesus- opvangt daar achter de dood.

Maar eerst spreek ik de hoop uit
dat we hier samen blij, hopelijk lang
met en voor elkaar mogen leven.

                        AMEN.

             Namens van Pastorale team:
                Hein Jan van Ogtrop, Pastoor.