|
Dit jaar staat er in onze kerk een enorme kerstboom. Hij is nog over van het kerstconcert van de Telegraaf op 13 december waarbij Pieter van Vollenhoven geld in ontvangst nam voor slachtoffers van geweld.
U begrijpt dat ik ook moest denken aan de slachtoffers van sexueel misbruik in de kerk maar gelukkig hadden ze het daar toen niet over. Het was me het jaartje wel. Het is echt geen ontspanning meer om even het nieuws te beluisteren of te bekijken. Dingen die vroeger nog verborgen bleven worden nu van de daken geschreeuwd. Niets wordt ons bespaard. Ik noemde alle dingen al die er zich in de kerk afspeelden toen kregen we WikiLeaks. Niets kan meer verborgen blijven. Wat er gezegd wordt aan de borreltafels van onze ambassades wordt nu door iedereen gehoord en gelezen: grote paniek. Toen kregen we de creches waar kleine kinderen zijn misbruikt en gelooft u het maar van mij: er komt nog een hele boel drek naar buiten die wij vroeger angstig binnen hielden. Het is me toch een vreselijke tijd. Of niet? Ik denk van niet. Ik denk dat het goed is als alle dingen die naar buiten moeten komen ook naar buiten komen, hoe onaangenaam dat ook is. Willen we ooit tot een goede reparatie van deze wereld komen dan moeten we ook echt weten wat er aan de hand is. Een joodse filosoof die ik ooit in Jeruzalem beluisterde, zijn naam was David Rosen, zei het zo. ‘Deze wereld is ziek. We wachten op genezing en reparatie. Een loodgieter die ergens komt om een riool te repareren kan zich niet beperken door een parfummetje te leveren waardoor je de stank van het riool minder ruikt. De bijl moet er in. Hij moet de vloer openbreken en de oorzaak van de stank opsporen, de kapotte buizen vervangen en zo de zaak afdoende repareren.’ David Rosen vervolgde: ‘onze wereld is verrot, hij stinkt en de enige manier om die stank te bestrijden is om de echte oorzaak van de ellende op te sporen en bij een echte reparatie hoort het nodige sloopwerk.’ De openheid van LikiLeak en alle andere instanties die alles wat er fout is in de openbaarheid brengen kan heilzaam zijn voor een echte verbetering van onze wereld: dat geldt ook voor de kerk en u las misschien dat het bisdom Haarlem opvalt door de eerlijke precizie waarmee de zaken die aangemeld worden worden behandeld. Fouten moeten, hoe pijnlijk dat ook is, bij name worden genoemd. De uitspraak dat dingen die geheim worden gehouden van de daken moeten worden uitgeschreeuwd komt van Jesus. Hij zei dat tegen zijn vrienden toen en ook tegen ons nu. Wat heeft dat met kerstmis te maken? Alles. Want het gaat daar over vrede op aarde in de diepste zin van het woord. Het gaat in de kerk niet om kerstsfeer alleen en daarom is het de vraag of wij die enorme kerstboom daar die we de organisatoren van dat Telegraafconcert cadeau kregen -het is overigens geen echte boom, hij is van ijzer- de vraag is of we die wel hadden mogen accepteren. Sommigen die mij goed kennen weten dat ik kerstbomen haat. Mijn eigen kamer is kerstboomvrij. Ik ben allergisch voor de kerstsfeer die wordt opgewekt met engelenhaar en watten, met zilvertjes die tussen je haren gaan zitten ja bijna ook voor kaarsen maar dat mag ik niet zeggen want Jesus is het grote licht en de kaarsen die wij in de kerk branden verwijzen naar hem. En dragen we met Pasen niet plechtig een supergrote kaars naar binnen: de paaskaars, symbool van Christus. Een van onze koorleden zei: ‘we halen met die kerstboom eigenlijk een paard van Troje de kerk in’; - u kent toch dat verhaal van dat enorme houten paard, dat grote afgodsbeeld dat de onnozele bewoners van Troje als een rijke buit binnenhaalden. Ze waren er blij mee totdat bleek dat er vijandelijke soldaten in verstopt zaten die Troje gemakkelijk binnen waren gekomen en de stad konfortabel konden veroveren. Ik ga verder met het citaat van een van onze koorzangers over dat paard van Troje: ‘als blijkt dat halverwege de nachtmis er uit de boom een man tevoorschijn komt in een rode jas met witte stroken en een gekke puntmuts die OHOO roept dan blijkt dat wij als kerk, de strijd tegen de commercie hebben verloren.’ Dit naar aanleiding van de kerstboom die eigenlijk niet in een kerk hoort. Waar gaat het dan wel om? Niet om kerssfeer dus maar om het bijzondere feit dat de God die hemel en aarde geschapen heeft het fijn heeft gevonden om bij de mensen te komen wonen. In het oude pelgrimsboek Exodus lezen wij, dat God, (de herder van zijn volk op weg door de woestijn), het erg op prijs stelt zelf ook een woontent te hebben tussen zijn mensen in: een ‘tempel’ van tentdoek. De rabbijnen spreken hier hun verbazing over uit. De God die de hemel heeft als zijn woonplaats en de aarde als de voetbank voor zijn voeten kan niet zonder mensen en wil, hoe vaak ze hem ook teleurstellen, dichtbij hen wonen. Vele joodse geleerden en ook de kerkvaders zagen dit ‘in een tent willen wonen van God’ als een sympathiek gebaar van Godswege. Maar kan het ook niet zo zijn dat God ons in Zijn behoeften laat delen? Het klinkt vreemd, maar waarom niet ? God is Uniek, altijd verantwoordelijk voor alles. Iedereen zoekt steeds Zijn hulp en goede raad, bij Hem, die alles kan en weet. Maar misschien heeft Hij die Zijn volk bevrijdde, het manna gaf, de vijanden verjaagde zelf ook behoefte aan liefde, aan aandacht. God verlangt naar contact met de enige schepsels die Hem uit vrije wil antwoord kunnen geven. Hij wil wanhopig graag dat wij Hem liefhebben, Daarom ‘beveelt’ Hij zelfs: "Je moet van Mij, de Eeuwige, jouw God, houden met heel je hart, heel je ziel en met alles waartoe je bij machte bent". Nu 115 jaar staat aan de Leidsevaart in onze stad een grote stenen woontent voor God: de St.Bavokathedraal, onze kerk. Een grote restauratie van ons gebouw zal in januari beginnen maar let wel – alle diensten gaan gewoon door! In deze bijzondere kerk zijn we aan het kerstmis vieren samen met Hem. We hebben geluisterd naar het kerstevangelie: ‘God heeft zijn tent bij ons opgezet; Hij heeft Zich aan ons laten zien in een kind. Een kind is lief, altijd. Ik hoor jonge ouders hier al een beetje protesteren. Een kind is lief maar niet altijd. Je bewijst het kind niet genoeg eer als je het tot een soort knuffeldier degradeert. Een kind is een mens. Een kind dat uitgroeit van baby, peuter, kleuter teener krijgt een eigen plaats in de wereld en dan blijkt dat het onderworpen is aan alles wat er hier in de wereld gebeurt. Een kind wordt zomaar ergens geboren: in Palestina of in Nederland. Een kind treedt binnen in een wereld waarin de machtsverhoudingen duidelijk zijn. Het kind treedt binnen in een wereld waarin de koek keurig verdeeld is en waarin vastgesteld is wie rijk zijn en wie arm waarin regels zijn om alles dat is zoals het is ook zo te houden. Wij van de kerken willen ons daar niet bij neerleggen. Kerkmensen, en dat bent u nu even allemaal voor het gemak zijn gewone mensen, geen haar beter dan anderen. De verwezenlijking van hun/onze idealen valt tegen. Alle fouten in alle eeuwen gemaakt worden achter hun/ons aan gedragen en terecht. Daarom begint iedere viering in een kerk met een schuldbelijdenis: met ‘ik belijd’, de formulering waarmee ieder aanwezige, ook degene die even wil inhaken bij het pelgrimsvolk onderweg, persoonlijk zijn fouten erkent en zegt dat hij of zij opnieuw beginnen wil. We hebben dat aan het begin van deze nachtmissen ook gedaan. Wij, met velen weer met Kerstmis; wij, kinderen, jongeren en ouderen samen Gods volk onderweg. Samen kerk, samen bezig als het goed is. De kerstsfeer deze nacht mag ons niet afleiden van onze opdracht om licht der wereld en zout der aarde te zijn. Je goede wil in daden omzetten, het lijkt vechten tegen de bierkaai. En als we iets doen zijn het de druppels op de bekende gloeiende plaat. Gelukkig, er zijn mensen die kracht uitstralen, liefde. Ik denk aan de mensen die zelf ziek zijn en volhouden. Ik denk aan mensen die hun medemensen die hulp nodig hebben verzorgen soms jaren lang. Ik denk aan de jonge ouders die hun kinderen (-dit jaar werden er meer dan ooit in onze kerk aangeboden voor de doop-) ik denk dus aan de jonge ouders die de kinderen die hun gegeven zijn -ook als ze niet worden gedoopt- alle liefde geven die maar mogelijk is. Waarom die volharding, die zorg, waarom al die liefde ? Heeft dat toch niet te maken met geloof, geloof in de oude droom dat de aarde ooit met vrede bedekt zal zijn? De oude droom dat de vrede het zal winnen van de oorlog en de liefde het zal winnen van de haat. De droom van de leeuw die zal slapen naast het lam en de zuigeling die zal spelen naast het hol van de adder? Beelden die wijzen op iets onmogelijks nu dingen die niet kunnen en schijnbaar ook nooit zullen kunnen maar die toch in ons hoofd blijven en die in de harten der mensen blijven leven omdat wij in ons binnenste een klein sprankje dragen van de goddelijke vonk die in ieder menselijk wezen is ingebracht. De vonk van het geloof, het sprankje van de hoop en de liefde zoals die nog steeds onder de mensen woont omdat die daar ooit is ingebracht door God die bij de mensen zijn tenten wilde opslaan. De God die zijn eigen gezicht liet zien -zoals wij dit jaar met kerstmis weer proberen te geloven- in dat ene kind dat weerloos in een kribbe lag dat weerloos spreken ging dat ons de wet van Mozes heeft doorgegeven en ons heeft verteld over een nieuwe wereld over de trouw van Zijn Vader aan ons mensen. Het kind dat een man werd die opkwam voor de kleinen die zei: 'ik was vreemdeling heb je mij opgenomen ik was ziek heb je mij bezocht ik was hongerig en dorstig heb je mij gelaafd ik was in de gevangenis heb je mij niet in de steek gelaten want: wat je de minsten der mijnen hebt gedaan dat heb je mij gedaan.' In Hem heeft Hij de mensen, u, jij en mij omarmd. Zeg nooit dat de mens dit niet waard is, dat God niets van doen kan hebben met ons aardse gedoe. Je bent als mens, wie je ook bent, hoe je er ook uitziet, wat je ook hebt uitgehaald nooit ‘van God los’. Ieder mens is een concreet mens met plussen en minnen, met zijn eigen wijsheid en zijn of haar (eigen)aardigheden. Hij is begonnen ons lief te hebben en daarom geldt als onze hoofdwet: hebt elkander lief zoals ik jullie heb bemind. Waar recht gedaan wordt en vrede wordt gesticht komt Zijn Koninkrijk naderbij. Geliefd is de mens. Je mag er zijn, wie je ook bent, wat je ook bent. Waar liefde is en vriendschap, daar is God. Goede dagen, zegen over uw nieuwe jaar dankzij de zegen van dit kerstfeest. |