| Paaswake 2010 |
|
| Geschreven door Pastoor H.J. van Ogtrop | |
| zaterdag, 3 april 2010 | |
|
De mooiste kerkelijke viering van het jaar is de nachtmis… zeggen velen. De kerken puilen uit. Stoelen bij. Dat is fijn: iedereen is welkom wij zijn daar als tot gastvrijheid geroepenen heel blij mee, uiteraard. Maar –zegt bisschop Augustinus- ‘de paaswake is de moeder van alle vieringen’ zeg maar de mooiste en belangrijkste viering van het jaar. Bent u ook zo aan Pasen toe? Ik wel. Na die strenge winter, Na alle politieke verwikkelingen in ons land en vooral na alle vreselijke toestanden in de kerk. Ik krijg brieven: ‘mijnheer van Ogtrop, met die kerk van u wil ik niets te maken hebben.’ ‘Die kerk is toch ook van u’ wil ik antwoorden maar dat durf ik niet. Ik schrijf heel beleefd: ‘we respecteren uw besluit maar weet wel: God blijft van u houden of u nu als katholiek ingeschreven bent of niet.’ We gaan Pasen vieren, de eerste vooravond van de zondag na de eerste lente-vollemaan van 2010 komen wij weer samen...in de nacht. Erg overtuigend is de lente nog niet maar deze week voelde ik toch een lekker zonnetje en toen wist ik het: de kou zal het niet lang meer houden het einde van de macht van koning winter is in zicht. Maar nog lijkt het koud. We schieten als mensen zo te kort. Ook als kerk, en we moeten heel wat kritiek verwerken. En dat gebeurt soms zo onhandig. Een prelaat vergeleek de kritiek op de kerk met het antisemitsme, heel jammer en dom want aan het antisemitisme heeft de kerk -zoals Johannes Paulus II dat in 2000 verklaarde- zelf ook schuld. Je wordt er moedeloos van en daarom is het zo goed om liturgie te vieren. Niet om weg te zwijmelen maar om samen te komen in protest tegen de wanhoop deze nacht. Achter in de kerk waren we net bezig met vuursteentjes een klein vuurtje ontbrandde waaraan een grote kaars werd aangestoken: 'Licht van Christus' werd gezongen, tot driemaal toe steeds hoger. En toen we allemaal onze kaarsjes hadden aangestoken aan de grote paaskaars gingen we lezen. De eerste bladzijde van de Bijbel: 'God sprak: er moet licht zijn!' En het kwam: God dank: de eerste dag! Het water werd opzij geschoven: er kwam land in zicht! De aarde werd een goed land om in te wonen. Het land aangekleed met groen gewas, vogels vliegen langs het hemelgewelf en dieren lopen in het vrije veld: alles is goed. Even vergeten dat dieren worden 'geruimd' bij duizenden en dat de aarde nu helemaal niet meer zo gezond is. Als kroon op het geheel wordt de komst van de mens beschreven die alles nog mooier zal gaan maken: en uitbundig zongen we na de zeven andere tussenzang: 'zo werd het avond en morgen deze dag.' In het verhaal mag God dan uitrusten omdat Hij ziet dat alles goed, zeer goed is. Het lijkt een verhaal uit een oude mooie droom. Alles goed, zeer goed??? Ik noemde de foute dingen die er zijn en er zijn ook droevige dingen. In onze eigen parochie zullen we het steeds moeten meemaken hoe mensen – ook jonge mensen helaas- in de bloei van hun leven door ziekte uit dit mooie leven worden weggerukt. Maar de verhalenserie in de kerk gaat door. Het tweede verhaal klinkt: over het volk Israël dat uit de harde slavernij wordt verlost. In de lente gaat Mozes als gezant van God het conflict aan met de farao en hij zal zijn volk voorgaan naar een nieuwe toekomst. Geen zee gaat hem te hoog. Is dat niet geweldig? Als derde verhaal hoorden we het visioen van de profeet Ezechiël die honderden jaren later leefde. Het volk was, na enkele gelukkige eeuwen in Jeruzalem, in ballingschap gevoerd. De levenden waren als doden. In Ezechiëls visioen richt een ruisende stormwind de dode karkassen van de mensen van Israël weer op. Veel om te verwerken. Moeilijk te geloven. Als hemels antwoord klonk dan na drie Alleluia's het paasevangelie: van Lucas dit jaar. Jesus, de aanvoerder van een nieuw mensenvolk, is vermoord. In haast is hij in een graf gelegd. Enkele vrouwen willen het begrafenisritueel voltooien door het lijk te balsemen. Maar ze komen daar niet aan toe en worden door twee mannen (engelen?) weggestuurd: 'waarom zoek je de levende bij de doden.' En dan herinneren ze zich plotseling wat Jesus tevoren al had voorzegd en gaan ze haastig terug naar hun woonplaats en gaan de mannen wekken die nog niet zo ver zijn. Lucas meldt dat de vrouwen enthousiast vertellen over het nieuwe begin. Petrus - en we herkennen dat - ziet dat niet meteen zitten hij gaat ook kijken bij het lege graf en verbaast zich. Maar ook de mannen zullen gewekt worden hun vriend en leidsman Jesus zal hen opzoeken. Ze zullen hem ontmoeten als reisgenoot: De Emmausgangers zijn het beroemdst, de mannen die somber hun weg gingen volkomen beroofd van al hun idealen, ze zullen zijn woorden indrinken op hun weg en hem herkennen aan het breken van het brood –dat staat op de kaft van uw boekje afgebeeld- . De mannen en vrouwen zijn nu allebei getroost Meer ondanks dan dankzij hun inspanningen. Want de echte troost van Pasen is dat Hij het initiatief heeft. Niet wij laten Jesus leven maar Hij ons. Jesus wil graag de voorganger zijn ons allemaal van een nieuw soort mensen die niet bij de pakken neer gaan zitten maar bij Hem willen blijven en daden van gerechtigheid gaan stellen, nieuwe initiatieven zullen ontplooien en volharden op hun plek. Petrus zal naderhand als kerkbaas mensen verzamelen; Petrus die zoveel fouten maakte. Lucas vertelt graag over de kerk, hij schreef een heel boek over de kerk: het heet de Handelingen van de apostelen. Daarin lezen we dat mensen bij elkaar kwamen en alles gingen delen. De buitenwereld sprak er bewonderend over! Dat is in onze dagen niet zo het geval. Maar toch: u bent weer gekomen deze nacht. En velen waren er donderdagavond om te gedenken hoe Jesus maaltijd hield met zijn vrienden. Gisterenavond en gisterenmiddag waren velen van u er ook om de pijn mee te voelen die Jesus leed om ons te verlossen: daarom noemen we Hem terecht een hele Lieve Heer. Gelukkig blijft u erbij en vele anderen over heel de wereld. Mensen blijven komen, u ook weer deze nacht. Mensen komen om hun kinderen te laten dopen, om te rouwen en te trouwen. Jonge volwassenen melden zich voor de doop -in deze jaren meer dan vroeger- er is toch ook een hele goede kerkgeschiedenis gaande. De geschiedenis van God die naar ons toekwam -zoals wij dat met kerstmis vierden- maar die solidair met ons verder gaat trouw aan ons tot in de dood, ja tot over de dood heen. Voor ieder van ons geldt de belofte van God: IK ZAL ER ZIJN. En, wanneer we dreigen te bezwijken zegt Jesus ons: IK BEN MET U ALLE DAGEN. Ik voelde dat al in de plechtigheden die wij samen vierden Ik voelde al een beetje zon deze week als een teken van hoop; neen, nu bedoel ik niet alleen maar dat het echt lente gaat worden maar dat God ons vergeven wil en werkelijk van ons houdt. Ik voel en ik getuig er als priester van dat er hoop is voor deze kwetsbare wereld. Dat wij mensen geliefd zijn zo hulpeloos als wij zijn en dat God ons redden zal uit de wurggreep van de dood. Laten we gauw neerknielen om onze hemelse hulptroepen erbij te halen: de heiligen van alle eeuwen en daarna zal onze doopcandidaat naar voren komen en zullen wij allemaal worden opgeroepen onze eigen verantwoordelijkheid serieus te nemen. God zegene ons allen Hein Jan van Ogtrop, pastoor |

Maar het belangrijkste is toch wel dat de kathedraal het huis is van een gemeenschap van mensen: de St. Bavo-parochie. Zonder al de mensen die zich daar mee verbonden weten, daar samenkomen en ook veel werk verzetten zou het bovenstaande niet eens allemaal in de kathedraal kunnen!


