-Handelingen 2,14.22-28, niet aan de dood prijsgegeven -Lucas 24,13-35, de Emmausgangers Wat hebben we samen toch een goede bemoediging gekregen in de goede week en in de viering van Pasen samen. We hebben dat nodig, nu zo zonder Paus.
Vandaag een evangelie om ons goed op de been te helpen. Ik herinner mij dat mijn vader als hij dit evangelie gehoord had, (vroeger werd het op de tweede paasdag gelezen), altijd zei: 'wat is dat een mooi evangelie.' En dan ging je er als kind extra goed naar luisteren.. naar dat wonderlijke verhaal over die twee die het -om even een lelijke moderne uitdrukking te gebruiken- 'niet meer zien zitten.' Het gaat over twee mensen die mokkend van Jeruzalem weglopen, op weg naar Emmaüs. Natuurlijk hebben vele bijbelgeleerden zich afgevraagd waar het dorpje Emmaüs ligt waar de twee naar op weg zijn. Helaas... er is geen dorpje met die naam te vinden in de onmiddellijke nabijheid van de heilige stad. Natuurlijk wijze de gidsen in het heilig land wel zo'n plaatsje aan maar dat is voor de commercie. In oude historische boeken is echter wel een Romeinse kazerne te vinden die die naam gedragen heeft vlak bij Jeruzalem dat, zoals u weet, door de Romeinen bezet was in die dagen. Dat maakt het verhaal van die twee uit het legerkamp Emmaüs des te spannender. Ze hadden gehoopt dat Jesus degene was die zijn volk zou komen bevrijden. Tegen heug en meug deden ze hun werk in de Romeinse nederzetting en nu hadden ze Jesus eerst toegejuicht op palmzondag en gehoopt dat hij zijn volk met bekwame spoed zou komen bevrijden. Dat was niet gebeurd, althans niet zoals zij dat verwacht hadden.... ze moeten weer terug naar hun werk in de legerplaats in dienst van de vijand. Teleurgesteld keren ze de heilige stad de rug toe. Maar ze zijn hun God van de bevrijding nog niet vergeten. Want terwijl ze zich van Jeruzalem afkeren zijn ze aan het spreken over de schrift. Ze praten nog over hun geloof en zolang mensen dat nog doen is er hoop. Alleen weten ze met alles wat er gebeurd is geen raad. En dan komt de vreemdeling die zich aan hun zijde schaart... volkomen onverwacht. Het staat zo mooi beschreven: 'Hij wandelde met hen mee.' Hij laat ze niet aan hun lot over. Een eindje meelopen kan vaak al genoeg zijn om anderen te helpen. Als de medewandelaar vraagt wat hen zo dwars zit komt het hele verhaal eruit. 'Wij waren vol van Jesus van Nazareth en dachten dat Hij het was die Israël zou verlossen. Maar ze hebben Hem gedood en dat is inmiddels al drie dagen geleden. Ja, er zijn verhalen dat Hij weer zou leven... maar wat moeten wij met verhalen.' Wat moeten wij met verhalen.. een vraag die veel gelovigen zich stellen, hebben we daar wat aan? De mee-wandelaar doet NIET wat veel mensen soms doen. Hij gaat NIET MEEKLAGEN: het is toch verschrikkelijk allemaal, die toestand van de wereld tegenwoordig. Sommige mensen gaan, als anderen hun nood vertellen, een duit in het zakje doen door er zelf nog een prachtig rampverhaal aan toe te voegen. De wandelaar uit het evangelie luistert naar hun klachten. Hij neemt ze serieus maar ...... Hij huilt niet mee met de wolven in het bos. Hij gaat er tegen in en zegt: 'is deze Jesus die zo met de mensen bevriend was, die mensen zonder hoop weer bemoedigde, die zieken overeind hielp en zondaars weer hoop gaf niet precies degene die de mensen nodig hebben? En is deze Jesus die met de mensen die lijden moeten en gemarteld worden zo solidair was dat Hij zelf ook gemarteld wilde worden en meeleed... niet degene over wie de Heilige Schrift droomde, deze trouwe knecht van God die ons iets liet zien van vriendschap en solidariteit tot in de dood toe?' 'Ja dat is wel mooi meneer maar wat hebben wij daaraan?' En dan fantaseer ik een beetje door over hoe de vreemdeling kan verder gegaan zijn: 'Je hebt gelijk maar er is meer! In de Schrift staat ook te lezen dat God een God van levenden is en dat Hij de zijnen niet in de steek laat. Het staat in het Oude Testament te lezen, Petrus citeerde dat zo mooi, -dat hoorden we in de eerste lezing- 'wat de rechtvaardige betreft: zijn ziel zult Gij niet aan het dodenrijk prijsgeven en Uw heilige zal het bederf niet zien.' De rechtvaardige zal niet sterven maar leven en oordelen over allen die hem hebben vervolgd. En terwijl ze zo praten wordt het avond. 'Blijf bij ons' zeggen ze dan. En dan draait het verhaal om. Het wordt avond en dan doen ze iets belangrijks: ze nodigen de reizeiger die opeens hulpeloos lijkt uit: kom bij ons eten. Ze worden van klagers gastheren en dan kunnen er nieuwe dingen gebeuren. En die gebeuren er dan ook: ze blijken een bijzondere gast in hun midden te hebben: Als zij hun brood hebben willen delen blijken ze niet alleen te zijn met elkaar Jesus zelf, hun grote vriend, blijkt plotseling zelf aanwezig. 'Het is de Heer' roepen ze verbaasd uit. 'Waar twee of drie in mijn naam bijeenzijn daar ben ik in hun midden...' had Hij ooit gezegd. Het staat in de oude joodse geschriften van Jesus' tijd ook prachtig beschreven: 'wanneer drie personen aan één tafel eten, terwijl ze daarbij de woorden van God bespreken, dan wordt het beschouwd alsof ze eten aan de tafel van de Alomtegenwoordige.' Het verhaal heeft een happy en gekregen. Het is een verhaal dat in de vele eeuwen dat het verteld wordt en gelovigen verder trekken, moeizaam en teleurgesteld om mensen met hun teleurstelling en troosteloosheid weer hoop te geven. Geldt dat ook voor ons vandaag? Ja, juist voor ons. Wanhoop en teleurstelling zijn geen gevoelens van deze tijd alleen: het zijn gevoelens van alle tijden en ze worden door de Heer ernstig genomen. Er wordt naar ons geluisterd door iemand, IEMAND met een hoofdletter die met ons mee wandelt. En wij zullen Hem herkennen als wij ons brood willen breken met de vreemdeling, met de arme. Als wij dat durven gaan wij niet alleen door het leven. En wij kunnen Hem na gaan doen door mensen te gaan opzoeken, door met mensen mee te wandelen. Door naar hen te luisteren en hun onderweg troost te bieden. Wij kunnen Gods naam ook zelf waar maken in deze wereld naar anderen toe... de prachtige naam die ons op deze zondag van de Emmausgangers weer verkondigd wordt: IK ZAL ER ZIJN. Amen. Openingsgebed: Almachtige eeuwige God, U hebt Uw volk begeleid door de woestijn U bent met ons meegegaan als een licht op ons pad U hebt tot ons gesproken in Jesus Uw zoon wij bidden U: open onze ogen voor Hem die met ons door het leven gaat open onze oren voor Hem die tot ons spreekt in Zijn evangelie maak onze geest toegankelijk voor het verstaan van de Schriften. Zo vragen wij U omwille van Jesus Messias Uw dienstknecht, die in eenheid van de Heilige Geest voor ons leeft tot in de eeuwen der eeuwen. AMEN. VOORBEDEN: Priester begint: Almachtige eeuwige God ga vandaag ook met ons mee op onze pelgrimstocht en luister naar onze gebeden: Lector vervolgt: Wij bidden U om troost op onze levensweg om licht als wij in het donker gaan. Wandel met ons mee wij redden het niet alleen. Laat ons bidden voor alle die in deze wereld verantwoordelijkheid dragen, in de kerk, vooral nu we zonder Paus zijn wij bidden voor regeringsleiders, voor moeders en vaders die hun gezin verzorgen, voor mensen die in de parochies actief zijn. Voor missionarissen en zendelingen, voor dokters zonder grenzen, voor mensen die opkomen voor het recht: wek uw macht Heer en kom ons bevrijden. -- Laat ons bidden voor mensen dicht om ons heen: voor mensen die leven in moeite en zorg: ongezien en ongeacht, voor mensen die bedroefd en ontgoocheld zijn, voor allen die geen zin meer hebben in het leven. Voor allen die de hand aan zichzelf sloegen; voor allen die slachtoffer zijn in het verkeer voor zieken zonder hoop en genezing voor mensen die in een groot verdriet gedompeld zijn voor mensen met een gemis dat bijna niet te dragen is. - Wij bidden U om trouw op onze eigen plek opdat wij doen wat ons te doen staat en deze week en in en de komende weken (volgt slotgebed door de priester) slotgebed voorbeden: Heer God, al deze woorden, heel dit uur van gebed, wij zijn het zèlf. In deze Paastijd roepen wij U: Wij leven nog, hóud ons in leven, zo bidden wij U met Jesus Uw Zoon ons stralend licht onze hoop en onze toekomst die leeft en regeert in de eeuwen de eeuwen. Amen. |