Paasboodschap 2004Het Bijbelse Egypte (wel te onderscheiden van dat mooie land aan de Middellandse zee) is het land van de ellende, van de dictatuur, van de ongelijke verdeling van de rijkdommen, van het terrorisme. Dat Egypte is dichtbij, tot onze grote ergernis.
Pasen is het feest van de bevrijding uit die ellende. Het verhaal begint bij Mozes die moest meemaken hoe één van de opzichters in dienst van de Farao een joodse slaaf bruut neerslaat. Hij komt voor de weerloze op en moet vluchten naar de woestijn. Daar vindt hij rust, trouwt, krijgt een kind en past op de schapen van de kudde van schoonpapa. Maar het is geen echte rust. Dit kan niet zo blijven en Mozes krijgt dan ook op een schijnbare rustig middaguur, terwijl de zon brandend aan de hemel staat een visioen van een braambos dat in brand staat maar niet verteert. Het beeld van de nietige braamstruik die niet verbrandt wordt door de joodse lezers vaak gezien als het beeld van het lijden van de nietigen, de kleinen. Ze lijken verbrand en vernietigd te worden maar ze komen er toch doorheen. Net zoals de braamstruik de vurige dodelijke vlammen moet trotseren en ook trotseert zo is het slavenvolk van God met Pasen door alle beproevingen heen gekomen. Dat wordt bij het joodse Pasen gevierd. Maar ook ons heeft dat visioen iets te zeggen: het gaat om het geheim van ieder mens die gaan wil met God en die zich door God in bezit laat nemen. God zelf is een laaiend vuur van verontwaardiging. Alle onrecht, alle slavernij, iedere marteling is een slag in het gezicht van God. En die God spreekt vanuit dat brandende braambos: 'ik heb jullie ellende gezien.' De mens die zich ergert aan het onrecht en die opkomt voor het recht is iemand die mag weten dat God aan zijn kant staat. Hij is niet alleen. Het teken van 'Mijn aanwezigheid,' zegt God, 'is dit: als jij je opdracht serieus neemt, zal het lukken.' Dat wordt ook van ons in onze dagen gevraagd. Het geweld grijpt breed om zich heen. In Spanje zijn doden begraven er zullen er meer begraven moeten worden: het geweld is nog niet de wereld uit. Met Pasen volgen wij een man die solidair was met de weerlozen. Hij nam zijn kruis op en ging de berg op om geëxecuteerd te worden. Een joodse man: Simon van Cyrene hielp hem, vrouwen troosten hem, zijn moeder bemoedigde hem onderweg. Wij worden uitgenodigd zelf zo ook te zijn en de mensen die lijden, waar ook ter wereld tot steun te zijn. En als wij ons afvragen wie die God nu wel is en of Hij nog wel in onze nabijheid is in deze dagen mogen wij zijn naam goed in onze oren knopen: 'Mijn Naam is' -zo zei Hij tot Mozes- aan het einde van dit gesprek bij het brandende braambos: 'Mijn Naam is: IK ZAL ER ZIJN.' Wij wensen u allen goede dagen toe, u bent welkom - als u kunt- bij de plechtigheden, Zalig Pasen! Het pastorale team van de Bavo, Els van Dongen Hein Jan van Ogtrop Erna Peijnenburg Wilt u meedoen met de Vastenactie: giro 92.387, t.n.v. parochiebestuur St. Bavo met vermelding: Vastenaktie Ethiopië 2004. |