Sluit je aan bij de Vriendenkring van de Nieuwe Bavo •                                         info@rkbavo.nl • (023) 55.333.77

Pinksteren 2003 E-mail
Geschreven door Pastoor H.J. van Ogtrop   
zondag, 22 juni 2003

SACRAMENTSDAG.
Ex.24,3-8
Mc.14,12-26 *

Wat is het heerlijk om in zo’n prachtige kerk de Eucharistie te vieren,
wat is het goed dat het doorgaat: het vieren van Gods aanwezigheid in ons midden.
Jet kunt het Haarlems Dagblad niet opslaan of er staat weer een foto in van onze kerk
en vooral ook van ons koor.

Gisteren nog een prachtige foto van ons grote koor in 1971
met Mgr. Jan Valkestijn involle actie,
eergisteren drie generaties koorleden op een prachtige foto
in de krant: Jan en Harry van der Lubbe en kleinzoon Pim
die vanochtend geinstalleerd is
ze geloven er allemaal in en
Pim legt een prachtige geloofsbelijdenis af.

Waar doen ze het voor en waar geloven ze in?

Ze doen het om in een wereld van macht en geweld
een ander verhaal levend te houden:
het verhaal van de liefde en de vrede.
Het verhaal van Jesus die ons het oude geloof van Israel doorgaf
maar het vooral met zijn eigen leven voorleefde.
Zijn leven én zijn dood.

In iedere Nederlandse Mis zingen we na de opheffing van brood en beker:
'Als wij dan eten van dit brood
en drinken uit deze beker
verkondigen wij de dood des Heren totdat hij komt'.

Wie eet en drinkt wordt Jesus' dood in herinnering gebracht.
Zo leven als Jesus is niet zomaar wat
het kost je je leven.
Marcus vertelt dat de eerste leerlingen die Jesus op Zijn weg toen mochten volgen
dat niet zo gemakkelijk konden begrijpen.
Marcus vertelt ons over de ernst van het geloof.
Misschien niet prettig vandaag want
als je een feestelijke viering , zonder bewolking,
alleen maar in de hoerastemming wilt vieren moet je niet bij Marcus zijn.

Wel als je een Sacramentsdag wilt gebruiken
om het geheim van Jesus' solidariteit met de minsten der zijnen
met de armen en lijdenden van alle tijden te overwegen.
Een solidariteit die hun de vrijheid brengt
bevrijding uit onmacht en slavernij.
Jesus wilde zijn leerlingen en wil ook ons
in dat geheim inwijden, en hen en ons erbij betrekken.

Hij roept zijn vrienden bij elkaar. Waar ?
Antwoord: dat kan op elke willekeurige plaats.
Als de leerlingen vragen: 'waar zullen we het paasmaal houden'
geeft Jesus ten antwoord:
'jullie zullen een man zien lopen met een kruik
ga hem maar achterna.'

Een merkwaardige opmerking.
Want in heel de stad liepen mannen met kruiken rond
het was immers paasavond.
Jesus wil dus zeggen:
'het geeft niet waar je een zaaltje uitzoekt
ga gewoon maar ergens naar binnen.'

Dat is het mooie van de Eucharistie:
ze kan overal gevierd worden.
In een kathedraal, in een dorpskerk, in een krottenwijk:
op een marmeren altaar, op twee houten plankjes..
als er maar mensen zijn die in de geschiedenis willen staan
van God die mensen bevrijden wil en
leiden naar een nieuw goed land.

Wat gaan ze daar samen doen, Jesus en zijn vrienden ?
Jesus zal in dat willekeurig gekozen zaaltje voorgaan
in het oude paasritueel, de viering bevrijding van de slaven uit Egypte.
Het paasritueel dat wij iedere zondag
en vooral op sacramentsdag vandaag herhalen.

'Waarom is deze avond anders dan alle andere avonden?'
De jongste mag dat bij iedere joodse paasmaaltijd vragen,
de jongsten zijn belangrijk –dat zien we vandaag ook weer-
en de vraag van de jongste brengt de volwassenen in beweging:
omdat zij het vragen gaan ze elkaar
-en dat doen we vandaag toch ook-
het oude verhaal weer doorvertellen
over God die ons mensen geholpen heeft ooit
toen we slaven waren in Egypte
en tot op de dag van vandaag.

De zegen over het brood wordt uitgesproken:
'Gezegend zijt Gij, Heer, onze God,
Koning van de wereld,
Gij die het brood uit de aarde doet komen.'

Na het 'Amen' van de tafelgenoten wordt het brood,
ongedesemd brood gebroken en uitgedeeld.
Normaal zegt men dan: 'dit brood herinnert aan het brood
dat wij haastig moesten eten toen wij weg gingen uit Egypte..
neemt en eet het brood van onze bevrijding.' Maar Jesus voegt daar iets aan toe:
'Neemt en eet, dit is mijn lichaam',
ik zelf, in levenden lijve, ga mijn leven geven voor jullie
en zo ben ik het brood van jullie bevrijding.

Daarna komt het dankgebed over de beker met de wijn.
Weer een zegenspreuk: 'Gezegend Gij die de vrucht van de wijnstok voortbrengt',
waarna de beker rondgaat, weer met een eigenaardige tekst:
'Dit is mijn bloed van het verbond dat vergoten wordt voor velen.'
Hij kondigt aan dat zijn leven gegeven wordt ter bevrijding van allen,
Hij verkondigt zijn dood in dezelfde nacht
waarin de paaslammeren geslacht zullen worden in Jeruzalem
en iedereen blij de bevrijding uit Egypte viert.

Zo is een heel eigenaardig paasmaal beschreven
een maal waarin de Meester in solidariteit
met alle lijdenden van alle tijden
zijn dood aankondigde en uitbeeldde in het ritueel
dat hij besloot met de opdracht:
'doe dit na om aan mij te denken.'

Dat proberen wij hier nu al vele jaren
wij, koor, voorgangers, organisten, lectoren
collectanten allemaal samen de parochie hier.

Samen zijn we nu Sacramentsdag aan het vieren.
Vieren... zeg ik. Wat vieren we eigenlijk ?
Ik citeer een zin uit Schillebeeckx' preek over Sacramentsdag:
'Waar er op het niveau van het feitelijke dagelijkse leven
overmacht van aardse machten is,
worden die, in de orde van de sacramentele werkelijkheid
uitgeschakeld en ontwapend.
Daarom zetten we nu reeds,
in de aardse geschiedenis, hier en nu,
sporen van een komende nieuwe wereld. '
Op onze pelgrimstocht hebben we,
net als dat volk op tocht door de woestijn, een trouwe vriend.

In de eerste lezing horen we hoe Mozes,
nog net zo jong als een neomist na op de berg van God geweest te zijn
weer naar beneden kwam bij zijn parochianen aan de voet van de berg.
Toen sprenkelde hij als een jonge priester het bloed van het verbond over het volk
en vertelde daarbij dat de Heer zich
voor altijd aan hen verbinden wilde.
En wat God verbinden wil dat zal de mens niet scheiden.

God, de belangrijkste partner, zegde Zijn trouw toe
'tot in het duizendste geslacht'.

En de partner met een kleine letter, het volk van God,
de gewone mensen reageerde enthousiast:
'We zullen alle woorden bewaren (en letterlijk volgt er dan:)
DOOR ZE TE GAAN DOEN.'

Heerlijk al die goede wil.
Maar het verbond van God met de mensen
is net zo kwetsbaar als een menselijk huwelijk.....
Het enthousiasme van het begin is later, net als bij ons een beetje verdwenen.
Je maakt zoveel mee.

Dan moeten we naar de oude Mozes luisteren
als hij, ervaren en wijs,
na al die lange jaren woestijn zijn volk toespreekt.
met uitgebreide afscheids- en bemoedigingswoorden,
Mozes zegt dan:
'De tocht was zwaar,
vergeet daarom nooit aan je nageslacht te vertellen
wat je hebt doorstaan
vertel over de pijn en de zorgen, de angst en de honger
maar iets anders moet je ook vertellen:

er is altijd Iemand, en nog wel Iemand met een hoofdletter
met je meegegaan al die jaren !
Het was een zware tocht
maar tijdens die tocht zijn jullie volwassen geworden
en gegroeid.
Één heeft er voor jullie gezorgd:
je hebt het Manna onderweg gekregen,
en het water uit de rots ........
je voeten zijn niet gezwollen al die jaren...
je hebt het -samen met Hem- volbracht!'
Er zijn geen goede tijden of slechte tijden.
De vraag of het tegenwoordig beter of slechter is dan vroeger
is een onbelangrijke vraag. Het enige belangrijk is dat we weten
dat God met ons verder wil.


God sloot zijn verbond niet met de engelen
maar met ons gewone aardige maar soms ook minder aardige,
enthousiaste maar soms ook teleurgestelde mensen.
ECCE PANIS ANGELORUM FIAT ESCAM VIATORUM..
luidt een oude sacramentshymne..
het brood der engelen is het voedsel geworden
van gewone stervelingen.

In Zijn Verbond met die mensen
vindt God Zijn vreugde.
Dus vieren we samen Sacramentsdag...
en hopelijk lijken we op dat volkje van God
aan de voet van de berg dat zei:
'we zullen doorgaan en de woorden doen.'

En we geloven niet in goede tijden en slechte tijden:
de enige vraag die echt van belang is is deze:
WIL IK PERSOONLIJK REIZEN MET GOD.

Geloven is een zaak van jou persoonlijke keuze.
Daarom zingen we in de hoogmis niet credimus (wij geloven)
maar CREDO, IK geloof.

Ik zelf wil leven als iemand die weet dat
hij of zij geroepen is er te zijn op zijn of haar eigen plek.

Wat ons samenbrengt is de gedachtenis aan Jesus,
de gedachtenis aan Zijn liefde, Zijn solidariteit,
Zijn overwinning van de dood.

Het leven met Hem
en in Hem met elkander
is goed. We zijn veilig en geborgen
in de handen van de levende God.

Niet voor niets zeggen wij daarom bij het uitdelen van de Eucharistie:
'het Lichaam en Bloed van Christus
beware ons ten eeuwig leven'.

'Amen' zegt de gelovige, zo moge het zijn !

Vrede en alle goeds aan ieder die dit leest,
Hein Jan van Ogtrop, Plebaan