| Ruimte voor God in ons midden |
|
| Geschreven door Pastoor H.J. van Ogtrop | |
| zondag, 22 juli 2007 | |
22 juli 2007: 16e zondag door het jaar:Schriftlezingen: -Genesis 18, 1-10 -Lucas 10,38-42God komt de mensen echt nabij. Je moet Hem alleen willen zien.Hij komt naar ons toe en bezoekt ons graag, regelmatig zelfs. Hoe? Om te beginnen verschijnt Hij in mensen die op ons afkomen (dat leren wij uit het goede boek: de Bijbel). Zijn wij aan zijn komst in ons leven toe ? 'Ik was vreemdeling' lezen we in het evangelie 'en ge hebt mij opgenomen' . Vreemdeling…. bij ons komt dan de aarzeling; wij zijn van nature wantrouwend. 'Die ander is vast gevaarlijk, wat moet die hier.' Abraham kent die reserve niet als er plotseling drie mensen bij hem aankloppen. Water biedt hij aan - in de woestijn kostbaarder dan zilver- een gemest kalf wordt geslacht, kazen aangesleept en glimmend van voldoening kijkt Abraham toe hoe de vreemdelingen genieten van zijn eten. Abraham is gastvrij en... terecht vreemdelingen zijn niet zomaar vreemdelingen hij ontvangt God zelf die hem heil en zegen toewenst en een nieuwe toekomst aankondigt. Op Jesus' pelgrimstochten naar Jeruzalem is het huis van Marta en Maria een regelmatige pleisterplaats. Om precies te zijn: het huis van Marta, Maria woont in. We horen het elders in het evangelie duidelijk vermeld: 'een vrouw die Marta heette ontving Hem in haar woning.' Het is pijnlijk om te merken hoe simpel vaak over Marta gepraat wordt. Marta geldt dan als een dom sloofje, een vrouw die stoft en zwoegt en eigenlijk niet weet waar het over gaat. Maria is dan degene die weet wat belangrijker is en luistert in plaats van in de keuken te redderen. Daarbij vergeten we dat de keuken in een Joods huis, - in ieder huis trouwens, ook bij ons in de pastorie- een hele belangrijke plek is. Ik vind het bij een huiszegen -waarom vragen de Haarlemmers daar toch zo weinig om?- misschien omdat ze minder verhuizen dan Amsterdammers- Ik vind een huiszegen heel belangrijk ik heb dat ook al meerdere malen gezegd. En ik vind het bij een huiszegen altijd goed om ook even de keuken te bezoeken. In het jodendom is de keuken bijna een heiligdom omdat daar de kosjere spijzen bereid worden. Je hebt dan een aparte melk-keuken en een vlees-keuken. Het gaat daarbij niet om de regels of de regeltjes maar om het hele vrome godsdienstige spel waarmee wordt aangegeven dat mensen met zorg en eerbied met alles wat hun is moeten omgaan. Marta, de bezige, is de behoedster van het actieve geloof. Ze is de huisbazin zonder wie dit gezinnetje niet zou kunnen bestaan. Zij houdt -met alle andere joodse vrouwen- in tijden van vervolging en pijn het geloof overeind. Jesus heeft vaak van Marta's zorg genoten en wie weet wat ze allemaal nog voor wijze adviezen aan onze Heer gegeven heeft zoals vrouwen dat vaak -schijnbaar onopvallend maar des te duidelijker- doen. Van Marta is trouwens ook nog een geloofsbelijdenis bekend die zeker zo krachtig is als die van Petrus. Als ze later Jesus ontvangt als hun broer Lazarus is gestorven zal ze zeggen: 'Heer ik weet dat Gij de Messias zijt die in de wereld gekomen is.' Een geloofsuitspraak waarop Jesus ook best zijn kerk had kunnen bouwen. Marta staat voor alle vrouwen die het geloof als een werkzame kracht doorgeven aan de nieuwere generaties. En Maria dan? Zij staat model voor de luisterende mens. De mens die luistert naar het nieuwe en zich verbaast. Ze verbaast zich over de rijkdom van het geloof en over de nieuwe kansen die God iedere keer opnieuw aan mensen geeft. Zij verheugt zich over de woorden van Jesus, onze Messias en zij beseft dat de mens niet leeft van brood alleen, maar van alle dingen die voortkomen uit de mond van God. Marta en Maria: ze horen bij elkaar: ze staan voor twee zaken die bij elkaar horen. Ze zijn allebei nodig en samen wijzen ze ons 1) op het volhouden in trouw aan je dagelijks opdrachten èn 2) het je open stellen voor het nieuwe. Geloof zal niet kunnen bestaan als er geen Marta's zijn, mensen, die met taaie volharding blijven doorgaan met de gewone dingen die gedaan moeten worden in een wereld, thuis of in de parochie, betrouwbaar op hun post. Maar geloof zal de vonk van het leven missen als er niet ook mensen als Maria zijn; vrouwen en mannen, jongeren en ouderen, die durven horen wat nog niemand gehoord heeft en durven doen wat nog niemand heeft gedaan. Gezegend de mensen die elkaar aanvullen, corrigeren en helpen. Waar het de vrouwen betreft: wij zijn nog lang niet toe aan het echt op ons laten inwerken van alle teksten die er over vrouwen in de Bijbel staan. We hebben er gewoon overheen gelezen en vrouwen kunnen ons helpen bij de bestudering daarvan. Augustinus vertelt ons: ‘denk niet dat op de pinksterdag alleen de 12 leerlingen de Heilige Geest ontvingen neen, het waren er 120, mannen en vrouwen.’ We hoorden het deze week: in het Vaticaan zullen meer vrouwen worden uitgenodigd belangrijke functies te bekleden. Dat is goed. Men zal natuurlijk ook moeten nadenken over het functioneren van vrouwen in de liturgie. Daar doen de mannen nog steeds heel angstig over. Hopelijk gaat dat eens gauw over. Vrouwen diaken? Ik heb al meerdere malen gezegd dat wij daar best eens mee kunnen beginnen. Maar laat ik niet zeuren. Wij gaan samen verder aan het werk: Mannen en vrouwen, jong en oud; we zullen samen onze bijdrage leveren aan een betere wereld, aan een vernieuwde kerk en er zal ruimte komen voor menselijkheid, een nieuwe zusterschap en broederschap die zorg, eerbied en recht ter harte gaan. Met die gemeenschap wordt het ongehoorde mogelijk, het totaal nieuwe zal gebeuren: een nieuwe mensheid wordt opgebouwd van mensen die horen en doen. In het aandachtig liedboek van Oosterhuis lezen wij het zo: 'Gezegend zij de vrouw voor de man en de man voor de vrouw, en oud voor jong en sterk voor zwak. Gezegend die weten wil wat recht en wat slechts is, en die trefzeker kiest en niet wijkt voor geen macht. Die onbevangen spreekt en onbevangen liefheeft. En we lezen ook in de Schrift: 'Als er twee of drie bijeen zijn dan ben ik in hun midden.' Het is dus geen vaag vrijblijvend gebeuren als mensen elkaar ontmoeten, elkaar serieus nemen, van elkaar willen leren.... er is iets heiligs gaande Dat gebeurt hier. Kinderen worden gedoopt, vandaag weer in de volle openbaarheid. Kinderen doen hun eerste communie, teeners werden gevormd, jonge mensen trouwen… Mensen rouwen ook en sterken elkaar. De tekst van Oosterhuis die ik citeerde over de zegens die wij elkaar kunnen brengen eindigt met Degene te bezingen die dan in de buurt is de Gast in ons midden die wij in iedere geloofsbelijdenis noemen als onze Metgezel: Gezegend is de nieuwe mens die tot ons kwam, Jesus Messias, die zich gegeven heeft, zich nemen laat, die wordt gebroken, uitgedeeld van hand tot hand. Dat is zijn ultieme aanwezigheid in ons midden. Dat Hij welkom blijft in ons midden is mijn bede en dat wij gastvrij en open zijn naar elkaar. Dan zij wij met elkaar gezegend en kijkt Hij naar ons in liefde en trouw. AMEN. |



