| Voor kleine mensen is Hij bereikbaar |
|
| Geschreven door Pastoor H.J. van Ogtrop | |
| zondag, 24 december 2006 | |
|
Vierde zondag Advent,
Soms vragen mensen aan elkaar:
‘wat zal er gaan gebeuren?’ Wat doen die dan? De toekomst voorspellen zoals Nostradamus of een helderziende. Neen, niets van dat alles, ze voorspellen niet maar ze waarschuwen en geven mensen hoop: die twee dingen, 'Ja maar die profeet van vandaag, Micha dan, die voorspelt toch maar mooi dat Jesus in Bethlehem zal geboren worden: JIJ BETHLE¬HEM ZEKER NIET DE MINSTE VAN DE STEDEN VAN JUDA WANT UIT JOUW MIDDEN ZAL EEN LEIDER GEBOREN WORDEN'. Dat lijkt zo maar het is niet waar. Had Micha dan geen gelijk? Zeker hij had gelijk maar zijn tekst is geen voorspeltekst maar heeft een diepere zin. Micha leefde in de zorgelijkste tijd die Israël ooit gekend had. De tijd van David en Salomo was al lang voorbij, er waren konin¬gen die van God noch gebod wilden weten maar die wel er prat op gingen dat ze van koning David afstamden en zijn troon bezetten. Met trots hielden zij hun hofhouding in Jeruzalem en gaven zij veel geld uit aan hun harem en aan hun paleizen. De profeet Micha ziet dat het zo de verkeerde kant opgaat. Hij ziet hoe Juda innerlijk verzwakt is, de regering corrupt is en hoe niemand zich nog iets aantrekt van Gods geboden en van zijn naaste. In die dagen kondigt Micha de komende ballingschap van Gods volk aan. Niet omdat hij in de toekomst kan kijken maar omdat hij ziet dat het zo niet langer door kàn gaan. Maar hij ziet meer. Hij ziet dat er altijd de mogelijkheid is van een nieuw begin. En dan komt zijn visioen over het kleine herdersdorp Bethlehem. Het is in zijn tijd een totaal vergeten en verlaten oord gewor¬den waar alleen nog maar wat herders rondscharrelen. Maar de pro¬feet zegt: 'wil het nog wat worden met Jeruzalem dan zal er een nieuw begin gemaakt worden, zoals toen in Bethle¬hem. Daar werd de kleine David, de herders¬jongen door de profeet Samuël uitver¬koren om herder te gaan zijn over zijn volk. Een koning die liederen maakte: 'MIJN HERDER IS DE HEER, HET ZAL MIJ NOOIT AAN IETS ONTBREKEN' Zo’n koning, in de stijl van David, zou in staat zijn op te komen voor zijn mensen. Een koning die God eerbiedigde en de mensen wilde dienen zou het volk weer tot zegen kunnen zijn: een koning van de kleinen -zoals David dat was,- kan redding bieden. Enkele honderden jaren later leefde Maria, Mirjam heette ze echt, Mirjam van Nazareth. Ze droeg de naam van het zusje van Mozes. Die had haar broertje gered door hem in het riet te verstoppen in een biezen mandje en ze had dapper haar broer gesteund toen hij de joden aanvoerde weg uit het slaven¬land Egypte. Ze had gezongen met alle joodse vrouwen uit dank¬baarheid aan de overkant van de zee. Mirjam was de profetes van de bevrijding, de zangeres van een nieuwe toekomst. Dat zal Mirjam van Nazareth, die wij met haar Griekse naam Maria aanduiden ook zijn. Met Mirjam zal een nieuw toekomst beginnen zegt de evangelist Lucas. Het lijkt er voor de oppervlakkige waarnemer op dat alles bij het oude zal blijven. Maar een andere geschiede¬nis, waar de profeet Micha ook van droomde, staat op doorbreken: Gods Koninkrijk, een toekomst die alle verwach¬tingen te boven gaat komt naderbij. De bode -de engel van God- had het gezegd: 'JE NICHT ELISABETH HEEFT IN HAAR OUDER¬DOM EEN ZOON ONTVAN¬GEN, EN, OF¬SCHOON ZIJ ONVRUCHTBAAR HEETTE IS ZIJ NU IN HAAR ZESDE MAAND; WANT VOOR GOD IS NIETS ONMOGE¬LIJK! Beloften van God zijn nooit voor niets gesproken, de kracht van de heilige Geest die boven de chaos zweefde zal iedere keer opnieuw het aanschijn der aarde vernieuwen: Gods woord keert nooit werkeloos terug. Maria zal door de kracht van de Geest worden overschaduwd en de droom van iedere joodse vrouw zal aan haar in ver¬vulling gaan: zij zal de moeder van de Messi¬as mogen worden. Ze weet hoe wonderbaarlijk God met Israël wil omgaan en zegt in dankbare verwachting, namens haar volk: 'ZIE DE DIENSTMAAGD DES HEREN, MIJ GESCHIEDE NAAR UW WOORD'. Daarna gaat ze vlug naar Elisabeth en zal met haar, -de vrouw die onvruchtbaar heette- als eerste getuige zingen over Gods nieuwe toekomst in haar Magnificat. Mirjam van Nazareth zal, bezield door de Geest van God, haar roeping trouw vervullen want het Koninkrijk van God vraagt niet alleen om bejubeling. maar vraagt om trouw en deelname. En trouw moet blijken. Uit Maria’s hele leven blijkt die trouw. Ze zal, overschaduwd door de Geest, niet alleen een kind baren maar overschaduwd en geholpen door die zelfde Heilige Geest, trouw zijn aan haar zoon tot aan het kruis. Ze zal daarna, met alle leerlingen samen, wachten tot de pink¬stermorgen komt en de kern van Gods afwach¬tende volk, (de 12 apostelen), met haar, werkelijk overscha¬duwd gaat worden door de Heilige Geest. Terug naar het begin in het huis van Zacharias… Waarom wordt dat ‘het huis van Zacharias’ genoemd? Zeker weer omdat de mannen de baas zijn. Neen, het gaat om zijn naam: Zacharia betekent: GOD DENKT AAN ONS. En in dat GOD DENKT AAN ONS-huis zijn twee vrouwen bereid om met God mee te doen. Allebei zingen zij: ‘wees gegroet Maria, vol van genade, de Heer is met jou en gezegend is de vrucht van je schoot.’ En Maria antwoordt: ‘Magnificat, mijn ziel prijst groot de Heer want Hij heeft grote dingen aan mij gedaan.’ En het kleine kind in de schoot van Elisabeth doet ook mee, het danst als het ware als het opspringt in haar schoot. : Maria, Elisabeth en de kleine Johannes zijn blij omdat het woord van God zal gaan doorbreken. Ze zijn blij omdat de groten der aarde die zich breed maken ten koste van anderen van hun tronen zullen worden gestoten. Ze zingen over de armen die zullen worden verzadigd, (dat gaat niet vanzelf, daar moeten de mensen bij helpen) en ze zingen over de hulp die alle mensen van goede wil zullen krijgen altijd weer: ‘Gods barmhartigheid reikt over alle generaties heen.’ We zijn ons aan het voorbereiden vandaag. Hier is nog de rust om een beetje als Maria en Elisabeth het heil te verwach¬ten van omhoog. Het grote feest buiten zal een feest zijn van toeters en bellen, met kunstsneeuw -echte sneeuw is niet te verwachten- met engeltjes in de kerkboom en engelenhaar. In de kerk en in de huizen van de gewone mensen is het echt feest: hier komen de echte engelen aan het woord de boden van God. Die spreken duidelijk genoeg. Ze zeggen: 'God zal zijn woord gestand doen.. voor God is niets onmo¬ge¬lijk'. En van ons wordt als reactie verwacht het 'mij geschiede naar Uw woord.' Niet als een slaafse onderwerping aan wat God wil maar als een bereidheid om voor Hem te kiezen en voor Zijn mensen voor wie wij mogen leven. AMEN |



