| Wat je echt gelukkig maakt |
|
| Geschreven door Pastoor H.J. van Ogtrop | |
| zondag, 27 juli 2008 | |
17e door het jaar -1 Kon.3,5 - 12 Salomo vraagt wijsheid-Matteüs 13,44-52 de verborgen schatWat bezielt toch de mensen die zichzelf opblazenof die met een tractor inrijden op een shoppende menigte? Ze willen graag martelaar worden en hun rouwende familie troosten zich met de grachte dat ze in het hemels paradijs een beloning voor hun heldendaad ontvangen. Wat bezielde Karadzic die mensen opofferde voor het ideaal van een rein, volmaakt christelijk Servië, moslimvrij. Ik zag deze week nog hoe de inmiddels overleden Milosevic op de ondervragen van het tribunaal reageerde: ‘hoeveel slachtoffers waren er bij uw actie?’ het wilde hem even niet binnen schieten maar eigenlijk wild hij zeggen: dat kan mij niet schelen. De verhalen van vandaag spreken ovet bezieling: een andere bezieling. Leerzaam is wat de jonge Salomo ons leert. Salomo was nog jong maar zijn naam glansde al direct: Salomo: man van sjalom, koning van de vrede. Hij begint goed hij zoekt contact met God en hij krijgt het.. God spreekt met hem als met een vriend. Hij is een jonge koning... 'ik ben nog maar een knaap.' Maar God kiest zijn zijde: 'vraag wat je hebben wilt, ik geef het jou.' Alles is mogelijk. We kennen vele verhalen over mensen die wensen mogen doen altijd gaat het verkeerd omdat ze niet het goede vragen. Wat zou een koning vragen ? Macht over anderen, geld... zulke zaken. De jonge mensen in het verre of nabije oosten zochten het Paradijs maar op een verkeerde manier. Gefrustreerde machtige lieden zochten eeuw in eeuw uit ook het verkeerde. Hitler en Karadzic waren allebei gefrusteerde dwalers. Ze vroegen de macht ze kregen de macht want mensen waren zo stom om hen die macht te geven, duizenden en duizenden kostte dat het leven. Terug naar Salomo. Salomo vraagt niet om macht, niet om geld, niet om rijkdom hij vraagt zelfs niet om gezondheid maar om het allerwezenlijkste: hij vraagt 1) om een ‘luisterend hart’ dat goed verstaat, 2) om een hart dat wijs is en 3) een hart dat goed onderscheiden kan. 1) Om met het eerste te beginnen: een luisterend hart. Een hart dat hoort. Hoort naar het woord van God zoals dat op hem en ons af komt vanuit de hemel maar ook vanuit wat andere mensen zeggen om ons heen. In het gewone leven tussen mensen blijkt het niet kunnen luisteren een groot, heel groot probleem te zijn. Goed verstaan is moeilijk. Hoe vaak spreken wij niet van 'misverstanden' tussen mensen? Vaak is dat een camouflage van de onwil om met andere mensen goed samen te werken. Als mensen elkaar goed verstaan .. is er al veel gewonnen en als ze God willen verstaan komt er werkelijk een nieuwe wereld in zicht. 2) Als je naar God en de mensen met je hart wilt luisteren hoor je ook wat je te doen staat. Dat is het tweede waar Salomo om vraagt... een wijs hart. Om dat te begrijpen wat dat met doen te maken heeft moet je uit Amsterdam komen dan ken je de hebreeuwse vertaling van het woord wijs en dat is goochem: dat woord heeft met doen te maken: handig zijn, iets nuttigs kunnen doen. 3) Het derde waar hij Salomo als jongeman om vraagt is een hart dat onderscheid kan maken tussen goed en kwaad. De gave des onderscheids waarmee je andere mensen kunt helpen door ze te adviseren wat goed is en wat niet en ze te helpen hun hart te richten op de wet van God. De gave des onderscheids om zelf te weten wat een opgeklopt waanidee is en wat de echte wil van God of Alla is. Salomo wordt, - hij was nog geen twintig toen hij deze wensen uitsprak- een nog jonge maar goede koning: een mens waar God mee werken kon: een soort Jesus nog voor die geboren werd een zoon van belofte. Van Jesus zelf horen we vandaag drie gelijkenissen. Over een akker waarin een schat verborgen is, over een parel die een koopman ontdekt. Zowel de landbouwer als de koopman zetten zich tot het uiterste in: ze verkopen alles wat ze hebben en kopen die akker, die parel. Om goud en zilver of soms nog wel over minder maken mensen ruzie (bij een erfenis!) maar het woord des Heren dat kostbaarder is dan zuiver goud (psalm 19 vs.11) is datgene waar het wezenlijk om gaat. In de derde gelijkenis wordt gesproken over een visnet dat in de zee geworpen wordt. Door wie ? Als in de joodse geschriften (het Nieuwe Testament is een joodse geschrift!) het hulpwerkwoord 'wordt' klinkt wordt er verwezen naar Israëls Heilige. God die achter alle dingen zit. Met 'het net wordt uitgeworpen' is dus bedoeld: 'God werpt Zijn net uit.' Hij is degene die verzamelen wil. In een van de tafelgebeden die wij bidden staat het zo: - het klinkt in mijn oren een beetje komisch - 'altijd blijft Gij bezig U een mensenvolk te verzamelen.' God is altijd op zoek naar mensen die met Hem mee willen doen rond Zijn woord (goede vissen) mensen met een luisterend hart, die willen doen wat hun te doen staat en die weten wat goed is en wat niet. Helaas, er zijn ook vissen die weggeworpen worden. Dat detail dat ons huiveren. Het gaat dan over mensen -en hopelijk zijn wij die mensen niet- die niet luisteren naar de roepstem van God of de naaste, die geen keuzes maken of de verkeerde keuzes. wier bestaan zinloos is en dor.... ze hadden net zo goed niet kunnen leven... hun bestaan is leeg. III. Jesus besluit met deze parabels zijn apostelrede: zijn toespraak tot zijn leerlingen waarin Hij hen wil mobiliseren en aktief maken. Zelf is Hij bij uitstek de mensenzoon met een luisterend hart, zelf is Hij bij uitstek degene die weet wat Hem te doen staat, zelf is Hij bij uitstek degene die het verschil weet tussen goed en kwaad.... de nieuwe Salomo, de koning van de vrede. Aan ons de taak om op hem tte gaan lijken, onze werkelijke roeping te ontdekken; die schat ook te vinden. en net als de kooplieden uit het evangelie alles op alles te zetten, alles te durven verkopen . Alles verkopen, dat doet denken aan het verhaal van de rijke jongen uit het evangelie, die dat niet durfde. Wij worden uitgedaagd ons leven werkelijk te richten op Hem die ons uitnodigt van Hem te zijn. De Eeuwige, de Enige, die ons wil inspireren en bemoedigen die ons trouw blijft over de dood heen.. We hoeven niet ver te zoeken, het woord des Heren is dichtbij: in je eigen hart je kunt het gaan volbrengen. In de komende weken zijn er weer kerkelijke huwelijken in aantocht. Jonge mensen richten zich niet op schijn-idealen maar zoeken het dichterbij. Leven voor elkaar –is hun ideaal- in dienstbaarheid aan een nieuwe wereld die ze mogelijk met hun kinderen, gaan opbouwen. Het huwelijk en de opvoeding is een groot avontuur. Maar ook aan de opbouw van de nieuwe wereld zal nog veel moeten gebeuren, in Europa, in Azië, in Amerika en waar niet. En dan geldt alle hens aan dek! Niemand kan gemist worden, allemaal zijn we nodig. Oud, jong, gehuwd, ongehuwd. Gaan we dan gauw op zoek, naar onze eigen kostbare parel, de eigen schat, onze eigen taak. En wat je echt gelukkig maakt is als je jouw eigen roeping ontdekt hebt. Het kostbaarste wat je hebt als mens kunt vinden is het weten waartoe je geroepen bent door God die jou, juist jou, nodig heeft. Hein Jan van Ogtrop, pastoor GEBED VAN SALOMO (tekst van Thomas Naastepad Nee,Heer, wij zijn niet als Salomo, uw knecht. Wij begeren vele dagen, hoe die ook uitvallen - wij begeren rijkdom, uitbreiding van onze persoon, wij begeren de ziel van onze tegenstanders, want dat suggereert ruimte. Al onze begeerte begint met 'ik', maar... zo zijt zelfs Gij niet eens, hoewel gij God zijt, met recht en reden. Gij zijt echter God-met-ons, God-voor-ons; al het Uwe is het onze. Daarom bidden wij U toch tegen de draad in, als het er op aankomt, nu het vragen geboden is: geef ons een opmerkzaam hart, horig en onderhorig, om niets bezorgd dan Uw stem, Uw wil Uw omgang met de mensen zoals wij die mochten zien in Jesus Messias de nieuwe Salomo, de koning van de vrede die in Uw Geest leeft en regeert in de eeuwen der eeuwen. |

Maar het belangrijkste is toch wel dat de kathedraal het huis is van een gemeenschap van mensen: de St. Bavo-parochie. Zonder al de mensen die zich daar mee verbonden weten, daar samenkomen en ook veel werk verzetten zou het bovenstaande niet eens allemaal in de kathedraal kunnen!


