| Weerloos en toch sterk…. |
|
6 januari OPENBARING VAN DE HEER Schriftlezingen:-Jesaja 60, 1-6 Jeruzalem word licht - Matteüs 2,2-12 de wijzen uit het oostenWat een prachtig weer om Driekoningen te vieren: buiten nevel en mist, binnen: het verhaal van de heldere ster die de nacht verlicht. Wat een bijzondere tijd om Driekoningen te vieren: buiten is er somberheid, verhalen van oorlog en onzekerheid binnen blijven we in Gods toekomst geloven: Een vreugdevolle tijd beleven wij in de Kerk: de Liefde van God openbaarde zich aan de mensen.
Het is goed daarover te spreken, ook naar buiten toe, in een tijd waarin zoveel mensen zoeken naar licht en troost en wijzelf, als oude en beproefde gelovigen, het soms niet meer zien zitten. Wij bewaren een kostbaar geheim in onze kerkgemeenschap: het geheim van de Hoop. De Franse schrijver Charles Peguy noemt de Hoop: ‘een klein meisje dat danst in het park.’ Kwetsbaar is ze, voor je het weet heeft iemand die kwaad wil haar te pakken en zal haar molesteren maar ze blijft dansen. Deze –wat sentimentele- beeldspraak zet ons wel op het goede spoor: de doorbraak van God liefde en zijn troost in onze wereld is een broos gebeuren. Mensen kunnen het heel gemakkelijk weer kapot maken er zijn nog steeds Herodessen die het weerloze kind achtervolgen. In het evangelie ontkomt het kleine kind aan de wurggreep van de dood. Wij vieren vandaag dat het kind toch kan opgroeien en dat, (ook zal later een naamgenoot van de eerste Herodes het kind wel te pakken krijgen) , de epifanie, de zichtbaar wording, de doorbraak van Gods liefde in de wereld niet meer tegen te houden is. Matteüs de evangelist van het komende jaar, beschrijft hoe Jesus, de nieuwe koning is van Jeruzalem en van de wereld. Over die wereld gaf, hebben wij in de kerstnacht gehoord, de keizer zijn bevelen. Maar Lucas vertelde ons toch dat de werkelijk belangrijke geschiedenis wordt geschreven vanuit Bethlehem. Die geschiedenis die God met mensen schrijft gaat dwars tegen alles in. Het is een geschiedenis van gewone mensen van troost aan de bedroefden, bemoediging aan de kleinen. De herders, eenvoudige joden waren -zo vertelde nog steeds Lucas ons in de kerstnacht- de herauten van Gods bezig zijn met de armen van Israël. Matteüs vult Lucas' verhaal aan: Jesus is het ware licht: niet alleen voor de kleinen in Israël maar Hij is het ware licht dat iedereen moet kunnen zien: Hij schrijft over de gasten van buiten, de wijzen uit het Oosten die het wel zien zitten, die onder de indruk zullen komen van de lichtende, troostende aanwezigheid van de God van Israël. En dan raakt merkwaardig genoeg de bestaande orde (Herodes staat daarvoor) in gevaar. Hij wordt geconfronteerd met –zo staat het er letterlijk- de geboren koning der joden. Die geboren Koning namens Israels God, een koning die voor de kleinen en de gewone mensen kiest, is bedreigend voor de groten en de machtigen. Ook de vertegenwoordigers van de gevestigde Godsdienst -de schriftgeleerden - weten er geen raad mee als de wijzen komen om te vragen waar het nieuwe begin van Gods geschiedenis met de mensen dat er moet zijn, plaats heeft. We horen vandaag in het opgewekte troostende verhaal over het licht dat de heidenen in Bethlehem zien dus ook sombere ondertonen. Wij horen -als we goed luisteren- ook aankondigen dat de geschiedenis van de nieuwe koning een geschiedenis wordt die ook in bloed geschreven zal worden. Herodes wil de nieuwe koning heimelijk en discreet te pakken krijgen. Gelukkig sorteert zijn nauwkeurigheid geen effect. De nieuwe koning zal ontsnappen. Maar dat is niet om bij ons mensen vandaan te lopen want uiteindelijk zal een naamgenoot van de eerste Herodes, een latere achter- achterneef van deze eerste Herodes, Jesus wel te pakken krijgen en hem, door een monsterverbond met Pontius Pilatus, laten doden. Maar niet heimelijk en discreet zoals zijn voorganger dat had gepoogd! Het zal in de volle openbaarheid gebeuren op de berg Golgotha, en een schandaal worden waar de mensheid nog steeds over spreekt. Het kleine kind zal in het verhaal van vandaag nog weten te ontsnappen, niet uit opportunisme maar alleen om later als man op de berg Golgotha werkelijk te laten zien hoe God partij kiest voor alle verdrietigen en gekwelden, waar ter wereld ook. De oude Nederlandse dichter Vondel beschrijft dat prachtig. Eerst schrijft hij over de schoonheid van het kerstfeest O kerstnacht schoner dan de dagen, hoe kon Herodes het licht verdragen dat in de duisternisse blinkt..... En dan ziet hij in gedachte Rachel de stammoeder van Israël, (die het moet aanzien dat de kinderen van Bethlehem worden gedood.) schijnbaar ontroostbaar rondwaren. Maar die droefheid heeft niet het laatste woord. Hij spreekt haar troostend toe: 'Bedrukte Rachel staakt dit waren uw kinders sterven martelaren als eerstelingen van het zaad dat uit het bloed begint te groeien en heerlijk tot Gods eer zal bloeien en door geen wreedheid meer vergaat.' En zo is er door alle duisternis heen licht in zicht, nieuw land, toekomst. De profeet Jesaja spreekt over het licht dat doorbreekt… iedereen zal er verbaasd en blij naar opzien. Met allen, heidenen, christenen, Joden, met allen die onrecht ondervinden die een zinloos verdriet moeten dragen zien wij op naar het ware licht dat in ons bestaan doorbrak door de volwassen solidariteit van het kerstkind dat man werd en meeleed met alle verdrietigen. God heeft zich in ons midden vertoond; solidair, meelevend, meelijdend. Nooit meer is er doffe droefheid want Hij lijdt mee nooit meer is er echte wanhoop want Hij neemt ons bij de hand. Wij gaan in de komende jaren geen donkere tunnel in: het licht van Zijn toekomst straalt ons tegemoet! Wij gaan, -als Israël ooit door de woestijn- verder achter een zuil van Licht. Hij zal ons zegenen Hij trekt met ons mee Hij heeft Zijn Naam bekend gemaakt die ook in dit nieuwe jaar weer geldt: IK ZAL ER ZIJN |



