Sluit je aan bij de Vriendenkring van de Nieuwe Bavo •                                         info@rkbavo.nl • (023) 55.333.77

Zegen en zorgen van de rijkdom E-mail
Geschreven door Pastoor H.J. van Ogtrop   
zondag, 1 augustus 2004

18e zondag door het jaar

Genesis 18, 1-10 -Lucas 10,38-42

 Er waren eens twee broers. De ene was arm.
Hij had moeite het hoofd boven water te houden,
hij had een groot gezin dat hem veel zorgen baarde:
hij had een vrouw en veel kinderen maar weinig geld.
De andere broer was rijk, heel rijk. 

Hij woonde in een prachtig huis met een mooie fontein voor de deur
maar hij was alleen. Hij had geen vrouw en ook geen kinderen.
Op een nacht kan de rijke broer niet slapen.
Hij denkt: 'wat ben ik toch rijk
en wat is het erg dat die arme broer van mij zo weinig geld heeft.'
En hij komt tot een plan. Hij staat midden in de nacht op,
laadt een zak etenswaren en mooie spullen
en ook wat goudstukken op een kar en gaat naar zijn arme broer op weg.

Intussen kan ook de arme broer niet slapen.
Hij ligt gezellig naast zijn vrouw en hoort in de andere kamer ernaast,
de muurtjes zijn maar heel dun, zijn kinderen schateren van de lach.

Hij denkt: 'wat ben ik toch rijk en wat is het droevig
dat die broer van mij deze rijkdom moet missen.'
En ook hij staat op, pakt zijn kruiwagentje
en laadt er wat van de schamele etenswaren op die ze nog in huis hebben,
'het is niet veel maar het komt uit een goed hart' denk hij
en hij gaat ook midden in de nacht op weg.

- - Beste parochianen,
Lucas, die ons vandaag de woorden van Jesus doorgeeft,
is erg geïnteresseerd in het probleem van arm en rijk.
Hij laat Maria al voor Jesus' geboorte zingen
dat de rijken leeg weggestuurd zullen worden en de armen zal worden rechtgedaan.
Hij is ook de enige evangelist die vertelt
over de kraam-visite van de arme herders.
Hij is ook de enige evangelist die onthult
dat Jesus tot een arme bevolkingsklasse behoorde
getuige zijn vermelding van het minieme offertje
dat Jesus' ouders kunnen opbrengen bij Jesus' presentatie in de tempel:
twee simpele tortelduiven, en als je loopt op de Dam in Amsterdam
weet je wat een ordinaire vogels dat zijn.

Hij laat Johannes de doper spreken over degenen die meer dan één hemd hebben,
en die geacht worden die andere hemden weg te geven aan hen die er geen hebben.
Hij is geïntrigeerd door de ongelijke verdeling van kapitaal.
Hij leeft mee met de armen
maar tegelijkertijd heeft hij medelijden met de rijken
omdat de meesten van hen zo zielig aan hun bezit vastgeplakt zitten.
Toch is Lucas niet alleen maar een geëngageerde evangelist
die in maatschappelijke problemen geïnteresseerd is.

Als Jesus erbij gehaald wordt om twee broers uit elkaar te halen
die ruzie hebben omdat een van de twee de erfenis niet wil verdelen
kiest hij -merkwaardig genoeg geen partij.
Hij zegt alleen maar: 'wie heeft mij tot rechter aangesteld over jullie.'

Merkwaardig dat Hij niet wil bemiddelen in een duidelijke zaak.
Hij wil geen oordeel uitspreken maar Hij wil
-en wat dat betreft lijkt hij even op Salomo met zijn beroemde Salomonsoordeel-
dat de mensen wakker maken opdat ze zelf een oplossing gaan zoeken.
Hij geeft als enig advies:
'Hoed je voor de hebzucht, want eigenlijk is er niets van jullie:
alles is je immers gegeven.'

Het is duidelijk dat de rijken meestal toch degenen zijn
die het bij Jesus moeten ontgelden.
Neen, dat is niet goed gezegd:
zij krijgen van Jesus juist de meeste aandacht omdat ze zich moeten
EN BELANGRIJKER NOG als ze het willen KUNNEN BEKEREN.'

De rijken lopen door hun rijkdom en hun zorgen
over het beheer van hun goederen voortdurend gevaar hun roeping mis te lopen.
De rijke die als maar bezorgd bezig is
met het bouwen van steeds grotere schuren is daar een schoolvoorbeeld van.
Het is een gefrustreerde figuur die -een opvallend detail-
alleen maar IK kan zeggen.
Wat moet IK doen, IK heb geen ruimte.. dit ga IK doen ..
IK breek al mijn schuren af en bouw grotere daarin zal
IK al mijn spullen opbergen en TOT MIJZELF ZEGGEN nu is alles goed...
meer dan zes keer het woord IK in een paar regels.

Deze man is beklagenswaardig,
niet omdat hij rijk is maar omdat hij zijn roeping niet ziet.
Zijn IK is het enige waar hij mee bezig is:
de zaak van het Koninkrijk Gods, de kostbare parel, de nieuwe levens oriëntatie
die ieder mens moet proberen te vinden, is hem onbekend.
Zijn op-pot-gedrag is niet alleen maar slecht
het is vooral voor hemzelf zielig en idioot.

Over de zorgen van zo'n rijke gaat nog een leuk joods verhaaltje:
In een dorpsstraat woonden eens twee joden tegenover elkaar.
De ene was rijk, de andere arm. De laatste had ooit geld geleend bij de eerste,
maar toen de dag van de aflossing naderde was hij ten einde raad.
Hij zag geen enkele mogelijkheid nog uberhaupt,
laat staan nog voor de morgen aan die enorme som te komen.
Terwijl hij zich in bed omdraaide van de ene op de andere zijde,
steeds wanhopig zoekend naar een oplossing, krijgt hij plotseling een idee.

Hij staat op: schuift het raam in de voorkamer van zijn huis open
en roept luid naar de overkant zodat zijn rijke overbuurman het wel moet horen:
'JE ZOU MORGEN GELD VAN MIJ KRIJGEN
MAAR IK HEB HET NIET!
Tevreden doet hij het raam weer dicht en zegt:
'ziezo, nu doe jij geen oog dicht.'
En hij heeft gelijk want het probleem van de arme
hoort immers wezenlijk het probleem van de rijken te zijn.

De houding van die rijken die zich isoleren is dom,
hun leven is niet veel meer waard dan een vleugje wind dat direct verdwijnt
en zich oplost in het niets.
Hun opgepotte geld is eigenlijk juist andersom:
weggegooid geld omdat het niet gebruikt wordt
waar het voor bestemd is: de opbouw van het Rijk Gods.

Deze kritiek betekend niet dat Jesus de armoede nu plotseling gaat propageren.
Ook armoede heeft zeer reële gevaren.
Als je echt arm bent kun je zo opgeslorpt worden door de zorg voor alledag,
dat het je ook weer verhindert om mens te zijn
en jouw aandeel te leveren bij de opbouw van het rijk Gods.

Niet voor niets roept het bijbelboek Deuteronomium alle mensen,
rijk en arm daarom ook op God te dienen met heel je ziel,
met heel je verstand en al je vermogen.'

Dat laatste mag best letterlijk worden opgevat.
((Een vermogen hebben is geen zonde maar als je het niet gebruikt waarvoor het bestemd is, voor de opbouw van het rijk Gods is het zonde van het geld. ))

Er is in Amerika een groep die een aardig voorbeeld geeft.
Het is de Church of the Saviour in Washington DC.
Deze kerkgemeenschap heeft vele rijke, ja zelfs zeer rijke leden.
Die vormen een werkgroep MINISTRY OF MONEY.
De groep komt regelmatig bijeen om te zien
hoe ze hun geld gaan investeren met het oog op het welzijn van arme mensen.
Ze financieren velerlei projecten waarmee de armen nieuwe kansen krijgen
om zichzelf te helpen vooral
maar ook steken ze veel geld in Laboratoriumonderzoek
naar nieuwe geneesmiddelen vooral ook voor de ontwikkelingslanden.
Onderzoek waar de farmaceutische industrie geen geld in ziet.
Met die rijken zou dokter Lucas geen moeite hebben.
---------------------------------------------------------------
Hoe liep het nu af met die twee broers van het begin
die allebei niet konden slapen omdat ze allebei vonden
dat de ander zo ongelukkig was??
Het verhaal vermeldt het niet maar ik veronderstel
dat ze elkaar ergens halverwege tegengekomen zijn
en elkaar in de armen gevallen zijn,
blij verrast over hun beider goede plannen.

De IK- figuur van de grote schuren is hopeloos verloren,
voor iedereen die Lucas' boodschap later hoort is er nog hoop.
Lucas' boodschap wordt ook aan ons, Haarlemmers van nu verteld
opdat wij in ons -laat ons eerlijk zijn- korte leven
(alles is maar een vleugje wind)
ontdekken waar het op aankomt
en doen wat er gedaan moet worden.

Alle mensen, rijk en arm, sterk en zwak kunnen elkaar tot zegen zijn.
En mensen hoeven nooit meer wakker te liggen
of het moest zijn om goede gedachten jegens anderen te hebben
en goede plannen te maken om de ander gelukkig te maken
zolang ons hart nog klopt en wij hier op aarde leven.
Weet dat Hij jou nodig heeft om er te zijn voor anderen
en dat je zo blij mag leven.
God zegene ons allen
met alles wat wij in ons hebben.
AMEN.

Gebed:
God, Gij ziet de toekomst en Gij voorziet in alles wat wij nodig hebben.
Gij kent ons bij naam en Gij zorgt voor ons altijd.
Wij vragen U deze morgen om de wijsheid die meer is dan goud,
om de schat die niet vergaat,
om de kostbare parel van het evangelie:
het Koninkrijk van Uw Zoon en onze Heer.
Die met U leeft in de eenheid van de Heilige Geest
in de eeuwen der eeuwen. AMEN.