Sluit je aan bij de Vriendenkring van de Nieuwe Bavo •                                         info@rkbavo.nl • (023) 55.333.77

Zondag 9 november E-mail
Geschreven door Pastoor H.J. van Ogtrop   
vrijdag, 9 november 2001

2 Makk.7,1-14, Lucas 20, 27-38

Ik maak mij sterk dat veel van de ellende in het Midden Oosten
te wijten is aan de gek die in 19995 premier Rabin vermoordde.
Hij noemde dat
'toepassing van de doodstraf'.

Sindsdien is het niet veel beter geworden
en dit jaar zagen we wat we nooit hadden kunnen denken:
mensen die honderden medemensen meeslepen
in een vliegtuig de dood tegemoet.
En het einde is nog niet in zicht!
Kennelijk liggen zulke moorden,
kennelijk ligt vermoorden in de aard van de mens.

Bij een gedachtenisdienst in 1995 van Rabin in het concertgebouw in Amsterdam:
zei een vertegenwoordiger van de joodse gemeenschap in Nederland
"hij die zegt dat God zegt dat hij moest doden liegt:
dat kan God niet gezegd hebben
God heeft alleen maar gezegd:
NIET MOORDEN."

Als Abel vermoord is door zijn broer Kain
speelt die de onschuld zelve maar God roept hem tot de orde:
'Kain waar is je broeder?'

Kain antwoordt dan ook nog:
'ben ik dan de herder van mijn broer ?'
Zo verdorven is hij
dat hij niet meer weet waartoe de mens op aarde is:
om de ander te bewaren en te behoeden
net zoals God dat doet.

Tegen de achtergrond van wat er gebeurd is
klinken de schriftlezingen van vandaag:
God is een God van levenden en niet van doden !

De eerste lezing gaat over het martelaarschap:
de weduwe met haar zonen staan pal voor hun geloof
willen kiezen voor de God van Israël
en doen dat door Hem trouw te dienen maar de ander verdraagt dat niet
en wil hen uitdelgen...en ze worden gedood
maar het verhaal leert:de mensen die moorden zijn de zwakken.
Het evangelie vertelt over God die het leven bewaart.
Alle menselijke berekeningen over hoe onlogisch dat zou zijn ten spijt.

Jesus' hele levenswerk
is één grote poging mensen te bemoedigen
en weer te laten zien
dat God iedereen de moeite waard vindt
en dat wij allen samen op weg zijn naar het leven.

En dan komt het vreemde verhaal van die broers, zeven nog wel.
Het is een erg treurig verhaal:
een verhaal van dood en onvruchtbaarheid;
ze sterven allemaal achter elkaar en
geen van allen was er in geslaagd
bij de vrouw van hun overleden broer één kind te verwekken.
De Sadduceeën hadden zelf dit vreemde verhaal bedacht
om Jesus te overtuigen van het absurde van het geloof in de opstanding...
'Met wie moet die vrouw
die met al die broers getrouwd is geweest nu leven na de opstanding?.

Maar de evangelist Lucas lijkt -als hij dit voorbeeld citeert- meer te willen zeggen:
de Sadduceeën geven hier een harde beschrijving
van de onvruchtbare situatie van hun eigen geloof.
Er is geen enkele hoop, geen enkel zicht op toekomst.
zelf zijn zij een treurige groep mensen op weg naar de dood.

En dan opent Jesus een nieuw perspectief.
Jesus laat het absurde voorbeeld voor wat het is
en laat de Sadduceeën met hun vruchteloze discussie
voor wat ze zijn en gaat aan de andere kant beginnen.
Als jullie niet oppassen zijn jullie het zelf die ten onder zullen gaan,
met je troosteloze ongeloof en al.
Jullie naam zal uit de geschiedenis van Israël verdwijnen.
Hij gaat met alle duidelijkheid
en met alle hartstocht die Hem bezielt verkondigen
dat de God die Zijn God en Vader is
een God van levenden is en niet van doden.

Dood is alleen maar dood als je het zelf wil zijn;
dood overkomt je niet, de dood is een keuze
en dat is het leven ook:
kies je voor God dan kies je voor het leven.
Dat was ooit al gezegd op de Sinaï
en nu weer aan de orde rond de man van Nazareth.
Midden in de dood zijn wij in het leven
als wij van Hem willen zijn:
de God van Jesus, de God van Israël,
de God van Abraham, Isaak en Jakob.

Hij was een genie, een geweldig wiskundig talent.
Hij werd geëerbiedigd en bewonderd door tallozen.
Hij had tevreden moeten zijn met alles wat was zoals het was
en met alle geheimen die hij doorgrondde en alle wetenschap.
Toch was hij niet tevreden en kende hij geen rust.
Die onrust knaagde aan hem en de hamvraag bleef:
'waartoe doe ik dit alles, wat is de zin,
en heeft mijn eigen leven zin?'
De naam van deze denker was Blaise Pascal.
Hij gaat langzamerhand aan kapot, geestelijk en lichamelijk.

Dan -de doktoren zijn somber over zijn gezondheidstoestand -
gebeurt er plotseling iets in het schamele kloosterkamertje
waar hij door de medelijdende religieuzen van Port Royal was opgenomen.
Het is november, net als nu, buiten miezerde de regen
maar binnen gebeurde een wonder,
een genezing, een bekering :
alles wordt nieuw!
Hij schreef de ervaring op in zijn dagboek:

'MAANDAG 23 NOVEMBER 1645...half elf 's avonds tot half een 's nachts:
VUUR !!
GOD IS NABIJ !!
Neen,
NIET DE GOD VAN DE FILOSOFEN OF DE THEOLOGEN;
NIET DIE MAAR EEN ANDERE,
DE LEVENDE GOD.
DE GOD VAN ABRAHAM, DE GOD VAN ISAAC
DE GOD VAN JACOB, GOD VAN MENSEN,

ZEKERHEID, ZEKERHEID;
AANDOENING....
VREUGDE, VREUGDE,
TRANEN VAN VREUGDE.

DAT IK IN DER EEUWIGHEID
NIET VAN HEM GESCHEIDEN WORDE.
GOD VAN ABRAHAM, ISAAC EN JACOB,
LEVENDE GOD, TROUWE GOD,
MIJN GOD!!!
GOD VAN MIJ ARME
VRIEND VAN MIJ ZOEKER...

Het dokumentje waarop hij deze ervaring had opgeschreven
droeg hij, Blaise Pascal, altijd bij zich; tot zijn dood aan toe.

Hij had ontdekt wie God is;
geen God van geleerden en spitsvondigheden,
maar de God die met de mensen meegaat.
Misschien hebt u Hem ook wel eens zo ontmoet?
Misschien heel even maar... dat is genoeg
want Hij gaat daar wel verder mee:

De God van Abraham, Isaak en Jakob
- die door Jesus genoemd wordt -
is de God van het leven en niet van de dood;
is de God van de liefde en niet van de haat
is de God van de toekomst, de God van de Vrede.

Waar halen de mensen de moed vandaan
aan die toekomst te bouwen?
Dan denk ik aan de moedigen in het groot
die betrokken zijn bij de grote maatschappelijke vraagstukken
en die zich inzetten voor vrede en recht
blijven helpen in Afghanistan of waar ook ter wereld?

Waar halen de mensen de moed vandaan
in hun persoonlijk leven om weer verder te gaan
na pijn en verdriet, na een verlies dat niet te noemen is?

Dat komt door hun geloof in de opstanding van de doden:
hun geloof dat God zich met onze wereld bezig houdt:
de God van Abraham, Isaak en Jakob.

Die het bestaan van de dorre filosoof Pascal in zijn wanhoop
veranderde toen hij, ziek een eenzaam op een regenachtige maandagavond
plotseling het licht zag en vol werd van troost
en het toen uitriep:
VREUGDE, MOED, LICHT.

Die het bestaan van mensen hier en nu verlicht.
Dat geloof in die God van het leven:
dat verrijzenisgeloof is niet alleen een geloof in
een leven na de lichamelijke door
maar ook en vooral een geloof
in de waarde van het leven
hier en nu met God:
niet de God van de filosofen
en de theologen maar
de God van Abraham, Isaak en Jakob.

Die God kennen verandert je leven
die God kennen betekent:
treden uit het duister,
opgaan naar het licht.
Ook in deze zorgvolle dagen
nodigt Hij ons uit
tot zorg voor het leven
van onze naaste
tot het uiterste toe.

Niemand leeft voor zichzelf,
niemand sterft voor zichzelf:
wij leven en sterven voor God onze Heer,
aan die Heer behoren wij toe.
AMEN.