Zefanja 3,14-18 Lucas 3,10-18 wat moeten wij doen? Beginboodschap: Deze zondag heet: GAUDETE, 'wees blij'. De naam is ontleend aan de aanhef van een van de brieven van Paulus. Paulus' oproep om blij te zijn is een compact programma, waarin de christelijke gemeenschap niet alleen maar te horen krijgt dat ze blij moet zijn maar ook hoe die blijdschap gestalte moet krijgen: (Gaudete, Paulus brief aan de Filippenzen 4,4-7) Broeders en zusters verheugt u in de Heer te allen tijde. Nog eens zeg ik: verheugt u! Uw vriendelijkheid moet aan alle mensen bekend zijn. De Heer is dichtbij. Weest onbezorgd. Laat aan God in al uw bidden en smeken, vertrouwvol weten wat uw wensen zijn maar vergeet nooit te danken voor alles wat je kreeg. Dan zal God met zijn vrede, die alle begrip te boven gaat, waken over uw hart en uw gedachten, en u behoeden in Christus Jesus. Laten wij in die geest hier samen Eucharistie vieren, de Heer wil ons nabij zijn, weest onbezorgd en met onze wensen kunnen wij bij Hem terecht.
PREEK: Er is een bekend verhaal uit de Griekse wereld over een filosoof Diogenes. Hij woonde heel eenvoudig, in een grote ton. Van hem is een verhaal bekend dat hij met een lantaarntje rondloopt op klaarlichte dag. Op de markt valt dat op. “Waarom doe je dat” vragen de mensen hem: “Ik ben op zoek” “Waarnaar dan? “ En dan komt het beroemde antwoord: “ Ik ben op zoek naar een mens!‘. Zoals Diogenes rondging op de markt op zoek naar mensen, echte mensen zo wandelt de profeet Sefanja, in de dagen van koning Josia, zo omstreeks 600 voor Christus in Jeruzalem rond op zoek naar mensen. Is er dan niemand meer die goed doet? Is er dan niemand meer die om God geeft? Is er dan niemand meer die aan andere mensen denkt? Zijn boekje lijkt wel geschreven voor onze tijd. Wij, kerkgangers, zijn zeldzaam geworden in deze tijd: in getal nemen wij af. Men zegt dat de neergang van het aantal kerkgangers is gestopt maar toch…. wij blijven zeldzaam. Komende zondag blijven alle winkels open omdat we kerstinkopen moeten doen. Misschien wel handig, verse groenten op de kersttafel kerstmis is voor velen niet meer dan een lege feestelijke huls. De profeet Zefanja geeft de Jeruzalemmers op hun kop. Jullie beweren dat God er niet meer is? Is het dan geen geschenk dat je zelf bestaat? Je hebt geen tijd om tot God te bidden maar hoeveel tijd besteed je dan aan andere goden? De profeet was niet geliefd in zijn tijd: erg vervelend zouden wij het ook vinden een boeteprediker die rond zou lopen op de Grote Houtstraat: ‘bekeer je tot God, wees niet zo egoistisch: denk aan de dingen die belangrijk zijn.' De laatste woorden van zijn profetieen zijn echter heel apart. Plotseling wordt de toon van zijn verhaal heel anders en de mensen van Jeruzalem moeten zich wel verbaasd hebben als zij uit de mond van de Isegrim-achtige mopperpot Zefanja plotseling horen: Sion jubel van vreugde en wees blij!! Wat is de reden van zijn blijdschap? De reden is heel eenvoudig deze: de mensen hebben naar hem geluisterd. Ze zijn veranderd, ze hebben zich bekeerd, er kunnen goede, nieuwe dingen gebeuren. 600 later verschijnt een soortgelijke profeet: Johannes de doper verscheen weer op het toneel. Johannes' woord klinkt in de woestijn. Johannes is daar naartoe gegaan: naar de woestijn. Neen, niet om rust te vinden in de eenzaamheid of zich te 'versterven' in de woestenij maar om terug te kunnen gaan naar de oorsprong. Johannes ging naar de woestijn. De woestijn is immers de plaats waar het volk Israël zijn bruidstijd met de Eeuwige heeft gevierd, de plaats waar het bevrijde volk van God het brood uit de hemel kreeg. Het Manna, het brood om niet te bezwijken naar het lichaam, en de TIEN GEBODEN, het brood om van te leven in de Geest. En dan gebeurt daar hetzelfde wat we bij de profeet Zefanja hoorden: de mensen luisteren: ze bekeren zich. Ze blijven niet op de oude manier leven maar ze willen veranderen. Ja, ze gaan allemaal vragen: ‘wat moeten wij doen?' Er is hoop voor de toekomst want velen willen horen naar Johannes en van de partij zijn: meedoen. Ze willen liefst geen al te verheven en verre verkondiging. Geen proclamatie van idealen die je toch niet haalt, geen oproep tot volmaaktheid want dat haalt toch niemand. Johannes is een realist: ieder mens zal op de plaats waar hij/zij staat moeten doen wat er gedaan moet worden. En de gewone mensen krijgen dan van Johannes te horen wat zij in hun eigen levenssituatie moeten doen. De tollenaars zullen niet allemaal hun tolhuis hoeven te verlaten (zoals Matteüs die er vandaan geroepen werd) maar 'niet méér vragen dan is vastgesteld'. Ook soldaten komen aangelopen: 'wat moeten wij doen?' Johannes zegt hier niet: 'je dienst verlaten' maar: 'niemand uitplunderen, niemand iets afpersen en tevreden zijn met je soldij'. De mens die veel heeft zal niet alles moeten verkopen en straatarm worden maar wel vele, zoveel mogelijk anderen moeten laten delen in zijn rijkdom. Het gaat allemaal om heel nuchter handelen, hier en nu. Ieder heeft zo zijn eigen taak. We kunnen niet allemaal heilig worden, ook niet allemaal tegelijk maar wel op de plek waar wij staan werken aan de doorbraak van het licht. In het Romeinse rijk in Jesus' dagen werd het feest gevierd van de onoverwinnelijke zon. Het Evangelie van kerstmis vertelt ook over een stralende zon. En dat zal dan niet keizer Augustus zijn (hoewel zijn naam: 'de stralende' betekent) maar het kleine weerloze Messias-kind in de kribbe. Van deze mens geloven wij dat Hij licht heeft gebracht in ons bestaan. Zijn komst was de oproep tot menselijkheid en liefde waar we niet meer omheen kunnen. Zijn leven was inzet en trouw tot het uiterste, zijn wezen was liefde in persoon. Uitziend naar hem en naar Zijn nieuwe toekomst vieren wij zondag Gaudete: wees blij! Wees blij om het merkwaardige geheim dat God alleen maar daar wonen wil waar wij mensen wonen Weest blij, want in alle tijden zijn er mensen die niet willen leven bij de waan van de dag wees blij want ook in deze tijd zijn er mensen op zoek naar de diepte in hun bestaan. Weest blij want straks na deze viering zullen veel mensen in de rij staan omdat ze de boodschap van kerstmis willen horen en omdat ze hun leven willen richten op het goede. Weest blij. En dan te bedenken dat Paulus zijn oproep opschreef terwijl hij in de gevangenis zat en helemaal niet blij hoorde te zijn. In de gevangenis was hij alles kwijt en misschien daardoor zo'n rijk mens geworden. Niet meer de fanatieke prediker zoals wij Paulus vaak horen maar een milde wijze mens die in zijn ellende, terwijl hij alleen maar kwaad om zich geen ziet tegelijkertijd ziet dat Gods geschiedenis met de mensen doorgaat in zijn dagen, in onze dagen, in alle dagen. En ik eindig met Paulus' woorden waarnaar deze zondag genoemd is en waarmee we deze viering openden, te herhalen: (Gaudete, Paulus brief aan de Filippenzen 4,4-7) Broeders en zusters verheugt u in de Heer te allen tijde. Nog eens zeg ik: verheugt u! Uw vriendelijkheid moet aan alle mensen bekend zijn. De Heer is dichtbij. Weest onbezorgd. Laat aan God in al uw bidden en smeken, vertrouwvol weten wat uw wensen zijn maar vergeet nooit te danken voor alles wat je kreeg. Dan zal God met zijn vrede, die alle begrip te boven gaat, waken over uw hart en uw gedachten, en u behoeden in Christus Jesus. AMEN |