• Leidsevaart 146
  • 023 - 532 30 77
  • info@rkbavo.nl
Eerste Communie illustratie

All posts by Maarten Kools

Eerste Communie

Eerste Communie illustratieOp 12 februari 2017 starten we met het eerste communie project van jullie kinderen. Wij hebben er zin in!

In deze brief geven we nadere informatie over het eerste communie-project. U vindt een datalijst met bijeenkomsten, vieringen en ouderavonden.

Het eerste communieboek

In het eerste communieboek, dat uw zoon of dochter zal ontvangen staan verschillende lessen. De meeste hoofdstukken zullen we tijdens de lessen behandelen. Tijdens de lessen behandelen we de meest essentiële onderdelen uit het boek. We doen liever een paar dingen goed dan veel dingen half.We zullen uit het boek lezen en in het boek werken.

Het boek moet iedere bijeenkomst mee worden genomen.

Kennis, ervaring en beleving

We zouden het op prijs stellen als u – in het kort – bespreekt met uw kind wat we in de bijeenkomsten hebben gedaan (de kracht van de herhaling). Daarnaast verwachten we dat u ook zo nu en dan uw kind helpt bij een huiswerkopdracht. We zullen u per mail tijdig op de hoogte stellen als er een huiswerk opdracht gemaakt moet worden.

Door wie?

Marleen & Ralf verzorgen dit jaar de communielessen. Zij worden versterkt door Annemieke en Sanneke.

Financiën

De financiële bijdrage van € 30, – graag contant betalen op de eerste ouderavond.

Overzicht van alle bijeenkomsten in 2017

Wilt u onderstaande data in de agenda zetten? We gaan er vanuit dat alle kinderen bij alle bijeenkomsten aanwezig zijn.

Mochten er vragen of problemen zijn, graag overleg via Ralf: 06-55111333.

Datum en tijd Nummer en onderwerp Locatie Overige informatie
Zondag 12 februari
9.40 uur
Bijeenkomst 1:

Boek:

1: Eén grote familie

In de kerk is er een viering met bijzondere aandacht voor kinderen

De blauwe zaal De kerk is open, via de sacristie kunt u doorlopen naar de blauwe zaal (achterin de gang).

 

Donderdag 16 februari
20:00 uur
Ouderavond 1 Pastorie Onderwerp: Kennismaken/Wie is de figuur Jezus en wat zegt hij ons/Hoe zit de kerkelijke structuur in elkaar.
Zondag 5 maart
9.40 uur
Bijeenkomst 2:

Het leven en de inzet van Jezus. Les 5 en 6.

De blauwe zaal
Zondag 12 maart
10:00 uur
Gezinsviering

40 dagen tijd

In de kerk zelf Voorstellen kinderen eerste communie.
Donderdag 16 maart
20:00 uur
Ouderavond 2 Pastorie Onderwerp: Wat is bidden, hoe doe je dat met kinderen en wat roept het Onze Vader allemaal op?
Zondag 19 maart
Let op!!! 9.15 uur
Bijeenkomst 3:

Boek:

2. Wij komen de kerk binnen.

In de kerk zelf,

Verzamelen bij het H. Hartaltaar

Afwijkende starttijd i.v.m. rondleiding kerk.

Indien mogelijk: Geef uw kind een digitale camera of telefoon mee.

Zondag 2 april
9.40 uur
Bijeenkomst 4:

Boek:

Les 7: Het offer van Jezus

De blauwe kamer
Donderdag 6 april
20:00 uur
Ouderavond 3 Pastorie Onderwerp: Wat is de betekenis van de Eucharistie/ wat heb je er zelf voor beleving bij/ wat zijn de 7 sacramenten en wat houden ze in?
Zondag 9 april
9:40 uur
Bijeenkomst 5:

Palmpaasviering:

Palmpaasstokken maken

In de kerk is er een viering met bijzondere aandacht voor kinderen

De blauwe kamer Tijdens de viering maken de kinderen palmpaasstokken die meegaan in de processie aan het einde van de viering.
Zondag 14 mei
9:40 uur
Bijeenkomst 6:

Boek:

Quiz

Voorbeden maken

Toren beklimmen

Pastorie
Donderdag 18 mei
20:00 uur 
Ouderavond 4 Pastorie Onderwerp:

Afsluiting met rondleiding en een hapje/drankje

Vrijdag 19 mei
17:00 uur – 18:00 uur
Generale repetitie In de kerk zelf Ingang via Bottemanneplein.

Deur open vanaf 16.45 uur.

U kunt uw kind ophalen om 18.00 uur.

Doopkaars nu vast meenemen!!

Zondag 21 mei
Kinderen om 9:30 uur aanwezig
Eerste Communie

In de kerk is er een viering met bijzondere aandacht voor kinderen

In de kerk zelf Viering begint om 10.00 uur.

 

Voor de bijeenkomsten op de pastorie geldt: wilt u uw kind (uiterlijk) om 9.40 uur brengen naar de pastorie? Deze is bereikbaar via de kerk en de sacristie. We kunnen dan om 9.45 uur daadwerkelijk starten. Meestal eindigen we in de kerk zodat de kinderen via de pastoor kort verslag kunnen doen van wat we hebben besproken en gedaan.

Voor vragen en opmerkingen over de ouderavonden kunt u contact opnemen met Eric Fennis, EFennis@bisdomhaarlem-amsterdam.nl.

Wij hopen dat u voldoende bent geïnformeerd over de praktische gang van zaken.

Met vriendelijke groet,

Eric Fennis, Marleen van Leeuwen, Ralf Endstra, Annemieke Figee en Sanneke Overtoom

Bijzondere gezinsmis op 5 februari a.s.

Kinderviering 140504Op zondag 5 februari a.s. staat de gezinsmis in het teken van Maria Lichtmis.
Dit feest wordt altijd op 2 februari gevierd, maar wij doen dat ook op de zondag er na.
Officieel heet dit feest ‘Opdracht van de Heer in de tempel’. Jezus is als kind niet gedoopt, maar volgens de Joodse traditie opgedragen in de tempel. Dat verhaal wordt dan ook in de viering voorgelezen. Een oude traditie is om op dit feest kaarsen te zegenen. Alle kinderen krijgen aan het einde van de viering een kaarsje die door de pastoor wordt gezegend.

En alle kinderen en anderen in de kerk kunnen dan ook nog de Blasiuszegen ontvangen, als bijzondere bescherming. De Meisjescantorij zal de viering muzikaal verzorgen en we hopen er met elkaar een leuke viering van te maken. Van harte welkom dus zondag 5 februari a.s. om 10.00 uur in onze Kathedraal!

22 januari: Rust en orde?

[print]

3e Zondag door het Jaar

Schriftlezingen:

  • Jesaja 8.23-9,1-3

  • 1 Korintiërs 1,10-17

  • Mattheüs 4,12-17

Nadat Jesus gehoord had
dat Johannes de doper gevangen genomen was
week Hij uit naar Galilea, het land van Zebulon en Naftali
‘.

Jesus week uit. Is Hij een angsthaas?
Neen, zo is het mooi niet.
Hij wijkt uit betekent hier: hij ontvlucht.. wat?
Nadat Johannes vermoord is moet hij niets meer hebben van de
goed ge-oliede tempeldienst. Hij ontvlucht
de gewone zelfverzekerde samenleving van Jeruzalem
en gaat naar het land van Zebulon en Naftali.
Dat is het Noordrijk, een uithoek van het land
gezien vanuit Jeruzalem.

Ooit woonden daar de tien stammen
die het eerste in ballingschap waren gegaan naar Babel
maar helaas nooit waren teruggekomen.
In hun plaats was een eigenaardige meng-bevolking gekomen
van buitenlanders gekomen die zich vermengd hadden
met de anderhalve jood die daar nog was overgebleven.

De mensen van het Zuidrijk, van Jeruzalem en omgeving
(die WEL de kans hadden gehad uit de ballingschap terug te komen)
keken diep op deze mensen neer.
Je zou verwachten dat Jesus zich ver houdt van dat land
en in Jeruzalem, waar de ‘echte’ gelovigen wonen
Zijn openbare leven begint.
Maar het onverwachte geschiedt:
Jesus begint juist in dat noordrijk met zijn verkondiging.

En daarmee komt de oude profetie van Jesaja in vervulling
die ooit gedroomd had
over een nieuw begin voor dat land in het noorden toen hij
-sprekend over dat land van Zebulon en Naftali- zei:
‘het volk dat in duisternis zat, zal een groot licht aanschouwen.’

Als er staat dat Jesus naar Galilea gaat,
het land waar Herodes die Johannes gevangen genomen had, de baas is,
betekent dat, dat Hij de mensen opzoekt in hun nood
en zich solidair verklaart met de mensen
die te lijden hebben van onderdrukking en armoede.

Laten Zijn volgelingen eenzelfde durf zien ?
Ja, eerst hadden ze –rond Stephanus bijvoorbeeld
die we op 2e kerstdag eerden- echt aandacht voor een nieuw levensstijl.
Maar er kwam al gauw de klad in.
Al kort na Jesus dood en Verrijzenis,
in de allereerste begintijd van het christendom
merken we al dat christenen,
in plaats van hun zending echt serieus te nemen
en samen verantwoordelijkheid te gaan dragen voor de wereld
net als alle andere gewone mensen
hun eigen haan graag koning laten kraaien.
Ze gaan met elkaar ruzie maken over hun eigen gelijk.
Als kleine kinderen roepen de christenen van het begin
elkaar toe: ‘ik ben van Paulus’, ‘en ik van Apollos’.
Jesus roept mensen niet op tot proclameren van je eigen gelijk
maar tot dienstbaarheid.

Uitzonderingen zijn er ook: moedige mensen
zoals de vrouw die wij enige maanden terug uit deze kerk uitdroegen.
In 1942 lag zij in het ziekenhuis na haar eerste bevalling.
Naast haar lag een ongehuwd moedertje die een kind had
van een Duitse soldaat.
Iedereen keek op haar neer.
Het jonge moedertje had niet genoeg borstvoeding:
‘net goed’ zeiden de anderen. Maar zij, de oma die we toen eerden niet.
Zij zei: ‘geef dat kind maar hier, ik heb genoeg.’
Het werd niet door iedereen begrepen maar was voorbeeldig
geheel in de stijl van Jesus.

Als Jesus het land opzoekt waar Herodes regeert
begint Hij met zijn eigen programma:
de mensen bij te staan in hun nood.
Hij troost de bedroefden,
stelt de armen ten voorbeeld aan de rijken
Hij verkondigt een nieuwe manier van leven
die mensen van heel de wereld zal kunnen bevrijden.

En er zijn dapperen die meegaan
als Jesus langs het water loopt.
Hij roept de vissers bij hun net vandaan
opdat ze mensen zullen vangen.
Hij spreekt de tollenaars aan:
‘ik wil bij jullie eten’
en ze gaan zich direct bekeren.

Hij spreekt ook ons aan, u en mij:
‘wees er voor anderen..
zie je leven als een dienst.
Wees er voor de mensen die je nodig hebben!’

Paulus, wiens bekering tot het christendom
we deze week vieren, klaagt later over over de verdeeldheid
onder de mensen die Jesus zeggen te volgen.
Hij zet de zelfverzekerden een beetje voor aap door te zeggen:
‘wat is het toch heerlijk dat alle mensen anders zijn.’
Allen hebben hun eigen gaven.. sommige zijn goede leraren,
andere zijn goed in de diaconie, in de dienst aan de naaste,
anderen kunnen goed de kerk leiden en organiseren.

We hoeven gelukkig niet allemaal hetzelfde te doen…
wat wel van belang is dat we elkaar inspireren,
van elkaar genieten: jong en oud, mannen en vrouwen,
allemaal samen geïnspireerd door die ene man
Jesus Messias, die grenzen durfde passeren,
die het gekwelde land van Galilea opzocht.

Als wij Jesus echt durven volgen
worden nieuwe dingen mogelijk.

Het is voor sommige mensen fijn om te weten dat andere mensen
hetzelfde denken als zij
die mensen houden van rust en orde.
Politieke partijen die dat ook willen
lieten deze week van zich horen.

Ze hebben succes, het is nu eenmaal
prettiger en ook rustiger
om precies te weten waar je aan toe bent,
overzicht te hebben over je bestaan:

Maar daarvoor kom je niet naar de kerk.
Je komt hier om onrustig te worden
om je niet neer te leggen bij de dingen die zijn zoals ze zijn.
Nooit mag je je neerleggen bij gezellige familieruzies
waarbij de ene helft geniet van zijn gelijk en de andere ook
– je maakt dat wel eens mee bij begrafenissen
een heel gedoe om samen dan toch een afscheid te vieren.
Je mag je nooit neerleggen bij het bestaan van de verdeling van de macht
zoals dat nu op deze aarde gebeurt. Rijk is rijk en blijft rijk
je mag je niet neerleggen bij de conflicten die er zijn op deze wereld
allemaal hebben die te maken met de ongelijke verdeling van de macht.

Je mag je niet neerleggen bij de beroerde situatie van ons milieu..
de bedoeling is dat het licht dat met kerstmis opging over de wereld
bij de komst van Jesus in ons bestaan
dat het licht door ons wordt doorgeven over deze wereld.

Er is hoop want gelukkig blijven mensen geloven.
Het is goed dat wij de vorige week hier samenkwamen met mensen
van andere kerken in solidariteit met christenen over heel de wereld
biddend voor de eenheid van de kerken en de eenheid van de wereld
ook en vooral om daar zelf iets aan te gaan doen.

Allen samen komen we hier om te horen en te getuigen van de liefde van God
die zich uitstrekt naar alle mensen opdat ook wij ons inzetten,
ieder op haar of zijn eigen plek, voor de komst van Gods Sjalom in ons midden.

Het is prettiger en rustiger
precies overzicht te hebben over je bestaan –zeg ik nog een keer-
het is prettiger en gemakkelijker
om rustig verder te sukkelen als mens
maar dat wordt je als gelovige niet gegund.
Jesus liet het rustige, zelfverzekerde Jeruzalem voor wat het was
en koos voor het land van Zebulon en Naftali.
God geve ook ons de durf diezelfde weg te gaan
naar de mensen toe en zo Gods nieuw toekomst mogelijk te maken
zijn Koninkrijk, zijn nieuwe wereld, hier en nu te laten gebeuren.

Hein Jan van Ogtrop, pastoor

Getijdengebed in de Groenmarktkerk

Bidden voor eenheid: getijdengebed in de Groenmarktkerk

klein getijdenboekMaandag 16 januari 2017 tot en met zaterdag 21 januari 2017, elke dag om 7:30, 12:30 en 19:30 uur.

Elk jaar wordt er wereldwijd aan het begin van het jaar een week lang gebeden in verschillende kerken voor de eenheid van de christenen. Dit jaar wordt deze week gehouden van zondag 15 januari tot en met zondag 22 januari 2017.

Ook hier in Haarlem komen de mensen samen om te bidden, en dit doen wij in de Groenmarktkerk (Antonius van Padua aan de Nieuwe Groenmarkt).

Bij de gebeden wordt zoveel als mogelijk het ritme van de kloostergebeden aangehouden. Teksten en lezingen volgen de tweede brief aan de Korintiërs 5:14-20, waarin Paulus ons oproept tot verzoening. Stap voor stap volgen we zijn woorden over de liefde van Christus die ons drijft. Deze drijfveer overstijgt de verdeeldheid en brengt christenen bijeen.

De eerste dag van de bidweek, zondag 15 januari, is er een oecumenische viering in de kathedrale basiliek Sint Bavo aan de Leidsevaart in Haarlem. Om 19:30 uur begint die avond het avondgebed in de Groenmarktkerk.

Daarna wordt er van maandag tot en met zaterdag elke dag gebeden voor de eenheid van de christenen, om 7:30, 12:30 en 19:30 uur.

Verkondiging oecumenische viering

[print]

VERKONDIGING 15 JANUARI 2017

ds. B.A.M. Luttikhuis: Inleiding

Dit jaar zal op veel plaatsen worden herdacht dat Maarten Luther in 1517 zijn
95 stellingen publiceerde, volgens de overlevering door die aan de deur van
de slotkapel in Wittenberg te spijkeren. Luthers beoogde met zijn stellingen
een hervorming en daarmee vooral ook een vernieuwing van de kerk teweeg
te brengen. Maar het liep anders, zoals u weet. Het liep uit op een scheiding
van de kerken.

Ook wij willen vandaag dat begin van de Reformatie met elkaar herdenken,
maar dan wel op een wat positievere manier, namelijk niet door terug te kijken
naar 1517, maar door vooruit te kijken en onszelf de vraag te stellen: om
wat voor vernieuwing zitten wij nu in kerk en wereld verlegen? Dat doen we
vandaag met een knipoog naar Luther in de vorm van drie stellingen, ingebracht
door drie voorgangers en geïnspireerd op de drie schriftlezingen van
vanmorgen, die allemaal cirkelen rond het thema ‘verzoening’.

Eén ding bedachten wij daarbij in het bijzonder. Het is niet zo’n kunst om een
stelling de wereld in te slingeren. Massa’s mensen doen dat dagelijks op Twitter.
Maar het is wel een kunst om ook naar elkaars stellingen te luisteren en
daar ook serieus op in te gaan. Wie echt verzoening zoekt, is bereid zichzelf
ook die moeite te geven. Daarom dachten wij als voorgangers: laten wij daarin
het goede voorbeeld geven, over kerkgrenzen heen, door niet alleen onze
eigen stellingen te lanceren, maar ook op elkaars stellingen in te gaan.
Daarbij geef ik nu als eerste het woord aan ds. Sietse van Kammen geven
voor zijn stelling.

ds. S. van Kammen

Stelling (n.a.v. Matteüs 5:23-24)
Bij een stelling lijk je iets overeind te zetten. Maar het is misschien andersom.
Bij een stelling moet er juist iets scheef worden gezet wat kaarsrecht overeind
leek te staan. Pas zo gaat het balletje rollen en komt er iets in beweging.
Verzoend leven met jezelf, met anderen, met je gebreken, met de gebreken
van anderen is de grootste opgave die het leven vraagt. Maar wanneer het
lukt om werkelijk verzoend te leven, dan vindt er ook werkelijk vernieuwing
plaats. ‘Vernieuwd leven’, waar het allemaal leek dood te lopen.
Waar het om gaat is dat je vrij uit en onbelast kunt ‘offeren’, kunt geven. Offeren
is eigenlijk iets teruggeven. Om je bewust te worden dat je het leven eigenlijk
te leen hebt. Het is niet van jou, het is niet van een ander, het is gratia,
genade, gratis en voor niets. Het is niet verworven, niet verkregen, maar geschonken.
Daarbij kan niet achterblijven dat wij elkaar als geschenk gaan
zien; elkaar als geschenk leren ontvangen.Ook de broeder of zuster die zich
als een zeurkous gedraagt is daarbij een geschenk uit de hemel. En al voelt
dit als een uitdaging dit zo te ervaren… Meer dan een uitdaging is het een
gebod, dat het leven ons bezorgd.

Mijn stelling bij Mattheus 5: 23 en 24 is daarom:
Wij hebben elkaar als geschenk te ontvangen
al hebben we bij Sint om iets anders gevraagd.…..

Pastoor R. Frede

De ander als een geschenk ervaren. Met mijn partner lukt dat gemakkelijk –
maar in het dagelijkse leven is het wel een haast niet te volbrengen opdracht.
Het kan leiden dat het permanente gevoel van onbehagen en tekortkoming.
Iedere keer dat ik een vuist in mijn zakken maak in plaats van iets te zeggen
is dan wellicht een kleine overwinning op het grotere kwaad – namelijk openlijk
boos worden of scherpe en emotionele kritiek uiten – maar het leidt bij
mezelf niet noodzakelijk tot het goede gevoel uit de geest van Christus te leven.
Waarheen met onbegrip en woede? Christelijk geloven als permanente
oproep stil de ander als een geschenk van God te ervaren? Waarheen met
strijdbaarheid en engagement?

Een beetje is het ook op oecumenisch vlak zo: Het is namelijk niet zo dat de
scheiding tussen kerken er enkel uit onbegrip van elkaars bedoelingen is,
soms heeft de ander gewoon geheel andere opvattingen dan ik, zijn de dingen
echt onderscheiden. Het helpt dan geenszins als je probeert dat te verduisteren
door er niet over te spreken of glad te strijken (“We geloven allemaal
in dezelfde God”)

Het geschenk dat de ander is wil natuurlijk ook uitgepakt worden en gewaardeerd
– al is het zo dat we bij deze geschenken meestal geen recht op retour
hebben.

Mijn stelling bij 2 Korintiërs 5, 14-20 is daarom:
Als we met het geschenk niet tevreden zijn,
hoeft er ook niet gedaan te worden alsof het wél leuk is,
als we maar onthouden dat ook de gever “een vader en moeder heeft als wij”
en we samen zullen leven in het huis van de Heer, deze wereld.

Pastoor H.J. van Ogtrop:

De ander als geschenk ervaren…
zo wordt het ons vandaag aanbevolen.
Ja dat klinkt mooi maar cadeau’tjes ontvangen is ook moeilijk.
Met grote hardnekkigheid krijg ik ieder jaar op
(mijn verjaardag, die valt nota bene samen met Sinterklaas)
een fles port…. ik zie hem iedere keer aankomen
en… ik haat port.
Sorry aan de gevers –ik heb ze dit jaar gewaarschuwd
maar ik ben ze indirect dankbaar voor hun bijdrage aan dit preekje.
De ander als een welkom geschenk ervaren is dus niet eenvoudig:
de ander beminnen als jezelf is ook niet gemakkelijk.

Het jodendom – en dat hebben we nu als kerken
na honderden jaren antisemitisme eindelijk geleerdhet
jodendom biedt meestal de oplossing
voor alle problemen of schijnproblemen
waar christenen zich eindeloos mee kunnen bezig houden.
‘De ander beminnen als jezelf’
betekent niet dat je jezelf ook aardig moet vinden:
(ik vind mijzelf helemaal niet aardig en ben het ook niet).
De ander proberen te beminnen als jouzelf betekent
dat je de ander moet zien als net zo’n kwetsbaar mens
als jijzelf bent. De ander is niet aardig of aardiger dan jij
hij is gewoon een mens: net als jij bent.
En het bijzondere is dan, en daarvoor komen wij naar de kerk
om dat alsmaar weer te horen,
dat er een ander is die wel iets in ons ziet:
en dat is de ander met een hoofdletter:
de Enige die heeft gezegd dat Hij er wil zijn voor ons,
voor mij en voor jou, en voor jou en voor jou.
Hij maakte ooit zijn Naam bekend aan Mozes:
-ik had er laatst nog discussie over met een wijsneusje van 12 jaardie
naam is niet ‘de almachtige’ al zou hij die titel mogen voeren
ook niet ‘de alwetende’ al zou hij die titel mogen vieren;
geen superheld of superman of supergod
maar een God die gekend wil zijn
als ‘IK ZAL ER ZIJN VOOR JOU!.’

Het wordt hoog tijd dat de kerken, maar ze doen dat al bijna niet meer,
de anderen lastig vallen met hun eigen gelijk
het wordt tijd dat we echt erkennen
allemaal, dat we kunnen groeien en bloeien
als wij ons willen koesteren in de zon van zijn
voor ons altijd weer onbegrijpelijke liefde.
Als kerken moeten we mensen proberen samen te brengen
om ze dat verhaal te vertellen
en dan aan iedereen door te geven:
het verhaal dat er iemand is er altijd weer hoge verwachtingen van ons heeft
en die iets in ons blijft zien!

De doop die ons als kerkmensen verbindt
is een doop in de naam van de Vader en de Zoon
en de Heilige Geest. Ja dat weet ik ook wel…. hoor ik zeggen.
Maar ik ga u zeggen wat dat voor mij betekent.
Door de Vader te noemen wordt je verbonden met de God van Israel,
die ook de Alla van de Moslims is en onze God, de Vader en de schepper.
Door de Zoon te noemen wordt je in het klasje van Jesus gezet
dat wij ook wel kerk noemen, en door de Heilige Geest te noemen word je
verbonden met alle mensen, Hindous, Boeddisten, Heidenen, Agnosten en
ook belijdende atheisten want de Geest van God werkt ook in hen.
Bij de doop wordt dus niet in een rooms, calvinistisch of orthodox hok gezet
maar in de ruimte geplaats van een mensheid waar de koepel
van Gods liefde overheen gespannen staat.
En –tenslotte- die liefdeskracht van God, ik noem dat de Heilige Geest,
is bezig met alle mensen, jong en oud,
man vrouw, gelovig niet gelovig
ook in onze dagen als je het maar zien wil
onbegrijpelijk veel mooie dingen te doen.

Voorbeeldje: een oude collega van mij van 88
ging naar Haarlem om de nieuwjaarsreceptie van de onze
rk bisschop te bezoeken. Hij was 2 dagen te vroeg
en had zich bovendien vergist in de Bavo.
Eenzaam liep hij geheel verkleumd te dwalen op de grote markt.
Gelukkig werd hij opgemerkt door een 25-jarige jongeman
met een erg komisch hoedje op.
Die nam hem bij de arm en bracht hem te voet
helemaal naar onze pastorie aan de Leidsevaart.
Daar gingen we aan de koffie.
De jongen met het hoedje vertelde dat hij in Pakistan had gediend.
‘Heb jij die priester geholpen omdat je gelovig bent’ vroeg ik:
‘Ik gelovig?’ zei het hoedje stomverbaasd: ‘helemaal niet’
haastig gaf ik hem nog wat koffie en bedankte hem.
Toen zei de jongen, een nieuwe versie van de barmhartige Samaritaan:
‘nu ga ik even mijn auto halen
om hem naar huis te brengen, hij woont in Voorhout.’
en zo geschiedde. Ik kan nog 100 voorbeelden noemen
van mensen die liefde verspreiden en hoop (en geloof eigenlijk ook)
en die als werktuigen van Gods Heilige Geestdruk
doende zijn.

God is al heel lang bezig een nieuwe wereld te scheppen
allen wij suffers willen dat niet zien.
Mijn stelling is dan ook: ‘Wat de Geest al heeft gedaan
moeten wij niet onderschatten.

ds. B.A.M. Luttikhuis

Nu verschijn ik weer achter de microfoon en nu denkt u misschien: komt hij
nu ook nog met een stelling aan? Nee, dat doe ik niet. Ik neem ze alle drie
aan van mijn geliefde collega’s, van ganser harte. En daarom heb ik nog maar
precies één woord aan die stellingen toe te voegen. Ik hoop dat ik dat ene
woord vandaag ook mede namens u mag uitspreken. Dat ene woord luidt
kort maar krachtig: Amen.

15 januari: Ja, dit blijft!

[print]

2e Zondag door het Jaar

Schriftlezingen:

  • Jesaja 49,3-6

  • Johannes 1,29-34

I. Een van de merkwaardigste en tegelijk ook verontrustendste uitspraken
van Jesus is een vraag die hij plotseling opwerpt in een debat: ‘
zal er later nog geloof gevonden worden in Israël?’
Daarmee treft hij ons diep.

We lezen in de Bijbel vele verhalen over geloofshelden en heldinnen:
over Mirjam, Judith en Maria om met de vrouwen te beginnen,
over Abraham, Mozes, David, Jesaja,
en een heel boek, het Nieuwe Testament, over Jesus zelf.

Maar… hoe gaat het verder?
Een vraag die veel mensen op de lippen ligt is:
‘ZAL het überhaupt wel doorgaan
met het goede oude verhaal in mijn eigen levensdagen
en die van mijn kinderen?’

De bisschoppen zeiden enkele jaren terug
dat wij een missieland zijn
en misschien is dat ook wel zo
al zijn veel mensen door die uitspraak een beetje beledigd.
Maar hun en onze vraag is dezelfde:
Zal er nog geloof gevonden in Nederland in 2050?
Mooie dingen zijn zo kwetsbaar.

II. Het was voor de volgelingen van Johannes de doper,
die zich met hart en ziel aan de ruige boete-profeet hadden toegewijd
een hele klap toen hij opeens zei:
‘je moet nu niet meer bij mij wezen.’

De hoge heren uit Jeruzalem waren ooit bij hem op bezoek geweest
en hadden toen gevraagd: ‘wie ben jij’.
Zijn leerlingen hadden vast goede antwoorden geweten:
‘een genie’, een profeet, de nieuwe Elia,
de Messias misschien wel.’

Maar hij zegt na iedere vraag opnieuw: ‘die ben ik niet.’
Door al die nieten wordt de aandacht van de lezer gericht
op degene die dan WEL degene zou zijn op wie de wereld wacht.
En dat is Jesus van Nazareth die het verhaal onverwacht binnenkomt.

Tot verbijstering van de leerlingen van Johannes
doet hun idool gemakkelijk afstand van heel zijn eigen belangrijkheid
en wijst hij alleen maar door naar die ene die komt.

Dat is niet plezierig,
dat de man op wie je viel, die je zo hevig vertrouwde,
je gewoon doorstuurt naar een ander.

Zal die wel bevallen en je de zekerheid geven
die je nodig hebt?
Of zal die ander je misschien ook weer doorsturen
naar weer een ander?

Moeten wij, die Jesus volgen,
misschien niet ook eens gaan uitzien naar een nieuwe leraar,
het christendom is per slot van rekening al 2000 jaar oud?
Ontstelende vragen.

Daarom is het misschien goed
om eens op een bijzonder woord in de tekst van vandaag te letten.
Dat is het woord BLIJVEN.

Johannes de doper geeft een merkwaardig getuigenis over Jesus.
Hij zegt tegen zijn leerlingen over Jesus
niet alleen dat HIJ DE GEEST ALS EEN DUIF ZAG NEERDALEN.
Maar hij herhaalt (tot tweemaal toe):
DAT HIJ ZAG HOE DE GEEST OP HEM BLEEF RUSTEN.
Het was niet alleen een neerdalen, een ‘eventjes begeesteren’
of zo maar iets maar IETS DAT BLIJFT.

Dat woord ‘blijven’ is een favoriet woord van de evangelist Johannes.
Hij gebruikt het woord maar liefst 40 keer in zijn geschreven werk.
Zo benadrukt Johannes de evangelist
dat het met die Geest van God die via Jesus tot ons komt
niet zo gaat als met de gewone dingen in het menselijke leven
die voorbijgaan, zoals dat in een TV-serie terecht gezegd werd.

Als wij spreken over de Geest gaat hem om een andere kracht
die niet alleen op een speciale manier in Jesus aanwezig is en blijft
-een nieuwe leraar is dus niet nodig-
maar die in iedere christen, ja zelfs in iedere mens
zoals de profeet Jesaja dat ook zei, aanwezig wil zijn.
Wij zijn als christenen geen leden van een soort historische genootschap
die een belangrijke leider in ere houden.

Als de kerk alleen maar een historisch genootschap was
zou zich nooit hebben kunnen uitbreiden
naar Zuid Amerika, naar Azië of Afrika,
de kerken die ons vaak voorgaan in enthousiasme en geloofsijver.
Wij zijn zo een gemeenschap rond een levende Heer
wiens Geest ons in leven houdt en bijeenbrengt in iedere tijd opnieuw.

III. Johannes de evangelist beschrijft dat op zijn allerduidelijkst
in Jesus’ afscheidsrede.
Eigenlijk is het helemaal geen afscheidsrede omdat Jesus met nadruk zegt:
IK ZAL ALTIJD BIJ JULLIE ZIJN.

Hij kan dat zeggen, onafhankelijk van wat er gaat gebeuren:
want GOD IS MET ONS.

Als we wat verder lezen dan de tekst voor de lezing van vandaag,
komt dat woord BLIJVEN nog een keer voor.
Nadat Johannes de doper tot tweemaal toe aan zijn leerlingen heeft gezegd,
dat ze in Jesus definitief alles zullen vinden
wat ze aanvankelijk bij hem zochten,
zijn er twee die onmiddelijk besluiten Jesus na te lopen:
Andreas en Simon die later Petrus zou heten.

Terwijl ze achter Jesus aanlopen,
keert die zich om en zegt: ‘Wat willen jullie?’
Ze vragen hem dan waar hij woont.
Jesus antwoordt: ‘kom mee en zie voor jezelf.’
En het verhaal van vandaag eindigt dan met te vertellen
dat ze met Hem meegaan, ze gaan Zijn huis binnen
EN BLIJVEN BIJ HEM.

Daartoe worden wij ook opgeroepen: bij Hem te blijven.
Het is de moeite waard bij Hem binnen te gaan om te luisteren
– dat doen wij hier in dit huis-
en Hem daarna te volgen naar de mensen toe.

Hoe gaat het verder met de kerk
die zo in de problemen is in onze dagen
en zullen onze kinderen de waarde van het geloof ontdekken?

Zal er nog geloof worden gevonden in Nederland in 2050?
Antwoord:
Ja, zolang wij vasthouden aan deze Heer en van Hem getuigen
in woord en daad. Als christenen samen verantwoordelijk voor deze wereld.

Daarom heb ik zo’n grote voorkeur voor
de slotbede van een van de gezongen voorbeden van Oosterhuis
-je kunt ze ook zeggen natuurlijk-
waarin gebeden wordt voor de noden der wereld maar dat niet alleen
er wordt ook gebeden voor mensen die kracht uitstralen, goed doen
– en dan komt het – DAT ZE STAANDE BLIJVEN IN ONS MIDDEN.
Wat zou het goed zijn als wij die mensen zouden durven zijn!

Hein Jan van Ogtrop, pastoor

8 januari: Gods eigen geschiedenis

[print]

Openbaring des Heren

Schriftlezingen:

  • Jesaja 60,1-6

  • Matteüs 2,2-12

Wat een bijzondere tijd om Driekoningen te vieren:
buiten is er somberheid, verhalen van oorlog en onzekerheid
binnen blijven we in Gods toekomst geloven:
Een vreugdevolle tijd beleven wij in de Kerk:
de Liefde van God openbaarde zich aan de mensen.

Het is goed daarover te spreken, ook naar buiten toe,
in een tijd waarin zoveel mensen zoeken naar licht en troost
en wijzelf, als oude en beproefde gelovigen, het soms niet meer zien zitten.
Wij bewaren een kostbaar geheim in onze kerkgemeenschap:
het geheim van de Hoop.

De Franse schrijver Charles Peguy noemt de Hoop:
‘een klein meisje dat danst in het park.’
Kwetsbaar is ze, voor je het weet
heeft iemand die kwaad wil haar te pakken
en zal haar molesteren maar ze blijft dansen.
Deze –wat sentimentele- beeldspraak zet ons wel op het goede spoor:
de doorbraak van God liefde en zijn troost in onze wereld
is een broos gebeuren.
Mensen kunnen het heel gemakkelijk weer kapot maken
er zijn nog steeds Herodessen die het weerloze kind achtervolgen.
In het evangelie ontkomt het kleine kind
aan de wurggreep van de dood.
Wij vieren vandaag dat het kind toch kan opgroeien en dat,
(ook zal later een naamgenoot van de eerste Herodes
het kind wel te pakken krijgen) , de Epifanie, de zichtbaar wording,
de doorbraak van Gods liefde in de wereld
niet meer tegen te houden is.

Matteüs de evangelist van het komende jaar,
beschrijft hoe Jesus, de nieuwe koning is van Jeruzalem
en van de wereld.
In die werel, hebben wij in de kerstnacht gehoord,
gaf de keizer zijn bevelen. Maar Lucas vertelde ons toch
dat de werkelijk belangrijke geschiedenis
wordt geschreven vanuit Bethlehem.
Die geschiedenis die God met mensen schrijft
gaat dwars tegen alles in.
Het is een geschiedenis van gewone mensen
van troost aan de bedroefden,
bemoediging aan de kleinen.
De herders, eenvoudige joden waren
-zo vertelde nog steeds Lucas ons in de kerstnacht-
de herauten van Gods bezig zijn met de armen van Israël.

Matteüs vult Lucas’ verhaal aan:
Jesus is het ware licht: niet alleen voor de kleinen in Israël
maar Hij is het ware licht dat iedereen moet kunnen zien:
Hij schrijft over de gasten van buiten,
de wijzen uit het Oosten die het wel zien zitten,
die onder de indruk zullen komen
van de lichtende, troostende aanwezigheid
van de God van Israël.
En dan raakt merkwaardig genoeg de bestaande orde
(Herodes staat daarvoor) in gevaar.
Hij wordt geconfronteerd met –zo staat het er letterlijk-
de geboren koning der joden. Die geboren Koning namens
Israels God, (een koning die voor de kleinen en de gewone mensen kiest)
is bedreigend voor de groten en de machtigen.
Ook de vertegenwoordigers van de gevestigde Godsdienst -de schriftgeleerden –
weten er geen raad mee als de wijzen komen om te vragen
waar het nieuwe begin van Gods geschiedenis met de mensen
dat er moet zijn, plaats heeft.

We horen vandaag in het opgewekte troostende verhaal
over het licht dat de heidenen in Bethlehem zien
dus ook sombere ondertonen.
Wij horen -als we goed luisteren-
ook aankondigen dat de geschiedenis van de nieuwe koning
een geschiedenis wordt die ook in bloed geschreven zal worden.
Herodes wil de nieuwe koning
heimelijk en discreet te pakken krijgen.
Gelukkig sorteert zijn nauwkeurigheid geen effect.
De nieuwe koning zal ontsnappen.

Maar dat is niet om bij ons mensen vandaan te lopen
want uiteindelijk zal een naamgenoot van de eerste Herodes,
een latere achter- achterneef van deze eerste Herodes,
Jesus wel te pakken krijgen en hem,
door een monsterverbond met Pontius Pilatus, laten doden.
Maar niet heimelijk en discreet
zoals zijn voorganger dat had gepoogd!
Het zal in de volle openbaarheid gebeuren
op de berg Golgotha,
en een schandaal worden
waar de mensheid nog steeds over spreekt.
Het kleine kind zal in het verhaal van vandaag nog weten te ontsnappen,
niet uit opportunisme maar alleen om later als man
op de berg Golgotha werkelijk te laten zien
hoe God partij kiest voor alle verdrietigen
en gekwelden, waar ter wereld ook.

De oude Nederlandse dichter Vondel beschrijft dat prachtig.
Eerst schrijft hij over de schoonheid van het kerstfeest
O kerstnacht schoner dan de dagen,
hoe kon Herodes het licht verdragen
dat in de duisternisse blinkt…..
En dan ziet hij in gedachte
Rachel de stammoeder van Israël,
(die het moet aanzien
dat de kinderen van Bethlehem worden gedood.)
schijnbaar ontroostbaar rondwaren.
Maar die droefheid heeft niet het laatste woord.
Hij spreekt haar troostend toe:
‘Bedrukte Rachel staakt dit waren
uw kinders sterven martelaren
als eerstelingen van het zaad
dat uit het bloed begint te groeien
en heerlijk tot Gods eer zal bloeien
en door geen wreedheid meer vergaat.’

En zo is er door alle duisternis heen
licht in zicht, nieuw land, toekomst.

De profeet Jesaja spreekt over het licht dat doorbreekt…
iedereen zal er verbaasd en blij naar opzien.

Met allen, heidenen, christenen, Joden,
met allen die onrecht ondervinden
die een zinloos verdriet moeten dragen
zien wij op naar het ware licht dat in ons bestaan doorbrak
door de volwassen solidariteit van het kerstkind dat man werd
en meeleed met alle verdrietigen.
God heeft zich in ons midden vertoond; solidair, meelevend, meelijdend.

Nooit meer is er doffe droefheid want Hij lijdt mee
nooit meer is er echte wanhoop want Hij neemt ons bij de hand.
Wij gaan in de komende jaren geen donkere tunnel in:
het licht van Zijn toekomst straalt ons tegemoet!
Wij gaan, -als Israël ooit door de woestijn-
verder achter een zuil van Licht.

Hij zal ons zegenen
Hij trekt met ons mee
Hij heeft Zijn Naam bekend gemaakt
die ook in dit nieuwe jaar weer geldt:
IK ZAL ER ZIJN:
EPIFANIEGEBED:

(Op het feest van Epifanie wordt gevierd:
1. hoe Jesus zich openbaarde aan de heidenen (de wijzen)
2. hoe Hij bij Zijn doop zich met de mensen solidariseerde
3. Hoe Hij op de bruiloft van Kana (zie Johannes 2) de wijn van
Gods nieuw toekomst aanreikte. In het nu volgende gebed hoort u dit allemaal)

Almachtige eeuwige God,
Gij hebt U aan ons geopenbaard
in uw Zoon, wiens ster tot in het oosten straalde!
Toen diezelfde Jesus opstond uit het water van de Jordaan
hebt Gij Hem gezalfd met de Heilige Geest
en Hem met kracht bekleed.
In Kana gloorde Uw nieuwe toekomst
in de wijn die ons werd aangereikt.
Gij hebt ook ons als Uw kinderen aangenomen
en hebt het beste met ons voor.
Wij vragen U geef ons een hart
dat luistert naar Uw inspraken
en maak ons tot bewerkers van Uw vrede.
– Dat vragen wij U omwille van Jesus Messias
die zich in deze wereld openbaarde, Uw Zoon ons licht,
onze toekomst voor alle eeuwen, dus ook voor nu!

Hein Jan van Ogtrop, pastoor

Nieuwjaar 2017

[print]

Nieuwjaar 2017

Schriftlezingen:

  • Numeri 6,22-27

  • Lucas 2,15-22

Men heeft met het feit dat Jesus op de 8e dag besneden is
nooit goed raad mee geweten
en daarom is die maar gauw weggemoffeld.

Men noemde daarom 1 januari liever sinds de middeleeuwen
het feest van de zoete naam
omdat Jesus op de dag van Zijn besnijdenis Zijn naam kreeg.
Maar ook in onze dagen weten we er steeds geen raad mee.
Paulus VI maakt er ‘dag van de vrede’ van
Paus Johannes Paulus II, -die toch zo goed aanvoelde wat ons met de joden verbindt- maakte er een dag ter ere van Maria van, M.moeder van de Verlosser.

Maar gelukkig:
het evangelie is steeds hetzelfde gebleven en
daarin horen we altijd maar weer dat Jesus wordt besneden op de achtste dag.

Dat feit kan niet verborgen blijven. En het moet dat ook niet
want het is heel zinvol om op 1 januari te vieren
dat Jesus een trouw zoon van de Wet wilde zijn.

De mens die staan wil in het verbond
met de God van Abraham, Isaak en Jakob
zal getekend moeten worden -volgens de wet van Mozes-
met het teken van de besnijdenis.
Het gaat niet alleen om die kleine besnijdenis op die ene plaats
maar heel de mens, ook de oren, de lippen en het hart
zullen besneden moeten worden in geestelijke zin.
Het teken van de lichamelijke besnijdenis
is het teken van de inschakeling van de hele mens
in het verbond van God.

Het verbond kent geen splijting van de mens
in een hoger en een lager deel. Heel de mens is van God.

Lucas vertelt ons nog meer verhalen over Jesus’ intrede
in het volk van God.

Hij is de enige die ons ook vertelt over de 40e dag,
de dag waarop Jesus aan de Heer wordt voorgesteld in de tempel.
En ook vertelt hij hoe Jesus op 12-jarige leeftijd
met zijn ouders naar Jeruzalem gaat
en daar zijn discussie voert met de rabbijnen.

Een verhaal waar wij vroeger nooit goed weg mee wisten
omdat het toen nog niet duidelijk was
waarom Jesus als 12 jarige in de tempel was.

Hij was daar om gevormd te worden als het ware,
bij de joden heet dat BAR MITZWAH te worden,
zoon van de wet.
Lucas leert ons deze dingen.
Niet om roerende details te vertellen over de kleine Jesus
maar om ons te vertellen wie Jesus wil zijn voor zijn volk:
– Hij wil een trouw zoon van zijn volk zijn
– Hij wil zich onderwerpen -als alle andere joodse jongens-
aan het juk van de wet
– Hij wil zijn opdrachten horen en daarna gaan doen.

De eerste schriftlezing van vandaag was uit het boek Numeri,
ook wel ‘in de woestijn genoemd een veel mooiere naam
omdat we daar iets in horen van de pelgrimstocht
die wij mensen allemaal mogen volbrengen.

Als eerste lezing, heel zinvol op de nieuwjaarsdag
hoorde u de prachtige zegenspreuk:
de zegen van Aäron.
Een prachtige zegenspreuk,
eigenlijk een opklimmende reeks van drie zegeningen.

In het ziekenhuis vroeg ooit een mevrouw mij:
‘kunt u mij de zegen geven
maar dan niet zo’n korte maar die mooie, die lange.
En ze bedoelde deze, die van Aaron.
Kort na het ontvangen van deze zegen is ze gestorven.

De zegen bestaat uit drie spreuken zei ik al.
De naam van God, de Enige, IK ZAL BIJ U ZIJN
klinkt in de aanhef en spreidt zich over die drie spreuken uit:
Israëls heilige is in alle zegenspreuken aanwezig.

In de eerste horen wij:
Moge de Heer u zegenen en behoeden.
Zegenen en behoeden:
Hij wil zijn mensen beschermen en bewaren,
daarvan getuigt heel de schrift.
Wij mensen leven niet zo maar
maar wij hebben ieder persoonlijk een plaats,
een roeping, een taak:
en dan geldt IEDEREEN IS ONMISBAAR !

De tweede regel luidt:
Moge de Heer de glans van zijn gelaat
over u spreiden en u genadig zijn.
Ook in 2017 mogen wij ons persoonlijk
aanvaard weten,
en wij allen blunderaars en foutenmakers
mogen ons koesteren in de zon van Gods genade.
Zijn Genade zal ons begeleiden, alle dagen.

Als laatste zegenspreuk klinkt:
Moge de Heer zijn gelaat naar u toekeren en
HIJ SCHENKE U ZIJN VREDE.

Het gaat hier over de Sjalom,
de vrede waarnaar wij allen
zo hartstochtelijk naar verlangen en om smeken
en- als het goed is- onze eigen bijdrage aan leveren:
het gaat over het uiteindelijke perspectief
waar wij aan werken.
Wij werken niet zo maar wat
maar het wordt -als wij met God mee willen doen-
werkelijk wat op deze wereld:
de vrede zal het winnen van de oorlog
de liefde zal het winnen van de haat.

Jesus zelf heeft die zegen vaak gehoord.
Bij zijn besnijdenis is die zegen over Hem uitgeroepen.

Hij is, gezegend en al, op weg gegaan.
Hij is op eigen benen zelf die weg gegaan
van trouw aan God en de mensen
en heeft iets van die God uitgestraald naar ons toe.

Hij is de aanvoerder van een grotere groep mensen:
Hij is de aanvoerder van allen
die op weg willen gaan met God
en die Hem willen dienen en aanbidden.

Dat is een weg van vreugde en leed,
van volharding en inzet
en uiteindelijk een weg van verwerping.
Hij zal veroordeeld worden
en dan komt de gotspe: omdat Hij de wet zou hebben overtreden!

Door dat op te voeren getuigden Zijn tegenstanders
van hun totale onbegrip.

Zijn keuze voor solidariteit met de armen en de weerloze;

zijn kritische verkondiging aan het adres van de rijken,

zijn aanklacht tegen alles wat zich breed maakt ten koste van anderen

zijn eerlijkheid, zijn werkelijke trouw aan het woord van God.

het heeft JUIST ALLES te maken met een trouw aan de Wet
tot in het uiterste toe.
Als een verwijzing naar Zijn trouw aan de wet
en het lijden dat daarop zal volgen
en zijn glorieuze opstanding uit de dood
staat naast het priesterkoor, ook in de kersttijd, de paaskaars opgesteld:
het kerstkind wordt onze verlosser, ons leven, ons licht.

De eerste verzen van het evangelie van vandaag
vertelden ons over de herders die de boodschap
van de SJALOM op aarde rond het kind van Bethlehem
gaan verbreiden.

Het evangelie eindigde met ons te vertellen
dat de naam JESUS – GOD REDT,
op de achtste dag over dit kind is uitgeroepen.

Jesus van Nazareth ingelijfd in het verbondsvolk
en geroepen het juk van de geboden te gaan dragen.

Vandaag nieuwjaar.
Nieuw… zoals tot ons gezegd is:
ZIE IK MAAK ALLES NIEUW.

Dit mensenkind dat op de achtste dag besneden is
zal al is Hij door de mensen verworpen
door de Vader de heerschappij in handen gelegd krijgen
en Zijn bruidsgemeente vinden:
Zijn grote nieuwe mensenfamilie van mensen
zoals -als het goed is- u en ik
die zich willen scharen rond deze Zoon van de Wet
opdat ook wij, trouw aan onze roeping
zullen doen wat ons te doen staat.

Wij gaan niet alleen
Iemand, de God die Zijn mensen niet loslaten kan,
gaat met ons mee.
Vrede en alle goeds!

Openingsgebed nieuwjaar:
Het nieuwe jaar is van U Heer
met alles wat het verborgen houdt
wij willen van U zijn zoals wij zijn
met onze goede eigenschappen
maar ook met onze tekorten.
– Gij die geroepen hebt licht en het licht werd geboren
en het was goed, het werd avond en morgen
tot op vandaag.
Gij die geroepen hebt: ‘o Mens’ en wij werden geboren’
laat ons dan niet verloren gaan
en neem ons bij de hand.
Leid ons Uw toekomst tegemoet:
Dat vragen wij omwille van Jesus die leeft
aan de rechterhand van de Vader
voor de eeuwen der eeuwen,

Zalig nieuw jaar!

Hein Jan van Ogtrop, pastoor

24 december: Hij blijft in onze buurt

[print]

Nachtmis

Kerstmis is een feest dat ieder jaar anders is.
Zeker de kerstbomen lijken verdacht veel
op die van de vorige jaren; de oude kersttal
wordt weer tevoorschijn gehaald,
hetzelfde evangelie wordt gelezen
en dezelfde liederen worden aangeheven.
En toch is alles anders.
Dit jaar zeker.. want wij zijn anders geworden.

Het was me het jaartje wel
vooral die laatste maanden waren heftig.
We besluiten het Brexit jaar, nog een heel gedoe:
een Russische ambassadeur lag dood op de grond;
een klein syrisch meisje bij Erdogan op schoot..
aanslagen in Brussel, Parijs en Berlijn:
bijna aanslagen in Australië;
ontstellende verhalen hoor je.

Kerstmis is dit jaar anders.
Wij komen dit jaar samen als andere jaren
maar als volkomen andere mensen.
We hebben allemaal een knauw gekregen.
Het ‘vrede op aarde aan de mensen van goede wil’
gaat anders klinken want onze goede wil is bijna op.

Met kerstmis krijgen we allemaal kaarten
en soms ook brieven om elkaar wat op de hoogte te houden
over wat er gebeurd is:
een huwelijk dat voor de deur staat
een overlijden dat je hele leven veranderde.

De vorige week liep ik in Schalkwijk rond en raakte in gesprek
met een Turkse vrouw. Ze begon zomaar tegen mij te praten:
‘wat moeten we nou nog?
Ik heb een dochter die in Amerika woont;
ze heeft een man gevonden maar
denkt u dat ze kinderen willen?? Geen sprake van.
‘Daar beginnen we niet aan in deze tijd.’

Waar blijven we nu met ons
vrede op aarde aan mensen van goede wil;
waar is die dan?
Onze goede wil raakt op.

Daarom is het goed
om in het bijbelverhaal van Lucas
waar we deze nacht een gedeelte van horen
eens te kijken wat er nu precies staat.

En dan valt iets op:
er staat helemaal niet
‘vrede op aarde
voor de mensen van goede wil.’

Er staat iets heel anders:
er staat: ‘vrede voor de mensen die God liefheeft.’
En dat levert ons misschien
een nuttige gedachte op.

Het verhaal wil ons vertellen:
‘onze goede wil kan bezwijken’
daar hebben we het nu genoeg over gehad:
aan onze goede wil kan een einde komen
maar aan Zijn vriendschap niet!’

Al hebben wij misschien de hoop al opgegeven
in de wereldvrede, in ons eigen kunnen
in de waarde van onze eigen relatie
of in de waarde van ons zelf:
God is degene die altijd iets
in ons mensen blijft zien.

Alleen omdat Hij iets in ons ziet
kunnen wij opveren en verder gaan.

We kunnen er toch weer tegenaan gaan
in 2017, we kunnen weer hoop koesteren voor de wereld.
We zijn dan gevrijwaard van pessimisme of angst
onze knikkende knieën worden weer sterk.

Jesaja zag het voor zich:
‘Jullie zullen je zwaarden omsmeden tot ploegijzers
geen mens zal meer weten wat oorlog is
durf te leven in het licht van de Heer.’

De laatste maanden hebben we, vooral na de moorden in Aleppo en
de aanslagen in Europa hier in de kerk heel serieus nagedacht.
En ik ontdekte dat, een beetje raar gezegd,
naarmate er statistisch gezien minder mensen naar de kerk komen
-altijd nog zo’n 11.000 in de stad Haarlem-
het steeds nodiger is dat er een kerk is
waar de liefde van God en zijn sympathie voor ons
verkondigd blijft worden door alles heen
en waar de verbondenheid van mensen
die daarom toch bouwen aan een betere wereld
gevierd wordt rond het altaar.

Veel jonge ouders brachten dit jaar hun kinderen naar voren:
ze waren er dankbaar voor. Toch een antwoord op de vrouw uit Schalkwijk.

Een jonge moeder zei hier op de preekstoel
toen ze haar doopmotivatie verwoordde:
‘mensen die geen kinderen meer durven krijgen
gaan zo langzaamaan zelf dood;
mensen die het avontuur van de opvoeding van een kind
niet meer aandurven
zullen zelf geen enkel risico meer nemen
en zo versuffen.’

Ook trouwen, al of niet in de kerk, kan toch:
de liefde moet een kans kunnen krijgen in ons midden.

De vrouw uit Schalkwijk zei ook nog:
‘u zegt in de kerk vast lelijke dingen over ons’
‘hoe komt u erbij’ antwoordde ik: ‘we geloven samen in één God
en zijn samen verantwoordelijk voor deze wereld’.

Johannes Paulus de tweede
gaf al bijna 40 jaar geleden het voorbeeld
door in Damascus de grote moskee te bezoeken.
Wat onze eigen relatie met onze broeders en zuster van de Islam betreft:
met de moslims die net als wij ongerust worden na de aanslag in Berlijn,
bouwen we verder aan goede contacten:
-2e kerstdag om 16 uur 16 in de Groenmarktkerk
gaan we samen met hen nadenken over kerstmis- .

Als kerken leveren wij nu al een unieke bijdrage
aan de gesprekken tussen Joden, Moslims en Christenen:
in die zin is het fijn om kerkelijk te zijn.

Het zou goed zijn als u hier, die nu met zovelen gekomen bent
eens zou overwegen u wat meer in uw geloof te verdiepen
bijvoorbeeld door hier ook wat meer te komen.
Neen, niet omdat u dan heiliger wordt dan anderen
maar u zou nog meer gewapend kunnen zijn
tegen wanhoop en pessimisme.

U allen, regelmatige kerkgangers,
-wat zijn we blij dat u er bent
en deze geloofsgemeenschap gaande houdt-
en u, iets mindere regelmatige kerkganger:
wij hebben samen een verantwoordelijkheid,
ga er maar aan staan.

Huub Oosterhuis dichtte voor deze kerst:
‘Kerstmis is twee- of driemaal
niet te tellen naamloos velen
die ‘hier ben ik’ willen zijn
en doen wat er gedaan moet worden.

Wij zullen doorgaan dus met liefhebben, met werken,
met bouwen, zingen, geloven hopen en liefhebben
ieder op haar of zijn eigen plek.

Genoeg gepreekt nu; gaan we nu vierend verder

De troostende hoofdgedachte die ik u wil meegeven is
dat er Een is die iets in ons ziet
de God die ons het kind heeft gegeven
om met ons solidair te zijn: Jesus van Nazareth, onze Messias.

Hij is degene die zijn, nu nog kleine armpjes naar ons uitstrekt,
die ons liefheeft ondanks alles.
Hij die later aan het kruis zijn armen wijd naar ons uitstrekte
in een groot vriendschapsgebaar,

Onze Vriend, de Eeuwige, toonde in het kind van Bethlehem
dat Hij weerloos wil zijn met de weerlozen,
pijn wil lijden met die pijn hebben en
verdriet wil hebben met die verdrietig zijn.
Maar wat is Hij blij met de mensen die het goede proberen willen,
die leven willen vanuit de liefde zoals Jesus ons heeft voorgeleefd!

Als Paulus over het geheim van de liefde spreekt
denkt hij nog na over deze mens die in ons midden kwam hij zegt dan:
‘Al spreek ik met tongen van engelen en mensen, maar liefde heb ik niet:
ik ben schallend koper, een rinkelende tamboerijn.
Al ben ik een profeet, ziende het onzienlijke, in alles ingewijd, .
en is mijn geloof zo volkomen dat ik de bergen verzet,
maar ik heb geen liefde, ik ben niets.
Liefde is ruimte geven, tijd laten, goedheid, geduld.
Liefde laat zich niet gelden, grof of ongenaakbaar
wordt nooit verbitterd en vindt niets onvergeeflijk.
Onrecht maakt haar niet gelukkig, waarheid maakt haar blij.
Liefde houdt stand tegen alles: telkens weer gelooft zij
alles verdraagt zij, altijd opnieuw vol hoop.. nooit bezwijkt de liefde.
Toen ik nog een klein kind was, praatte ik zoals kinderen doen,
en ik dacht niet verder dan kinderen doen .
Nu ik een man geworden ben, heb ik dat achter mij gelaten.
Nu nog zien wij spiegelbeelden, raadselachtig,
eenmaal staan wij oog in oog. Nu nog weet ik niet de helft,
ooit, eenmaal, zal ik alles weten, zoals Hij alles weet van mij.
Geloof en hoop en liefde zullen blijven, alle drie,
maar de grootste is de liefde.’ (1 Kor.13)

Zalig Kerstmis en een zinvol 2017!
Gelukkig maar dat Hij,
die zich met de naam: IK BEN BIJ JULLIE bekend gemaakt heeft
echt bij u/jou de buurt blijft.
‘Hij is niet ver van wie hem aanbidden, niet hoog en ver bij ons vandaan,
Hij is zo menselijk in ons midden…dat Hij ons smeken wel zal verstaan!’

Hein Jan van Ogtrop, pastoor

18 december: God hoort graag namen

[print]

4e zondag advent

Schriftlezingen:

  • Jesaja 7,10-14

  • Romeinen 1,1-7

  • Matteüs 1, 1-24

I. ‘Dit is de blijde boodschap van Jesus Christus’
zo begint Matteüs zijn evangelie
en dan komt hij met met een hele rits namen.
We lazen ze laatst in de mis door de week
en ik voegde ze vandaag even voor de lezing van vandaag
er aan toe omdat ik zo gek ben van namen.
U toch ook? Die van uw partner, uw vrienden, uw kinderen of kleinkinderen?
Maar wat wordt ons verteld in deze namenopsomming.
‘Abraham verwekte Isaak, Isaak verwekte Jacok om te beginnen
Jakob verwekte Juda en zijn broers.
En zo gaat het maar door.

Soms worden er vrouwen even bij genoemd,
merkwaardig genoeg allemaal vrouwen
die een beetje bijzonder waren:
Tamar, Rachab, Bathsebah, Ruth, –
opvallend dat drie vrouwen geen joodse vrouwen
waren maar buitenlandse vrouwen,
wij zouden zeggen gastarbeidsvrouwen

Geen angst dus voor buitenlanders!
Wie weet hoe wij over 50 jaar bijvoorbeeld
met verbazing terugkijkend naar de onrust van vandaag –
hun inbreng in onze cultuur dankbaar zullen weten te waarderen.

De hele geschiedenis passeert de revue;
het volk gaat Egypte in, en Egypte weer uit,

David komen we tegen en Salomo,
de koning van de vrede,
maar ook ellendelingen:
Achab, Manasse, Amon

De geschiedenis van Gods volk gaat verder.
het volk gaat de ballingschap in en ook weer uit.
Daarna gaat alles weer door
alsof er niet gebeurd is.
We horen namen, heel veel namen.
Allemaal namen van mannen
Mannen die zoals u weet de geschiedenis maken
-Sadat, Napoleon, Assad, om er een paar te noemen-
allemaal namen van mannen in de lijst, die de politiek maken
en de macht in handen hebben…
allemaal verwekken ze rustig door,
42 generaties lang,
de mannelijke potentie werkt goed… tot
er opeens een kink in de kabel komt
aan het einde van de geslachtslijst van Jesus:

Eliud verwekte Eleazar, Eleazer verwekte Mathan,
Matan verwekte Jakob, Jakob verwekte Jozef
-en dan stokt het-

die de man was van Maria!

Het is niet ‘vader en zoon en dat gaat maar door’
want de geboorte van Jesus de Messias
wordt door Matteüs voorgesteld als een totaal nieuwe gebeurtenis:
zie, ik maak alles nieuw!

Geldt dat niet voor de geboorte van ieder kind,
een kind niet zomaar een product van de ouders maar een vrij mens,
een gave Gods!

De geboorte van deze mens is een totaal nieuwe gebeurtenis,
alles wordt anders: God is hier bezig.
Vandaar dat Jozef even opzij moet gaan staan
en als verwekker niet genoemd wordt.
Want: deze nieuwe mens, Gods eigenste zoon
wordt
‘niet uit de wil van het vlees,
of uit de wil van de man
maar uit God geboren!’
Jozef is in het evangelie van vandaag uitgeschakeld.
Niet om hem als man te beledigen
maar om aan te geven dat de gewone gang van zaken
in onze geschiedenis,
zo van ‘alles gaat zoals het gaat’
doorbroken moet worden.

De hele macho-wereld wordt opzij geschoven
er moet ruimte komen voor God
en voor zijn koninkrijk.
In de mens die nu geboren zal worden
zal een nieuwe werkelijkheid zichtbaar worden.
Niet op de eerste plaats: mannelijke fierheid en macht
maar de solidariteit van God met de mensen,
die partij kiest voor de kleinen.

En Jozef zal die mens mogen benoemen:
Jesus: God redt!
En dan herinnert de evangelist ons aan wat de
profeet Jesaja gezegd had.

II. De profeet Jesaja , naar wie we zo graag luisteren in de advent,
sprak in een tijd toen het slecht ging met Israël:
halverwege de lijst zal ik maar zeggen.
Davids nakomelingen die we in de opsomming hoorden noemen
wilden niet deugen.
Sommigen waren eigenwijs en autoritair
anderen moesten het hoofd boven water zien te houden
in donkere tijden.

Een voorbeeld van die laatste houding was Achaz
die ook genoemd wordt in die lijst van Matteüs.
Achaz was koning
toen het rijk van David in tweeën was gespleten,
de bezetting door de koning van Babel stond voor de deur,
het einde van de geschiedenis van God leek nabij..
er was geen redden meer aan.
En dan komt Jesaja bij hem op bezoek en zegt dat er toch hoop is
en God hem een teken daarvan wil geven. Achaz durft daar niet
om te vragen en dan zegt Jesaja dat God zelf dat teken toch zal geven:
‘een jonge vrouw zal een kind krijgen
en dat kind zal benoemd worden
met de wonderlijke naam Emmanuël: God met ons.

In tijden van wanhoop biedt God zijn troost:
Hij wil Emmanuël zijn, een God met ons.

III. De bode van God, die tegen Jozef spreekt
herinnert aan de oude woorden van Jesaja
en kondigt de geboorte van Jesus aan
als de vervulling van de oude belofte:
‘zie de maagd zal een zoon ter wereld brengen
en je zult hem noemen: Immanuel: GOD IS MET ONS.
Na het genoemd hebben van deze namen:
GOD HELPT -Jesus’ en GOD IS MET JULLIE Immanuel,
kan de engel weg gaan
en Jozef alleen achterlaten.

Jozef zal als het kind geboren is
keurig doen wat de engel gezegd heeft.
En dat is dan alles wat Matteüs ons over de geboorten van Jesus vertelt,

Misschien vertelt Matteüs ons met opzet niets
over het geboortemoment zelf van het kind.
Hij wil ons leren dat het eigenlijk helemaal niet
om een geboorte toen en toen gaat
maar om de openheid die mensen toen en moesten
en zullen moeten kunnen bieden
voor de geboorte hier en nu, in ons eigen leven van de Messias.

IV. Daarom is wat Meister Eckhardt zegt zo toepasselijk:
‘De geboorte van Jesus vieren heeft allen maar zin
als Hij ook werkelijk in ons zelf geboren wordt.’

Kerstmis voorbereiden betekent vaak drukte en geren
maar hier komt u voor iets anders:
openheid voor God.

Het komt aan op OPENHEID van ons hart
opdat wij op een nieuwe manier mens durven zijn
zoals Maria en Jozef ons dat voorleefden;
vriendelijk, open, kwetsbaar
ruimte biedend voor God en Zijn plannen
open voor de komst van Immanuel en Zijn nieuwe rijk
hier en nu, in onze dagen.

Hein Jan van Ogtrop, pastoor