• Leidsevaart 146
  • 023 - 532 30 77
  • info@rkbavo.nl

All posts by Maarten Kools

17 januari: De beste wijn voor het laatst bewaard

[print]

2e Zondag door het Jaar

Schriftlezingen:

  • Jesaja 62, 1-5

  • Johannes 2,1-12

Samen gaan we naar boven vandaag, we gaan de berg op.
We zijn niet meer beneden bij de grensrivier de Jordaan,
waar Jesus gedoopt werd maar hoog in het heuvelland van Galilea.
Daar ligt Kana, de stad waar wij allemaal even vertoeven mogen.
De stad met de bijzondere naam: KANA.
De naam met daarin de klank van Kanaän,
het beloofde nieuwe land van melk en honing.
In Kana wordt een feest gevierd. Een bruiloft nog wel.
Maar wie is in het land van God de bruidegom… en wie de bruid?

De verhouding van God met Zijn volk wordt in de Schrift
herhaaldelijk beschreven in termen van de omgang
van een bruidegom (God) met zijn geliefde bruid: het volk Israël.
Het huwelijk tussen God en Zijn volk was vaak niet je dat:
dat lag niet aan God maar aan die lastige bruid. Maar altijd is er hoop.

Daarover sprak Jesaja vanmorgen.
Hij droomt erover dat alles weer goed komt:
dat God en zijn volk weer echt verliefd op elkaar zullen zijn
en elkaar weer volkomen nieuw, als was het de eerste huwelijksdag,
tegemoet zullen treden. De profeet wordt al zo enthousiast dat hij zegt:
‘ik kan niet zwijgen omwille van Jeruzalem. Jij zult heten: de nieuw gehuwde’.
Het huwelijk van God met de mensen kan opnieuw beginnen -zegt de profeet:
‘Jij Jeruzalem zult niet meer de eenzame
genoemd worden, jij zult heten: de bruid!’

De evangelist gaat daarop door:
God laat zijn volk nooit in de steek.
En dan vertelt hij over de bruiloft van Kana
over een feestmaal dat wordt aangericht.
Een eerste vraag zou zijn:
wie trouwen er eigenlijk? Daarover horen we niets.
De bruidegom in het verhaal is maar een bijfiguur:
alle aandacht richt zich op een vrouw Maria,
en een eregast, ja de hoofdpersoon is Jesus Messias.

Jesus komt als de ware bruidegom
-de andere bruidegom zal achter de coulissen terugtreden-
Kana binnen met zijn leerlingen,
Andreas, Simon, Filippus en Nathanaël:
een hele stoet. En zo hoort het ook
want net als een gewone bruidegom
moet Jesus door bruidsjonkers worden begeleid.
Johannes wil ons leren dat, als Jesus op aarde komt
er een nieuwe fase van de geschiedenis begint:
er komt weer hoop in plaats van wanhoop:
er komt weer toekomst voor mensen die geen toekomst hebben:
kortom ER IS FEEST!

En zo is er op die derde dag een wonderlijke bruiloft in Kana:
een bijzondere bruiloft want
God zelf in de persoon van de Messias is op aarde gekomen
en wandelt als de ware bruidegom bij de mensen rond.

Maar … wat is een bruiloft zonder wijn!
Die brengt Hij, overvloedig.
Wijn die er, als je het verhaal letterlijk leest,
eerst helemaal niet was:
(er staat letterlijk niet: er was geen wijn MEER
maar gewoon er was geen wijn).
De oude wijn telt niet meer mee:
de nieuwe wijn die Jesus schenkt is pas echt DE wijn:
alles is nieuw: er is echte vreugde.

De waterigheid van ons gewone leven verdwijnt
het leven krijgt weer glans, alles wordt nieuw.
De mislukking die dreigde doordat alles
kleinmenselijk en wel in het water liep werd opgeheven.
Maria helpt de leiders van het feest over hun mislukking heen:
‘doe maar wat Hij je zeggen zal, dan komt het goed.’

God laat de mensen niet met hun mislukkingen zitten.
Jesus helpt namens God.
‘Doe maar wat Hij je zeggen zal’
zegt Maria vertrouwvol.
En ze gieten het water in de kruiken.

In een prachtig epifanielied van Thomas Naastepad
klinkt het dan:
In Kana was de gloed geweken.
het vuur bedolven onder as…..
toen zei de vlam in iedere beker
wie er de ware bruidegom was.

Jesus staat daar namens God
Maria namens de hulpeloze mensheid..
God en mensen vinden elkaar
het leven kan doorgaan.

Het wordt tijd dat we gaan nadenken
over de betekenis van dit verhaal voor ons hier op dit uur.

Met kerstmis hebben we feest gevierd
dat wel, toen waren alle kerken te klein
en kon er geen een gemist worden.

Maar daarna gaat iedereen weer over tot de orde van de dag:
er zijn de gewone zorgen om de wereld, om de kerk.
En wat zijn er weinig mensen
-voorgangers, priesters, diakens, pastorale werkers en werksters,
die het oude verhaal door kunnen vertellen.

De tijden zijn hard en door een feestroes die problemen wegdringen
zal niet helpen want je zult aan de problemen ten onder gaan
als je doet of er niets aan de hand is,
en als een struisvogel de kop in het zand steekt.
Mensen als Maria zijn nodig die zeggen: ‘er is geen wijn.’
Na de erkenning van de problemen zul je ze kunnen overwinnen
en te lijf gaan vanuit de kracht die het geloof je geven wil.

In Kana was de situatie troosteloos maar er kwam hoop:
-doe maar wat Hij je zeggen zal-
er kwam hoop want Hij bracht redding:
de ware bruidegom schonk zijn wijn.
Dat is de kracht van Gods Heilige Geest
die altijd met de mensen meegaat.
Zou dat ook voor onze dagen gelden?

Zeker: de bruidegom is trouw.
Er moet wel -net zoals dat voor een gewoon huwelijk geldt-
aan onze relatie met de Heer gewerkt worden.
Dat vraagt veel inspanning, bezinning en geduld.
Het vraagt een hele nieuwe oriëntatie van ons hele hart,
van onze hele persoon.

Als het Evangelie alleen maar een mooi sausje is
over ons gewone bestaan,
-de eerlijkheid gebiedt mij te zeggen
dat alle tumult en alle vroomheid rond kerstmis
mij een beetje in die richting doet denken-
dan zal het verdwijnen.

Wil het Evangelie niet verloren gaan
in de grote oceaan van informatie
die over deze wereld spoelt als één opinie te midden van vele,
dan moet de christelijke gemeenschap weer worden wat ze in wezen is:
geen onderdeel van de gevestigde orde,
geen timide groepering die zich graag schikt naar de heersende meningen,
maar een gemeenschap die misschien wel een minderheid vormt
maar die weet waar ze voor staat
die getuigt van de liefde van haar Heer
en zo vreugde uitstraalt en kracht.

Het geloof biedt de mogelijkheid je leven te openen
voor het echte leven.

En dat geloof zullen wij samen, pastores, actieve parochianen
bisschoppen en kerkbestuurders
ieder op haar of zijn eigen plek mogen behoeden.

Een oude Amerikaanse missioloog zegt het mooi:
‘het ziet er slecht uit
als de mensheid niet meer weet
waar de echte waarden te vinden zijn
over de zin van het leven,
over het waarom en waartoe,
dan is het met de mensheid net zo hopeloos gesteld
als met een groep bedelaars
die de honger aan hun magen voelt knagen
maar er is niet aan te doen
want niemand weet meer waar het brood te vinden is.’
Wij mogen weten waar het brood te vinden is,
ja er is vandaag zelfs wijn bij in het evangelie.

Tenslotte:
het verhaal van Kana heeft de mysterieuze zin:
‘de beste wijn is voor het laatst bewaard’.

Dat is een blijde boodschap
die voor iedere generatie gelovigen
die druk bezig zijn,
die werken en volhouden
maar misschien soms wanhopen en er niet meer tegen kunnen
herhaald wordt en aldus mag worden vertaald:
er is een toekomst die alle verwachtingen te boven gaat:
‘de beste wijn is voor allen bewaard
die volharden door alles heen’.

Hein Jan van Ogtrop, pastoor

10 januari: Jij bent mijn helper

[print]

Doop des Heren

Schriftlezingen:

  • Jesaja 42,1-4,6-9; De dienaar des Heren

  • Lucas 3,15-22; Jesus en zijn mensen

Israëls God onderscheidt zich van de andere goden die niemendal zijn.
Die maken veel koude drukte, hebben grote beelden.
Griezelig zien ze er uit, Moloch, Baal en al die anderen van
Assyrië en Babel. Soms eisen ze zelf kinderoffers.
En geweldige tempels hebben ze nodig.
De God van Israël niet. Een tempel mocht wel
maar de tempel van Jeruzalem was een eigenlijk meer een dorpskerkje;
onze Bavo is vier keer zo groot.
Maar daar gaat het niet om. 
Het gaat niet om de glorie van het kerkgebouw
maar om de glorie van de mensen
die God willen dienen.

De eigenheid van de echte God wordt zichtbaar gemaakt
door de mens die namens God doet wat er gedaan moet worden
in de Bijbel heet die Zijn ‘trouwe dienaar.

In de boeken van de profeten lezen we over een trouwe dienaar
die God naar de mensheid zal sturen om ze te troosten en te bemoedigen.
Wie is bedoeld met die trouwe dienaar waar de profeet over spreekt?

Volgens Jesaja (41,8) is dat het heel het volk;
´Jij, Israël, mijn dienaar Jakob, die ik uitverkoren heb …
tot wie ik zei “Jij bent van mij”.‘
Het volk Israël zal een bijzonder volk moeten zijn onder de volkeren.
Met Israël maakt God zijn geschiedenis die alle volkeren tot lering dient.

De God die uit chaos aarde schiep,
zal zijn volk terugvoeren uit de chaos van de ballingschap
(hoorden we vandaag), Hij wil troosten
en het volk helpen opdat het opnieuw zijn trouwe dienaar kan zijn;
een licht voor de volkeren
het 2e Vaticaanse concilie gebruikte dat als titel voor de kerk.
Tot medewerking aan dat goddelijke plan
zijn alle leden van het volk bevoegd en geroepen.
De getuigen van Jesus van Nazareth zullen ons verkondigen
dat Hij een trouwe volksgenoot is geweest,
voorbeeldig trouw aan zijn roeping als eerstgeborene
temidden van vele broeders en zusters
– zoals Mozes, Saul en David – en alle andere lichtdragers van alle eeuwen.

Lucas ziet in Jesus dé trouwe dienaar bij uitstek,
de besliste voorganger van zijn gemeente.
Hij aarzelt niet en gaat met allen die hem willen verstaan zijn eigen weg
zonder koude drukte maar… in overduidelijke dienstbaarheid en trouw..

We horen vandaag het startpunt noemen
van waar Jesus wil opgaan naar Jeruzalem,
en dat is de rivier de Jordaan waar Johannes’ verkondiging klinkt.
Een verkondiging die aan duidelijkheid niets te wensen over laat.

Johannes bezweert de menigte,
(wellicht gesterkt door de fanatieke verkondiging
van zijn Esseense leermeesters),
dat het oordeel en de ondergang van deze wereld nabij is.
Neen, hij zegt dat niet om mensen de stuipen op het lijf te jaren
of als voorspeller van een grote ramp zoals sommige nep-profeten
in onze dagen dat graag doen. Johannes zegt:
‘deze wereld gaat voorbij.’
En met déze wereld is dan bedoeld de nog steeds bestaande wereld
waar machtigen de dienst uitmaken en recht ver te zoeken is.
DEZE wereld heeft geen toekomst,
DEZE wereld gaat aan zichzelf ten onder:
daarom zegt Johannes: de bijl ligt aan de wortel (Luc. 3, 9).
Niet om ons de stuipen op het lijf te jagen zegt hij dat dus
maar om Herodes te verontrusten.
Herodes vreesde, aldus de joodse historicus Flavius Josefus,
dat door Johannes een revolutionaire beweging zou ontstaan
en dat Herodes daarom besluit om hem te doden.

Jesus ziet Johannes echter als een partijgenoot
en ervaart Johannes´ verkondiging als een nieuw begin
dat het aanschijn der aarde kan doen veranderen.
´Vanaf de dagen van Johannes zal het koninkrijk doorbreken
en geweldenaars kunnen de strijd daarvoor aan´(Mat. 11, 12).
Jesus ziet hoe mensen worden geraakt
en hun leven gaan veranderen.
Hij ziet mensen voor wie de maat der ongerechtigheid vol is
en die dus hun leven gaan veranderen
en zich keren, bekeren tot de God van Israël en tot elkaar.
Hij schouwt het visioen van een totale ommekeer van deze bestaande orde,
het visioen van het koninkrijk van God.

De doop van Jesus wordt beschreven tegen een decor van onrecht (19-20). Herodes speelt een korte hevige hoofdrol door zich
– in tegenstelling tot het volk – niet te willen bekeren.
Het onrecht wordt zelfs zo overheersend dat de Doper zelf
al in de gevangenis is gesmeten (vgl. Luc. 3, 18-20)
voor Lucas Jesus´ gedoopt zijn in de gemeenschap
van de medebekeerden vermeldt.

Lucas hanteert dit als literair middel om de volle nadruk te laten vallen
op Jesus, de Messias, én op de gemeente van gedoopten
die de verdrukking weerstaan en Johannes´ woorden gaan doen
en daardoor belangrijker zijn dan de verkondiger zelf
die in de gevangenis zit en weinig meer kan doen.

De nadrukt ligt bij Lucas op het feit dat Jesus als Voorganger
van dat vernieuwde volk door God bevestigd wordt.
We lezen: ´Terwijl al het volk zich liet dopen,
en Jesus na zijn doop in gebed was, geschiedde het dat de hemel openging.´

Over dit hele gebeuren rond het vernieuwde volk en zijn Messias
gaat de hemel open en klinkt de stem:
´Gij zijt mijn Zoon in wie ik mijn welbehagen heb.´

Zo rijst, temidden van zijn volk, voor onze ogen de gestalte op
van de trouwe dienaar over wie ik sprak.
De trouwe dienaar die de Enige de hand reikt.
Jesus is die dienaar met de nieuw gedoopten daar beneden.
Samen willen ze de weg bewandelen naar Gods vredesstad, Jeruzalem!
Zij weten dat die weg te vinden is in henzelf,
in hun ziel en geweten.

II. Het echte nieuwe begin zal gemaakt moeten worden
door een nieuw volk van gedoopten, met ons dus,
rond de nieuwe Jozua, Jesus uit Nazareth in Galilea.
Hij is onze onmisbare Voorganger.

De evangelisten zullen ons blijven spreken
over deze ene mens, deze trouw knecht van Mozes
die in Zijn leven en sterven alles heeft volbracht.

De mensen in de sloppenwijken van de Filippijnen of Brazilië
herkenden hem als hun voorganger,
gemakkelijker dan wij doen zij dat.
Hun verdrukking is voelbaarder dan die van ons.
De mensen in het verpauperde Oost Europa
hebben met op 6 januari met luister gevierd:
God is in Hem in ons midden verschenen.

De mensheid mag nooit meer kiezen voor wat zich groot maakt.
We mogen nooit meer bouwen op macht.
We hoeven als kerk ook helemaal niet machtig of groot te zijn…
als we maar in leven en handelen kiezen voor Hem
en voor de dienst zoals Hij die voordeed aan de Zijnen..

1 Tot de mensen die doen willen als Hij, tot de navolgers
en navolgsters van alle eeuwen zegt Hij:
‘ik maak jou, op jouw eigen plek
tot een licht voor allen die jou zullen ontmoeten.’

2 De mensen die het wagen in zijn voetspoor te wandelen
-en wij willen dat toch proberen- mogen weten dat dezelfde God
die Hem bij de hand nam en naar het nieuwe land leidde,
dwars door de dood heen ook ons bij de hand zal nemen
en zal zorgen dat wij goed terecht komen.

3 En voor alle mensen die zo durven leven mag het prachtige woord gelden
dat vandaag over Hem is uitgesproken,
(en vult u daarom steeds uw eigen naam maar in)
‘Jij bent mijn veelgeliefde, ik wil graag met jou (vult u hem weer in) verder,
ik zie jou (en vult u dan weer uw eigen naam in) graag:
IN JOU HEB IK MIJN WELBEHAGEN,

Hein Jan van Ogtrop, pastoor

3 januari: Goed bezig gaan samen

[print]

Verschijning des Heren

Schriftlezingen:

  • Jesaja 60, 1-6; Jeruzalem word licht

  • – Matteüs 2,2-12; De wijzen uit het oosten

Nu de januari-maand begonnen is
lijkt alles weer gewoon te zijn.
Toch is er nog een beetje feest
beter: er is bemoediging.
We vieren enkele zondagen lang het Feest van de Epifanie
van de Heer, Zijn Verschijning voor alle volkeren.

Het feest dat -zoals u weet- ouder is dan het kerstfeest
van 25 december en in de oosterse kerken hebben ze dat
eigenlijk terecht zo gelaten.

We horen om te beginnen lezen
uit de oude visioenen van de profeet Jesaja,
troostende visioenen over een goede nieuwe toekomst.
Een toekomst van heil en glorie voor alle volkeren.

De profeet droomt ervan
hoe van alle kanten mensen naar de Heilige Stad Jeruzalem komen.

Ze komen met hun rijkdommen naar de Heilige stad.
En Jeruzalem straalt ervan!

Zoals een bruid die op de huwelijksmorgen
haar bruidegom staat op te wachten, zo glundert Jeruzalem
als mensen van alle volkeren op haar af komen.

Zo droomt Jesaja over een goede, nieuwe wereld:
zo dromen wij misschien ook over een nieuwe wereld
over een nieuwe kerk waarheen menigten zullen stromen
en waarin het altijd vol zal zijn

Deze nieuwe toekomst kan gaan beginnen:
er is iemand die die toekomst binnen handbereik heeft gebracht:
Jesus Messias: heiland voor joden en heidenen
-daarom mogen wij ook meedoen-
vriend van de zondaars die zich liet dopen
en de ware bruidegom die vreugde brengt
en de wijn schenkt van de vreugde:
ons allen blij maakt.

En dan horen bij het feest van de Epifanie:
de drie grote verhalen over Jesus de Messias:
het verhaal van de wijzen uit het oosten,
van Jesus’ doop en van de bruiloft in Kana.

Het verhaal van Jesus’ doop lezen we de volgende week
de bruiloft in Kana schiet er dit jaar bij in.
Vandaag het verhaal over de wijzen uit het oosten,
ook wel driekoningen genaamd.

Hoe bekender een verhaal
hoe moeilijker de boodschap goed te verstaan.

Het verhaal van vandaag is het verhaal over de mensen
die op zoek zijn: de moeizame reis van de wijzen.
Wijzen zijn het, geen koningen.
Er zijn helemaal geen koningen in het spel:
of het moeten er twee zijn die tegenover elkaar staan:
Jesus tegenover Herodes.

Matteüs beschrijft hoe de zoekende mensen op zoek zijn
naar de ware koning en hoe ze die vinden.
Neen, niet Herodes is het
-die is gevaarlijk maar niet belangrijk-
maar Jesus, die de nieuwe koning is
van Jeruzalem en van de wereld.

Herodes, de tegenspeler van de echte koning
wil de geschiedenis van de nieuwe koning blokkeren
en zal alles doen om dat voor elkaar te krijgen:
maar het zal hem niet lukken.

Gods geschiedenis met de mensheid gaat verder
en God laat zich niet tegenhouden door wie ook.

Zijn geschiedenis is er ook een van ruimhartigheid:
er zijn geen grenzen voor Zijn liefde.

Matteüs schrijft over de zoekende mens
over ons dus, de gasten van buiten die mogen komen
want er is een nieuw begin gemaakt
dat voor heel de wereld van belang is.

Het brengt de bestaande orde (Herodes staat daarvoor) in gevaar
en de vertegenwoordigers van de gevestigde Godsdiensten,
-de schriftgeleerden die in de oude boeken gaan neuzen, –
weten er slecht raad mee.

Altijd zijn er verdachtmakingen en bedreigingen.
Maar die geschiedenis zal doorgaan,
dwars door alle bestaande grenzen en belemmeringen heen.
Dat gaat niet zomaar vanzelf:

in een gedicht van Elliot
verbazen de reizigers uit het verre oosten zich
over de kwetsbaarheid van de nieuwe koning, het weerloze kind:
wordt dit geen geschiedenis van dood?

Het antwoord is JA.
En wij horen het ook al aankondigen in het verhaal van vandaag
dat de geschiedenis van de nieuwe koning,
een geschiedenis wordt die ook in bloed geschreven zal worden.

Herodes en zijn volgelingen later zullen daar wel voor zorgen.

Herodes wil de nieuwe koning
heimelijk en discreet te pakken krijgen.
Maar zijn nauwkeurigheid sorteert geen effect.
De nieuwe koning zal ontsnappen.

Uiteindelijk zal een naamgenoot, een latere achter- achterneef,
Jesus wel te pakken krijgen en hem,
door een monsterverbond met Pontius Pilatus,
laten doden. Maar niet heimelijk en discreet!
Het kleine kind zal nog weten te ontsnappen
maar niet uit opportunisme maar alleen
om later als man werkelijk te laten zien
hoe God partij kiest voor alle gemartelden, waar ter wereld ook.
De moord op deze rechtvaardige zal in de volle openbaarheid gebeuren
op de berg Golgotha, en een schandaal worden
waar de mensheid nog steeds over spreekt.
Zo zal hij voor alle eeuwen de getuige zijn
van de solidariteit van Godswege met allen die gekweld worden.
Met allen, heidenen, christenen, Joden,
met allen die onrecht ondervinden
en het aandenken en het bloed van alle gemartelden,
van de kinderen en van de Zoon zal alle mensen tot zegen zijn.

Het feest van Epifanie is het feest van de openbaring van de Heer.
Als je alleen maar op 25 december komt weet je niet goed wie Hij is.
Wij worden als gemeenschap van mensen
die het wat aandachtiger willen volgen goed geïnstrueerd.

We horen hoe Hij werkelijk wilde zijn:
vriend van alle volkeren
solidaire supporter van de mensen
die het niet allemaal even gemakkelijk aankunnen
en

bruidegom en trooster, vreugdebrenger.

Tot zijn gedachtenis
zullen wij hier samen komen van week tot week.
In de naam van, in aanwezigheid van deze Messias,
de trouwe Zoon van de Joodse wet.

1) rond het boek
We zullen met aandacht luisteren naar de Schrift:
naar de verhalen van de Joodse Bijbel, het Eerste Testament
-gelukkig met wat meer aandacht gelezen dan vroeger-.
In de Verkondiging zal, wil de kerk toekomst hebben,
dat goede boek een steeds belangrijker rol gaan spelen:
de hoofdrol eigenlijk gespeeld
omdat Jesus er vanuit leefde en zijn wij meer dan onze meester?

2) kerk wij samen
We worden iedere zondag bijeengeroepen door de klokken
die de namen dragen van onze Verlosser, van onze patroon
en ook van onze vroegere bisschop Zwartkruis
die ons erop wees dat wij samen kerk moeten zijn:
elkaar steunend in het geloof want alleen redden we het niet.

3) als gastvrije kerk
In Zijn voetspoor zullen wij in het nieuwe jaar samen proberen te gaan
en in Zijn Geest zullen wij proberen te handelen.
In Zijn Geest willen wij – zo hebben we ons kernprogramma, zo’n 5 jaar geleden voorgenomen- gastvrij zijn.
We zullen er altijd een eer in mogen scheppen
ruimte te bieden in onze liturgie
en onze diakonie voor alle mensen die op onze parochie afkomen.

4) naar de ander toe
In het gelaat van de ander
zullen we zelfs bij uitstek de mogelijkheid hebben
om God te ontmoeten zoals Hij op ons af wil komen in het nieuwe jaar.
In zijn vragen, in zijn roep om steun maar ook
in de troost die Hij ons zal bieden.

5) volhardend en geduldig
En wat de volharding betreft:
Ramses Shaffy heeft eens een mooi lied geschreven:
we zullen doorgaan. Dat thema spreekt mij erg aan.
We zullen doorgaan, hier in de Bavo,
We zullen doorgaan, dat geldt voor mensen die verdriet hebben
en die doorgaan, dapper en volhardend.
Dat geldt voor mensen die bouwen aan hun relatie:
die zich inzetten voor hun naaste.

Volharding wordt van ons als christenen gevraagd
met al het werk aan de Oecumene
-deze maand zal de bidweek voor de eenheid van de christenen zijn-
we zullen doorgaan!
We zullen doorgaan met de dienstbaarheid zoals Jesus die leerde
thuis, in de parochie, op ons werk, in onze wijk.

Zouden de visioenen van Jesaja werkelijkheid worden
in onze dagen?
Wij mogen het hopen. Misschien niet in die zin
dat duizenden en duizenden op onze kerk af zullen komen
die tijden zijn voorbij
maar wel in deze zin: dat wij door onze trouwe dienstbaarheid
een teken zijn voor velen.

Van de eerste christenen zeiden ze: zie hoe die elkaar liefhebben.
Wat zullen ze van ons zeggen?
Hopelijk zoiets als:
ze zijn toch wel met goede dingen bezig daar in de Antoniuskerk
en de Bavo.

God beware ons allen, voorzangers en voorgangers
en allen die zich inzetten voor deze parochie
Hij sterke ieder op zijn of haar eigen plek
en wij smeken in dit nieuwe jaar
tot de God die heeft gezegd: IK ZAL ER ZIJN:

Onze Vader die in de hemel zijt,
trouwe vriend van mensen, Uw Koninkrijk kome, onder ons
uw kinderen hier en nu..in onze dagen, Amen, zo zij het,

Hein Jan van Ogtrop, pastoor

31 december: Hij ging mee

[print]

Oudejaarsavond

Schriftlezingen:

  • Prediker 3; Alle dingen hebben hun tijd

  • Matteus 28, 16-20; Ik blijf bij jullie

De laatste dag van december is daar,
wonderlijke dagen maakten we mee:
dagen van klatergoud en namaaksneeuw
en tegelijkertijd dagen van echtheid en van liefde.

Ja, mensen zijn rare wezens
wat zoeken we toch? Wat bezielt ons.

Als antwoord wil ik zeggen dat het heel natuurlijk is
dat wij onrustig zijn en op zoek
zo zijn wij als mensen geschapen.

Het is heel normaal dat wij het ene moment opgewekt zijn en vrolijk
terwijl wij het een dag later helemaal niet zien zitten:
mensen zijn een mengeling van hoop en wanhoop
en in deze dagen speelt dat in zijn volle hevigheid.

Het ene moment vinden we onszelf geweldig
het andere moment walgen we van onszelf.

Het ene moment doen we ons best
en hebben we alles over voor een ander
het andere moment zijn we lui
en geloven het allemaal wel.

Is er nog hoop? Is er nog goed nieuws?

Ja, er is hoop, er is goed nieuws.
En nu we hier bezinnend samenzijn
heb ik dat voor het gemak eens samengevat
in vier punten.

Het eerste goede nieuws is
dat alles wat wij doen een zin heeft
omdat het met deze aarde iets worden zal.

Wat heeft het voor zin
om kinderen in deze wereld te ontvangen
als het met deze wereld toch nooit wat wordt?
Wat heeft het voor zin
je in te zetten voor iets goeds
als het toch nooit wat wordt?
Wat heeft het voor zin
om van elkaar te houden
en de liefde te bedrijven
als wij toch alleen maar samen wachten op het einde?

Het antwoord dat wij in de kerk geven is:
ja het wordt nog wat!
Het geloof leert ons dat al die dingen,
die goede dingen, die kleine dingen,
onderdeeltjes zijn van een geschiedenis van vrede,
een geschiedenis van heil en van toekomst.
Dat is het eerste wezenlijke punt van ons geloof.

Het tweede goede nieuwspunt is
dat wij zelf zoals wij zijn er mogen zijn.
Wij zijn allemaal als individu uniek:
we zijn onvervangbaar.
We zeggen wel eens ‘geen mens is onmisbaar’
daarmee bedoelen wij dat als iemand een klusje doet
er altijd wel een ander komt die het overneemt
maar het is geen goede opmerking ‘geen mens is onmisbaar’
want -volgens ons geloof- is IEDER MENS ONMISBAAR.
Ieder mens is uniek. Ik mag er zijn en u mag er zijn.
En we weten zelf toch het beste hoe wij zijn?
We kennen toch onze goede èn onze slechte eigenschappen.
We hoeven ons niet mooier voor te doen als we zijn:
we zijn als mens door God geliefd
we zijn geschapen naar zijn beeld:
Hij houdt van ons zoals we zijn.

Het derde goede nieuwspunt is dat er vergeving is.
Iedere keer als we de fout ingaan
is er de mogelijkheid voor een nieuw begin.
We kunnen verder na een mislukking:
we krijgen nieuwe kansen
als er iets is mislukt.
Van God uit gezien is het dan niet
even een kwestie van doen alsof er niets gebeurd is
je ogen dichtdoen en zand erover
maar ‘al is je zonde rood als scharlaken
ik maak je witter dan sneeuw.’
We kunnen echt opnieuw beginnen
hoe groot de puinhoop ook is.

Het vierde punt goede nieuwspunt is dat wij een vriend hebben
die met ons meewandelt,
een gids op ons pad en dat is Jesus de Messias
wiens geboorte wij heden vieren.

We zijn nooit alleen, we hebben altijd een Supporter met een hoofdletter
die om ons geeft en met ons meeleeft.
En als wij somber praten en denken dat alles geen zin heeft
blijkt hij naast ons te lopen
zoals in het verhaal van de Emmausgangers dat u misschien kent
die somber lopen te zeggen dat niets meer zin heeft
en plotseling iemand ontmoeten die naast hen wandelt
en die zegt: ‘waarom kijk je zo somber’
en ‘zie ik ben met je alle dagen.’

Als eerste lezing lazen we uit het boek Prediker
op het eerste gehoor een gezellig manneke op een stoeltje aan de kant.
Hij lijkt het allemaal beste te vinden
en hij heeft geen overspannen verwachtingen.
Toch is er meer aan de hand!
Veel mensen kozen die lezing uit het afgelopen jaar:
mensen die afscheid moesten nemen van hun dierbaren
maar ook bruidparen die elkaar gevonden hadden..
soms na een hele schokkende voorgeschiedenis
van mislukkingen en niet uitgekomen verwachtingen.

De conclusie is dat alles toch goed is
dat het ‘tof’ is (om even hebreeuws te spreken)
om hier op aarde te zijn.
Want Hij is er, onze Heer
Hij is er, Zijn Zoon, onze begeleider
en de Heilige Geest die ons inspireert
en opjaagt om te doen wat wij kunnen.
God geve ons dat wijze, goed,
nuchtere gevoel van de Prediker
en zegene en beware ons allen.

Hein Jan van Ogtrop, pastoor

26 december 2015: Gedenkdag van Stefanus

[print]

Gedenkdag van Stefanus

Schriftlezingen:

  • Handelingen 6:8-7,60

Kerstmis, de blijde dag bij uitstek;
duizenden komen samen, ook hier
maar ook een dag van ernst:
hier weten we daarvan..
we denken na over het geheim
van Gods vriendschap met ons.

Kersttoespraken klinken
soms alleen aanleiding voor een directeur
om iets te vertellen over hoe het gaat met de zaak
maar soms worden diepere snaren aangespannen:

‘Zie ik verkondig U een blijde boodschap’
hoorden we in de kerstnacht.
‘IK HEB EEN BLIJDE BOODSCHAP VOOR JULLIE’
zeggen de evangelisten hen na:
‘evangelie, blijde boodschap, HET VERHAAL VAN JESUS’

Dus het hele jaar door: ERE ZIJ GOD en
Alleluia gaan zingen op de grote markt …
een beetje koud misschien.
Neen,
zo leren we van de evangelisten
en van Stefanus vandaag … dat is niet goed.
Je moet eerst weten wie die Jesus voor jou wil zijn.
Luister goed! Wat moeten wij goed horen?

En dan vertellen ze het verhaal over deze Stefanus.
die vol was van God – hoera –
maar wat ging Hij een hele bijzondere weg!

Stefanus, diaken, verkondiger in Jeruzalem.
Diaken. Verantwoordelijk voor de armenzorg
maar hoe zijn de mensen.
Hij koos werkelijk voor de armen
en zei akelige dingen tegen de rijken…
hij kwam te recht in de molen van de verdachtmaking en de roddel
hij kwam in de gevarenzone terecht.

Net als zijn Heer!
Zelfs zijn eigen leerlingen
hebben Hem vaak niet begrepen
en ook de weg die Hij hen voor ging maar moeilijk konden gaan.

Het is moeilijk te vatten
(daarom vatten de leerlingen Petrus, Thoma, Judas het ook niet)
wat de echte blijde boodschap is.

Niet dat God de hele wereld wel eventjes zal komen veranderen…wacht maar af.

Neen het verhaal van Jesus vertelt ons
dat Gods almacht zich in onmacht openbaart.

Het hoofdthema van het evangelie
is de openbaring van de God van Israël
als de God die niet hoog van de toren blaast
maar die solidair is met de lijdenden:
‘Ik heb het geschrei van de kinderen Israëls gehoord’
zei God bij het brandende braambos.

Het is die God die ook de ballingen in Babel kan troosten
zoals Jesaja dat zegt:
‘troost mijn volk. Uw God is nabij.’

De openbaring van die God is alleen verstaanbaar
voor mensen die zelf van het lijden weten
(of het lijden van anderen mee kunnen voelen)
en die zo de diepe troost weten te waarderen
van een God die zich niet openbaart als een ‘glamour-God’
maar als een God die verschijnt in de diepste onmacht
van een mens die met andere mensen meeleefde,
die voor de kleinen koos,
die kwetsbaar was en weerloos
en die uiteindelijk gemarteld, vermoord gekruisigd is.
De mensen die bij de kerk van Jesus willen gaan horen
en de weg van Jesus willen gaan
zullen moeten beseffen dat dat inhoudt: een weg gaan van vernedering, lijden en dood.

De kerk van Christus is een bedreigde kerk
die het geheim van de komst van het Koninkrijk Gods verkondigt.

Tweede kerstdag meteen al ernst:
de hele kerstfeer wordt weggevaagd,
het kerstkind zal volwassen worden
en een teken van tegenspraak blijken,
Hij zal als volwassen man gekruisigd worden.
Maar dat is geen mislukking
want deze gekruisigde volgen is onze enige hoop.

De leerlingen waren van hem weggelopen
toen dat duidelijk werd,
de vrouwen op de Paasmorgen holden weg
en durfden – dat zullen we in het Marcusevangelie dit jaar met Pasen lezen-
niemand te vertellen dat Jesus de gekruisigde toch de Heer van de toekomst is.

Door de evangelisten zullen wij
als wij goed luisteren
ook in het komende nieuwe jaar
steeds verder worden ingewijd in dit geheim
en onze eigen conclusies zouden trekken.

We hoorden Matteus vandaag spreken over de vervolging
van mensen die niet in de bestaande garelen passen.
Jesus volgen zoals Lucas, die wij dit jaar gaan lezen, ons dat beschrijft
betekent partij kiezen voor de armen, meeleven met de zieken
en één zijn met onze Messias door te bidden.

Leven als mensen die deze Jesus willen volgen
is leven als iemand die treurt met de treurdenden
maar ook iemand die alle onrecht dat mensen pijn doet
wil bestrijden, iemand die voor het goede durft te kiezen, iemand die volhardt.

Strijdbaar zijn als Stefanus die opkwam voor zijn geloof
en -net als velen van zijn gemeente-
werd gemarteld en gedood.
Velen zouden nog volgen.
Een beetje angstig kijken we naar wat er in onze dagen gebeurt.
Maar vrees niet:
de geschiedenis van de kerk was ook een geschiedenis worden
van veel bloed en tranen maar dat was beter dan dat andere.

Te vaak heeft de kerk gekozen voor het pluche van de bestaande orde
in plaats van voor de armen in de verdrukking.
Maar de ware groeikracht van de kerk
het zaad van de kerk
is het bloed van de martelaren.

De missionarissen op hun post
die bij hun mensen blijven
vaak tot het bittere einde.
We denken aan pater van der Lugt in Syrië
aan de monniken in noord Afrika
-gisterenavond was de film die hun dood behandelt te zien.

Stefanus zag de hemel open
vlak voordat hij stierf:
hemel en aarde hadden elkaar geraakt
God was dichtbij.

God blijft dichtbij bij zijn getrouwen;
het licht zal het winnen van de duisternis,
de liefde zal het winnen van de haat ..

Dat is het programma van onze Messias
die voor en met ons stierf
maar die nu leeft en die ons voorgaat naar Galilea.

Stefanus, stoere getuige van de tweede kerstdag
jouw feest was al eerder op 26 december
dan kerstmis op de 25e
evangelist van het jaar,
bedankt voor je solidariteit
levende uitbeelding
van Gods solidariteit met ons.

We willen jouw boodschap serieus nemen
echt proberen in Jesus’ voetspoor te gaan.
Rechte wegen gaan,
consequent zijn in ons handelen,
niet aarzelen maar die ene mens echt volgen
die naar ons toekomen wil,
die tot ons spreken wil het komende kerkelijke jaar,
die ons de weg van de liefde en trouw aanwees en voorleefde
maar die ons dan heel vlug naar onze broeders en zuster verwijst
opdat wij hen niet in de steek laten.

Jesus gekruisigd, gestorven en begraven maar opgestaan uit de doden
opdat wij de weg naar het ware leven, het ware licht durven gaan, Hem achterna.

Hein Jan van Ogtrop, pastoor

Kerstnacht: De kwetsbare God

[print]

Kerstnacht

Beste vrienden, parochianen,
gasten, kinderen, jongeren, ouderen
ik ben als Haarlems pastoor trots.
Trots op het restauratieproject van deze kathedraal
-ja je kunt hem ook verkopen en er een parkeergarage van maken
dan hebben we een paar miljoentjes maar de kathedraal is weg.
Hij is gerestaureerd: een uniek kunstwerk waar iedereen van kan genieten
het was even spannend of we al verwarming zouden hebben deze nacht
en of de banken weer allemaal op hun plaats zouden staan.
Het is allemaal gelukt: de verwarming en de lichten aan
en er moest wel erg gepoetst worden.
Maar daar zitten we dan weer veilig onder de koepel
de koepel he… dat doet me ergens aan denken.
Dat andere waar ik trots op ben.
De grote koepel aan de andere kant van de stad.
Ooit gingen wij met mensen van onze parochie daar op bezoek
om leuke bijbelverhalen te bespreken met de bewoners daar.
Hele serieuze vooral jonge mensen, die nadachten
wat God voor hen in die droevige omstandigheden kon betekenen.
En nu is de koepel daar, net als die hier,
weer een belangrijk centrum.
We bieden er als stad gastvrijheid aan vluchtelingen
veel uit Syrië. Zo’n 15 jaar terug hadden we hier ook
twee gezinnen uit dat land als asielzoekers een jaar in huis.
Onze burgemeester is blij met onze Haarlemse gastvrijheid.
Wij heten stugge muggen te zijn maar zijn toch aardiger
dan de meeste mensen denken.

Kerstmis is het feest van de mooie gedachten,
belangrijke of minder belangrijke toespraken op de zaak.
Praten over vrede.. iedereen praat daar graag over
maar het wordt tijd er iets aan te doen.

Heeft dat dan zin?
Een joodse psychologe die onderzoek had gedaan
naar kinderen die ondergedoken hadden gezeten
en naar de houding van de ouders die hen gastvrijheid hadden verleend
zei het zo: ‘de macht van het kwaad is indrukwekkend en groot,
de macht van de liefde is veel kleiner, heel klein
maar wel sterk en doordringend.’
En dan zie ik opeens dat machteloze vluchtelingenkindje liggen
op het strand van Lesbos. Was dat sterk?

In een bepaalde zin wel: het heeft ons wakker geschud.
Wij allemaal, mensen in en buiten de kerk.
De kerk is als het goed is de grote fanclub
van de mensen van goede wil.
Bovendien is de kerk de plaats is waar onze idealen worden geijkt.
Zijn wij niet te vaag bezig?
Worden er geen serieuzer beslissingen gevraagd
dan de beslissingen die wij nemen?

Deze nacht begonnen wij de dienst met te lezen
uit een mooi dromenboek, uit de visioenen van Jesaja:
‘de aarde zal met vrede bedekt zijn zoals de zeebodem met water’
en ‘de wolf zal spelen met het lam’.
Zijn dat geen vage dromen
die als zeepbellen uiteen zullen spatten?

Neen. Jesaja, kritisch tegenover zijn en onze wereld, weet
waar de waarachtige inspiratie geput kan worden,
en geeft ons zicht op de toekomst van God.

Jesaja werkte in Jeruza­lem, en protesteerde
tegen de levenshouding van koning, pries­ters en gewone burgers.
Met sarcasme beschrijft hij de burger­lijkheid
(de trippelende dames, de dikdoenerij van de mannen),
de opportunistische politiek van Juda’s koningen.
maar ook de schijnvroomheid in de tempel
(‘Ik walg van uw gezangen, gebeden en uw vasten’)

Als er één ding duidelijk wordt ook in onze dagen
is het alle mensen correctie nodig hebben, ook wij van de kerk.

In het hart het Jesajaverhaal deze nacht,
wordt een nieuw koningstype genoemd:
het kind dat ons gegeven wordt.
Geen machtig leider maar een weerloos mens.

We worden opgeroepen ons te verzamelen rond hem
en dan klinkt het “vrede op aarde” als een aankondiging
van een nieuwe kracht die de geschiedenis kan veranderen.

Engelen spreken ervan en nodigen de mensen
(de herders) uit gauw te gaan kijken.
De herders zullen in het Lucas-verhaal direct afstevenen
op het woord dat in Bethlehem is geschied,
hetgeen de Heer hen heeft bekend gemaakt.
Deze herders, de armen, zijn de centrale figuren.
De armen die in onze samenleving niet opvallen
mogen als eerste horen namens het volk.

‘U is heden geboren.’
De geboorte van de Messias is voor deze armen werkelijk geschied.
Een engel des Heren staat naast hen
en de glorie des Heren omstraalde hen.
Zelfs een hele schare hemelse machten voegt zich bij hem
om te gaan juichen over het woord van God dat werkelijkheid wordt.

Ze zingen met het gezicht naar de aarde toegewend:
‘Vrede op aarde.’ Hier is iets gebeurd.

De kroniekschrijver van keizer Augustus
zou niet in dit gebeuren geïnteresseerd geweest zijn.
In een gevoelige bui zou hij het als een ‘tragisch voorval’ hebben vermeld
om zijn lezers te ontroeren.

Bij Lucas klinkt echter andere taal!
‘Heden is u een redder geboren, de Messias (Christus), de Heer!’
Dit is de redder, deze arme onder de armen,
deze weerloze onder de weerlozen. Geen andere.

Dat is geen triomfantelijke uitroep van: ‘wij hebben gelijk;
deze Jesus is de enige’ maar een geloofsbelijdenis
in het ongehoorde feit dat in dit kwetsbare gebeuren
een nieuwe fase van de geschiedenis begonnen is.

Hoe manifesteert Gods kracht zich dus?
In een kindje dat ligt in een schuur
er was geen plaats in de herberg
en als hij weer thuiskomt in Nazareth
zal hij, twee maanden oud ook nog op de vlucht moeten
voor de jaloerse koning Herodes.

Ik las een mooi verhaal over een merkwaardig godsontmoeting.
Het gebeurde in een sloppenwijk van Rome, ver weg van de pracht en praal van de Sint Pieter, dat ik tussen twee vuilcontainers  een klein meisje zag zitten, dat haar hand op hield en vroeg of ik iets voor haar te eten had. ‘Hoe heet je, vroeg ik’.
‘Ik ben God’, zei ze. ‘Bent u dat echt’ vraag ik: “Ze zeggen dat God dood is, niet?” zegt ze met een vage glimlach. “Maar het is niet waar. God slaapt alleen zo nu en dan, en hoopt dan net als jullie dat het weer ochtend wordt. Eigenlijk zou ik niet GOD moeten heten, maar HELP. Want..ik ben niet de machtigste der machtigen, zoals jullie altijd denken. Ik ben niet de Almacht maar de Onmacht.
…ik ben de minnaar die huilt boven het fotolijstje van zijn geliefde die hem in de steek liet, de patiënt die net te horen heeft gekregen dat ie kanker heeft… Ik ben waar het grootste verdriet is, en de meeste honger geleden wordt. Ik ben liefde en liefde is weerloos.
Waar is God in onze dagen?
Als Jesus later groot geworden zal zijn zal hij het zelfde vertellen.
´Ik had honger, gaf je mij te eten,
ik had dorst gaf je mij te drinken
ik was ziek heb je mij bezocht
ik was vreemdeling, heb je mij ontvangen
ik was in de gevangenis heb je me niet in de steek gelaten´

Na een verbaasde reactie van zijn leerlingen zal Jesus zeggen
´Wat je voor de minste der mijnen hebt gedaan
heb je voor mij gedaan.´

God heeft hulp nodig.
Hulp van mensen die kiezen voor de liefde en de trouw
zonder te protesteren helpen en troosten.
Daarom bent u zo welkom.
Omdat u gewone mensen bent
met uw eigen idealen.

Jonge mensen met mooie plannen:
bijvoorbeeld om te willen trouwen;

jonge ouders die kinderen in de wereld willen laten komen
om samen te bouwen aan een nieuwe maatschappij:

mensen die willen zingen en dansen, spelen en helpen
oude mensen, jonge mensen
kerkelijke mensen en minder kerkelijke mensen.

Mensen die het allemaal niet zo heel precies weten
maar die er wel willen zijn voor de mensen die hen nodig hebben.

Weet dan wel dat u niet zomaar bezig bent
maar je bent als het ware God aan het ontvangen en helpen.

Toen Gods volk geslagen werd door de slavendrijvers in Egypte
zei hij tegen Mozes die het niet meer aan kon zien
en daarom maar schapen was gaan hoeden:
´Ik heb het huilen van jouw mensen wel gehoord
ga naar ze terug en help ze.´
´Maar wie bent u dan eigenlijk´ vroeg Mozes
wat is uw naam?´ Het antwoord kwam:
Mijn naam is…’ik ben altijd bij de mensen’.

Lieve, welkome mensen, wees er dan ook voor elkaar:
laat elkaar niet los. Laat alle conflicten, ruzies en ruzietjes die er zijn
maar voor wat ze zijn en bouw samen aan een wereld
waar de liefde heerst en de trouw.

Morgen zal de bisschop een van de deuren van onze kathedraal zegenen:
die open heilige deur verwijst naar de barmhartige liefde van God
die wij in het Heilige Jaar dat op de eerste zondag van de Advent begin
als onze liefdevolle Herder willen ontvangen.
Als wij Hem willen ontvangen de openheid van onze hart
zal de kracht van Gods Heilige Geest
ons net als Maria overschaduwen.

Het grote feest buiten zal een feest zijn van
toeters en bellen en namaak sneeuw dit jaar.
Maar het echte feest zal plaatsvinden
hier, in de kerk en in de huizen van ons, gewone mensen toch.
Hier komen de echte engelen aan het woord
de boden van God. Die spreken duidelijk genoeg.
Ze zeggen:
‘God zal toch zijn woord gestand doen..
vrede op aarde voor de mensen van wie Hij blijft houden.’

Hein Jan van Ogtrop, pastoor

20 december: Jij Bethlehem…

[print]

Vierde Zondag van de Advent

Schriftlezingen:

  • Micha 5,1-4; Jij Bethlehem

  • Lucas 1,39-56; Maria’s bezoek aan Elisabeth

Er speelt zich nog al wat af in onze dagen
Parijs, Syrië, met enige regelmaat hoor je mensen precies vertellen
wanneer de wereld zal vergaan.
Mensen vinden dat altijd interessant.
Soms vragen mensen aan elkaar:
‘wat zal er gaan gebeuren?’
het antwoord is dan vaak:
‘dat weet ik niet, ik ben geen profeet’
dat betekent zoiets als: ‘ik kan niet in de toekomst kijken.’
Kunnen profeten dat dan wel?
Profeten komen voor in de bijbel.
Wat doen die dan? De toekomst voorspellen
zoals Nostradamus of een helderziende?
Neen, niets van dat alles,
ze voorspellen niet maar
ze waarschuwen en geven mensen hoop: die twee dingen,

‘Ja maar die profeet van vandaag, Micha dan,
die voorspelt toch maar mooi
dat Jesus in Bethlehem zal geboren worden:
JIJ BETHLEHEM, JIJ ZEKER NIET DE MINSTE
VAN DE STEDEN VAN JUDA
WANT UIT JOUW MIDDEN
ZAL EEN LEIDER GEBOREN WORDEN’.

Dat lijkt zo maar het is niet waar.
Had Micha dan geen gelijk?
Zeker hij had gelijk maar zijn tekst is geen voorspeltekst
maar heeft een diepere zin.

Micha leefde in de zorgelijkste tijd
die Israël ooit gekend had.
De tijd van David en Salomo was al lang voorbij,
er waren koningen die van God noch gebod wilden weten
maar die wel er prat op gingen
dat ze van koning David afstamden en zijn troon bezetten.
Met trots hielden zij hun hofhouding in Jeruzalem
en gaven veel geld uit aan hun harem en aan hun paleizen.
De profeet Micha ziet dat het zo de verkeerde kant opgaat.
Hij ziet hoe Juda innerlijk verzwakt is,
de regering corrupt is en hoe niemand zich nog iets aantrekt
van Gods geboden en van zijn naaste.
In die dagen kondigt Micha
de komende ballingschap van Gods volk aan.
Niet omdat hij in de toekomst kan kijken
maar omdat hij ziet dat het zo niet langer door kàn gaan.

Maar hij ziet niet alleen ellende.
Hij ziet meer. Hij ziet
dat er altijd de mogelijkheid is van een nieuw begin.
En dan komt zijn visioen
over het kleine herdersdorp Bethlehem.
Het is in zijn tijd een totaal vergeten
en verlaten oord geworden
waar alleen nog maar wat herders rondscharrelen.

Maar de profeet zegt:
‘wil het nog wat worden met Jeruzalem
dan zal er een nieuw begin gemaakt worden,
zoals toen in Bethlehem.
Daar werd de kleine David,
de herdersjongen door de profeet Samuël
uitverkoren om herder te gaan zijn over zijn volk.

Een koning die liederen maakte:
‘MIJN HERDER IS DE HEER,
HET ZAL MIJ NOOIT AAN IETS ONTBREKEN’

Zo’n koning, in de stijl van David, zou in staat zijn
op te komen voor zijn mensen.
Een koning die God eerbiedigde en de mensen wilde dienen
zou het volk weer tot zegen kunnen zijn:
een koning van de kleinen -zoals David dat was,-
kan redding bieden.

II. Enkele honderden jaren later leefde Maria,
Mirjam heette ze echt, Mirjam van Nazareth.

Ze droeg de naam van het zusje van Mozes.
Die had haar broertje gered
door hem in het riet te verstoppen in een biezen mandje
en ze had dapper haar broer gesteund
toen hij de joden aanvoerde weg uit het slavenland Egypte.
Ze had gezongen met alle joodse vrouwen
uit dankbaarheid aan de overkant van de zee.

Mirjam was de profetes van de bevrijding,
de zangeres van een nieuwe toekomst.

Dat zal Mirjam van Nazareth,
(die wij met haar Griekse naam Maria aanduiden), ook zijn.
Met Mirjam zal een nieuw toekomst beginnen zegt de evangelist Lucas.

Het lijkt er voor de oppervlakkige waarnemer op
dat alles bij het oude zal blijven.
Maar een andere geschiedenis,
waar de profeet Micha ook van droomde, staat op doorbreken:
Gods Koninkrijk, een toekomst die alle verwachtingen te boven gaat
komt naderbij. Een boodschap die wij kunnen gebruiken!

De bode -de engel van God- had het gezegd:
‘JE NICHT ELISABETH HEEFT IN HAAR OUDERDOM
EEN ZOON ONTVANGEN, EN,
OFSCHOON ZIJ ONVRUCHTBAAR HEETTE
IS ZIJ NU IN HAAR ZESDE MAAND;
WANT VOOR GOD IS NIETS ONMOGELIJK!

Beloften van God zijn nooit voor niets gesproken,
de kracht van de heilige Geest die ooit boven de chaos zweefde
zal iedere keer opnieuw het aanschijn der aarde vernieuwen:
Gods woord keert nooit werkeloos terug.

Maria zal door de kracht van de Geest worden overschaduwd
en de droom van iedere joodse vrouw
zal aan haar in vervulling gaan:
zij zal de moeder van de Messias mogen worden.

Ze weet hoe wonderbaarlijk God met Israël wil omgaan
en zegt in dankbare verwachting, namens haar volk:
‘ZIE DE DIENSTMAAGD DES HEREN,
MIJ GESCHIEDE NAAR UW WOORD’.

Daarna gaat ze vlug naar Elisabeth
en zal met haar, -de vrouw die onvruchtbaar heette-
als eerste getuige zingen over Gods nieuwe toekomst
in haar Magnificat.
Mirjam van Nazareth zal,
bezield door de Geest van God, haar roeping trouw vervullen
want het Koninkrijk van God vraagt niet alleen om bejubeling.
maar vraagt om trouw en deelname.

En trouw moet blijken.
Uit Maria’s hele leven blijkt die trouw.
Ze zal, overschaduwd door de Geest,
niet alleen een kind baren maar
overschaduwd en geholpen door die zelfde Heilige Geest,
trouw zijn aan haar zoon tot aan het kruis.
Ze zal daarna, met alle leerlingen samen,
wachten tot de pinkstermorgen komt
en de kern van Gods afwachtende volk,
(de 12 apostelen), met haar, werkelijk overschaduwd gaat worden
door de Heilige Geest.

Terug naar het begin in Nazareth.
De engel had gezegd: ‘Wees gegroet Maria
vol van genade, de Heer is met U’.
Toen kon de engel van God rustig van haar heengaan
want een hechte relatie tussen hemel en aarde was tot stand gebracht.
De bevrijding van Israël -en via Israël van heel de mensheid-
kon gaan beginnen.

En in het huis van Zacharias…
Waarom wordt dat het huis van Zacharias genoemd?
Zeker weer omdat de mannen de baas zijn.
Neen, het gaat om zijn naam:
Zacharia betekent: GOD DENKT AAN ONS.
En in dat GOD DENKT AAN ONS-huis
gaat de geschiedenis verder:
twee vrouwen zijn bereid om met God mee te doen.

Elisabeth zingt Maria toe:
‘de Heer is met jou
en gezegend is de vrucht van je schoot.’
En Maria stemt in:
‘Magnificat, mijn ziel prijst groot de Heer
want Hij heeft grote dingen aan mij gedaan.’
Maar het mooiste is wel dat het kleine kind
in de schoot van Elisabeth ook meedoet,
het danst als het ware als het opspringt in haar schoot.

Maria, Elisabeth en de kleine Johannes
zijn blij omdat het woord van God zal gaan doorbreken.
Ze zijn blij omdat de groten der aarde
die zich breed maken ten koste van anderen
van hun tronen zullen worden gestoten.
Ze zingen over de armen die zullen worden verzadigd,
(dat gaat niet vanzelf, daar moeten de mensen bij helpen)
en ze zingen over de hulp die alle mensen van goede wil
zullen krijgen altijd weer:
‘Gods barmhartigheid reikt over alle generaties heen.’

We zijn ons aan het voorbereiden vandaag op het grote kerstfeest.
Hier is nog de rust om een beetje als Maria en Elisabeth
het heil te verwachten van omhoog.

Het grote feest buiten zal een feest zijn van
toeters en bellen en met echte sneeuw zelfs dit jaar.
Maar het echte feest zal plaatsvinden
hier, in de kerk en in de huizen van ons, gewone mensen toch.
Hier komen de echte engelen aan het woord
de boden van God. Die spreken duidelijk genoeg.
Ze zeggen:
‘God zal zijn woord gestand doen..
voor God is niets onmogelijk’.

En van ons wordt als reactie verwacht
het ‘mij geschiede naar Uw woord.’
Niet als een slaafse onderwerping aan wat God wil
maar als een bereidheid om voor Hem te kiezen
en voor Zijn mensen voor wie wij mogen leven.

Hein Jan van Ogtrop, pastoor

13 december: Licht onder de mensen

[print]

Zondag Gaudete

Schriftlezingen:

  • 2 Makkabeeën 10,1-8; Het nieuwe licht

  • Lucas 3,10-18; Wat moeten wij doen?

Ik heb dit jaar al vele verlichte kerstbomen al gesignaleerd
volgens mij verschijnen ze veel eerder dan vroeger.
Denkend aan het groen en het licht
wil ik vandaag eens een oud feest belichten
waar veel elementen in te vinden zijn die aan kerstmis doen denken.
Ik denk aan het joodse Chanoukah-feest
dat in de komende week begint
en ook op de oude Groenmarkt in Haarlem
in de schaduw van onze oude Bavo gevierd gaat worden.
Bij het Chanoukah-feest hoort de Chanoukahkandelaar,
de kandelaar met de 7 of 8 armen. Ik zal dat straks uitleggen.
Die lichten zijn, net als onze kerstlichtjes,
een teken van hoop in donkere dagen.
Het Chanoukahfeest herinnert aan duistere tijden.
De geschiedenis speelt zich af zo’n 130 jaar voor kerstmis.
De Grieken hadden onder leiding van Alexander de Grote
bijna heel de bekende westerse wereld veroverd.

Ook Jeruzalem was ingenomen.
Een brutale landvoogd van Alexander, Antiochus Epifanes genaamd
had in de tempel van Jeruzalem een beeld laten zetten
van de Griekse oppergod Zeus,
een gruwel in de ogen van de Joden.
Toen kwam er een protest een opstand
onder leiding van Judas Maccabeus
en de tempel werd heroverd.
Het joodse Chanoukah-feest herinnert er aan
hoe die Griekse bezettende macht werd verdreven
en hoe midden in de winter, zo rond half december,
de tempel van Jeruzalem gereinigd werd
en opnieuw ingewijd.
Volgens het verhaal werd er toen een klein kruikje olie gevonden
om de 7-armige kandelaar die midden op het tempelplein stond
aan te steken.

Eén kruikje olie, normaal gesproken net genoeg
voor één dag licht. Maar,
zo vertelt de vrome overlevering,
de kandelaar bleef op die olie maar liefst acht dagen branden.
Als herinnering daaraan
branden de joden van Haarlem en Amsterdam en overal
vroeger en nu als teken van hoop door alle ellende heen,
de Chanoukahkandelaars met de acht lichten.

Zo’n 160 jaar later loopt er een vreemde man rond
ver van tempel. Zijn vader had daar gewerkt
(Zacharias) maar Johannes was naar de woestijn gevlucht.
Neen, niet om rust te vinden in de eenzaamheid
of zich te ‘versterven’ in de woestenij
maar om terug te kunnen gaan naar de oorsprong.
De woestijn is immers de plaats waar het volk Israël
zijn bruidstijd met de Eeuwige heeft gevierd,
de plaats waar het bevrijde volk van God
het brood uit de hemel kreeg.
Het Manna, het brood om niet te bezwijken naar het lichaam,
en de TIEN GEBODEN, het brood om van te leven in de Geest.

Johannes wil de mensen terugleiden naar die tijd
en opwekken tot trouw aan die tien geboden.
En er gebeuren dan wonderlijke dingen.
Geen wonderen in de gewone zin van het woord
maar dingen die eigenlijk veel belangrijker zijn.
Er komen mensen naar Johannes luisteren
en dat niet alleen, ze zijn onder de indruk
en gaan hun levensstijl veranderen
en is dat geen geweldig wonder?

En dan is er ook sprake van een wederopstanding
-net als in de tijden van het eerste Chanoukahfeest:
er gebeurt een wonder.

Het is immers volgens de joodse leer het grootste wonder
wat er gebeuren kan als mensen zich bekeren.

Als mensen niet op de oude manier blijven leven
maar willen veranderen.
Dat hoorde u in het evangelie van vandaag.
Ze gaan allemaal vragen:
‘wat moeten wij doen?’

Er is hoop voor de toekomst
want velen willen horen naar Johannes
en van de partij zijn: meedoen.

Ze komen misschien niet toe aan al te verheven idealen
die je toch niet haalt maar willen wat doen.

En Johannes helpt hen. Hij is een realist en verkondigt:
ieder mens zal op de plaats waar hij/zij staat
moeten doen wat er gedaan moet worden.
En de gewone mensen krijgen dan van Johannes te horen
wat zij in hun eigen levenssituatie moeten doen.

De tollenaars zullen niet allemaal
hun tolhuis hoeven te verlaten
(zoals Matteüs die er vandaan geroepen werd) maar
‘niet méér vragen dan is vastgesteld’.
Ook soldaten komen aangelopen:
‘wat moeten wij doen?’ Johannes zegt hier niet:
‘je dienst verlaten’ maar: ‘niemand uitplunderen,
niemand iets afpersen en tevreden zijn met je soldij’.
De mens die veel heeft
zal niet alles moeten verkopen en straatarm worden
maar wel vele, zoveel mogelijk anderen
moeten laten delen in zijn rijkdom.

Het gaat allemaal om heel nuchter handelen,
hier en nu.
Ieder heeft zo zijn eigen taak.

We kunnen niet allemaal heilig worden,
ook niet allemaal tegelijk
maar wel op de plek waar wij staan
werken aan de doorbraak van het licht.

Zondag Gaudete is het vandaag, 3e Advent,
zondag ‘heb hoop, het kan nog wat worden.’

In het Romeinse rijk in de dagen dat Jesus geboren werd
en op aarde leefde
werd het feest gevierd van de onoverwinnelijke zon.
Het Evangelie van de kerstnacht zal ook spreken over een stralende zon.
En dat zal dan niet keizer Augustus zijn
(hoewel zijn naam: ‘de stralende’ betekent)
maar het kleine weerloze Messias-kind in de kribbe.

Van deze mens geloven wij
dat Hij licht heeft gebracht in ons bestaan.

Zijn komst was de oproep tot menselijkheid en liefde
waar we niet meer omheen kunnen.

Zijn leven was inzet en trouw tot het uiterste,
zijn wezen was liefde in persoon.

Uitziend naar hem en naar Zijn nieuwe toekomst
vieren wij zondag Gaudete: wees blij!

Wees blij om het merkwaardige geheim
dat God alleen maar daar wonen wil waar wij mensen wonen

Weest blij, want in alle tijden zijn er mensen
die niet willen leven bij de waan van de dag
wees blij want ook in deze tijd zijn er mensen
op zoek naar de diepte in hun bestaan.

Weest blij want straks na deze viering
zullen veel mensen in de rij staan
omdat ze de boodschap van kerstmis willen horen
en omdat ze hun leven willen richten op het goede.

Weest blij. En dan te bedenken dat Paulus zijn oproep opschreef
terwijl hij in de gevangenis zat en helemaal niet blij hoorde te zijn.

In de gevangenis was hij alles kwijt en misschien daardoor
zo’n rijk mens geworden. Niet meer de fanatieke prediker
zoals wij Paulus vaak horen
maar een milde wijze mens die in zijn ellende,
terwijl hij alleen maar kwaad om zich heen ziet
tegelijkertijd ziet dat Gods geschiedenis met de mensen doorgaat
in zijn dagen, in onze dagen, in alle dagen.
Daar geloven we in vandaag
dankbaar voor allen die zich bij ons willen aansluiten
God is niet weg: Hij woont bij ons mensen.

Daarom eindig ik met Paulus’woorden
waarnaar deze zondag genoemd is te herhalen:

Broeders en zusters
al moet ik veel doormaken en al gebeuren er veel dingen
die donker zijn en slecht, ik zeg u:
‘Verheugt u in de Heer te allen tijden.
Ik durf het zelfs te herhalen: verheugt u!
Uw nieuwe levenshouding, uw vriendelijkheid
moet alle mensen bekend zijn.
De Heer is dichtbij. Weest onbezorgd.
En laat aan God in al uw bidden en smeken
vertrouwvol weten wat uw wensen zijn
maar vergeet nooit te danken voor alles wat je kreeg.
Dan zal God met zijn vrede, die alle begrip te boven gaat
waken over je hart en je gedachten
en je behoeden in Christus Jesus.’

(naar Filippenzen 4,4-7)

Hein Jan van Ogtrop, pastoor

Kerst met de zandtekenaar in de Nieuwe Bavo

Jozef en Maria met baby Jezus en de drie koningenOp dinsdag 15 december 2015 zal zandtekenaar Elze van den Akker naar de Nieuwe Bavo komen om het kerstverhaal uit te beelden.

Zij wordt bijgestaan door theatermaker Fred Rosenhart die als verteller optreedt en het geheel wordt ondersteund door kerstliedjes, gezongen door leden van het kathedrale koor.

Er zijn verschillende voorstellingen te bezoeken:
2 ochtendvoorstelling voor basisscholen en gezinnen
09:30 – 10:30 uur
11:00 – 12:00 uur

1 Avondvoorstelling
van 20:00 – 21:00 uur

Kaarten zijn tot en met 13 december te bestellen na de H. Mis, en tevens een half uur vóór aanvang van de voorstellingen.
De toegang is € 4,- per persoon (kind of volwassene). De ingang is via de hoofdingang aan het Bisschop Bottemanneplein. Op het naastgelegen Emmaplein is er ruime parkeergelegenheid.

Elze van den Akker

zandtekenaar-elze-005_sbpis industrieel vormgeefster, won prijzen met haar ontwerpen, maakt decors en is actrice. Nu tekent ze met zand en richt zich op verhalen voor kinderen. Naast de unieke zandtekeningen, maakt zij voor elke show een eigen compositie die haar verhaal versterkt.

Fred Rosenhart

is acteur-schrijver-kunstschilder én voorzitter van Stichting Living History Kennemerland. Naast het schilderen, schrijft hij educatieve stukken over de geschiedenis en is als acteur regelmatig te zien in het museum De Cruquius, het Oude Slot in Heemstede en als de Haarlemse Groene Mug in Haarlem.

TegengifT

TegenGift-A5-defOp vrijdag 13 november werden we opgeschrikt door de aanslagen in Parijs. Angst, verslagenheid en onzekerheid over dit extreme geweld zo dichtbij laat niemand onberoerd. Natuurlijke reacties van verdediging en van veroordeling nemen snel de overhand. Samen met Gitaarlem, De Sint Antonius Gemeenschap en de Groenmarktkerk organiseert Stem in de Stad met Joris Obdam op de zondagen in de maand december de campagne TegengifT om samen op vreedzame wijze weerstand te bieden tegen al het negatieve wat deze gebeurtenissen oproepen.

Wat kunnen we elkaar geven in deze tijd om naar elkaar toe te groeien? Om saamhorigheid te voelen en aan elkaar en de stad te laten zien dat de solidariteit het wint van de verdeeldheid en de liefde altijd wint van de haat.
Door middel van film, muziek en dans bieden we een podium voor mensen om hun TegengifT te tonen. We doen dan ook een oproep om zoveel mogelijk mensen binnen uw eigen netwerk te mobiliseren en deze activiteit te steunen door aanwezig te zijn.

Het programma van de campagne TegengifT ziet er als volgt uit:

6 december Film: “Selma”

Een indrukwekkend, waargebeurd verhaal over Martin Luther Kings campagne om gelijke stemrecht te krijgen. Zijn geweldloze aanpak inspireerde de wereld. De film wordt ingeleid door Joris Obdam, Straatpastor van Stem in de Stad.
Locatie: Groenmarktkerk , Nieuwe Groenmarkt 14 . Van 16.00-18.00 uur. Toegang gratis.

13 december Muziek:   “I know I am not alone”

Een muzikale documentaire, waarin muzikant Michael Franti in een gehavend Midden Oosten op zoek gaat naar verbinding en de prijs die de mensheid betalen moet voor oorlog.  De documentaire wordt ingeleid door Michael Struis van Gitaarlem en muzikaal omlijst.
Locatie: Wijkcentrum Binnensteeds, Nieuwe Groenmarkt 20. Van 16.00-18.00 uur. Toegang gratis.

20 december Dans: “De Herberg”

Een interactieve dansvoorstelling door Dansgroep Haarlem. De een is reiziger door een landschap van belevenissen en ervaringen. De ander is herbergier en ontvangt mensen gastvrij met al wat er is. Choreografie van Haya Maëla. Korte inleiding door Joris Obdam Straatpastor van Stem in de Stad.
Locatie: Groenmarktkerk, Nieuwe Groenmarkt 14.  Van 16.00-18.00 uur. Toegang gratis.

26 december interreligieuze Kerstviering

Rondom het verhaal van de drie wijzen uit het oosten kijken we naar wat verschillende tradities ons als Tegengift te bieden hebben.
Locatie: Groenmarktkerk, Nieuwe Groenmarkt 14. Van 16.00-17.00 uur. Toegang gratis.