• Leidsevaart 146
  • 023 - 532 30 77
  • info@rkbavo.nl

Preken archief

  • 9 december: Gezegend ben je

    [print]

    2e Zondag Advent

    Schriftlezingen:

    • Bar. 5,1-9

    • Fil. 1,3-6.8-11

    • Luc. 3,1-6

    Iedere viering eindigt met een zegenwens:
    wij gaan er voor staan: en gezegend verlaten wij de kerk.
    Na alle woorden uit de Schrift,
    de verkondiging, de liederen en de gebeden
    worden we opgeroepen om in de dagen die komen
    alle woorden te gaan doen.
    En we kunnen het ook, omdat God ons niet loslaat.
    Hij-Zij behoedt ons op onze weg door het leven.

    De zegen is een belangrijk moment van de Eucharistieviering.
    In de bijbel en als gevolg daarvan in onze liturgie wordt veel gezegend.
    Zegenen van mensen betekent: goede woorden tot hen zeggen,
    omdat ze met goede dingen bezig zijn en, gesterkt en gestimuleerd
    door de zegen, nog meer goede dingen zullen doen.

    Huub Oosterhuis zegt: ‘Gezegend de barmhartigen
    en zij die open en lief zijn, met wie het goed omgaan is.
    Gezegend zij die elkaar bewaren, troosten, voorthelpen, verdragen.’
    ———–
    Gezegend word je niet zo maar
    iemand die gezegend wordt is een geroepene.

    De profeet uit wiens boek wij vandaag lazen heet BARUCH
    dat betekent: de gezegende.
    Hij herinnert ons aan onze opdracht
    die wij iedere keer als wij gezegend zijn gaan doen.

    Gods Wet beter leefregels- zijn geen woorden die kleineren,
    maar als je ernaar leeft, zullen ze je het leven geven.
    Doe je dat niet? Dan vind je de dood.
    Dus: bekeer je, keer je om en je zult leven.

    ‘Hoor, Israël, hoor, de Levende is onze God, de Levende is de enige!’
    Als je die God volgt, als je zijn leefregels doet,
    dan word je een rechtvaardige van wie men bij de dood of leven
    opnieuw met de woorden van Oosterhuis zegt:

    ‘Gezegend die weet wat recht en slecht is
    en die trefzeker kiest
    en niet wijkt, voor geen macht en niet vreest, voor geen mens!’
    Dan word je een gezegende, een Baruch of in het Latijn een Benedictus.
    Onze Benedictuszang gaat daar ook over:
    gezegend die komt in de naam van de levende!
    Dat gaat vooral over Jesus maar als wij ons bij Hem aansluiten
    ook over ons: Benedictus qui venit, een beetje vrij vertaald:
    ‘gezegend die er aan komt om met Hem samen
    te gaan doen wat God wil.’

    II. Een indrukwekkend gezelschap
    paradeert vandaag langs in het evangelie.

    Toch is het een beetje een enge club:
    Het land Israël is bezet door vreemde troepen.
    Een corrupte dictator, keizer Tiberius, regeert met harde hand.
    Het Romeinse bezettingsleger staat onder commando
    van een gefrustreerde legercommandant Pontius Pilatus.
    De plaatselijke collaborerende marionet is Herodes.
    De verraderlijke en onbetrouwbare godsdienstige leiders
    heten Annas en Kajafas.
    De onderdrukte bevolking betaalt hoge belastingen

    Al die belangrijke figuren die vandaag even oprijzen
    hebben als hun indrukwekkend klinkende namen en titels worden genoemd
    hebben maar één functie, want het gaat in dit hele verhaal juist niet om hen
    maar om iemand anders:
    zij vormen slechts een decor voor wat volgt:

    … TOEN GESCHIEDDE HET WOORD VAN GOD!!
    Daar gaat het om!
    Er is in de geschiedenis van de mensen iets anders gaande,
    dwars door alles wat de groten der aarde allemaal organiseren.
    Vertaald naar onze tijd zouden wij zeggen:
    ‘in de dagen voor de spannende verwikkelingen rond Macron met gele vestjes in Frankrijk, de Brexit van May, de nadagen van de Duitse kanselier Merkel,
    de verwikkelingen rond de presidenten van Amerika en China
    terwijl de wereldpolitici elkaar vliegen proberen af te vangen…’
    maar dan gaat de bijbelschrijver gauw ergens anders heen
    Het gaat in de Bijbel altijd om iets anders en om iemand anders;
    het gaat in de Bijbel altijd om het Koninkrijk van God
    en om de mens als individu die geroepen wordt
    daar aan deel te nemen.

    De groten der aarde hebben dan een bijrol,
    en als ze dat niet beseffen
    moeten ze zelfs opzij geveegd worden
    omdat ze dan met hun machtspolitiek
    de geschiedenis van God met de mensen blokkeren.

    Maria had het al gezongen in haar Magnificat
    (de lofzang die zij bij Elisabeth zong):
    ‘De trotsen stoot Hij van hun tronen,
    hij verheft de geringen.’

    Dat is de bedoeling van God:
    de kleinen moet worden recht gedaan,
    God wil Zijn eigen geschiedenis op aarde
    een nieuwe begin zal aanbreken.

    Het evangelie van vandaag spreekt daarover.
    in die wereld van bedreigende en bedriegende belangrijkheid
    ‘geschiedt het woord’ tot Johannes in de woestijn.
    Hij, God wil binnenbreken in ons gewone bestaan
    en Johannes is daar de getuige van.

    Johannes stond in de traditie van de oude profeten
    Zoals Baruch uit wie we vandaag lazen:
    ‘jullie zullen een nieuw volk worden:
    recht en gerechtigheid zullen jullie heten.

    Er was Johannes in die woestijn iets overkomen.
    Hij was die eenzaamheid ingetrokken om God te vinden
    en om aan de wereld te ontsnappen.
    Hij had God gevonden,
    of beter misschien: God had hem gevonden.
    Het woord van God was over hem gekomen.
    Niet alleen dat woord, maar ook iets anders.
    Dat andere waar de profeet Baruch het over heeft in de eerste lezing:
    de barmhartigheid en liefde van een God
    die ons tot onszelf wil brengen
    en die ons de naam Vrede door gerechtigheid wil geven.

    Die grote woorden worden pas werkelijkheid
    als de mensen zullen vragen:
    ‘hoe kan ik zelf meedoen met dat grote, nieuwe plan van God?’
    Johannes is vandaag vooral
    de verkondiger van het geheim van de OMMEKEER.
    Niemand is volmaakt, niemand heeft de waarheid alleen in pacht:
    Wie zonder zonde is werpe de eerste steen.
    Maar allemaal kunnen wij ons leven richten naar het licht.

    Allemaal kunnen wij nieuw worden.
    En door die innerlijke (èn uiterlijke) vernieuwing
    zal de oude mens in ons verdwijnen.

    Een vrome joodse schrijver zegt:
    ‘Het grootste geheim van mensen is
    niet dat ze zo goed zijn –want dat zijn ze niet
    niet dat ze zo sterk zijn –want dat zijn ze niet
    niet dat ze alles kunnen –want dan kunnen ze niet.
    Het grootste geheim van mensen is
    dat ze kunnen veranderen.
    Groot is het belang van de ommekeer
    want zij brengt de bevrijding naderbij.’

    Zo is er hoop. Maar nuchter gaat hij verder:
    ‘Één mensenkind alleen is echter niet in staat
    om de bevrijding van heel de wereld tot stand te brengen.
    Ook twee mensenkinderen zijn daartoe niet in staat.
    Pas de omkeer van elk mens is genoeg.
    Pas dan kan het rijk Gods komen,
    ja dan is de Messias daar.’

    De ommekeer van u, van mij persoonlijk
    Dat is geen onmogelijke opdracht:

    GOD TREKT ONS NAAR ZICH TOE !!!
    Dat geldt voor mensen die zichzelf laten dopen
    die hun kinderen laten dopen,
    die trouwen, die gewijd worden tot diaken of priester
    maar het geldt vooral voor ieder van ons, op onze eigen plek
    waar wij gezegend worden, geroepen er te zijn voor wie ons nodig hebben.
    God zegene ons allen.

    Hein Jan van Ogtrop, pastoor

  • jan
  • feb
  • mrt
  • apr
  • mei
  • jun
  • jul
  • aug
  • sep
  • okt
  • nov
  • dec
  • jan
  • feb
  • mrt
  • apr
  • mei
  • jun
  • jul
  • aug
  • sep
  • okt
  • nov
  • dec