• Leidsevaart 146
  • 023 - 532 30 77
  • info@rkbavo.nl

Preken archief

  • 28 oktober: Iedereen in het licht!

    [print]

    30e Zondag door het Jaar

    Schriftlezingen:

    • Jeremia 31,7-9

    • Hebreeën 5,1-6

    • Marcus 10,46-52

    Jericho is niet zomaar een stad!
    Het is de stad met de muur aller muren:
    Ze stonden ooit streng overeind
    en de poorten waren gesloten
    toen weerloze slaven van Egypte die zochten naar woonruimte
    om levensruimte vroegen.
    Maar, u kent het verhaal:
    ‘ the walls came tumbling down.’

    Wat is dit actueel in onze dagen!
    Duizenden en duizenden mensen zijn op zoek
    naar leefruimte maar overal zijn hekken en muren.

    Door een geweldloze actie van de weerlozen
    die zeven maal rondom de stad liepen
    met de ark van God in handen
    gingen de muren eraan en stortten in.
    Een verhaal met een rijke symboliek:
    het woord van God
    (gesymboliseerd door de ark met de tien geboden)
    is alle gewelddadigheid de baas.
    Nog een beetje mooier gezegd:
    geen muur houdt stand voor de kracht van de liefde.

    Jesus passeert Jericho als Hij op weg gaat naar Jeruzalem.
    Jericho in Jesus’ tijd een spookstad,
    alles in puin en de profeten hadden gezegd
    ‘nooit mogen die muren worden herbouwd.’

    Jesus passeert Jericho als een tussenstation
    op zijn weg naar Jeruzalem.
    Daar vermeldt Marcus Jesus’ ontmoeting
    op zijn weg naar Jeruzalem met een blinde.
    Het is de 4e ontmoeting in de serie ontmoetingen van Jesus
    op weg naar Jeruzalem waar Hij zijn leven voor de mensheid zal offeren.
    De eerste die hij tegenkwam (1) was de farizeeër,
    die vroeg of je als man je vrouw mocht wegsturen
    toen kwamen de kinderen (2); de leerlingen wilden die wegsturen,
    toen (3) de rijke jongen die Jesus wilde volgen
    maar niet alles wat hij bezat durfde te verkopen,
    en nu is er (4) de blinde bedelaar.
    In al die ontmoetingen leren wij iets over
    hoe Jesus de mensen benadert
    en wie Jesus voor de mensen wil zijn.

    Laat ons goed opletten:
    wat gaat Hij doen, wat gaat Hij zeggen?

    * Wat gaat Hij doen?
    Allereerst: hij loopt de blinde niet voorbij
    zoals zovelen die geen aandacht besteden aan mensen in nood,
    die naast de weg terecht gekomen zijn.
    ‘Langs de weg’ lag hij, zo vermeldt de evangelist.
    Hij kon niet meelopen met alle anderen
    die druk doende waren, allemaal gewichtig op weg naar belangrijke dingen.

    De blinde doet daar niet aan mee, hij ligt aan de weg, is machteloos.
    Hij leeft van wat een vriendelijke onnozelaar hem geeft
    maar hij hoort niet bij de anderen,
    Hij ligt LANGS de weg.

    Als de mensen merken dat hij naar Jesus roept
    vallen ze eerst tegen uit:
    ‘hou je mond, jij hoort niet bij ons.’

    Maar Jesus stopt. Hij heeft hem gehoord.
    Heel schijnheilig gaan de anderen dan op eens om
    en zeggen: ‘heb goede moed, hij roept je.’
    Maar die omstanders zijn niet belangrijk.

    Het gaat om Jesus en de man langs de weg.
    Jesus stopte zagen we, maar wat doet hij nog meer?
    Hij richt het woord tot Hem.

    * En wat gaat Hij dan zeggen?
    Zoiets als ‘arme sukkelaar, zal ik je helpen.’
    Neen, Jesus stelt zich niet boven deze naaste.

    Hij zegt iets anders. Niet ‘ik zal wel even dit’
    maar Hij richt zich tot de ander
    Hij neemt hem serieus als Hij vraagt:
    ‘wat wil jij dat ik voor jou zal doen.’

    Een nieuwe levenshouding van
    aandacht en trouw aan wat de ander van jou wil.

    De oktobermaand is missiemaand,
    de vorige week hebben we voor de missie gecollecteerd.
    Het gaat dan niet om neerbuigendheid en betweterigheid
    het gaat om waarachtige dienstbaarheid.

    Een goede missionaris zegt niet:
    ‘arme sukkels in breng jullie een blijde boodschap’
    maar vraagt – net als Jesus in het evangelie vandaag- :
    ‘wat kan ik voor jullie betekenen.’

    Tegenwoordig wordt het erg belangrijk geacht
    – en vroeger was het dat eigenlijk ook al –
    om te beseffen wat mensen
    van de landen waar jij op bezoek bent zelf willen.

    Ze vragen dat je hun cultuur bijvoorbeeld
    serieus neemt. En daarom zijn zij degenen
    die bij het tweede Vaticaanse concilie ervoor gezorgd hebben
    dat de volkstaal, voor ons het Nederlands, in de liturgie kwam.

    Het waren niet de moderne westerse theologen die dat bereikten
    maar dat waren de missionarissen in Indonesië
    en op de Filipijnen die de dwaasheid inzagen
    van het begroeten van mensen
    met een eigen cultuur van duizenden en duizenden jaren
    in het Latijn, de hoftaal van het westromeinse keizerrijk
    dat vergeleken met hun cultuur pas kwam kijken.

    ‘Wat wil jij dat ik voor jou wil doen’
    is de vraag die missionarissen en zendeling uitspreken
    bij hun contact met anderen

    maar dat zal ook de vraag moeten zijn
    die alle mensen op de lippen moeten nemen
    als zij zich keren tot hun medemensen,
    actueel vandaag nu er zoveel duizenden vragen om hulp.

    Het is de vraag van de mens
    die zich werkelijk voor een ander interesseert,

    het is de vraag van de man of de vrouw
    die zijn of haar partner serieus neemt
    en misschien ook die van de ouders aan hun kind-

    het is de vraag die de hulpverlener, de professionele
    of de vrijwilliger van een parochie bijvoorbeeld
    op de lippen moet nemen
    als hij het voorrecht heeft een ander te mogen bezoeken;
    WAT WIL JIJ DAT IK VOOR JOU ZAL DOEN.

    De blinde weet wat hij zeggen moet:
    ‘Heer dat ik weer mag zien!’
    Hij wordt geholpen,
    hij zal zien.

    Dat zal heel wat voor hem gaan betekenen
    maar niet alleen omdat hij
    nu de bloemetjes en de bijtjes kan bekijken.

    Hij zal Jesus zien, de Messias
    en hij zal zien wat Jesus gaat doen en welke weg Hij zal gaan.

    En nu zou ik zeggen:
    -arme blinde was je maar niet genezen-
    want je zult zien hoe Jesus opgaat naar Jeruzalem
    je zult zien hoe Hij daar veroordeeld wordt,
    hoe Hij zal lijden en sterven aan het kruis.

    Je zult Jesus’ vernedering zien
    en zijn graflegging.

    En als dat allemaal gebeurd is
    komt het op het echte zien aan.

    Het zal er dan op aan komen
    te zien dat deze Jesus werkelijk de zoon van God was
    dat Hij werkelijke de solidaire vriend van de kleinen was
    en dat Hij in zijn trouw aan de wil van de Vader
    de ware Messias was die gevolgd moet blijven worden.

    De mens die zover is dat hij dit alles ziet
    zal ook het vervolg mogen zien: de verrijzenis.

    De mens die ziet dat de mens die in deze duisternis ging
    werkelijk de gestalte van God is
    zal op de paasmorgen ook het ware licht zien
    dat iedere mens verlicht;

    Als mensen Hem durven volgen
    zullen alle muren van haat en achterdocht
    net als die van Jericho instorten,
    zal de dienst aan de naaste hoogtij vieren,
    zullen alle tranen worden gedroogd
    en zal God alles in allen zijn.

    Deze zaterdag hadden we onder de Mis
    de Vormselviering van een volwassene
    en op zondagmorgen de doop van een klein meisje:
    God werk met ons gaat door.

    Wat zou het fijn zij als God echt alles in allen zou zijn
    deze wereld helemaal nieuw en glanzend
    en iedereen levend in het licht! Amen.

    Hein Jan van Ogtrop, pastoor

  • jan
  • feb
  • mrt
  • apr
  • mei
  • jun
  • jul
  • aug
  • sep
  • okt
  • nov
  • dec
  • jan
  • feb
  • mrt
  • apr
  • mei
  • jun
  • jul
  • aug
  • sep
  • okt
  • nov
  • dec